TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Rosendael

Rozendaal, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Kasteel, buitenplaats
Function
Kasteel
Category
onroerend gebouwd
Address
Rosendael 1, 6891 DA Rozendaal
Place
Rozendaal
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
52.00949, 5.96362
Part of complex
528473
Monument number
528472

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

Leiden University Libraries

3 historical maps cover this location, the earliest the 1682 map "Comitatus Zutphaniae et Fluminis Isulae Nova Delineatio." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Omschrijving onderdeel 1

HOOFDGEBOUW KASTEEL ROSENDAEL 18de-eeuws classicistisch HOOFDGEBOUW met middeleeuwse restanten; aan de zuid-westzijde van het huis en aan de noordkant een 18de-eeuwse zijvleugel met 19de-eeuwse veranda, koetshuis en stal. Huis op ogenschijnlijk vierkante grondslag, bestaande uit souterrain, hoofdverdieping, eerste verdieping, lage tweede verdieping en zolder. Opgetrokken in rode baksteen, waarin verschillende bouwfasen zich duidelijk aftekenen. Boven de getande kroonlijst een omgaand zadeldak bedekt met blauwgrijze leien waarop vijf rechthoekige bakstenen schoorstenen. De voorgevel heeft een representatief, classicistisch uiterlijk door het driehoekig fronton op de kroonlijst en de neoclassicistische (Lodewijk XIV) omlijsting van de centraal gelegen deur en het raam op de eerste verdieping. De voor- en zuidelijke zijgevel vertonen een regelmatige travee-indeling van vijf vensters geflankeerd door, met uitzondering van de kelderverdieping, persiennes. De vensters worden ontlast door 17de-eeuwse korfbogen, waarvan die op de tweede verdieping door de 18de-eeuwse kroonlijst gedeeltelijk worden bedekt. Beide vleugels verschillen hierin dat de vensters van het souterrain aan de voorzijde voorzien zijn van traliewerk en in de zijvleugel van schuiframen met houten roeden (5x3+2). Op de hoofdverdieping en eerste verdieping van beiden vleugels schuifvensters (2x3+1), op de lagere tweede verdieping kruisramen en in de dakkapellen draairamen (2x2). De achter- en noordelijke zijvleugel kennen een andere indeling. Van de noordelijke zijvleugel zijn door het lager aangebouwde deel slechts de vijf vensters van de lagere tweede verdieping zichtbaar. De achtervleugel van het huis vertoont een geheel andere opbouw. Hier is te zien dat het huis geen kubusvormig bouwblok vormt, maar aan deze zijde een L-vorm heeft, doordat hier het 17de-eeuwse verbindingsdeel tussen huis en donjon niet in het bouwblok opgenomen is. Het verbindingsdeel is drie traveeën breed, waarvan de vensters van alle bouwlagen in het midden breder zijn dan de buitenste vensters door de hier achter gelegen diensttrap. De achtervleugel van het huis laat een onregelmatige travee-indeling zien, zoals een deur uiterst links in het souterrain en het raam dat de vensters aan de linkerkant op de begane grond en eerste verdieping verbindt. Op de kroonlijst een dakkapel met gebogen fronton, klauwstukken en hijsbalk. Op de begane grond bevindt zich in het midden de uit 1840 daterende hardstenen trap met acht treden, die op het bordes geflankeerd wordt door uit natuursteen gehouwen leeuwen, liggend op rechthoekige sokkels. Aan weerszijden van de onderste trede twee lantaarnpalen op natuurstenen sokkels. De dubbele houten deur, gedecoreerd met ingelegde motieven en traliewerk en voorzien van een bovenlicht, wordt omlijst door twee wit geschilderde pilasters en een kroonlijst. Hierop steunen twee voluten die samen met het gebogen fronton de decoratieve Lodewijk XIV-omlijsting van het middelste venster van de eerste verdieping vormen. Het getande driehoekig fronton bezit een rond venster met bloemmotief. Op de zuidoosthoek van de voorgevel is een gevelsteen ingemetseld uit 1616 met de tekst Tandem e spinis rosa (uiteindelijk groeit uit de doornen een roos). Deze steen was oorspronkelijk door Dirck van Dorth boven de ingang van het tweebeukige huis geplaatst.

DONJON die de middeleeuwse ontstaansgeschiedenis van Rosendael tot uitdrukking brengt en frontaal gezien met de lichtkoepel boven het dak van het huis oprijst en aan de oostzijde als ronde uitstulping van het huis zichtbaar is. De donjon, opgebouwd na een brand in 1412 op de oude 14de-eeuwse grondslag, heeft een hoogte van negentien meter, een diameter van zestien meter en muren van 2.60 tot vier meter dikte. In 1988 werd de toren geheel gerestaureerd. In de uit lichtrode bakstenen opgebouwde buitenmuur van de toren zijn de sporen uit verschillende bouwfasen afgetekend. De vensters zijn ongelijkmatig over het muurvlak verdeeld. Het souterrain bevat twee kleine vensters met traliewerk, de begane grond drie schuiframen met roeden (3x4+3) en de hoofdverdieping schuiframen (3x4+3) met groene persiennes. Het schuin oplopende dak, gedekt met blauwgrijze leien, wordt afgesloten door een geschilderde balustrade waarin de lichtkoepel geplaatst is. Deze bestaat uit een achthoekige opbouw met meerruitige vensters en een met blauwgrijze leien bedekte koepel met windwijzer. Aan de noordzijde bevindt zich een zeshoekige bakstenen schoorsteen en een kleine dakkapel. Halverwege de toren is aan de noordwestzijde de aanzet tot de middeleeuwse weermuur zichtbaar waarin zich thans nog het "gemak" bevindt.

AANBOUW aan de noordkant van het huis. De zijvleugel uit omstreeks 1760 vormt het lagere verbindingsdeel tussen huis en koetshuis en bestaat uit een kelder en hoofdverdieping. De gepleisterde gevel met drie vensters met draairamen (2x3+1) wordt afgesloten door een getande witte lijst en een met blauwgrijze leien gedekt zuid-noord lopend zadeldak dat boven het koetshuis en de stal doorloopt. De gietijzeren veranda werd in 1860-1861 door L.H. Eberson aangebouwd en in 1987 gerestaureerd. De schuin lopende glazen houten overkapping van deze veranda wordt gedragen door zeven gietijzeren kolommen welke verbonden worden door sierlijk gietijzerwerk langs de benedenrand van de kap. De balustrade wordt onderbroken door een trap van zes treden. Beneden de veranda zijn vier kelderlichten zichtbaar en uiterst links een deur met traliewerk. Het koetshuis en de stal die aan de noordkant van de zijvleugel aansluiten, springen ten opzichte van het huis en het tussengedeelte naar voren. Deze aanbouw dateert uit 1841-1842 en bestaat uit een begane grond en eerste verdieping. Zij is opgetrokken in rode baksteen en wordt afgesloten door de getande lijst en schuin lopend dak met blauwe leien. De gevel is drie traveeën breed met op de begane grond vensters met draairamen (2x3+1) met ontlastingsbogen en centraal een brede ingang met monumentale omlijsting en staldeuren met ruitvormig motief. De eerste verdieping heeft drie kruisramen. Op het dak staat een neogotisch klokkentorentje op rechthoekige basis, gedecoreerd met Korinthische pilasters en sierlijk houtsnijwerk en bekroond door een met leien bedekte spits. Deze klokkentoren bevat een luiklok uit 1725. De in de eerste vijver gelegen achtergevel van de aanbouw is zeven traveeën breed. Op de begane grond zijn kleine vensters met schuiframen (5x3+2) aangebracht en op de eerste verdieping grotere vensters met eveneens schuiframen (2x3+1) voorzien van persiennes. Het middelste venster van de eerste verdieping is voorzien van een laag gietijzeren balkon, gesteund door houten stutten. In het metselwerk van de gevel zijn sporen van oude bouwfasen zichtbaar, waaronder een aantal dichtgemetselde vensters. Tussen de vensteropeningen bevinden zich muurankers.

In het INTERIEUR van het huis zijn onder meer van belang:

- de eikenhouten lambrisering uit de 18de eeuw (deels in de 19de eeuw gewijzigd) van de eerste salon en de eetkamer;

- de 18de-eeuwse dubbele deuren tussen de tweede salon en eetkamer;

- het plafond van de zitkamer en de Keppelskamer op de eerste verdieping, overgebleven van de constructie van het tweebeukige huis uit 1616

- twee schoorstenen betimmeringen, enkele deuren en twee bedsteden uit de 18de eeuw op de tweede verdieping;

- schouw, hardstenen aanrecht, stenen spoelbakken, keukenkast met glazen deuren en de plavuizen uit de 18de eeuw in de keuken in het souterrain.

In het INTERIEUR van de donjon zijn onder meer van belang:

- marmeren hoekfontein met cascade in de torenzaal uit omstreeks 1730 door de beeldhouwer Ignatius van Logteren;

- houten hoekbuffet met beschilderde marmerimitatie in de torenzaal uit omstreeks 1730;

- siertegels uit omstreeks 1700 aan de wanden van de muurtrap tussen de eerste verdieping van het huis en de bibliotheek van de donjon.

In het INTERIEUR van de aanbouw zijn onder meer van belang:

- tien paardenboxen, daterend uit 1842

Waardering

Het KASTEEL ROSENDAEL, onderdeel van de historische buitenplaats Rosendael, is in cultuurhistorisch opzicht van algemeen belang:

- wegens de ouderdom;

- wegens de architectonische vormgeving;

- wegens de gaafheid van het exterieur;

- wegens de gaaf bewaard gebleven inwendige plattegrond en indeling van de binnenruimten;

- wegens enkele bewaard gebleven vaste onderdelen van het interieur;

- wegens de kenmerkende ligging in de bijzondere landschappelijke parkaanleg.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Description of Component 1

MAIN BUILDING CASTLE ROSENDAEL 18th-century classicist MAIN BUILDING with medieval remains; on the south-west side of the house and on the north side an 18th-century side wing with a 19th-century veranda, coach house and stable. House on an apparently square ground plan, consisting of basement, ground floor, first floor, low second floor and attic. Built in red brick, in which different building phases are clearly visible. Above the toothed cornice a surrounding gabled roof covered with blue-grey slate on which five rectangular brick chimneys. The front facade has a representative, classicist appearance through the triangular pediment on the cornice and the neoclassical (Louis XIV) framing of the centrally located door and the window on the first floor. The front and southern side facade show a regular bay division of five windows flanked by, with the exception of the basement level, shutters. The windows are relieved by 17th-century basket-arch relieving arches, those on the second floor being partially covered by the 18th-century cornice. Both wings differ in that the basement windows on the front side are provided with grille work and in the side wing with sash windows with wooden glazing bars (5x3+2). On the ground floor and first floor of both wings sash windows (2x3+1), on the lower second floor cross windows and in the roof dormers casement windows (2x2). The rear and northern side wing have a different layout. Of the northern side wing only the five windows of the lower second floor are visible due to the lower built-on part. The rear wing of the house shows a completely different structure. Here it can be seen that the house does not form a cubic building block, but on this side has an L-shape, because the 17th-century connecting part between house and donjon is not included in the building block. The connecting part is three bays wide, of which the windows of all building layers in the middle are wider than the outer windows due to the service staircase located behind. The rear wing of the house shows an irregular bay division, such as a door at the far left in the basement and the window that connects the windows on the left side on the ground floor and first floor. On the cornice a roof dormer with curved pediment, gargoyle brackets and hoist beam. On the ground floor there is in the middle the hardstone staircase dating from 1840 with eight steps, which on the landing is flanked by lions carved from natural stone, lying on rectangular bases. On either side of the bottom step two lantern posts on natural stone bases. The double wooden door, decorated with inlaid motifs and grille work and provided with a fanlight, is framed by two white-painted pilasters and a cornice. Upon this rest two volutes which together with the curved pediment form the decorative Louis XIV framing of the middle window of the first floor. The toothed triangular pediment has a round window with floral motif. On the south-east corner of the front facade a stone tablet from 1616 has been mortared in with the text Tandem e spinis rosa (at last a rose grows from the thorns). This stone was originally placed by Dirck van Dorth above the entrance of the two-aisled house.

DONJON which expresses the medieval origins of Rosendael and rises frontally with the light cupola above the roof of the house and is visible on the east side as a round projection of the house. The donjon, built after a fire in 1412 on the old 14th-century ground plan, has a height of nineteen metres, a diameter of sixteen metres and walls of 2.60 to four metres thick. In 1988 the tower was completely restored. In the outer wall of the tower built of light red brick the traces of different building phases are marked. The windows are irregularly distributed over the wall surface. The basement contains two small windows with grille work, the ground floor three sash windows with glazing bars (3x4+3) and the ground floor sash windows (3x4+3) with green shutters. The sloping roof, covered with blue-grey slate, is finished with a painted balustrade in which the light cupola is placed. This consists of an octagonal structure with multi-paned windows and a cupola covered with blue-grey slate with weathervane. On the north side there is a hexagonal brick chimney and a small roof dormer. Halfway up the tower, on the north-west side, the beginning of the medieval fortification wall is visible in which the "privy" is now located.

EXTENSION on the north side of the house. The side wing from around 1760 forms the lower connecting part between house and coach house and consists of a cellar and ground floor. The plastered facade with three windows with casement windows (2x3+1) is finished with a toothed white moulding and a gabled roof running south-north covered with blue-grey slate that continues above the coach house and stable. The cast-iron veranda was added in 1860-1861 by L.H. Eberson and restored in 1987. The sloping glazed wooden canopy of this veranda is supported by seven cast-iron columns which are connected by ornamental cast-iron work along the bottom edge of the canopy. The balustrade is interrupted by a staircase of six steps. Below the veranda four basement lights are visible and at the far left a door with grille work. The coach house and stable which connect to the north side of the side wing project forward in relation to the house and the connecting part. This addition dates from 1841-1842 and consists of a ground floor and first floor. It is built in red brick and is finished with the toothed moulding and sloping roof with blue slate. The facade is three bays wide with on the ground floor windows with casement windows (2x3+1) with relieving arches and centrally a wide entrance with monumental framing and stable doors with rhombus motif. The first floor has three cross windows. On the roof stands a neo-Gothic bellcote on rectangular basis, decorated with Corinthian pilasters and ornamental woodcarving and crowned by a slate-covered spire. This bell tower contains a bell-gable bell from 1725. The rear facade of the extension located in the first pond is seven bays wide. On the ground floor small windows with sash windows (5x3+2) have been fitted and on the first floor larger windows also provided with sash windows (2x3+1) with shutters. The middle window of the first floor is provided with a low cast-iron balcony, supported by wooden supports. In the masonry of the facade traces of old building phases are visible, including a number of blocked-up windows. Between the window openings there are wall anchors.

In the INTERIOR of the house the following are noteworthy among others:

- the oak wainscoting from the 18th century (partly modified in the 19th century) of the first salon and the dining room;

- the 18th-century double doors between the second salon and dining room;

- the ceiling of the sitting room and the Keppels room on the first floor, remaining from the structure of the two-aisled house from 1616

- two fireplace surrounds, several doors and two box beds from the 18th century on the second floor;

- fireplace surround, hardstone sink, stone sinks, kitchen cupboard with glazed doors and the tilework from the 18th century in the kitchen in the basement.

In the INTERIOR of the donjon the following are noteworthy among others:

- marble corner fountain with cascade in the tower hall from around 1730 by sculptor Ignatius van Logteren;

- wooden corner buffet with painted marble imitation in the tower hall from around 1730;

- ornamental tiles from around 1700 on the walls of the mural staircase between the first floor of the house and the library of the donjon.

In the INTERIOR of the extension the following are noteworthy among others:

- ten horse boxes, dating from 1842

Valuation

Castle ROSENDAEL, part of the historic country estate Rosendael, is of general cultural-historical importance:

- due to its age;

- due to its architectural design;

- due to the integrity of its exterior;

- due to the well-preserved internal ground plan and layout of the interior spaces;

- due to some well-preserved fixed components of the interior;

- due to its characteristic location in the special landscape park design.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map