TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Girostraat 3

Tilburg, Noord-Brabant, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built (approximately)
1872
Address
Girostraat 3, 5038 DN Tilburg (and others)
Place
Tilburg
Province
Noord-Brabant
Country
Netherlands
Coordinates
51.55703, 5.08584
Monument number
521227

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

4 historical maps cover this location, the earliest the 1863 map "Niederlande und Belgien." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Voormalig HERENHUIS in eclectische stijl, gebouwd rond 1872 door de welgestelde fabrikant Adriaan Pieter Ledeboer (1828-1898). Vanaf 1879 was het het woonhuis van de Tilburgse fabrikant Vincent Bogaers (1838-1901). Het huis maakt onderdeel uit van de Willem II straat, die vanaf 1870 is ontwikkeld na de aanleg van de spoorlijn door de stad. De fabrikant had zijn fabriek aan de achterliggende Telefoonstraat. Later wordt het huis kantoor van de Kamer van Koophandel. Aan de achterkant wordt hiervoor de serre vergroot en de veranda gesloten en voorzien van een tweede bouwlaag. Al voor 1900 was op de noordwestkant van het perceel een kantoorvleugel gebouwd. In 1996 wordt het huis ingericht voor het bestuur, directie en administratie van de Tilburgse Kunststichting. Achter in de tuin wordt dan het Theater De Vorst gebouwd. Aan de zuidkant op het perceel wordt het via een lange gang met een afzonderlijke ingang aan de Girostraat met elkaar verbonden.

De uitbreidingen van na 1960 vallen buiten de bescherming.

Omschrijving

Het huis heeft twee bouwlagen met een zolderverdieping. De onderste is het souterrain. Het wordt gedekt door een schilddak met verdiept binnenplat. De buitenste schilden zijn voorzien van leien en de binnenste van rode opnieuw verbeterde Hollandse pannen. De symmetrische voor- of oostgevel is zeven traveeën breed. De middelste drie zijn risalerend. Ze worden in het dak bekroond door een tympaan met rondvenster. De muuropeningen van de gevel zijn getoogd, behalve in het souterrain, die zijn rechtgesloten. De ingangstravee, in het midden, heeft een portiek met een hardstenen frontale trap. De dubbele voordeur met bovenlicht heeft smeedijzeren roosters. Hierboven een balkon, rustend op twee voluutvormige consoles. Het balkon is bereikbaar via dubbele deuren met een bovenlicht. De andere traveeën, die identiek aan elkaar zijn, bevatten op de tweede en derde bouwlaag tweedelige schuifvensters. Het souterrain heeft voor de vensters diagonaal geplaatst fijnmazig traliewerk. In beide zijgevels bevindt zich een eenvoudige dienstingang met erboven in het trappenhuis een rondvenster met een geometrische roedenverdeling. Aan de straatkant hebben de zijgevels vijfzijdige erkers waarin getoogde schuifvensters. De rechtse, die zich uitstrekt over twee bouwlagen, wordt gedekt door een leien schilddak. De linkse telt één bouwlaag op de bel-etage en heeft een balkon. Geheel westelijk in de rechterzijgevel bevindt zich nog een tweede erker, ook deze heeft getoogde vensters maar is driezijdig. Het bakstenen huis is geheel gepleisterd en witgeschilderd. Het heeft rondom een kroonlijst en fries met gesneden gootklossen. De voorgevel heeft bovendien hoekpilasters en een bewerkt fries met een tandlijst en tien stenen consoles voorzien van een leeuwenkop. Het stucwerk wordt in de pui van de bel-etage en in de hoekpilasters afgewisseld door imitatie blokpleisterwerk, een hardstenen cordonlijst en basement met plint. De muuropeningen in de voorgevel en voorste erkers hebben geprofileerde stuclijsten. Op de bel-etage zijn ze voorzien van een kuifbekroning en op de bovenste bouwlaag door een kroonlijst rustend op consoles. De achtergevel, voorzien van getoogde vensters, heeft tussen de driezijdige erker van de serre en de oorspronkelijke veranda een trap van de bel-etage naar de tuin met een segmentvormige plattegrond. Bij de uitbreiding is de balustrade van de veranda bewaard gebleven.

Het interieur van het huis bevat op de bel-etage een vierkante centrale hal met een vide en omloop op de bovenste bouwlaag aangestraald door een achtzijdige lantaarn bovenop het verdiepte binnenplat in het dak. Aansluitend bevinden zich rondom de hoofdvertrekken van het huis, met zowel in het linker- als in het rechterdeel een eigen trappenhuis achter dubbele glasdeuren met zij- en bovenlichten. Beide trappenhuizen hebben houten bordestrappen met binnenkeepbomen en kuipstukken rond het schalmgat. Links voorzien van leuningen met gedraaide houten balusters en een achtzijdige trappaal en rechts met opengewerkte gietijzeren balusters met palmet en Franse lelie en een gedraaide trappaal. De trappen naar het souterrain zijn gedeeltelijk van hout en marmer. Voor de hal een vestibule waarin een kleine trap van vier treden.

De hoofdvertrekken hebben bewerkte stucplafonds met lijst- en sierranden. In de linkerachterkamer met jachtmotieven onder andere van reeën-, zwijnen-, vossen- en hondenkoppen en in de rechtervoorkamer met vrouwenkopmedaillons. Raam- en deurkozijnen voorzien van architraven. In de deuren meerdere bossingpanelen. De hal heeft naar vier zijden portes-brisées. Naar de vestibule voorzien van glasdeuren met een bovenlicht en naar de trappenhuizen bovendien met zijlichten. De vloerconstructie van de bel-etage bestaat uit ijzeren I-profielen waartussen gewelven zijn gemetseld. De afwerking in hal, vestibule en gangen is van geaderd wit marmer. In de kamers houten vloeren. Twee van de drie achterkamers hebben een eikenhouten parketvloer en lambrisering. De andere bouwlagen hebben houten vloeren. De keukenvloer in het souterrain bestaat uit vierkleurige cementtegels met een middenvlak en rand van een repeterend patroon.

Waardering

Het herenhuis is van algemeen belang. Het heeft cultuurhistorisch belang als voorbeeld van een sociaal-economische ontwikkeling, namelijk de aanleg van nieuwe stedenbouwkundige structuren in het kader van de bloei van de industriestad; het is van belang voor de typologische ontwikkeling van de fabrikantenwoning. Architectuurhistorisch is het waardevol vanwege de stijl, de ornamentiek en het materiaalgebruik. Het gebouw heeft ensemblewaarde als onderdeel van een groter geheel, dat cultuurhistorisch, architectuurhistorisch en stedenbouwkundig van nationaal belang is. Het gebouw is belangrijk vanwege de gaafheid van het ex- en interieur, en in relatie tot de structurele en visuele gaafheid van de stedelijke omgeving.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Former MANSION in eclectic style, built around 1872 by the wealthy manufacturer Adriaan Pieter Ledeboer (1828-1898). From 1879 it was the residence of the Tilburg manufacturer Vincent Bogaers (1838-1901). The house is part of Willem II street, which was developed from 1870 following the construction of the railway line through the city. The manufacturer had his factory on the adjoining Telefoonstraat. Later the house became an office of the Chamber of Commerce. At the rear, the conservatory was enlarged for this purpose and the veranda was closed and fitted with a second storey. Already before 1900 an office wing had been built on the north-west side of the plot. In 1996 the house was converted to accommodate the management, directorate and administration of the Tilburg Art Foundation. At the back of the garden the Theatre De Vorst was then built. On the south side of the plot it is connected via a long passage with a separate entrance on Girostraat.

Extensions after 1960 fall outside the protection.

Description

The house has two storeys with an attic storey. The lower is the basement. It is covered by a hipped roof with recessed inner flat. The outer hip slopes are fitted with slate and the inner ones with red newly improved Dutch tiles. The symmetrical front or east facade is seven bays wide. The middle three are projecting. They are crowned in the roof by a tympanum with a round window. The wall openings of the facade are arched, except in the basement, which are straight-sided. The entrance bay, in the centre, has a portico with a stone front staircase. The double front door with fanlight has wrought-iron grilles. Above it a balcony, resting on two scroll-shaped corbels. The balcony is accessible via double doors with a fanlight. The other bays, which are identical to each other, contain on the second and third storeys two-part sash windows. The basement has finely meshed mesh grilles diagonally placed in front of the windows. In both side facades there is a simple service entrance with above it in the stairwell a round window with a geometric glazing-bar pattern. On the street side the side facades have five-sided bay windows with arched sash windows. The right one, which extends over two storeys, is covered by a slate hipped roof. The left one is one storey on the principal floor and has a balcony. Entirely westerly in the right side facade there is another bay window, also with arched windows but three-sided. The brick house is entirely plastered and whitewashed. It has a cornice and frieze with carved gutter brackets all around. The front facade also has corner pilasters and an elaborate frieze with a dentil moulding and ten stone corbels decorated with a lion's head. The stucco is alternated in the front of the principal floor and in the corner pilasters by imitation ashlar, a stone cordon line and basement with plinth. The wall openings in the front facade and front bay windows have moulded stucco lines. On the principal floor they are decorated with a cresting and on the upper storey by a cornice resting on corbels. The rear facade, fitted with arched windows, has between the three-sided bay window of the conservatory and the original veranda a staircase from the principal floor to the garden with a segmental floor plan. During the extension, the balustrade of the veranda was preserved.

The interior of the house contains on the principal floor a square central hall with a void and gallery on the upper storey lit by an eight-sided lantern on top of the recessed inner flat in the roof. Adjacent to this are the main rooms of the house around it, with both in the left and right parts its own stairwell behind double glazed doors with side and fanlights. Both staircases have wooden flights with inner strings and newel pieces around the newel opening. Left provided with handrails with turned wooden balusters and an eight-sided newel post and right with openwork cast-iron balusters with palmette and fleur-de-lis and a turned newel post. The stairs to the basement are partly wood and marble. In front of the hall a vestibule with a small flight of four steps.

The main rooms have elaborate stucco ceilings with moulded and decorative borders. In the left rear room with hunting motifs including deer, boar, fox and dog heads and in the right front room with female head medallions. Window and door frames fitted with architraves. In the doors several bosses panels. The hall has portes-brisées towards four sides. Towards the vestibule fitted with glazed doors with a fanlight and towards the staircases also with side lights. The floor structure of the principal floor consists of iron I-beams between which vaults have been laid. The finish in hall, vestibule and corridors is of veined white marble. In the rooms wooden floors. Two of the three rear rooms have an oak parquet floor and wooden panelling. The other storeys have wooden floors. The kitchen floor in the basement consists of four-coloured cement tiles with a central panel and border of a repeating pattern.

Valuation

The mansion is of general importance. It has cultural-historical value as an example of a socio-economic development, namely the establishment of new urban planning structures within the context of the flourishing of the industrial city; it is of value for the typological development of the manufacturer's dwelling. From an architectural-historical point of view, it is valuable because of its style, ornamentation and use of materials. The building has ensemble value as part of a larger whole, which is of national importance from a cultural-historical, architectural-historical and urban-planning perspective. The building is important because of the integrity of its exterior and interior, and in relation to the structural and visual integrity of the urban environment.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map