Rijksmonumentenregister · Netherlands
Overheidsdienstgebouw, Waterstraat 20
's-Hertogenbosch, Noord-Brabant, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Overheidsgebouw
- Function
- Overheidsdienstgebouw
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1881 - 1883
- Address
- Waterstraat 20, 5211 JD 's-Hertogenbosch
- Place
- 's-Hertogenbosch
- Province
- Noord-Brabant
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.68635, 5.30370
- Monument number
- 522528
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
Utrecht University LibraryDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
4 historical maps cover this location, the earliest the 1875 map "Niederlande Und Belgien." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding.
Voormalig rijksARCHIEF, architect Jacobus van Lokhorst (rijksbouwkundige bij het departement van Binnenlandse Zaken). Opgetrokken in een mengvorm van Neo-Gotiek en Neo-Renaissance met toepassing van een zelfdragend ijzerskelet. Het hoofdgebouw aan de Waterstraat werd ontworpen in 1880 en gebouwd van 1881 tot 1883. Het werk werd aangenomen door Jean van Groenendael uit Loosduinen voor de som van f 57.000. Het nieuwe gebouw bleek spoedig te klein en al in 1886 maakte Van Lokhorst de plannen voor een uitbreiding met een zij- en een achterdepot aan het huidige Anne Frankplein. Het werk werd eind 1887 aanbesteed en gegund aan de Bossche aannemer C. van Straaten voor een bedrag van f 38.960,-. De oplevering had plaats in augustus 1889. Het exterieur van het archief is in de loop der jaren nauwelijks gewijzigd. Intern zijn er wel enkele doorbrekingen en functieveranderingen van kantoorruimtes geweest maar deze hebben het karakter en de bijzondere ijzerconstructie niet noemenswaardig aangetast.
Opvallende aspecten zijn de geringe verdiepingshoogte (ca. 2.10 m) van de depots, de smeedijzeren roostervloeren en de laterale verlichting door de vele vensters ter hoogte van de gangpaden waartussen de oorspronkelijk houten archiefstellingen geplaatst waren. Dit ruimtelijk concept werd als voorbeeld gesteld bij de bouw van diverse andere archiefgebouwen in het land. De houten archiefstellingen zijn in 1934 vervangen door de huidige stalen stellingen.
Functioneel gezien is ruimtegebrek steeds een van de voornaamste problemen van het gebouw geweest. Na de realisatie van de uitbreidingen is intern geprobeerd dit op te vangen door ook de kelder en zolders voor archiefopslag geschikt te maken. Mede door het grote te dragen gewicht zijn op enkele plaatsen zettingen opgetreden. Het gebouw is gesitueerd in het Zuidwalgebied en gelegen op een terrein dat in de negentiende eeuw voornamelijk een woonfunctie had. De benodigde particuliere percelen werden in het laatste kwart van de negentiende eeuw aangekocht door de staat der Nederlanden. Het archief vormt samen met de in 1897 gebouwde provinciale griffie het grootste gedeelte van de zuidelijke gevel van de Waterstraat. De omlopende bebouwing van het zij- en achterdepot zorgt, komende vanaf de Keizerstraat, voor een imposant gevelbeeld.
Omschrijving.
Het hoofdgebouw uit de eerste bouwfase van 1881 bestaat uit een vrijwel rechthoekig, gedeeltelijk onderkelderd bouwlichaam dat aan de zijde van de Waterstraat twee bouwlagen met zolder telt en aan de achterzijde uit een vierlaags depot met zolder bestaat. Het gedeelte aan de Waterstraat kreeg een functie als dienstgebouw met vertrekken voor het publiek en het personeel. Per hoofdverdieping van het dienstgebouw zijn er twee niveaus van het depotgedeelte. De gevel aan de Waterstraat volgt de loop van de straat en is iets afgeschuind. Bij de uitbreidingen van 1887-1889 werd aan de achterzijde van het bestaande gebouw een in identieke vormen opgetrokken rechthoekig vierlaags depot gebouwd en op de hoek van de Waterstraat, aan de kant van het huidige Anne Frankplein, een zijdepot van vijf bouwlagen op een onregelmatige grondslag opgetrokken. Bij de constructie van de aanbouwen zijn intern doorbrekingen gerealiseerd. Het zijdepot heeft een zadeldak met trapgevelbeëindiging aan de Waterstraat. De trapgevel wordt verder bekroond door een schilddragende stenen leeuw. Opvallende elementen zijn verder de drie verschillend uitgevoerde traptorens aan het Anne Frankplein; een driezijdige voor het zijdepot, een ronde op de scheiding van de voorbouw en het achterdepot en een rechthoekige aan de achterzijde van het achterdepot. Het gebouw is grotendeels op beton gefundeerd. Alle gevels zijn uitgevoerd in schoon metselwerk van in kruisverband gemetselde machinale baksteen met een geknipte en gesneden voeg. De verschillende zadeldaken en torenspitsen zijn gedekt met pannen en met leien in Maasdekking. De zelfdragende ijzerconstructie van de depots bestaat uit los van de gevels staande en tussen de vensters geplaatste ijzeren jukken die per verdiepingsvloer een roosterwerk van ijzeren balken ondersteunen. Tussen de jukken zijn de archiefkasten opgesteld. De vloeren van de looppaden tussen de stellingen zijn als smeedijzeren roostervloer uitgevoerd. Ook de paden langs de gevels zijn voorzien van roostervloeren. De vloeren van het dienstgebouw en de begane grond en zoldervloer van de depots zijn opgebouwd uit ijzeren balken met gemetselde troggewelfjes. Voor de kapconstructie zijn Polonceauspanten van getrokken ijzer toegepast. Het overige draagwerk van de bekapping is eveneens in ijzer uitgevoerd. Het dakbeschot is van hout.
De voorgevel aan de Waterstraat telt vier traveeën en wordt geleed door waterlijsten van profielsteen die tevens als vensterafzaat dienen. De hoofdingang van het gebouw wijkt in hoogte niet af van de ernaast geplaatste vensters en is voorzien van een met mascarons en cartouches geornamenteerde pilasteromlijsting van Udelfanger zandsteen met dubbel entablement en een ontlastingsboog aan de bovenzijde waarin een reliëf is aangebracht met zittende engeltjes die een cartouche met RIJKSARCHIEVEN vasthouden. De ingang heeft een kleine hardstenen trap en is voorzien van een recht gesloten, geornamenteerde, houten vleugelpaneeldeur. De vensteropeningen zijn alle recht gesloten en hebben aan de bovenzijde een ontlastingsboog met polychroom siermetselwerk in de trommel. Bij de verdiepingsvensters zijn deze bogen segmentvormig. De vensters zijn voorzien van kruiskozijnen en hebben glas-in-lood in de bovenlichten. Een opvallend accent wordt verder gevormd door de siersmeedijzeren steekankers met krulwerk. De goot rust op consoles. In het dakschild aan de Waterstraat zijn kleine dakkapellen aangebracht.
De zijgevel van het depot van het hoofdgebouw aan het Anne Frankplein is sober en doelmatig gehouden. Het accent ligt hier op een optimale lichttoetreding. Deze wordt bereikt door op elke bouwlaag per travee twee gekoppelde vensters met ladderramen te plaatsen. Deze zijn ingekast tussen de penanten en hebben op de eerste verdieping een segmentvormige ontlastingsboog aan de bovenzijde. Bij de penanten is spaarzaam gebruik gemaakt van natuurstenen hoekblokjes. De horizontale geleding van de gevel geschiedt door middel van de doorgetrokken vensterafzaten, waterlijsten, banden van gele verblendsteen, een rijk gedetailleerde tandlijst en een rondboogfries onder de goot. Bijzonder zijn de samengestelde siersmeedijzeren ankers die met de interne ijzerconstructie verbonden zijn. Op de scheiding tussen het oude en het nieuwe depot is een ronde traptoren geplaatst met lichttoetreding door smalle rechthoekige venstertjes. De toren heeft een ronde spits. Tegen de zijgevel van het depot is een lage schuur met ommuring geplaatst. Deze uit 1889 daterende aanbouw diende eerst als kolenhok maar werd later gebruikt als fietsenstalling.
Het hoge, vijflaags zijdepot is de blikvanger van het rijksarchief. Het gebouw telt aan de Waterstraat twee en aan het Anne Frankplein vijf traveeën. De vloerniveaus sluiten aan bij die van het oude depot. De extra verdieping sluit aan bij de zolder van het dienstgebouw. De zolderverdieping is alleen via een gietijzeren trap te bereiken. De funderingen van het zij- en het achterdepot zijn van beton en liggen ongeveer 160 cm onder het straatniveau. De gevels van beide nieuwe depots zijn in hoge mate afgeleid van die van het oude. De inwendige constructie van ijzer en de vloeren zijn hier slechts op onderdelen afwijkend. Het gedeelte aan de Waterstraat is voorzien van een trapgevel die bekroond wordt door een gestileerde leeuw met wapenschild. In zij- en achterdepot is het motief van gekoppelde vensters met ladderramen toegepast.
De gevel wordt horizontaal geleed door cordonlijsten (doorgetrokken vensterafzaten) boven de tweede en de vierde bouwlaag. De vensters hebben op de tweede, vierde en vijfde bouwlaag een gedeelde ontlastingsboog aan de bovenzijde. Bij de eerste en de derde bouwlaag ontbreekt deze maar is er aan de bovenzijde van de vensters een geometrische metselornamentiek aangebracht. De vensters op de begane grond hebben smeedijzeren vensterhekken. Het gemetselde fries is voorzien van een tandlijst; de goot rust op houten klossen. In het dakschild aan de zijkant zijn vijf kleine, afzonderlijk gedekte dakkapelletjes aangebracht. Het achterdepot telt vier bouwlagen en heeft een diepte van vijf traveeën. In detaillering en opzet is het vrijwel identiek aan de bouwmassa van het oudste depot. Een opvallend verschil is de rechthoekige vijflaags traptoren aan de zijde van het Anne Frankplein. De achtergevel heeft een geleding door middel van cordonlijsten en wordt geornamenteerd door de ijzeren steekankers van de ijzerconstructie en geometrische metselornamentiek in de topgevel. Op een driedelig zoldervenster na is deze gevel blind uitgevoerd.
Hoewel de voor het gebouw zo belangrijke en typerende constructieve elementen behouden zijn gebleven, zijn er in het interieur in de loop der tijd enkele wijzigingen aangebracht die op enkele plaatsen het karakter van het gebouw enigszins hebben aangetast. Een voorbeeld hiervan is het aanbrengen van horizontale brandschermen in de vloeren van het achterdepot en brandmuren op de zolder. Verder is de functie van de dienstvertrekken aan de Waterstraat enkele malen gewijzigd en zijn er enkele doorbraken gerealiseerd. De ornamentiek van deze vertrekken, bestaande uit wandbetimmeringen en sjabloonschilderingen van plantenmotieven bleef gehandhaafd.
Veel van de overige oorspronkelijke interieurafwerking is nog aanwezig zoals: kozijnen, deuren, vaste kasten en de natuurstenen en gietijzeren trappen.
Waardering.
Het voormalig rijksarchief is van algemeen belang. Het archief heeft cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van de ontwikkeling van het negentiende-eeuwse archiefwezen in Nederland en de typologische ontwikkeling daarvan.
Het heeft architectuurhistorische waarden vanwege de plaats die het inneemt binnen het Rijksbouwen en het oeuvre van de architect J. van Lokhorst, de kwaliteit van de toegepaste neogotische en neorenaissance stijlelementen en vanwege het innovatieve en bijzondere karakter van de inwendige zelfdragende ijzerconstructie en de in de kap toegepaste polonceauspanten.
Het pand heeft ensemblewaarden vanwege de architectonische en stedenbouwkundige samenhang die het heeft met de bebouwing van de voormalige provinciale griffie aan de Waterstraat. Het archief is van belang vanwege de architectonische gaafheid van zowel het exterieur als de inwendige ijzerconstructie in samenhang met verschillende dienstruimten. Het pand is van belang vanwege de bouwtechnische en typologische zeldzaamheid.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction.
Former national ARCHIVE, architect Jacobus van Lokhorst (national building surveyor at the department of Internal Affairs). Erected in a mixed form of Neo-Gothic and Neo-Renaissance with the application of a self-supporting iron framework. The main building on the Waterstraat was designed in 1880 and built from 1881 to 1883. The work was undertaken by Jean van Groenendael from Loosduinen for the sum of f 57.000. The new building proved too small very soon and already in 1886 Van Lokhorst drew up plans for an extension with a side and a rear depot at the present Anne Frankplein. The work was put out to tender at the end of 1887 and awarded to the Den Bosch contractor C. van Straaten for an amount of f 38.960,-. Delivery took place in August 1889. The exterior of the archive has been scarcely altered over the years. Internally there have been some breakthroughs and changes of function of office spaces but these have not significantly affected the character and the special iron construction.
Striking aspects are the low storey height (approximately 2.10 m) of the depots, the wrought-iron grid floors and the lateral lighting through the many windows at the level of the passages between which the original wooden archive shelving was placed. This spatial concept was presented as an example in the construction of various other archive buildings in the country. The wooden archive shelving was replaced in 1934 by the present steel shelving.
From a functional point of view, lack of space has always been one of the main problems of the building. After the completion of the extensions, attempts were made internally to alleviate this by also making the cellar and attics suitable for archive storage. Partly due to the great weight to be borne, settlements have occurred in some places. The building is situated in the Zuidwal area and located on a site that in the nineteenth century was mainly residential. The necessary private parcels were purchased by the state of the Netherlands in the last quarter of the nineteenth century. The archive together with the provincial registry office built in 1897 forms the largest part of the southern facade of the Waterstraat. The surrounding buildings of the side and rear depot, coming from the Keizerstraat, provide an imposing facade image.
Description.
The main building from the first construction phase of 1881 consists of an almost rectangular, partly cellared building body that on the Waterstraat side has two storeys with attic and at the rear consists of a four-storey depot with attic. The part on the Waterstraat was given a function as a service building with rooms for the public and staff. Per main storey of the service building there are two levels of the depot section. The facade on the Waterstraat follows the course of the street and is slightly angled. In the extensions of 1887-1889 a rectangular four-storey depot built in identical forms was constructed at the rear of the existing building and on the corner of the Waterstraat, on the side of the present Anne Frankplein, a side depot of five storeys on an irregular ground plan was erected. In the construction of the extensions internal breakthroughs were realised. The side depot has a gabled roof with stepped gable termination on the Waterstraat. The stepped gable is further crowned by a shield-bearing stone lion. Striking elements are further the three differently executed staircase towers on the Anne Frankplein; a three-sided one for the side depot, a round one on the division of the front building and the rear depot and a rectangular one at the rear of the rear depot. The building is largely founded on concrete. All facades are executed in fair-face masonry of machine-made brick laid in stretcher bond with a cut and dressed joint. The various gabled roofs and tower spires are covered with tiles and with slates in Maas covering. The self-supporting iron construction of the depots consists of iron frames standing free of the facades and placed between the windows that support a lattice work of iron beams per storey. Between the frames the archive cabinets are arranged. The floors of the walkways between the shelving are executed as wrought-iron grid floors. Also the paths along the facades are provided with grid floors. The floors of the service building and the ground and attic floors of the depots are built up from iron beams with masoned trough vaults. For the roof truss structure Polonceau trusses of drawn iron are applied. The remaining load-bearing work of the roof covering is also executed in iron. The roof boarding is of wood.
The front facade on the Waterstraat comprises four bays and is articulated by drip mouldings of moulded stone which also serve as window sills. The main entrance of the building does not differ in height from the adjacent windows and is provided with a pilaster frame of Udelfanger sandstone ornamented with mascarons and cartouches with double entablature and a relieving arch at the top in which a relief is incorporated with sitting cherubs holding a cartouche with RIJKSARCHIEVEN. The entrance has a small stone step and is provided with a straight-closed, ornamented, wooden panelled door. The window openings are all straight-closed and have a relieving arch at the top with polychrome decorative masonry in the drum. In the storey windows these arches are segmental. The windows are provided with cross windows and have leaded glass in the fanlights. A striking accent is further formed by the decorative wrought-iron ankers with scrollwork. The gutter rests on consoles. In the roof shield on the Waterstraat small roof dormers are inserted.
The side facade of the depot of the main building on the Anne Frankplein is simple and functional. The emphasis here is on optimal light admission. This is achieved by placing two coupled windows with ladder windows per bay on each storey. These are set between the piers and have a segmental relieving arch at the top on the first storey. At the piers sparing use has been made of natural stone corner blocks. The horizontal articulation of the facade is achieved by means of the continuous window sills, drip mouldings, bands of yellow facing brick, a richly detailed dentil course and a round-arch frieze under the gutter. Remarkable are the composite decorative wrought-iron ankers which are connected to the internal iron construction. On the division between the old and new depot a round staircase tower is placed with light admission through narrow rectangular windows. The tower has a round spire. Against the side facade of the depot a low shed with enclosure is placed. This extension dating from 1889 initially served as a coal shed but was later used as a bicycle store.
The tall, five-storey side depot is the eyecatcher of the national archive. The building has two bays on the Waterstraat and five bays on the Anne Frankplein. The floor levels connect to those of the old depot. The extra storey connects to the attic of the service building. The attic storey is only accessible via a cast-iron stair. The foundations of the side and rear depots are of concrete and lie approximately 160 cm below street level. The facades of both new depots are highly derived from those of the old. The internal construction of iron and the floors are here only partially different. The part on the Waterstraat is provided with a stepped gable which is crowned by a stylised lion with shield. In side and rear depot the motif of coupled windows with ladder windows is applied.
The facade is horizontally articulated by cornice lines (continuous window sills) above the second and fourth storeys. The windows have a divided relieving arch at the top on the second, fourth and fifth storeys. On the first and third storey this is absent but there is geometric decorative masonry at the top of the windows. The windows on the ground floor have wrought-iron window grilles. The masoned frieze is provided with a dentil course; the gutter rests on wooden blocks. In the roof shield on the side five small, separately covered roof dormers are inserted. The rear depot has four storeys and has a depth of five bays. In detailing and layout it is almost identical to the building mass of the oldest depot. A striking difference is the rectangular five-storey staircase tower on the side of the Anne Frankplein. The rear facade has an articulation by means of cornice lines and is ornamented by the iron ankers of the iron construction and geometric decorative masonry in the gable. Apart from a three-part attic window this facade is executed blank.
Although the constructive elements so important and characteristic for the building have been preserved, some alterations have been made to the interior over time which have somewhat affected the character of the building in some places. An example of this is the installation of horizontal fire screens in the floors of the rear depot and fire walls on the attic. Furthermore the function of the service rooms on the Waterstraat has been changed several times and some breakthroughs have been realised. The ornamentation of these rooms, consisting of wall panelling and stencilled paintings of plant motifs remained maintained.
Much of the other original interior finishing is still present such as: frames, doors, fitted cupboards and the natural stone and cast-iron stairs.
Valuation.
The former national archive is of general interest. The archive has cultural-historical value as a special expression of the development of nineteenth-century archival practice in the Netherlands and the typological development thereof.
It has architectural-historical values because of the place it occupies within national building and the oeuvre of architect J. van Lokhorst, the quality of the applied neo-gothic and neo-renaissance style elements and because of the innovative and special character of the internal self-supporting iron construction and the Polonceau trusses applied in the roof.
The building has ensemble values because of the architectural and urban design coherence it has with the buildings of the former provincial registry office on the Waterstraat. The archive is important because of the architectural integrity of both the exterior and the internal iron construction in conjunction with various service rooms. The building is important because of its constructional and typological rarity.
Nearby in the register
- Provinciehuis, Waterstraat 16Bestuursgebouw en onderdlunder 1 mi
- SynagogeKerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- Belastingkantoor, Wolvenhoek bij 1Overheidsgebouwunder 1 mi
- Gouvernementshuis, Verwersstraat 41Bestuursgebouw en onderdlunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.