TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Oostermeer

Amstelveen, Noord-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Kasteel, buitenplaats
Function
Landhuis
Category
onroerend gebouwd
Built (approximately)
1728
Address
Amsteldijk Noord 37, 1184 TD Amstelveen
Place
Amstelveen
Province
Noord-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.30243, 4.90057
Part of complex
530661
Monument number
530662

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

5 historical maps cover this location, the earliest the 1708 map "La Seigneurie d'Ultrecht." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Onderdeel 1

Omschrijving

HOOFDGEBOUW (Oostermeer). In de as van de toegangsbrug staat op het voorplein het hoofdgebouw van Oostermeer. Het ontwerp van het huis, alsmede de uitvoering van het snijwerk worden toegeschreven aan Ignatius van Logteren, mogelijk in samenwerking met Jan van der Streng. De uitvoering van het hekwerk met monogram wordt toegeschreven aan de meester-smid Joseph Uljé. Opdrachtgever was Willem Bus in 1728. Huis Oostermeer is een rood bakstenen gebouw op rechthoekige grondslag, bestaande uit een souterrain, bel-etage, verdieping en kapverdieping onder een schilddak met gesmoorde pannen en forse schoorstenen op de nokeinden. Het rechter dakschild is voorzien van een dakkapel met meerruitsdraairaam. Aan de achterzijde bevindt zich een forse, iets inspringende, vijfhoekige uitbouw met dezelfde nokhoogte. Het pand is tot halverwege de zijgevels voorzien van een hardstenen plint, met rechthoekige spaarvelden ter hoogte van het souterrain. De gevels worden beëindigd door een forse kroonlijst, die aan de voorzijde ondersteund wordt door consoles en op de uiteinden gedecoreerd is met een vaas met festoenen. Het meerzijdige schilddak van de uitbouw aan de achterzijde is aangekapt aan het dak van het hoofdvolume en eveneens voorzien van een flinke schoorsteen op het nokeinde, de bedekking is hetzelfde. Het dakschild is voorzien van een dakkapel met meerruitsdraairaam. De voorgevel is drie traveeën breed en wordt geleed door pilasters. In de iets uitspringende middenrisaliet bevindt zich de toegangsdeur met decoratief bovenlicht, voorafgegaan door een hardstenen trap van acht treden, daarboven een meerruitsschuifvenster en ter hoogte van de kap een decoratieve houten opbouw met spiegelboogvormige bekroning en valraam met geometrische roedenverdeling. De toegangsdeur en het venster daarboven zijn gevat in een rijk gesneden hardstenen omlijsting in Lodewijk XIV-stijl. Ter weerszijden van de middenrisaliet op de bel-etage en de verdieping meerruitsvensters waaronder bijzonder decoratieve gesneden lambrequins, eveneens in Lodewijk XIV-stijl. Links en rechts van de trap, ter hoogte van het souterrain rechthoekige spaarvelden. Onder de pilasters is de plint voorzien van een gesneden paneel met verfijnd bloemmotief. In de zijgevels meerruitsschuifvensters op de bel-etage en de verdieping en meerruitsdraairamen ter hoogte van het souterrain. In één van de smalle stroken van de achtergevel, terzijde van de uitbouw, is een deur opgenomen die toegang geeft tot het souterrain. Van de uitbouw zijn de buitenste traveeën blind, de middelste zijn voorzien van meerruitsschuifvensters op de bel-étage en de verdieping en meerruitsdraairamen ter hoogte van het souterrain. De vensters in de middelste travee zijn gevat in een decoratieve hardstenen omlijsting met Lodewijk-XIV-motieven. Het middelste raam op de bel-etage is daarbij voorzien van een bijzonder verfijnd hekwerk met het vergulde en gekroonde monogram van de bouwheer Willem Bus, WB. Voor de vensters op de verdieping is een heel eenvoudig hekwerk aangebracht. De 12-ruits-ramen zijn na 1920 vervangen door 42-ruits-ramen (foto collectie RACM 1920).

De afwerking van het interieur is bijzonder rijk uitgevoerd en van hoge kwaliteit. Het ontwerp en de uitvoering worden op basis van verwantschap met, onder meer, Amsterdamse voorbeelden toegeschreven aan Ignatius (snijwerk) en Jan (stucwerk) van Logteren. Zowel de plattegrond als de afwerking zijn sinds de bouwtijd omstreeks 1728 nagenoeg ongewijzigd gebleven. Stuc- en snijwerk zijn uitgevoerd in Lodewijk XIV-stijl. Achter de voordeur ligt de gang, belegd met marmeren platen en aan de beide lange zijden voorzien van twee maal een rijk gesneden deur naar de beide zijkamers. Boven de deuren spaarvelden met voorstellingen in stuc, die de vier seizoenen verbeelden. Aan het korte uiteinde van de gang geeft een dubbele deur met identiek snijwerk toegang tot de brede tuinkamer aan de achterzijde. Boven deze deur een stucvoorstelling van een vaas met weelderig boeket op een fantasiepiëdestal. Het stucplafond is voorzien van band- en rolwerk, rozetten en acanthusblad. De linker voorkamer, de eetkamer, is geheel betimmerd. In de betimmering zijn geschilderde behangsels opgenomen met arcadische landschappen, waarin kleine gezelschappen figureren. De linker wand van het vertrek is voorzien van een eenvoudige marmeren schoorsteenmantel, bekroond door een spiegel in een rijk gesneden, vergulde lijst. Daarboven is een geschilderd schoorsteenstuk aangebracht dat twee herders met schapen in een arcadisch landschap voorstelt. In de achterwand is een open pronkkast met porseleinetagère, kraan en spoelbak opgenomen, voorzien van fraai snijwerk. Hiernaast een achter een deur verborgen voedsellift. Het plafond heeft een patroon van zwaar, decoratief lijstwerk. Vouwluiken voor de ramen. De betimmeringen en het snijwerk dateren uit de bouwtijd, de geschilderde behangsels en het schoorsteenstuk zijn van latere datum, waarschijnlijk tweede helft 18de eeuw. De rechter voorkamer is eveneens geheel betimmerd. De wanden zijn bespannen met zeldzaam ornamenteel linnen behangsel uit de eerste helft van de 18de eeuw in een in hoofdzaak groen met beige kleurstelling. Tegen de rechter wand bevindt zich een eenvoudige marmeren schoorsteenmantel met daarboven een rechthoekige spiegel en een geschilderd schoorsteenstuk met weelderig bloemstuk. Het plafond heeft een patroon van zwaar, decoratief lijstwerk. Vouwluiken voor de ramen. De achthoekige zaal aan het einde van de gang is voorzien van een gesneden lambrisering en verder geheel gestuukt. De drie wandvlakken aan de tuinzijde zijn voorzien van meerruitsschuifvensters. Tegen de linker zijwand bevindt zich een eenvoudige marmeren schoorsteenmantel met daarboven een verzilverde spiegel, bekroond door een gestuukte voorstelling met twee putti. Tegen de rechter zijwand is eenzelfde spiegel aangebracht met een gestuukte voorstelling met putti erboven. De putti vertegenwoordigen de Vier Jaargetijden. In de schuine wandvlakken links en rechts van de achterwand zijn kasten opgenomen, die worden afgesloten door middel van een meerruitsschuifvenster. Boven de toegangsdeuren bevindt zich een stucvoorstelling, die twee putti verbeeldt met een karnton, daaronder de tekst MOVENDO. De wandvlakken worden afgesloten door een verfijnd uitgevoerde, gestuukte kooflijst, versierd met acanthusbladeren. Het plafond is gedecoreerd met een voorstelling in stuc van Diana en Bacchus. Deze voorstelling wordt omlijst door barok lijstwerk en bladmotieven. De centrale gang buigt voor de tuinzaal naar rechts, waar een trap toegang geeft tot de verdiepingen en het souterrain. In het souterrain bevindt zich onder de tuinzaal de keuken, die vrijwel geheel in oorspronkelijke staat verkeert. Dit deel van het huis is betrekkelijk laag en heeft een enkelvoudige balklaag. Ook hier de toegang voor het personeel.

Waardering

Het HOOFDGEBOUW (Oostermeer) is van algemeen belang:

- vanwege de ouderdom;

- vanwege de bouw- en ontwikkelingsgeschiedenis, die representatief is voor veel 18de eeuwse patricierswoningen;

- vanwege de gaaf bewaarde architectonische vormgeving en de hoge kwaliteit van het ontwerp van zowel het interieur als het exterieur, dat wordt toegeschreven aan Ignatius en Jan van Logteren en als gesamtkunstwerk van uitzonderlijk hoge waarde is;

- vanwege de gaaf bewaarde plattegrond en indeling, daterend uit de bouwtijd;

- vanwege de gaaf bewaarde en kwalitatief hoge interieurafwerkingen uit de bouwtijd (ca. 1728) en uit latere stijlfasen;

- vanwege het zeldzame, vroeg 18de eeuwse, ornamentele behang in de rechter voorkamer;

- vanwege de kenmerkende ligging binnen de oorspronkelijk vroeg-18de eeuwse, formele parkaanleg;

- vanwege de functioneel-ruimtelijke relatie met de andere onderdelen van de buitenplaats.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Component 1

Description

MAIN BUILDING (Oostermeer). On the axis of the access bridge stands the main building of Oostermeer on the forecourt. The design of the house, as well as the execution of the carved work are attributed to Ignatius van Logteren, possibly in collaboration with Jan van der Streng. The execution of the ironwork with monogram is attributed to master smith Joseph Uljé. The client was Willem Bus in 1728. Oostermeer House is a red brick building on a rectangular plan, consisting of a basement, principal floor, first floor and attic storey under a hipped roof with recessed tiles and substantial chimneys on the ridge ends. The right roof slope is provided with a roof dormer with multi-pane casement window. On the rear side there is a substantial, slightly recessing, pentagonal extension with the same ridge height. The building is provided with a hard stone plinth up to halfway up the side facades, with rectangular panels at basement level. The facades are terminated by a substantial cornice, which on the front is supported by consoles and decorated at the ends with a vase with garlands. The multi-slope hipped roof of the rear extension is abutted to the roof of the main volume and likewise provided with a substantial chimney on the ridge end, the covering is the same. The roof slope is provided with a dormer with multi-pane casement window. The front facade is three bays wide and is articulated by pilasters. In the slightly projecting central risalit is the entrance door with decorative fanlight, preceded by a hard stone flight of eight steps, above it a multi-pane sash window and at the height of the roof a decorative wooden structure with mirror-arch crown and casement window with geometric glazing bars. The entrance door and the window above it are set in a richly carved hard stone frame in Louis XIV style. On either side of the risalit on the principal floor and first floor are multi-pane windows with particularly decorative carved lambrequins, likewise in Louis XIV style. Left and right of the stairs, at basement level, are rectangular panels. Under the pilasters the plinth is provided with a carved panel with refined floral motif. In the side facades are multi-pane sash windows on the principal floor and first floor and multi-pane casement windows at basement level. In one of the narrow strips of the rear facade, beside the extension, is a door providing access to the basement. Of the extension the outer bays are blind, the middle ones are provided with multi-pane sash windows on the principal floor and first floor and multi-pane casement windows at basement level. The windows in the middle bay are set in a decorative hard stone frame with Louis XIV motifs. The middle window on the principal floor is provided with a particularly refined grille with the gilded and crowned monogram of the client Willem Bus, WB. For the windows on the first floor a very simple grille has been applied. The 12-pane windows were replaced after 1920 by 42-pane windows (RACM photo collection 1920).

The interior finish is executed particularly richly and of high quality. The design and execution are attributed on the basis of affinity with, among others, Amsterdam examples to Ignatius (carved work) and Jan (stucwork) van Logteren. Both the plan and the finish have remained virtually unchanged since the time of construction around 1728. Stucwork and carved work are executed in Louis XIV style. Behind the front door lies the corridor, laid with marble slabs and provided on both long sides with twice a richly carved door to the two side rooms. Above the doors panels with stucwork representations depicting the four seasons. At the short end of the corridor a double door with identical carved work provides access to the wide garden room at the rear. Above this door a stucwork representation of a vase with luxuriant bouquet on a fantasy pedestal. The stuccoed ceiling is provided with band and scrollwork, rosettes and acanthus leaf. The left front room, the dining room, is entirely panelled. In the panelling are incorporated painted wallpapers with Arcadian landscapes, in which small groups of figures appear. The left wall of the room is provided with a simple marble fireplace mantel, crowned by a mirror in a richly carved, gilded frame. Above this is a painted overmantel depicting two shepherds with sheep in an Arcadian landscape. In the rear wall is an open display cabinet with porcelain stand, tap and sink incorporated, provided with fine carved work. Next to this behind a door a concealed service lift. The ceiling has a pattern of heavy, decorative moulding. Folding shutters for the windows. The panellings and carved work date from the time of construction, the painted wallpapers and overmantel are of later date, probably second half of the 18th century. The right front room is likewise entirely panelled. The walls are hung with rare ornamental linen wallpaper from the first half of the 18th century in a mainly green with beige colour scheme. Against the right wall is a simple marble fireplace mantel with above it a rectangular mirror and a painted overmantel with luxuriant floral arrangement. The ceiling has a pattern of heavy, decorative moulding. Folding shutters for the windows. The octagonal hall at the end of the corridor is provided with carved wainscoting and otherwise entirely stuccoed. The three wall surfaces on the garden side are provided with multi-pane sash windows. Against the left side wall is a simple marble fireplace mantel with above it a silvered mirror, crowned by a stucwork representation with two putti. Against the right side wall is an identical mirror with a stucwork representation with putti above it. The putti represent the Four Seasons. In the sloped wall surfaces left and right of the rear wall are cabinets incorporated, which are closed by means of a multi-pane sash window. Above the entrance doors is a stucwork representation depicting two putti with a cornucopia, below it the text MOVENDO. The wall surfaces are terminated by a finely executed stuccoed soffit moulding, decorated with acanthus leaves. The ceiling is decorated with a representation in stucwork of Diana and Bacchus. This representation is framed by Baroque moulding and leaf motifs. The central corridor curves in front of the garden hall to the right, where a staircase provides access to the upper floors and the basement. In the basement below the garden hall is the kitchen, which is in virtually original condition. This part of the house is relatively low and has a simple beam layer. Here too the access for staff.

Valuation

The MAIN BUILDING (Oostermeer) is of general importance:

- on account of its age;

- on account of its building and development history, which is representative of many 18th century patrician residences;

- on account of the well-preserved architectural design and the high quality of the design of both the interior and exterior, which is attributed to Ignatius and Jan van Logteren and is a gesamtkunstwerk of exceptional high value;

- on account of the well-preserved floor plan and layout, dating from the time of construction;

- on account of the well-preserved and high-quality interior finishes from the time of construction (c. 1728) and from later stylistic periods;

- on account of the rare, early 18th century, ornamental wallpaper in the right front room;

- on account of the characteristic location within the originally early 18th-century formal park layout;

- on account of the functional-spatial relationship with the other components of the country estate.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map