Rijksmonumentenregister · Netherlands
Pastorie(F), Burg. de Kuijperlaan 1
Veghel, Noord-Brabant, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kerkelijke dienstwoning
- Function
- Pastorie(F)
- Category
- onroerend gebouwd
- Built (approximately)
- 1902 - 1903
- Address
- Burg. de Kuijperlaan 1, 5461 AA Veghel (Meierijstad 30)
- Place
- Veghel
- Municipality
- Meierijstad
- Province
- Noord-Brabant
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.61845, 5.54125
- Monument number
- 521271
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUtrecht University LibraryUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Kaart ten behoeve van de manoeuvres der 2e Divisie Infanterie in 1904 / [Topographische Inrichting]" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding.
PASTORIE, gebouwd naar ontwerp van J.Th.J. Cuypers en J. Stuyt in 1902-03. In de bouwstijl zijn elementen van Hollandse Neo- Renaissance en Chaletstijl verwerkt. De pastorie ligt op een verhoging ten opzichte van de straat. Rondom de pastorie is een grote tuin aangelegd, aflopend tot op het maaiveld. De tuin heeft voor het grootste deel een beukenhaag als afscheiding.
Omschrijving.
Tweelaags blokvormig gebouw op een samengestelde plattegrond. Het gebouw is uitgevoerd in baksteen en voorzien van een wit gepleisterde kroonlijst. De behandeling van de topgevels is opvallend, deze zijn wit gepleisterd, in enkele gevallen voorzien van betimmering of hangend houtwerk. Het gehele pand heeft grote rechthoekige ramen met middenstijl en dwarskalf. Veel bovenlichten zijn voorzien van glas-in-lood. De hoofdmassa heeft een hoog schilddak, gedekt met leien. Daaronder een gootlijst. De topgevels zijn voorzien van windveren. Tegen de linkerzijgevel bevindt zich een éénlaagse bouwmassa onder zadeldak, doorbroken door een tweelaags, dwars middendeel met topgevel. Achter de pastorie is in de jaren veertig van de 20ste eeuw een éénlaagse serre gezet.
De voorgevel heeft in het midden een brede risaliet met topgevel onder zadeldak, haaks op dat van de hoofdmassa. Op de begane grond is hierin een groot rondboogportiek gemaakt met een paneeldeur, voorzien van boven- en zijlichten. De latei boven de deur heeft in houtsnijwerk de tekst: "RAD/ANNO/DNI/1902". Aan weerszijden van het portiek bevinden zich zesruits schuiframen. Bovenlichten zijn gevuld met glas-in-lood. In de boog van het portiek zijn afwisselend baksteen en natuursteen blokken aangebracht. Naast de portiek bevinden zich ramen waarboven tegeltableau's zijn aangebracht met opschriften: "PAX/ INTRANTIBUS en SALUS/ ABEUNTIBUS". Op de verdieping bevindt zich een breed zesdelig raam tussen twee schuiframen. Baksteen strekken boven de ramen zijn afgewisseld met natuursteen blokken. In de topgevel een samengesteld raam, geflankeerd door gepleisterde cirkels met een stermotief in baksteen. Aan weerszijden van de risaliet zijn op begane grond en verdieping ramen aangebracht. Boven de ramen zijn rechte hanekammen in het metselwerk gemaakt, de baksteen wordt daarin afgewisseld met natuurstenen blokken. Op de rechterhoek, ter hoogte van de verdieping is op een console, onder een baldakijn een natuurstenen beeld geplaatst, het geheel is uitgevoerd in neogotische stijl. De rechterzijgevel heeft eveneens een middenrisaliet met topgevel. Hierin zijn brede samengestelde ramen aangebracht, gevuld met glas-in-lood. Erachter ligt het trappenhuis. In de witgepleisterde topgevel is een klein rond venster geplaatst. De zijgevels van de risaliet zijn voorzien van kleine ramen, de gevelvlakken naast de risaliet hebben ramen als in de rest van het gebouw.
Over de gehele breedte van de linkerzijgevel staat een éénlaagse aanbouw onder zadeldak, haaks op de straat. In het midden is deze aanbouw twee lagen hoog en voorzien van een topgevel. In dit witgepleisterd gedeelte is een ster ingemetseld. Op de begane grond een portiek onder korfboog. Voor het portiek een trap. De deur is voorzien van boven- en zijlichten. In het achterste deel van de gevel zijn enkele rechthoekige poorten aangebracht, in het voorste deel en in de kopse gevel rechthoekige ramen. De achtergevel heeft een nauwelijks risalerend middengedeelte (tegenover het risaliet in voorgevel) met een witgepleisterde topgevel. Een blokvormige uitbouw, een serre, is één laag hoog onder plat dak. Het dak is aan de voorzijde voorzien van een houten dakkapel. Deze dakkapel heeft een zadeldak met windveren. De zijkanten van het dak hebben in het verlengde van de nok grote houten dakkapellen. Aan de rechterkant zorgt deze dakkapel via een legraam in de zoldervloer voor licht in het trappenhuis. Grote schoorstenen staan op de hoeken van het dak.
In het interieur is de oorspronkelijke indeling bewaard gebleven. Het pand is gedeeltelijk onderkelderd. De kelder is toegankelijk vanuit de keuken. De ruimte is overkluisd met gepleisterde troggewelfjes op ijzeren liggers en heeft een groot aantal schappen, voorraadvertrekken zijn via rondboog doorgangen afgescheiden. De kelder heeft een plavuizen vloer. Kleine vierkante raampjes geven nog enig daglicht. Op de begane grond is evenwijdig aan de voorgevel een gang in het midden. Daar achter rechts een grote kamer-en-suite met cassettenplafond. Het vertrek links daarvan was oorspronkelijk ook door een schuifdeur met aangrenzende vertrekken verbonden. Met het wijzigen van het gebruik van het gebouw is deze laatste deur vervangen door een wand. In de gang een houten trap met houten balustrade. Deze gaat door tot aan de zolder. In diverse kamers zijn de schouwen en oorspronkelijke stucplafonds met lijstwerk bewaard gebleven. Andere goed bewaard gebleven elementen zijn de blinden in de kamers op de begane grond een grote hoeveelheid paneeldeuren, verspreid door het hele pand. Op de verdieping verschillende vertrekken. De zolder heeft een grote open kap waarin een kleine meidenkamer is afgescheiden.
Waardering.
De pastorie is van algemeen belang. Het gebouw heeft cultuurhistorisch belang als uitdrukking van een geestelijke ontwikkeling en als voorbeeld van de typologische ontwikkeling van de plattelandspastorie. Het pand heeft architectuurhistorische waarden wegens detaillering en materiaalgebruik. Het neemt een belangrijke plaats in in het oeuvre van de architecten Cuypers en Stuyt. De pastorie heeft ensemblewaarde wegens de situering in de kern van Veghel, in de nabijheid van een belangwekkende reeks katholieke gebouwen, waaronder kerk, kerkhof en congregatiekapel.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction.
PARSONAGE, built to the design of J.Th.J. Cuypers and J. Stuyt in 1902-03. The architectural style incorporates elements of Dutch Neo-Renaissance and Chalet style. The parsonage is situated on an elevation relative to the street. A large garden has been laid out around the parsonage, sloping down to ground level. For the most part the garden has a beech hedge as a boundary.
Description.
Two-storey block-shaped building on a complex plan. The building is executed in brick and provided with a white plastered cornice. The treatment of the gables is striking, these are white plastered, in some cases provided with timber cladding or hanging woodwork. The entire property has large rectangular windows with central mullion and transom. Many fanlights are provided with leaded glass. The main mass has a high hipped roof, covered with slate. Below it a guttering line. The gables are provided with wind vanes. Against the left side facade is a single-storey building volume under a gabled roof, interrupted by a two-storey transverse section with a gable. Behind the parsonage a single-storey conservatory was added in the nineteen-forties.
The front facade has in the centre a broad projection with a gable under a gabled roof, perpendicular to that of the main mass. On the ground floor a large round-arched portico has been made in it with a panelled door, provided with fanlight and sidelights. The lintel above the door has in woodcarving the text: "RAD/ANNO/DNI/1902". On either side of the portico are six-pane sash windows. Fanlights are filled with leaded glass. In the arch of the portico alternating brick and natural stone blocks have been applied. Next to the portico are windows above which tile tableaux have been applied with inscriptions: "PAX/ INTRANTIBUS and SALUS/ ABEUNTIBUS". On the upper storey is a broad six-part window between two sash windows. Brick courses above the windows are alternated with natural stone blocks. In the gable a composite window, flanked by plastered circles with a star motif in brick. On either side of the projection are windows placed on the ground floor and upper storey. Above the windows straight rooster combs have been made in the masonry, the brick being alternated with natural stone blocks in them. On the right corner, at the level of the upper storey a sculptured stone figure has been placed on a console, under a baldachin, the whole executed in neo-gothic style. The right side facade also has a central projection with a gable. Broad composite windows filled with leaded glass have been placed in it. Behind it lies the staircase. In the white plastered gable a small round window has been placed. The side facades of the projection are provided with small windows, the facade surfaces next to the projection have windows as in the rest of the building.
Across the entire width of the left side facade stands a single-storey extension under a gabled roof, perpendicular to the street. In the centre this extension is two storeys high and provided with a gable. In this white plastered section a star has been inset in the masonry. On the ground floor a portico under a basket arch. In front of the portico a staircase. The door is provided with fanlight and sidelights. In the rear part of the facade some rectangular doors have been placed, in the front part and in the gable end rectangular windows. The rear facade has a barely projecting central section (opposite the projection in the front facade) with a white plastered gable. A block-shaped extension, a conservatory, is one storey high under a flat roof. The roof is provided on the front side with a wooden roof dormer. This dormer has a gabled roof with wind vanes. The sides of the roof have large wooden roof dormers in line with the ridge. On the right side this dormer provides light via a lantern window in the attic floor to the staircase. Large chimneys stand on the corners of the roof.
In the interior the original layout has been preserved. The property is partially cellared. The cellar is accessible from the kitchen. The space is covered with plastered barrel vaults on iron beams and has a large number of shelves, storage rooms are separated via round-arched passages. The cellar has a flagstone floor. Small square windows provide some daylight. On the ground floor parallel to the front facade is a corridor in the centre. Behind it on the right a large en-suite room with coffered ceiling. The room to the left of it was originally also connected via a sliding door to adjoining rooms. With the change in use of the building this latter door has been replaced by a wall. In the corridor a wooden staircase with wooden balustrade. This continues up to the attic. In various rooms the fireplaces and original stucco ceilings with mouldings have been preserved. Other well-preserved elements are the blinds in the rooms on the ground floor a large quantity of panelled doors, dispersed throughout the property. On the upper storey various rooms. The attic has a large open roof truss structure in which a small maidservant's room has been partitioned off.
Assessment.
The parsonage is of general interest. The building has cultural-historical importance as an expression of a spiritual development and as an example of the typological development of the rural parsonage. The property has architectural-historical values due to its detailing and use of materials. It occupies an important place in the oeuvre of architects Cuypers and Stuyt. The parsonage has ensemble value due to its situation in the centre of Veghel, in the vicinity of an important series of Catholic buildings, including church, churchyard and convent chapel.
Nearby in the register
- Kapel(F1), Mr. van Coothstraat 1Kapelunder 1 mi
- KerkhofBegraafplaats en -onderdelenunder 1 mi
- KerkhofBegraafplaats en -onderdelenunder 1 mi
- KerkhofBegraafplaats en -onderdelenunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.