TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Wachtgebouw, 1e Polderweg 6

Utrecht, Utrecht, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Militair wachtgebouw
Function
Wachtgebouw
Category
onroerend gebouwd
Address
1e Polderweg 6, 3563 MC Utrecht
Place
Utrecht
Province
Utrecht
Country
Netherlands
Coordinates
52.11948, 5.08894
Part of complex
532262
Monument number
532264

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

5 historical maps cover this location, the earliest the 1637 map "The Bishoprick of Ultraiectum. Ultraiectum Dominium" (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Cluster 28. Bomvrij wachthuis / Toren.

NIEUWE HOLLANDSE WATERLINIE

Inleiding

BOMVRIJ WACHTHUIS A / TOREN, als verdedigbaar en markant onderdeel van het Fort aan de Klop. Torenforten zijn tot in de jaren '60 van de 19e eeuw gebouwd, te beginnen in de Napoleontische Tijd. In Nederland - behoudens enkele uitzonderingen uit omstreeks 1810 - echter pas vanaf omstreeks 1840, waarbij de inzichten van militair ingenieur J.G.W. Merkes van Gendt sturend waren. Nederlandse torenforten hebben gewoonlijk een ongeveer cirkelvormig grondplan met een diameter van enkele tientallen meters en ze konden omgeven zijn door een droge of een natte gracht. De torens zijn twee, drie of vier verdiepingen hoog en kunnen zijn voorzien van een kelderverdieping en bestaan uit zwaar - meters dik - metselwerk. Uitgangspunt was dat de ronde vorm goed bestendig was tegen inslagen van kanonvuur, terwijl de defensieve kracht naar alle richtingen min of meer gelijkwaardig kon zijn. De zogenoemde bomvrijheid was relatief en gold naar de voor de bouwtijd geldende inslagkracht van projectielen. Door opstelling van ver reikend geschut bovenop de torens - waar tevens de uitkijk was gevestigd - dacht men in een gunstige verdedigende positie te verkeren. Voor de nabije verdediging dienden (talrijke) schietgaten voor kanon- en geweervuur. Meerdere torens waren bovenop voorzien van een aarden dekking. Met de komst van zwaarder geschut, met getrokken loop en vooral van brisantgranaten, was het echter afgelopen met de torens: ze bleken toch kwetsbaar, ze waren relatief gemakkelijke doelwitten en ze verloren hun defensieve waarde hierdoor binnen weinige jaren. Als gevolg hiervan zijn verschillende torens van hun hoogste verdieping(en) ontdaan en/of voorzien van aarden beschermingswallen. Wat bleef was hun functie als onderkomen voor manschappen en materieel. Naast de toren van het Fort aan de Klop liggen in de Nieuwe Hollandse Waterlinie bekende torens te Weesp en op Fort Honswijk en Fort Everdingen. De meeste torens zijn opgenomen in (latere) met aarden werken en (natte) grachten omgeven fortcomplexen; dit geldt eveneens voor het Fort aan de Klop. Ook lag rond de toren van het Fort aan de Klop eerder een ringvormige, natte gracht, waaruit de gevel direct oprees, maar deze gracht is rond 1930 gedempt. De toren van het Fort aan de Klop is een van de kleinste nog bestaande exemplaren. Het de toren - ook wel wachthuis - had een belangrijke functie voor de verdediging van het acces van de Vecht en vooral van het inundatiekanaal de Klopvaart en de Klopdijk en ook van de sluis bij het fort.

Omschrijving

BOMVRIJ WACHTHUIS A / TOREN, centraal op het huidige complex Fort aan de Klop gelegen en gebouwd op een ronde plattegrond. De uit baksteen opgetrokken toren kwam tot stand in 1850-1852, nadat daar al 30 jaar eerder aardwerken waren gerealiseerd. De toren heeft een diameter van ongeveer 20 m en is nu ongeveer 7 m hoog. De toren kent thans twee bouwlagen, waarvan de onderste als souterrain / kelder. Aan de zuidzuidoostzijde ligt een halfronde uitbouw met trappenhuis. De borstwering is iets verlaagd. De gevel van het hoofdvolume kent een rechte beëindiging; de halfronde uitbouw eindigt in getrapte vorm en is voorzien van een gedekte uitgang / uitkijk op het dak. De gevels van hoofd- en nevenbouw zijn integraal van een grijze cementlaag voorzien en hebben rondom vooral getoogde schietgaten (in de uitbouw 'klimmend') van verschillend formaat, die aan de binnenzijde afsluitbaar zijn met ijzeren luiken. De toegang, met een verdiepte boog (baksteen) binnen een boogsegment en voorzien van dubbele houten deuren, bevindt zich aan de zuidoostzijde, vrijwel naast de uitbouw. Het interieur van het wachthuis bestaat uit een buiten- en een binnencirkel, waarin de diverse ruimten zijn gesitueerd: onder meer verblijfsruimten voor de manschappen, buskruitmagazijnen, alsmede opstelruimten (tevens kazematten) voor het geschut. De ruimten zijn merendeels uit schoon metselwerk opgetrokken en bestaan uit gewelfde vertrekken met toegangen voorzien van zware houten deuren.

Waardering

Het BOMVRIJ WACHTHUIS A / of de TOREN van het Fort aan de Klop is van algemeen belang vanwege:

* Cultuurhistorische waarden als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie zoals deze is ontworpen door C.R.T. Kraijenhoff en in eerste aanleg vanaf 1815 door hem, Jan Blanken en majoor-ingenieur Willem Offerhaus is gerealiseerd en daarna door anderen gedurende ongeveer 125 jaar is versterkt en verbeterd.

* Architectuurhistorische waarden, in het bijzonder als uiting van de militair-strategische bouwkunde, die gebaseerd is op: a. het systeem van inundatie en accesverdediging (19de eeuw), b. de wedloop met de zich versterkende offensieve middelen (19de eeuw).

Het betreft hier een onderdeel uit 1850-1852, namelijk een voor die tijd bomvrije toren bij een rivieracces en een inundatiekanaal met inundatiesluis.

* Ensemblewaarde en situationele waarden als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Tevens vanwege de functionele en fysieke samenhang met de overige onderdelen van het complex.

* Het onderdeel is relatief zeldzaam omdat de toren een van de weinige nog bestaande voorbeelden is van kleine, ronde torens op forten in Nederland.

* Het onderdeel is tamelijk goed bewaard omdat diverse kenmerkende elementen in exterieur en interieur behouden en/of herkenbaar zijn gebleven.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Cluster 28. Bomb-proof guardhouse / Tower.

NEW HOLLAND WATERLINE

Introduction

BOMB-PROOF GUARDHOUSE A / TOWER, as a defensible and distinctive component of the Fort aan de Klop. Tower forts were built into the 1860s, beginning in the Napoleonic period. In the Netherlands - except for a few exceptions from around 1810 - however only from around 1840 onwards, whereby the insights of military engineer J.G.W. Merkes van Gendt were determining. Dutch tower forts usually have an approximately circular ground plan with a diameter of several tens of metres and could be surrounded by a dry or a wet moat. The towers are two, three or four storeys high and may have a basement storey and consist of heavy - several metres thick - masonry. The principle was that the round shape was well resistant to cannon fire impacts, while the defensive strength in all directions could be approximately equivalent. The so-called bomb-proofing was relative and applied to the impact force of projectiles valid for the time of construction. By installing far-reaching artillery on top of the towers - where the lookout was also stationed - it was thought to be in a favourable defensive position. For close defence, numerous gun embrasures for cannon and rifle fire served. Multiple towers were equipped on top with an earthen covering. With the advent of heavier artillery with rifled barrels and especially of explosive shells, however, it was all over for the towers: they proved to be vulnerable after all, they were relatively easy targets and they lost their defensive value within a few years as a result. As a consequence, various towers were stripped of their highest storey(ies) and/or provided with earthen protective ramparts. What remained was their function as accommodation for troops and materiel. Beside the tower of Fort aan de Klop, known towers in the New Holland Waterline are located at Weesp and at Fort Honswijk and Fort Everdingen. Most towers are incorporated in (later) earthwork surrounded and (wet) moat surrounded fort complexes; this also applies to Fort aan de Klop. Also around the tower of Fort aan de Klop there was earlier a ring-shaped, wet moat, from which the facade rose directly, but this moat was filled in around 1930. The tower of Fort aan de Klop is one of the smallest still existing specimens. The tower - also called guardhouse - had an important function for the defence of the access of the Vecht and especially of the inundation canal the Klopvaart and the Klopdijk and also of the sluice at the fort.

Description

BOMB-PROOF GUARDHOUSE A / TOWER, centrally located on the present Fort aan de Klop complex and built on a circular ground plan. The tower, constructed of brick, was built in 1850-1852, after earthworks had already been realised there 30 years earlier. The tower has a diameter of approximately 20 m and is now approximately 7 m high. The tower currently has two storeys, of which the lower one as basement / cellar. On the south-south-east side is a semicircular extension with stairwell. The parapet is slightly lowered. The facade of the main volume has a straight termination; the semicircular extension ends in stepped form and is provided with a covered exit / lookout on the roof. The facades of main and ancillary building are integrally provided with a grey cement layer and have around them especially arched gun embrasures (in the extension 'climbing') of different size, which can be closed on the inside with iron shutters. The entrance, with a recessed arch (brick) within an arch segment and provided with double wooden doors, is located on the south-east side, almost next to the extension. The interior of the guardhouse consists of an outer and an inner circle, in which the various rooms are situated: including among others quarters for the troops, gunpowder magazines, as well as gun emplacements (also casemates) for the artillery. The rooms are mostly constructed of exposed brickwork and consist of vaulted chambers with entrances provided with heavy wooden doors.

Valuation

The BOMB-PROOF GUARDHOUSE A / or the TOWER of Fort aan de Klop is of general importance because of:

* Cultural-historical values as part of the New Holland Waterline as designed by C.R.T. Kraijenhoff and initially realised from 1815 by him, Jan Blanken and major-engineer Willem Offerhaus and subsequently strengthened and improved by others for approximately 125 years.

* Architectural-historical values, in particular as an expression of military-strategic building art, which is based on: a. the system of inundation and access defence (19th century), b. the arms race with strengthening offensive means (19th century).

This is a component from 1850-1852, namely a bomb-proof tower for the period at a river access and an inundation canal with inundation sluice.

* Ensemble value and situational values as part of the New Holland Waterline. Also because of the functional and physical coherence with the other components of the complex.

* The component is relatively rare because the tower is one of the few remaining examples of small, round towers on forts in the Netherlands.

* The component is fairly well preserved because various distinctive elements in exterior and interior have been retained and/or remain recognisable.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map