TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Fort, vesting en -onderdelen, Fort bij Tienhoven Tienhoven (Stichtse Vecht 26)

Tienhoven, Utrecht, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Fort, vesting en -onderdelen
Category
onroerend gebouwd
Address
Fort bij Tienhoven Tienhoven (Stichtse Vecht 26)
Place
Tienhoven
Municipality
Stichtse Vecht
Province
Utrecht
Country
Netherlands
Coordinates
52.16207, 5.03010
Part of complex
531467
Monument number
531468

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

5 historical maps cover this location, the earliest the 1637 map "The Bishoprick of Ultraiectum. Ultraiectum Dominium" (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Cluster 20. Fortaanleg en resten van aardwerken, (resten van) wegen, geschutsopstelplaatsen en/of remises, natte grachten mte buitenoevers, borstweringen en van oudsher door stenen palen aangeduide militaire zone.

NIEUWE HOLLANDSE WATERLINIE

Inleiding

FORTAANLEG EN RESTEN VAN AARDWERKEN, (RESTEN VAN) WEGEN, GESCHUTSOPSTELPLAATSEN EN / OF REMISES, NATTE GRACHTEN MET BUITENOEVERS EN VAN OUDSHER DOOR STENEN PALEN AANGEDUIDE MILITAIRE ZONE van het Fort bij Tienhoven als basale onderdelen van verdedigingswerk. Forten werden gewoonlijk geconstrueerd op basis van vooraf aangebrachte aardlichamen, die als een fundering fungeerden en wegzakken in (een natte en slappe) bodem moesten voorkomen. Bij de bouw van de forten is, behalve dit gewoonlijk al strategisch 'voorgevormde' aardlichaam - dat op zichzelf reeds een weerbare rol kon vervullen - ook nog een specifieke aanleg gerealiseerd die bedoeld was om de defensieve kracht te vergroten, onder meer door de opname erin van opstelplaatsen voor geschut, de veiligheid van de bezetting te waarborgen en intern en extern transport en verkeer te vergemakkelijken. Zo ontstonden er onder meer aarden dekkingen voor verschillende bouwwerken, om ze minder kwetsbaar te maken voor inslagen van vijandelijk vuur, aarden wallen die de bebouwing en open terreinen dekten en de contouren bepaalden en bestrate paden en appelplaatsen. Forten werden gewoonlijk omgeven door een of meer natte of droge grachten om eventuele nadering van de omwalling of het fortterrein tot het laatst toe te belemmeren. Forten waren normaal gesproken slechts te bereiken via een of meerdere bruggen of via een smalle landengte. Waar om waterstaatkundige of andere redenen een permanente directe verbinding tussen binnen- en buitengebied bestond, was deze zodanig uitgevoerd dat hij niet of slechts met de grootste moeite te passeren was. Toepassing van zogenoemde ezelsruggen, monniken en / of hekwerken was hierbij gebruikelijk. Langs de buitenzijde van de grachten lag vaak een weg of pad. Dit onderdeel kon zowel in de vorm van een gedekte weg (glacis / enveloppe) zijn aangelegd, als ook wel gelijk met, of boven maaiveldniveau. Deze wegen of paden konden verschillende functies hebben, uiteenlopend van openbare weg tot onderhoudspad, en ook van militaire, gedekte weg tot exclusieve toegangsweg naar het fort. Buiten de natte gracht bevindt zich bovendien vaak een (van oudsher en nog ten dele) met grenspalen als zodanig aangemerkte zone waarover het Ministerie van Oorlog zeggenschap had, de Militaire Landgrond. Het uit 1848-1850 stammende aardwerk van het Fort bij Tienhoven is een verhoogd, door water omgeven terrein met een - door de afgeronde hoeken van een vierkant - bijna ronde vorm, terwijl de later toegevoegde aardwerken de sporen vertonen van een lunetvormige aanleg. De aardwerken zijn afgevlakt, maar deels nog geaccidenteerd vanwege resten van opstelplaatsen van geschut. De aardwerken begroeid met bomen en struikgewas. Aan de westzijde resteren in de gracht alleen de landhoofden van de toegangsbrug. Buiten de ringvormige gracht zijn de omleidings- en onderhoudswegen nog goed herkenbaar aanwezig, terwijl ook de militaire zone herkenbaar aanwezig is.

Omschrijving

FORTAANLEG EN RESTEN VAN AARDWERKEN, (RESTEN VAN) WEGEN, GESCHUTSOPSTELPLAATSEN EN / OF REMISES, NATTE GRACHTEN MET BUITENOEVERS EN VAN OUDSHER DOOR STENEN PALEN AANGEDUIDE MILITAIRE ZONE van het Fort bij Tienhoven. Het fort bestaat in hoofdzaak uit een vrijwel cirkelvormig aardlichaam, dat is omgeven door een eveneens vrijwel cirkelvormige, natte gracht waarvan de hoofdcontouren zijn gerealiseerd in de jaren 1848-1850. De aardwerken zijn grotendeels geëgaliseerd, maar enige voormalige opstelplaatsen voor geschut worden nog weerspiegeld in het reliëf. De fortgracht en de buitenoevers, met daarop de omleidings- (zuidzijde) en de onderhoudsweg, en het landhoofd van een niet meer bestaande toegangsbrug zijn nog aanwezig en goed herkenbaar. Ten westen van het werk - buiten de gracht, aan de keelzijde - zijn extra versterkingen aangebracht in de vorm van aardwerken (vleugelwerken) en opstelplaatsen voor geschut, terwijl buiten de gracht eveneens de van oudsher door middel van palen aangeduide militaire zone goed herkenbaar is.

Waardering

FORTAANLEG EN RESTEN VAN AARDWERKEN, (RESTEN VAN) WEGEN, GESCHUTSOPSTELPLAATSEN EN / OF REMISES, NATTE GRACHTEN MET BUITENOEVERS EN VAN OUDSHER DOOR STENEN PALEN AANGEDUIDE MILITAIRE ZONE van het Fort bij Tienhoven zijn van algemeen belang vanwege:

* Cultuurhistorische waarden als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie zoals deze is ontworpen door C.R.T. Kraijenhoff en in eerste aanleg vanaf 1815 door hem, Jan Blanken en majoor-ingenieur Willem Offerhaus is gerealiseerd en daarna door anderen gedurende meer dan 125 jaar is versterkt en verbeterd.

* Architectuurhistorische waarden in het bijzonder als uiting van de militair-strategische bouwkunde, die gebaseerd is op: a. het systeem van inundatie en accesverdediging (19de eeuw), b. de wedloop met de zich versterkende offensieve middelen (19de eeuw)

Het onderdeel is een voorbeeld van een aarden aanleg met wegen en paden en van een ensemble van bouwwerken voor verschillende functies, met natte gracht en een door middel van grenspalen aangeduide militaire zone, het geheel uit de periode 1848-1850, maar in latere ontwikkelingsfasen verbeterd en uitgebreid, onder meer met aan de keelzijde van het fort gelegen aardwerken (vleugelwerken) met gracht.

* Ensemblewaarde en situationele waarden vanwege zijn ligging binnen het systeem van de Nieuwe Hollandse Waterlinie in het algemeen, vanwege de basale relatie met de overige onderdelen van het complex en in het bijzonder vanwege de vrijwel gave relatie met het schootsveld.

* Het onderdeel is zeer representatief omdat dit het systeem van accesverdediging in het verlengde van een dijklichaam in een grotendeels ongeschonden fysieke omgeving laat zien.

* Het onderdeel is matig bewaard omdat het in deels geëgaliseerde, maar in hoofdaanleg goed herkenbare staat het systeem van bescherming door middel van aarden dekking, gracht en van omleidings- en onderhoudswegen laat zien.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Cluster 20. Fort layout and remains of earthworks, (remains of) roads, gun emplacements and/or storage buildings, wet ditches with outer banks, breastworks and military zone formerly marked by stone posts.

NEW HOLLANDIC WATERLINE

Introduction

FORT LAYOUT AND REMAINS OF EARTHWORKS, (REMAINS OF) ROADS, GUN EMPLACEMENTS AND/OR STORAGE BUILDINGS, WET DITCHES WITH OUTER BANKS AND MILITARY ZONE FORMERLY MARKED BY STONE POSTS of the Fort at Tienhoven as basic components of defensive works. Forts were usually constructed on the basis of previously prepared earthworks, which served as a foundation and were intended to prevent subsidence in (wet and soft) soil. In the construction of forts, in addition to this usually already strategically 'pre-formed' earthwork—which in itself could already serve a defensive role—a specific layout was also realised which was intended to increase defensive strength, among other things through the inclusion of gun emplacements, to secure the safety of the garrison and to facilitate internal and external transport and traffic. In this way, among others, earthen coverings were created for various structures, to make them less vulnerable to enemy fire, earthen ramparts that covered buildings and open ground and determined the contours, and paved paths and parade grounds. Forts were usually surrounded by one or more wet or dry ditches to hinder any approach to the rampart or fort terrain until the last moment. Forts were normally only accessible via one or more bridges or via a narrow strip of land. Where for hydrological or other reasons a permanent direct connection between internal and external areas existed, it was constructed in such a way that it could not or could only with great difficulty be crossed. Use of so-called chevaux-de-frise, obstacles and/or gates was customary in this regard. Along the outside of the ditches there was often a road or path. This component could be laid out either in the form of a covered way (glacis/enveloppe), or level with or above ground level. These roads or paths could have various functions, ranging from public road to maintenance path, and also from military covered way to exclusive access road to the fort. Outside the wet ditch, there is moreover often a zone (from of old and still partly) marked with boundary posts as such over which the Ministry of War had authority, the Military Land. The earthwork of the Fort at Tienhoven dating from 1848-1850 is a raised terrain surrounded by water with a—due to the rounded corners of a square—almost round shape, while the later added earthworks show traces of a lunette-shaped layout. The earthworks are levelled, but partly still uneven due to remains of gun emplacements. The earthworks are covered with trees and shrubs. On the west side, only the abutments of the access bridge remain in the ditch. Outside the ring-shaped ditch, the diversion and maintenance roads are still clearly recognisable, while the military zone is also clearly in evidence.

Description

FORT LAYOUT AND REMAINS OF EARTHWORKS, (REMAINS OF) ROADS, GUN EMPLACEMENTS AND/OR STORAGE BUILDINGS, WET DITCHES WITH OUTER BANKS AND MILITARY ZONE FORMERLY MARKED BY STONE POSTS of the Fort at Tienhoven. The fort consists essentially of an almost circular earthwork, which is surrounded by an equally almost circular wet ditch, the main contours of which were realised in the years 1848-1850. The earthworks have been largely levelled, but some former gun emplacements are still reflected in the relief. The fort ditch and the outer banks, with the diversion road (south side) and the maintenance road, and the abutment of a no longer existing access bridge remain and are clearly recognisable. To the west of the work—outside the ditch, at the neck—extra fortifications have been added in the form of earthworks (flank works) and gun emplacements, while outside the ditch the military zone formerly marked by means of posts is also clearly recognisable.

Valuation

FORT LAYOUT AND REMAINS OF EARTHWORKS, (REMAINS OF) ROADS, GUN EMPLACEMENTS AND/OR STORAGE BUILDINGS, WET DITCHES WITH OUTER BANKS AND MILITARY ZONE FORMERLY MARKED BY STONE POSTS of the Fort at Tienhoven are of general importance by virtue of:

* Cultural-historical values as part of the New Hollandic Waterline as designed by C.R.T. Kraijenhoff and initially realised from 1815 by him, Jan Blanken and Major-Engineer Willem Offerhaus and subsequently strengthened and improved by others for more than 125 years.

* Architectural-historical values in particular as an expression of military-strategic building engineering, which is based on: a. the system of inundation and access defence (19th century), b. the competition with increasingly strengthened offensive means (19th century)

The component is an example of an earthen layout with roads and paths and of an ensemble of structures for various functions, with wet ditch and a military zone marked by boundary posts, the whole from the period 1848-1850, but improved and expanded in later development phases, among other things with earthworks (flank works) with ditch located at the neck of the fort.

* Ensemble value and situational values due to its location within the system of the New Hollandic Waterline in general, due to the basic relationship with the other components of the complex and in particular due to the almost intact relationship with the field of fire.

* The component is very representative because in a largely undisturbed physical environment it demonstrates the system of access defence in the extension of a dyke body.

* The component is moderately preserved because in a partly levelled, but in main layout clearly recognisable state it demonstrates the system of protection by means of earthen covering, ditch and diversion and maintenance roads.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map