TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Weeshuis, Koninginnelaan 43

Apeldoorn, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Sociale zorg, liefdadigheid
Function
Weeshuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1935
Address
Koninginnelaan 43, Locatie: Parken, 7315 BL Apeldoorn
Place
Apeldoorn
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
52.22350, 5.95576
Monument number
514535

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1907 map "Chromo-topographische kaart van Apeldoorn en omgeving op de schaal van 1:25.000 / bew. door de Militaire Verkenningen" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Dit in de Interbellum-periode in een zakelijke stijl ontworpen pand werd door de Apeldoornse architect A.G. (Teunis Gerard) Slijkhuis in 1935 als MEISJESWEESHUIS gebouwd aan de westzijde van de Koninginnelaan, één van de oude doorgaande wegen in dit gebied die lang verspreide bebouwing kende. Een belangrijk deel van de huidige bebouwing aan deze straat dateert van na 1880. Op de plek van dit pand bevond zich voor 1935 eveneens een weeshuis. De instelling vond haar oorsprong in een stichting van de weldoener van landgoed Welgelegen, J.H. van Kinsbergen (1735-1819), die in 1810 een boerderij bestemde voor onderdak van acht weesmeisjes. Deze boerderij werd later vervangen door een huis aan de Dorpsstraat. In 1866 werd op een meer afgelegen plek een nieuw weeshuis gebouwd op een stuk grond aan de huidige Koninginnelaan, nabij de Hervormde kerk. Op de plek van dit gebouw liet het uit de stichting van Van Kinsbergen voortgekomen College van Regenten en Regentessen van het Nederlands Hervormd Meisjes Weeshuis te Apeldoorn in 1935 dit oude gebouw vervangen door een nieuw gebouw naar ontwerp van Slijkhuis. Twee eerdere ontwerpen van Slijkhuis uit 1934 konden de goedkeuring van de Apeldoornse welstandscommissie niet wegdragen. Zij vond dat het gebouw teveel leek op een wat al te groot uitgevallen woonhuis.

In de jaren '50 fungeerde het als kraamkliniek en later als revalidatiecentrum. In 1981 werd het pand naar plannen van dezelfde architect omgevormd tot het huidige kinderdagverblijf. Rond het pand bevindt zich een tuin, welke aan de achterzijde is ingericht als speelplaats. De tuin is van de Koninginnelaan gescheiden door een lage bakstenen voetmuur met rollaag en daarboven een ijzeren buis met een decoratief, in een golflijn gesmede ijzeren staaf.

Omschrijving

Vrijstaand pand in de vorm van een grote villa met samengestelde plattegrond en opbouw. Het pand is gelegen op een groot kavel en is georiënteerd op de Koninginnelaan. Het bezit een rechthoekige grondvorm met een opbouw van twee hoge bouwlagen onder een fors schilddak (met de nok haaks op de straat). Tegen de rechterzijgevel bevindt zich een uitgebouwd rechthoekig en iets hoger trappenhuis met een schilddakvormige steekkap. Links tegen de linker zijgevel bevindt zich een éénlaags afsteek onder een op het hoofddak aansluitend lessenaarsdak, welke bij de achtergevel is omgezet als een veranda-achtige portiek met houten plafond op bakstenen pijlers. Hier wordt het lessenaarsdak onderbroken door een balkon. Deze portiekuitbouw gaat links bij de achtergevel over in een diepere rechthoekige uitbouw onder plat dak met balkon met een gesloten bakstenen borstwering. Het hoofddak bezit op alle vier de dakvlakken een platgedekte dakkapel met houten gootoverstek en vier 4-ruits draairaampjes. De dakkapel op het achterschild heeft thans rechts een deur met daarvoor een moderne ijzeren brandtrap, welke leidt naar het plat op de uitbouw links achter. De dakschilden zijn gedekt met gesmoorde (paarse) Romaanse pannen met ballonvorsten en bezitten forse houten overstekken, afgesloten door een geprofileerde gootlijst op de doorgestoken spantbenen van de kapconstructie. Op de nok staan twee bakstenen schoorstenen en een derde schoorsteen bevindt zich achter op het rechter dakschild. De gevels van het pand zijn opgetrokken in gele baksteen in Noors verband, met een plint in rode baksteen. De brede ramen in de eerste bouwlaag en de door bakstenen tussendammen gescheiden ramen in de tweede bouwlaag sluiten af met een rollaag en bezitten verder zwarte lekdorpeltegels met kubusvormige uiteinden. De ramen van de tweede bouwlaag bezitten een gezamenlijke lekdorpel van dit type. De vensteropeningen in de voorgevel en linker zijgevel bezitten voorts doorgestoken, sterk uitspringende betonnen kalven. De ramen zijn in ijzer uitgevoerd en zijn gedeeltelijk van glas-in-lood en gedeeltelijk van quasi glas-in-lood voorzien (vanaf 1981). De hoofdingang bevindt zich in de trappenhuisuitbouw aan de rechterzijde. De VOORGEVEL heeft een symmetrische, tweeassige indeling met in de eerste bouwlaag twee raampartijen die elk bestaan uit een enkelruits vast middenraam en smalle enkelruits zijlichten. Boven het brede betonnen kalf bevinden zich drie bovenlichten. De dagkanten van de onderlichten springen aan de voorzijde als een vlakke liseen iets uit. Op de verdieping bevinden zich twee raampartijen die elk bestaan uit drie ramen die van elkaar gescheiden zijn door een bakstenen muurdam. De ramen hebben een gezamelijk uitspringend betonnen kalf en een gezamenlijke lekdorpel. Boven het kalf bevinden zich drie bovenlichten. De raampartijen zijn aan de bovenzijde afgesloten met een rollaag.

De LINKER ZIJGEVEL bezit rechts op beide bouwlagen een vensteras met een raamindeling als in de voorgevel. Daar links naast bezit de begane grond een breed gekoppeld driedelig raam, bestaande uit een middenlicht met zijlichten. Links voor de aansluiting van de afsteek bevindt zich een waarschijnlijk later ingebroken driedelig raam met bovenlichten. Op de verdieping bevinden zich in het midden een gekoppeld raam met aan weerszijden daarvan een per drie gekoppeld raam. De afsteek bezit in de kopgevel vier gekoppelde ijzeren ramen met bovenlichten. In de rechter zijgevel bezit deze afsteek een opening onder rollaag met rechts een ijzeren deur met groot raam en links een ijzeren enkelruits zijlicht. De RECHTER ZIJGEVEL is links van de trappenhuisuitbouw blind uitgevoerd. Aan deze zijde bevindt zich het portiek met vlakke luifel van de hoofdingang, die is ondergebracht in de zijgevel van de trappenhuisuitbouw. Het portiek bezit een rode tegelvloer. De dubbele toegangsdeur bezit in beide deurvleugels een strook van vier boven elkaar geplaatste enkelruits raampjes, met uitspringende kalven en daarnaast een strook met vier verticale profiellijsten met daartussen holle vlakken. Het portiek heeft een betonplafond en een bakstenen zijwand, welke vlak onder het plafond afsluit met een rollaag, met tussen deze rollaag en het plafond een lage opening. Bij de aansluiting op de trappenhuisuitbouw heeft deze zijmuur een verticale strook met glas-in-lood. Het trappenhuis bezit in de kopgevel onder een reeks van vijf smalle rechthoekige ramen, van elkaar gescheiden door licht uitspringende steens brede muurdammen. De ramen zijn uitgevoerd in glas-in-lood. Daarboven, in dezelfde assen bevinden zich vijf hoge glas-in-lood ramen, die eveneens door steens brede muurdammen van elkaar gescheiden zijn. Hierboven sluit het muurwerk van het trappenhuis af met een natuurstenen deklijst en een terugliggende houten 'strook' met brede liggende 2-ruits ijzeren glas-in-loodramen met daartussen verticaal geplaatste, bruin gebeitste kraaldelen.

Het gedeelte rechts van de trappenhuisuitbouw bezit een kelderkoekoek met niet oorspronkelijke roosters. In de eerste bouwlaag bevindt zich links een groot gekoppeld vierdelig ijzeren raam met bovenlichten. Rechts hiervan bevinden zich vier kleinere, minder ver naar beneden doorgetrokken ramen. Op de verdieping bevinden zich drie, per drie gekoppelde ramen. De ACHTERGEVEL bezit in de eerste bouwlaag rechts een veranda met rechthoekige bakstenen pijlers met smalle rechthoekige verdiepte vlakken. Deze veranda heeft rechts in de zijwand een voetmuur tussen de beide pijlers en is verder open. In de achtergevel onder deze veranda bevindt zich rechts een brede raampartij met een strook van drie enkelruits kleine onderlichten en een breed enkelruits licht daarboven. Hier links van bevinden zich ijzeren dubbele tuindeuren met grote ramen, met een smalle verticale glasstrook aan de binnenzijde en links een achteringang met ijzeren pui met deur met groot raam en bovenlicht en enkelruits zijlichten met blind onderpaneel en enkelruits bovenlicht. De rechthoekige vlak gedekte uitbouw links heeft in de rechter zijgevel onder de veranda een deur en in de linker zijwand een ijzeren 8-ruits raam. De kopgevel is blind. Op de verdieping bevindt zich deels verscholen achter het verandadak een brede opening met twee middenramen en aan weerszijden een ijzeren balkondeur met raam en klapbaar bovenlicht. Links hiervan bevindt zich een dubbele enkelruits deur, met in de ruit een smalle verticale glasstrook als bij de tuindeuren onder en geheel links een dito dubbele deur. Het INTERIEUR is sober en degelijk gehouden. In het trappenhuis bevinden zich de oorspronkelijke glas-in-loodramen met een thematiek die de oorspronkelijke functie van het gebouw verbeeldt; zo bezitten de ramen onder motieven welke horen bij de opvoeding, ontspanning en opleiding van kinderen (naaimachine, uil, bloemen, tennisracket). De hoge ramen op de verdieping bezitten vijf hoge panelen met in het middenpaneel een vrouwenfiguur met schaal en wijnkruik, in het linker paneel een breiend weesmeisje, in het rechter paneel een lezend weesmeisje en verder paneeltjes met fruit- en bladmotieven en vogels.

Het trappenhuis bezit verder zware houten leuningen op metalen steunen, zwart granieten vensterbanken, hoge gestucte plinten afsluitend met zwarte geglazuurde tegellijsten. In het bovenste deel van het trappenhuis bevindt zich een smeedijzeren balustrade ter afsluiting van het glas-in-lood. In het pand bevinden zich verder diverse eenvoudig vormgegeven paneeldeuren met kozijnen met dekstukken en rechthoekige lijsten.

Waardering

Voormalig WEESHUIS in een door de zakelijkheid beïnvloede Interbellum- architectuur, gebouwd door architect Slijkhuis in 1931.

- Van architectuurhistorische en typologische waarde als gaaf bewaard, karakteristiek weeshuis uit de vroege jaren '30 van de 20ste eeuw, met een van contemporaine villa's afgeleide hoofdvorm. Het pand is gebouwd als weeshuis en de vorm ervan is een afgeleide van de in die tijd gangbare ontwerpprincipes bij het ontwerpen van dit gebouwtype. Het pand is gebouwd in een zakelijke bouwstijl -typerend voor de tijd van ontstaan- en wordt ondermeer gekenmerkt door een sobere maar zorgvuldige vormgeving, in kettingverband gemetselde gevels en een forse overstekende kap. Het pand bezit markante details zoals de vensters met uitspringende betonnen kalven, portiek met dubbele deuren, fors uitgebouwd trappenhuis met glas-in-lood ramen, en een veranda met inpandig balkon in de kap. Het interieur bevat nog diverse oorspronkelijke onderdelen.

- Van cultuurhistorische waarde als historische verwijzing naar belangrijke maatschappelijke ontwikkelingen op het gebied van liefdadigheid in deze gemeente.

- Van stedebouwkundige waarde als onderdeel van de bebouwing aan de Koninginnelaan. Het pand behoort in deze straat door de opvallende bouwvorm en detaillering tot de panden die het beeld van de straat zeer sterk bepalen. De overige panden zijn overwegend iets ouder en traditioneler van aard, en van een wat kleinere schaal, waardoor dit pand extra opvalt en een blikvanger is in de directe omgeving. Door de opvallende verschijningsvorm bezit het pand een hoge beeldbepalende waarde voor de Koninginnelaan.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

This building, designed in a businesslike style during the Interbellum period, was built by the Apeldoorn architect A.G. (Teunis Gerard) Slijkhuis in 1935 as a GIRLS' ORPHANAGE on the west side of the Koninginnelaan, one of the old through roads in this area which long had scattered development. An important part of the present building along this street dates from after 1880. On the site of this building there was also an orphanage before 1935. The institution originated in a foundation by the benefactor of country estate Welgelegen, J.H. van Kinsbergen (1735-1819), who in 1810 designated a farmhouse to provide accommodation for eight orphan girls. This farmhouse was later replaced by a house on the Dorpsstraat. In 1866 a new orphanage was built in a more remote location on a piece of land on the present Koninginnelaan, near the Reformed church. On the site of this building, the Board of Regents and Regentesses of the Dutch Reformed Girls' Orphanage in Apeldoorn, which emerged from the Van Kinsbergen foundation, had this old building replaced in 1935 by a new building designed by Slijkhuis. Two earlier designs by Slijkhuis from 1934 did not meet the approval of the Apeldoorn aesthetic committee. It found that the building too much resembled what was an excessively large residential house.

In the 1950s it served as a maternity clinic and later as a rehabilitation centre. In 1981 the building was converted according to plans by the same architect into the present day-care centre. Around the building is a garden, which at the rear is arranged as a playground. The garden is separated from the Koninginnelaan by a low brick plinth wall with a roll moulding and above it an iron pipe with a decorative iron rod forged in a wavy line.

Description

A detached building in the form of a large villa with a composite floor plan and superstructure. The building is situated on a large plot and is oriented towards the Koninginnelaan. It has a rectangular ground plan with a superstructure of two high storeys under a substantial hipped roof (with the ridge running perpendicular to the street). Against the right-hand side gable is an added rectangular staircase structure that is slightly taller with a hip-shaped roof. To the left against the left-hand side gable is a single-storey wing under a lean-to roof that connects to the main roof, which at the rear gable is converted into a veranda-like portico with a wooden ceiling on brick pillars. The lean-to roof is interrupted here by a balcony. This portico wing extends to the left at the rear gable into a deeper rectangular extension under a flat roof with a balcony with closed brick parapet. The main roof has on all four roof planes a flat-topped roof dormer with wooden gutter overhang and four 4-pane casement windows. The dormer on the rear slope now has on the right a door with a modern iron fire escape in front of it, which leads to the flat roof on the extension to the left at the rear. The roof slopes are covered with smothered (purple) Roman tiles with balloon ridges and have substantial wooden overhangs, finished with a profiled gutter moulding on the through-going rafters of the roof truss structure. On the ridge stand two brick chimneys and a third chimney is located at the rear on the right roof slope. The facades of the building are constructed in yellow brick in Flemish bond, with a plinth in red brick. The wide windows in the first storey and the windows separated by brick piers in the second storey are finished with a roll moulding and further have black drip moulding tiles with cube-shaped ends. The windows of the second storey have a shared drip moulding of this type. The window openings in the front facade and left-hand side gable further have through-going, strongly projecting concrete sills. The windows are executed in iron and are partly fitted with leaded glass and partly with pseudo leaded glass (from 1981). The main entrance is located in the staircase structure extension on the right-hand side. The FRONT FACADE has a symmetrical, two-bay arrangement with in the first storey two window sections each consisting of a single-pane fixed centre window and narrow single-pane side lights. Above the wide concrete sill are three fanlights. The reveals of the lower lights project slightly to the front as a flat band. On the first floor are two window sections each consisting of three windows separated from each other by a brick pier. The windows have a shared projecting concrete sill and a shared drip moulding. Above the sill are three fanlights. The window sections are finished at the top with a roll moulding.

The LEFT-HAND SIDE GABLE has on the right on both storeys a window axis with a window arrangement as on the front facade. Beside it to the left, the ground floor has a wide coupled three-part window, consisting of a centre light with side lights. To the left in front of the junction with the wing is a probably later broken-through three-part window with fanlights. On the first floor in the middle is a coupled window with on either side a window coupled in threes. The wing has in the end gable four coupled iron windows with fanlights. In the right-hand side gable this wing has an opening under a roll moulding with on the right an iron door with large window and on the left an iron single-pane side light. The RIGHT-HAND SIDE GABLE is blind to the left of the staircase structure extension. On this side is the portico with flat canopy of the main entrance, which is housed in the side gable of the staircase structure extension. The portico has a red tile floor. The double entrance door has in both door leaves a strip of four single-pane windows placed one above the other, with projecting sills and beside it a strip with four vertical profile mouldings with hollow surfaces between them. The portico has a concrete ceiling and a brick side wall, which finishes just below the ceiling with a roll moulding, with a low opening between this roll moulding and the ceiling. At the junction with the staircase structure extension this side wall has a vertical strip with leaded glass. The staircase has in the end gable below a series of five narrow rectangular windows, separated from each other by lightly projecting brick-wide piers. The windows are executed in leaded glass. Above these, in the same axes are five tall leaded glass windows, which are likewise separated from each other by brick-wide piers. Above this the masonry of the staircase finishes with a natural stone string course and a recessed wooden 'strip' with wide horizontal 2-pane iron leaded glass windows with vertically placed, brown pointed bead elements between them.

The section to the right of the staircase structure extension has a basement window with non-original grilles. In the first storey on the left is a large coupled four-part iron window with fanlights. To the right of this are four smaller windows, not extending as far down. On the first floor are three windows, coupled in threes. The REAR GABLE has in the first storey on the right a veranda with rectangular brick pillars with narrow rectangular recessed surfaces. This veranda has on the right in the side wall a plinth wall between the two pillars and is otherwise open. In the rear gable below this veranda on the right is a wide window section with a strip of three single-pane small lower lights and a wide single-pane light above. To the left of this are iron double garden doors with large windows, with a narrow vertical glass strip on the inside and on the left a rear entrance with iron frame with door with large window and fanlight and single-pane side lights with blind underpanel and single-pane fanlight. The rectangular flat-roofed extension on the left has in the right-hand side gable below the veranda a door and in the left-hand side wall an iron 8-pane window. The end gable is blind. On the first floor there is partly hidden behind the veranda roof a wide opening with two centre windows and on either side an iron balcony door with window and folding fanlight. To the left of this is a double single-pane door, with in the pane a narrow vertical glass strip as in the garden doors below and at the far left a likewise double door. The INTERIOR is kept plain and sturdy. In the staircase there are the original leaded glass windows with a theme that illustrates the original function of the building; thus the lower windows have motifs associated with the education, recreation and training of children (sewing machine, owl, flowers, tennis racket). The tall windows on the first floor have five tall panels with in the centre panel a female figure with scale and wine jug, in the left panel a knitting orphan girl, in the right panel a reading orphan girl and further small panels with fruit and leaf motifs and birds.

The staircase further has heavy wooden railings on metal supports, black granite window sills, high stuccoed plinths finished with black glazed tile strips. In the upper part of the staircase is a wrought-iron balustrade for the enclosure of the leaded glass. In the building are further various simply designed panel doors with frames with cover pieces and rectangular mouldings.

Valuation

Former ORPHANAGE in Interbellum architecture influenced by businesslike principles, built by architect Slijkhuis in 1931.

- Of architectural historical and typological value as a well-preserved, characteristic orphanage from the early 1930s of the 20th century, with a main form derived from contemporary villas. The building was built as an orphanage and its form is derived from the design principles current at that time for designing this building type. The building was constructed in a businesslike style of architecture - typical of the time of its creation - and is characterised among other things by a plain but careful design, facades laid in Flemish bond and a substantial overhanging roof. The building has striking details such as the windows with projecting concrete sills, portico with double doors, substantially extended staircase with leaded glass windows, and a veranda with internal balcony in the roof. The interior still contains various original components.

- Of cultural historical value as a historical reference to important social developments in the field of charity in this municipality.

- Of urban planning value as part of the development on the Koninginnelaan. The building belongs in this street, because of its striking building form and detailing, among those buildings that very strongly determine the character of the street. The remaining buildings are predominantly somewhat older and more traditional in nature, and of somewhat smaller scale, which makes this building stand out all the more and is an eye-catcher in the immediate surroundings. Because of its striking appearance the building has a high visual importance for the Koninginnelaan.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map