TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Beukbergen

Huis ter Heide, Utrecht, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Kasteel, buitenplaats
Function
Landhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1910
Address
Amersfoortseweg 59, 3712 BB Huis ter Heide (Zeist 26)
Place
Huis ter Heide
Municipality
Zeist
Province
Utrecht
Country
Netherlands
Coordinates
52.11699, 5.26612
Monument number
510258

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1902 map "Chromo-topographische kaart voor het Garnizoen Utrecht / [Topographische Inrichting]" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Landhuis van de buitenplaats Beukbergen, in 1910 ontworpen en gebouwd naar ontwerp van architect G.C. Bremer uit Rotterdam in opdracht van jonkheer A.H. baron Sloet van Oldruitenborgh, zich noemende van Marxveld en wonende te Vollenhoven. Het oorspronkelijke huis uit de 18de eeuw werd afgebroken in 1834. In 1863 kwam hiervoor een huis in de plaats, dat werd gesloopt ten behoeve van het huidige Beukbergen.Het perceel aan de noordkant van de Amersfoortseweg werd in 1653 verkaveld en wordt begrensd door de Beukbergenlaan en de Ericaweg. Het huis ligt in de as van een oude zichtlaan aan de overzijde van de Amersfoortseweg.

Het huis is via een oprijlaan aan de rechterzijde te bereiken. Het open grasveld voor het huis is omzoomd door volwassen bomen en is essentieel voor het zicht dat men vanaf de Amersfoorstseweg op het huis heeft.

Omschrijving

Een evenwijdig aan de openbare weg gelegen LANDHUIS in traditionele stijl op samengestelde plattegrond, bestaande uit een onderkelderd hoofdvolume van twee bouwlagen onder een afgeplat schilddak gedekt met verbeterde Hollandse pannen waarin aan elke zijde getoogde dakkapellen met wangen zijn geplaatst. Tevens bevindt zich aan de achtergevel een onderkelderde aanbouw van één bouwlaag onder afgeplat schilddak, gedekt met verbeterde Hollandse pannen waarin aan twee zijden een dakkapel onder plat is gezet.

Praktisch alle gevels zijn uitgevoerd in schoon metselwerk (kruisverband) met een omgaande plint die is uitgevoerd in grof uitgehouwen natuurstenen blokken. De gevels hebben een houten geprofileerde kroonlijst waarboven een overhangende bakgoot op klossen is geplaatst. Praktisch alle venster hebben stalen kozijnen met zeslichts indeling waar omheen een gemetselde, geprofileerde omlijsting is aangebracht en zijn voorzien van een hardstenen waterlijst. De representatieve, symmetrisch ingedeelde voor- of zuidgevel heeft twee aan de zijkant geplaatste driezijdige erkers van twee bouwlagen onder een plat dak die geplaatst zijn voor een risaliet met lichte voorsprong. De erkers zijn uitgevoerd in natuurstenen gevelplaten. In elke erkerzijde is een zeslichtsvenster zonder de eerder genoemde gemetselde omlijsting gezet. Tussen de vensters van de eerste en tweede bouwlaag zijn gebosseerde platen aangebracht. Tussen de erkers bevindt zich een teruggelegen gevel van drie assen breed die in schoon metselwerk is uitgevoerd. Hiervoor bevindt zich een accoladevormig terras met een in het midden geplaatste, uitwaaierende bordestrap die uitkomt op het gazon dat voor het huis ligt.

De achtergevel wordt gedomineerd door een aanbouw van één bouwlaag op min of meer vierkante plattegrond. De aanbouw is met het hoofdvolume verbonden door middel van een smaller en lager tussenvolume. De gevels hebben een onregelmatig geplaatste vensters zonder omlijsting: voornamelijk roedenvensters en één drielichtsvenster met smalle gemetselde spijlen en een doorlopende onderdorpel. De achterzijde van de aanbouw bestaat uit een grotendeels ommuurde plaats met doorgang die via een dubbele trap te bereiken is. De plaats is tegenwoordig met lessenaarsdaken dichtgezet, waardoor alleen een doorgang naar de deur resteert. De rechter zijgevel heeft een nagenoeg symmetrische opzet en is in totaal vijf vensterassen breed met een middenrisaliet van drie vensterassen. Het risaliet heeft op de middenas de ingangspartij die via een hardstenen trap te bereiken is. De toegangsdeur met bovenlicht heeft een natuurstenen omlijsting met imitatievoegen waarnaast aan weerszijden een basement is gezet. Ter hoogte van de bovendorpel van het bovenlicht zijn in de omlijsting twee natuurstenen consoles geplaatst die het balkon erboven dragen. De ingangspartij wordt aan beide zijden geflankeerd door een smal roedenvenster. In de tweede bouwlaag zijn in het risaliet twee roedenvensters gezet, waartussen een balkondeur die toegang geeft tot het hierboven genoemde balkon. Het balkon is voorzien van een balusterhekwerk met hoekpijlers. Links van het risaliet, in de hoek, bevindt zich een grote schoorsteenpartij, waarbij de top van de schacht is uitgevoerd in siermetselwerk.

Tegen de linker zijgevel van drie vensterassen breedte, is een monumentale serrepartij met balkon gezet. De opbouw bestaat uit vier forse vlakke pilasters met een eenvoudige sokkel en kapiteel. Tussen de pilasters zijn zesruitsvensters geplaatst waarboven een geprofileerde kroonlijst is aangebracht. Het balkon heeft een spijlenhek dat tussen vier vierkante hekpijlers gevat is. De serre is voor een risaliet geplaatst van nagenoeg dezelfde breedte. Links van het risaliet bevindt zich, zowel in de eerste als tweede bouwlaag, een drielichtsvenster met gemetselde stijlen en natuurstenen onderdorpel. Rechts van het risaliet, bevindt zich in de hoek een schoorsteenpartij die gelijk is aan de schoorsteen in de oostgevel.

Alle gevels hebben, tenzij anders vermeld, stalen zeslichtsvensters die een geprofileerde omlijsting met strekken hebben en aan de onderzijde voorzien zijn van een hardstenen onderdorpel.

Het interieur is sinds 1952 geleidelijk aangepast aan de nieuwe kantoorfunctie. De plattegrondindeling is nagenoeg in de originele staat gebleven. Opvallende interieurelementen op de begane grond die van belang genoemd kunnen worden zijn drie marmeren schouwen met neoclassicistische stijlinvloeden, het stucplafond salon in empirestijl met een brede lijst, waarin festoenen en gestileerde vogels met uitgeklapte vleugels in de voormalige salon. Hierin ook twee dubbele houten paneeldeuren eveneens in empirestijl met eierlijstversiering en rozetten. De hal heeft een houten bordestrap met dubbele armen vanaf het bordes. Boven het bordes glas-in-lood roedenvensters.

Waardering

Het landhuis Beukbergen is van cultuurhistorisch waarde vanwege de lange geschiedenis van de buitenplaats (stichting in 1653) en van belang als onderdeel van een reeks (voormalige) buitenplaatsen langs de Amersfoortseweg waaronder Zandbergen en Ter Wege. Van architectuurhistorisch belang vanwege de gaafheid van het bouwtype. Tevens van belang als onderdeel in het oeuvre van architect G.C. Bremer.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Country house of the estate Beukbergen, designed and built in 1910 according to designs by architect G.C. Bremer from Rotterdam on commission of Jonkheer A.H. Baron Sloet van Oldruitenborgh, calling himself of Marxveld and resident in Vollenhoven. The original house from the 18th century was demolished in 1834. In 1863 a house was built in its place, which was demolished to make way for the present Beukbergen. The plot on the north side of the Amersfoortseweg was parcelled out in 1653 and is bounded by the Beukbergenlaan and the Ericaweg. The house lies on the axis of an old vista avenue on the opposite side of the Amersfoortseweg.

The house is accessed via a driveway on the right side. The open grass field in front of the house is bordered by mature trees and is essential for the view of the house from the Amersfoortseweg.

Description

A COUNTRY HOUSE in traditional style lying parallel to the public road, on a composite floor plan, consisting of a basement-level main volume of two storeys under a hipped roof with half-hipped ends fitted with Dutch tiles, in which gabled dormer windows with cheeks are placed on each side. There is also a basement-level extension on one storey under a hipped roof, fitted with Dutch tiles, in which a flat-roofed dormer is placed on two sides.

Practically all facades are executed in fair-faced brickwork (Flemish bond) with a continuous plinth executed in roughly dressed natural stone blocks. The facades have a wooden profiled cornice above which an overhanging rain gutter is placed on brackets. Practically all windows have steel frames with six-light glazing with a moulded, profiled surround of brickwork and are fitted with a sandstone drip moulding. The representative, symmetrically arranged front or south facade has two three-sided bay windows of two storeys with a flat roof placed on each side for a slight projection. The bay windows are executed in natural stone facade plates. In each bay window side is a six-light window without the aforementioned moulded brickwork surround. Between the windows of the first and second storeys are placed rusticated plates. Between the bay windows is a recessed facade three bays wide executed in fair-faced brickwork. In front of this is an accolade-shaped terrace with a splayed entrance stair placed in the middle leading to the grass in front of the house.

The rear facade is dominated by an extension of one storey on a roughly square floor plan. The extension is connected to the main volume by means of a narrower and lower intermediate volume. The facades have irregularly placed windows without surrounds: principally glazing-bar windows and one three-light window with narrow brick mullions and a continuous under-sill. The rear side of the extension consists of a largely walled courtyard with passage which is reached via a double staircase. The courtyard is nowadays enclosed with lean-to roofs, leaving only a passage to the door. The right side facade has an approximately symmetrical layout and is in total five window bays wide with a central projection of three window bays. The projection has the entrance section on the centre axis which is reached via a sandstone staircase. The entrance door with fanlight has a natural stone surround with imitation joints with a basement on either side. At the height of the upper sill of the fanlight, two natural stone consoles are placed in the surround which support the balcony above. The entrance section is flanked on both sides by a narrow glazing-bar window. In the second storey, two glazing-bar windows are placed in the projection, between which is a balcony door giving access to the aforementioned balcony. The balcony is fitted with a balustrade with corner pillars. To the left of the projection, in the corner, is a large chimney piece, with the top of the shaft executed in ornamental brickwork.

Against the left side facade of three window bays width, a monumental conservatory section with balcony is placed. The construction consists of four strong flat pilasters with a simple base and capital. Between the pilasters are six-light windows placed above which a profiled cornice is applied. The balcony has a balustrade between four square balcony pillars. The conservatory is placed for a projection of approximately the same width. To the left of the projection, both in the first and second storey, is a three-light window with brick mullions and natural stone under-sill. To the right of the projection, in the corner, is a chimney piece which matches the chimney in the east facade.

All facades have, unless otherwise stated, steel six-light windows which have a profiled surround with bands and are fitted with a sandstone under-sill at the lower side.

Since 1952 the interior has been gradually adapted to the new office function. The floor plan layout has remained virtually in its original state. Notable interior elements on the ground floor which may be considered important are three marble fireplaces with neoclassical stylistic influences, the stucco ceiling of the salon in Empire style with a broad band, in which festoons and stylised birds with outstretched wings in the former salon. In this room also two double wooden panelled doors likewise in Empire style with egg-and-dart moulding and rosettes. The hall has a wooden entrance stair with double arms from the landing. Above the landing leaded-glass glazing-bar windows.

Vestigation

The country house Beukbergen is of cultural-historical value because of the long history of the estate (founded in 1653) and is important as part of a series of (former) estates along the Amersfoortseweg including Zandbergen and Ter Wege. Of architectural-historical importance because of the integrity of the building type. Also important as part of the oeuvre of architect G.C. Bremer.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map