Rijksmonumentenregister · Netherlands
Sonsbeek
Arnhem, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Tuin, park en plantsoen
- Function
- Historische aanleg
- Category
- onroerend gebouwd
- Built (approximately)
- 1920 - 1930
- Address
- Tellegenlaan bij 3, 6814 BT Arnhem
- Place
- Arnhem
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.99201, 5.90389
- Part of complex
- 528855
- Monument number
- 528857
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
2 historical maps cover this location, the earliest the 1920 map "Kaart van de zuidelijke Veluwezoom : oostelijk gedeelte (Oosterbeek tot Dieren) / lithogr. J. Smulders" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Omschrijving
Het PARK van Sonsbeek is aangelegd in landschapsstijl en dateert in de huidige verschijningsvorm hoofdzakelijk uit de jaren twintig van de 19de eeuw. De aanleg kenmerkt zich door paden met slingerend verloop en door een bijzonder fraai uitgewerkt stelsel van zichtlijnen over weiden en vijverpartijen in het beekdal, ingekaderd door bosranden en boomgroepen. De gebouwde elementen in het park, maar ook delen van de omringende stedelijke bebouwing vormen afwisselend de focuspunten in de taferelen. In de directe omgeving van het hoofdgebouw, aan de noordoostzijde, zijn nog relicten van de 18de-eeuwse, formele lanenstructuur aanwezig.
In hoofdzaak bestaat het park uit twee delen: een meer open parkgedeelte rondom het beekdal aan de westzijde en een bebost, dichter parkgedeelte op de hellingen aan de oostzijde.
De hoofdingang van het park ligt aan de Apeldoornseweg. Deze wordt gevormd door een halfrond voorplein, waarachter twee portierswoningen liggen met daartussen de toegang (zie hiervoor onderdeel 4). Vanaf de ingang voert een weg direct naar het dichtbij gelegen huis Sonsbeek, (zie hiervoor onderdeel 1). Vanuit het huis is een waaier van zichten geschapen in de vorm van door boom- en beplantingsgroepen gescheiden taferelen. De stedelijke fronten langs de Zijpendaalseweg en de Sonsbeekweg spelen in deze zichten een belangrijke rol. Omgekeerd is er langs dezelfde zichtlijnen vanuit de omgeving een steeds wisselend zicht op het huis Sonsbeek.
Het beboste parkgedeelte aan de oostkant bestaat grotendeels uit gemengd loofbos. De slingerpaden worden op enkele plaatsen begeleid door laanbeplanting. Dit parkgedeelte is zeer reliëfrijk. Verschillende hellingen zijn steil. In dit gedeelte bevinden zich verschillende ornamentele objecten. In de as voor het huis ligt de hertenkamp uit de jaren twintig van de 19de eeuw, met bovenaan de helling achter de open ruimte het vroeg 20ste-eeuwse hertenverblijf in chaletstijl (zie hiervoor onderdeel 13). De top van de helling heet de Apostelenberg; hier staan in een cirkel geplante linden. Voor het bestijgen van de heuvels zijn eenvoudige trappen in de helling gemaakt. Iets verder in noordelijke richting staat de Belvédère uit 1821 (zie hiervoor onderdeel 12); ten westen daarvan ligt de Ronde Weide, waar ten tijde van Van Heeckeren zwarte schapen graasden als romantische invulling en verrassingselement in het bos. Ten westen van het huis bevinden zich de restanten van de oude moestuin (zie hiervoor onderdeel 11).
Het westelijke parkdeel rondom de St. Jansbeek, bevat de meer opzienbarende onderdelen van de landschappelijke aanleg. Een reeks van vijvers wordt gevoed met water dat in hoofdzaak vanaf Zypendaal komt door middel van een duiker en een waterval. Behalve die functionele verbinding bestaat in het hoofddal ook een belangrijke visuele verbinding tussen Sonsbeek en Zijpendaal langs een zichtas. Binnen het park liggen twee zijdalen. In het meest noordelijke zijdal ligt de Parkweg. Dit dal is een grotendeels open ruimte omgeven door boswanden. Onderin dit zijdal ontspringt een korte waterloop met een kleine waterval, lager uitmondend in de Grote Vijver. Waar dit zijdal aansluit op het hoofddal staat de boerderij aan de Parkweg (zie hiervoor onderdeel 8). Het tweede zuidelijker gelegen zijdal ligt geheel in het bos. Ook hier bevindt zich een waterloop die uitmondt in de Koude Vijver. Tussen de Koude Vijver en de loop van de St. Jansbeek ligt een bronbos.
Bovenin het dal van de St. Jansbeek ligt de Grote Vijver (gegraven in 1806) met daarin een eiland. Rondom deze vijver en ook verder in het beekdal staan bomen in grotere en kleine groepen. Uit de Grote Vijver ontspringt de Grote Waterval met grot. Hiervoor werd de Geldersche Molen afgebroken in 1826 (zie hiervoor onderdeel 14). Na een kleine slinger in de waterloop is er een brug: de Hangbrug (zie hiervoor onderdeel 15), met direct daarna de Kleine Waterval (zie hiervoor onderdeel 14). Het daarop volgend slingerend beekgedeelte heeft een zijtak waardoor een schiereilandje wordt gevormd. Weer iets verder op ligt de Zwanenburg (zie hiervoor onderdeel 15). Na deze brug verbreedt de waterloop zich tot de Fonteinvijver, waarin behalve de fontein uit de jaren twintig van de 19de eeuw ook een eiland ligt. Tegelijk met de verbreding van de waterloop verbreedt zich ook de dalruimte en wijken de bosranden, waardoor een grote open ruimte wordt gevormd: de Grote Weide. De St. Jansbeek loopt langs twee watermolens (zie hiervoor de onderdelen 5, 6 en 7), omlijst door boomgroepen door deze open ruimte. Hogerop in de helling, afzonderlijk van het hierboven beschreven stelsel van waterpartijen ligt nog de Karpervijver tussen de boomgroepen ten zuidwesten van het huis.
Wegens de grote hoogteverschillen in het park zijn op enkele plaatsen afvoersystemen aangelegd, die het overtollige water van de hoger gelegen parkdelen (noord- en noordoostelijke deel) moeten afvoeren naar het beekdal van de St. Jansbeek. In sommige gevallen werden eenvoudige smalle gootjes gegraven (zie hiervoor onderdeel 14).
Tot aan het begin van de 20ste eeuw waren op een heuveltop aan de laan tussen de Ronde Wei naar de Grote Vijver twee nutsgebouwen te vinden: een ijskelder en een watertoren. Van beide zijn alleen nog een bakstenen ring en een vloer in het terrein waarneembaar.
In het park is sprake van diverse soorten historische hekwerken, geplaatst langs de buitenranden en langs weiden en bosranden. De smeedijzeren hekwerken (met name langs de Apeldoornseweg) verkeren nog in oorspronkelijke staat. Het zijn eenvoudige smeedijzeren hekwerken met vierkante hekstijlen met ingesnoerde beëindiging en ronde spijlen met afgepunte top. De stijlen zijn naar achteren toe afgeschoord middels gebogen steunen. De hekwerken bezitten aan boven- en onderzijde een horizontale regel.
Op diverse plaatsen bevinden zich rustieke houten hekwerken, gevormd uit ruwe boomtakken. De weide-afscheidingen, bestaande uit hoge, aan de bovenzijde afgeronde hardstenen en eiken palen met horizontale houten regels gaan eveneens terug tot het begin van de 19de eeuw. Deze hekwerken komen al op oude, vroeg 19de-eeuwse afbeeldingen van het park voor. Vergelijkbare hekwerken zijn op de buitenplaats Enghuizen te Hummelo - ook Van Heeckerenbezit - te vinden. In later jaren werden vele hardstenen palen vervangen door exemplaren in basaltlava, beton of hardhout.
Waardering
De TUIN- EN PARKAANLEG behorend tot de historische buitenplaats Sonsbeek is van algemeen cultuurhistorische en tuinhistorisch belang:
- wegens de ouderdom;
- wegens de gaafheid;
- wegens de kwaliteit van het ontwerp waarbij knap gebruik gemaakt is van de terreinomstandigheden en bestaande opstallen;
- als een fraai voorbeeld van een landschappelijke aanleg uit het begin van de 19de eeuw in samenhang met het in dezelfde tijd verbouwde hoofdgebouw;
- wegens de karakteristieke afwisseling van open en gesloten ruimtes;
- wegens de vista's vanuit en naar het hoofdgebouw over de vijvers en naar het beekdal;
- wegens het karakteristieke padenpatroon;
- wegens de opmerkelijke waterwerken;
- wegens de visueel-ruimtelijke context waarin de gebouwen een bewuste plaats hebben gekregen.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Description
The PARK of Sonsbeek is laid out in landscape style and in its present form dates principally from the nineteen-twenties of the 19th century. The layout is characterised by paths with winding courses and by a particularly finely worked-out system of sight lines over meadows and pond areas in the stream valley, framed by woodland edges and tree groups. The built elements in the park, but also parts of the surrounding urban development form alternating focal points in the scenes. In the immediate vicinity of the main building, on the northeast side, relics of the 18th-century formal avenue structure are still present.
The park consists principally of two parts: a more open park area around the stream valley on the west side and a wooded, denser park area on the slopes on the east side.
The main entrance to the park lies on the Apeldoornseweg. This is formed by a semicircular forecourt, behind which lie two porter's lodges with the entrance between them (see section 4 for this). From the entrance a path leads directly to the nearby house Sonsbeek (see section 1 for this). From the house a fan of vistas has been created in the form of scenes separated by tree and planting groups. The urban fronts along the Zijpendaalseweg and the Sonsbeekweg play an important role in these vistas. Conversely, along the same sight lines from the surroundings there is an ever-changing view of the house Sonsbeek.
The wooded park area on the east side consists largely of mixed deciduous woodland. The winding paths are accompanied in several places by avenue planting. This park area is very undulating. Different slopes are steep. In this section there are various ornamental objects. On the axis in front of the house lies the deer enclosure from the nineteen-twenties of the 19th century, with at the top of the slope behind the open space the early 20th-century deer lodge in chalet style (see section 13 for this). The top of the slope is called the Apostelenberg; here lindens are planted in a circle. Simple steps have been made in the slope for climbing the hills. A little further in a northerly direction stands the Belvédère of 1821 (see section 12 for this); to its west lies the Ronde Weide, where in the time of Van Heeckeren black sheep grazed as a romantic feature and surprise element in the woodland. To the west of the house are the remains of the old kitchen garden (see section 11 for this).
The western park section around the St. Jansbeek contains the more striking elements of the landscape layout. A series of ponds is fed with water that comes principally from Zijpendaal by means of a culvert and a waterfall. Besides this functional connection there exists in the main valley also an important visual connection between Sonsbeek and Zijpendaal along a sight axis. Within the park lie two side valleys. In the most northerly side valley lies the Parkweg. This valley is a largely open space surrounded by woodland banks. At the bottom of this side valley originates a short watercourse with a small waterfall, further downstream opening into the Grote Vijver. Where this side valley adjoins the main valley stands the farmhouse on the Parkweg (see section 8 for this). The second, more southerly side valley lies entirely in the woodland. Here too there is a watercourse which opens into the Koude Vijver. Between the Koude Vijver and the course of the St. Jansbeek lies a spring woodland.
At the top of the St. Jansbeek valley lies the Grote Vijver (excavated in 1806) with an island within it. Around this pond and further into the stream valley stand trees in larger and smaller groups. From the Grote Vijver emerges the Grote Waterval with grotto. For this purpose the Geldersche Molen was demolished in 1826 (see component 14 for this). After a small bend in the waterway there is a bridge: the Hangbrug (see component 15 for this), immediately followed by the Kleine Waterval (see component 14 for this). The subsequently winding stream section has a tributary through which a peninsula is formed. A little further on lies the Zwanenburg (see component 15 for this). After this bridge the waterway widens into the Fonteinvijver, which besides the fountain from the 1820s also contains an island. Concurrent with the widening of the waterway, the valley space also widens and the forest edges recede, creating a large open space: the Grote Weide. The St. Jansbeek runs past two water mills (see components 5, 6 and 7 for this), framed by tree groups through this open space. Higher up on the slope, separate from the system of water features described above, lies the Karpervijver between tree groups to the southwest of the house.
Due to the considerable height differences in the park, drainage systems have been laid in several places to discharge excess water from the higher-lying park sections (northern and northeastern part) towards the St. Jansbeek stream valley. In some cases simple narrow gutters were dug (see component 14 for this).
Until the beginning of the 20th century, two utility buildings could be found on a hilltop at the lane between the Ronde Wei and the Grote Vijver: an ice house and a water tower. Of both, only a brick ring and a floor are still visible in the ground.
In the park there are various types of historic fencing, placed along the outer edges and along meadows and forest edges. The wrought-iron fences (particularly along the Apeldoornseweg) remain in their original state. They are simple wrought-iron fences with square fence posts with cinched termination and round bars with pointed tops. The posts are braced backwards by means of curved supports. The fences have a horizontal rail at the top and bottom.
In various places there are rustic wooden fences, formed from rough tree branches. The meadow dividers, consisting of tall rounded-top hardstone and oak posts with horizontal wooden rails, likewise date back to the beginning of the 19th century. These fences already appear in old, early 19th-century depictions of the park. Comparable fences are to be found at the country estate Enghuizen near Hummelo - also Van Heeckeren property. In later years many hardstone posts were replaced by specimens in basalt lava, concrete or hardwood.
Appraisal
The GARDEN AND PARK LAYOUT belonging to the historic country estate Sonsbeek is of general cultural-historical and garden-historical importance:
- because of its age;
- because of its integrity;
- because of the quality of the design in which skillful use was made of the terrain conditions and existing structures;
- as a fine example of a landscape layout from the beginning of the 19th century in connection with the main building rebuilt at the same time;
- because of the characteristic alternation of open and closed spaces;
- because of the views from and towards the main building over the ponds and towards the valley of the brook;
- because of the characteristic path pattern;
- because of the remarkable water works;
- because of the visual-spatial context in which the buildings have been deliberately positioned.
Nearby in the register
- Tuinmanswoning(L), Tellegenlaan 7Bijgebouwen kastelen enz.under 1 mi
- Tuin, park en plantsoen, Tellegenlaan bij 7Tuin, park en plantsoenunder 1 mi
- Bijgebouw, Zijpendaalseweg 30Bijgebouwen kastelen enz.under 1 mi
- Waterpartij, Zijpendaalseweg bij 30Tuin, park en plantsoenunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.