TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Industrie, Sterkerij 14

Ede, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Industrie
Category
onroerend gebouwd
Built
1950 - 1951
Address
Sterkerij 14, 6717 XR Ede
Place
Ede
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
52.02407, 5.67886
Part of complex
527062
Monument number
527070

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1914 map "Verklaring van het algemeen nut der onteigening van eigendommen in de gemeente Horssen, noodig voor den aanleg van eene wetering door het waterschap "de Gecombineerde waterlossing der polderdistricten Rijk van Nijmegen en Maas en Waal"" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Omschrijving onderdeel 8: WAS- ,KLEED- EN SCHAFTLOKAAL.

Inleiding

Voormalig was-, kleed- en schaftlokaal met loopbruggen (WASINRICHTING, KLEEDGELEGENHEID, KANTINE), gebouwd in 1950-51 naar een ontwerp uit 1949 van architect D. Masselink van het Bouwkundig Plannenbureau A.K.U. (aangeduid onder nummer 8 op bijbehorende kaart). Het gebouw is gelegen op de binnenplaats van het oude fabriekscarré en is via loopbruggen verbonden met de productiegebouwen. De bouwkosten werden geraamd op 300.000,- gulden. De bouwstijl vertoont invloeden van het naoorlogs functionalisme en het architectonisch concept is te bezien als een kleinschalige variant en vroeg voorbeeld van het indertijd geïntroduceerde idee van de 'megastructuur': een relatief groot gebouw dat uiteenlopende functies en verkeerswegen in zich opneemt, destijds vooral bekend geraakt via het door Van Tijen en Maaskant tussen 1947 en 1952 gebouwde Groothandelsgebouw in Rotterdam.

Voor de oorlog waren er meerdere schaft- en kleedlokalen op het terrein aanwezig, die echter door enkele oorlogsbombardementen werden beschadigd. Na jaren van behelpen met krappe ruimtes, verrees er in 1951 dit voor die tijd zeer moderne en gerieflijke bouwwerk, dat wegens de loopbruggen al gauw "de Luchtbrug" als bijnaam kreeg. Het gebouw en de inrichting waren indertijd toonaangevend en hebben landelijk voor vele bedrijfskantines als voorbeeld gediend. De opening in oktober 1951 werd rechtstreeks via de radio uitgezonden.

Omschrijving

Het gebouw beslaat een rechthoekig grondplan en telt twee bouwlagen van gelijke breedte en lengte plus een derde, teruggelegen bouwlaag met omlopend terras, alle platgedekt met ruim, licht opgeknikt overstek. Vanuit de derde bouwlaag vormen twee, op de kopse kanten gesitueerde loopbruggen, beide eveneens platgedekt maar met een lager dak, een verbinding met het oude fabriekscarré. Het gebouw heeft een betonnen casco en dito vloeren en is voornamelijk opgetrokken uit beton, baksteen, staal en glas. De constructie bestaat uit vlakke betonnen vloer- en zolderplaten, direct ondersteund door een omvangrijke zuilenstelling, in de derde bouwlaag uitmondend in betonnen vollewand portaalspanten met opwaarts geknikte onderranden en zich naar onderen verjongende stijlen. De loopbruggen worden geschraagd door betonnen vollewand portaalspanten met opwaarts geknikte onderranden en relatief weinig toegepaste betonnen pendelstijlen voorzien van bijzondere stalen koppen met staafijzers. Het ornamentloze ontwerp wordt verlevendigd door de toepassing van bijzondere materialen, zoals decoratief werkende, in strekkenverband rond de kopgevels gemetselde, blauw geglazuurde baksteen en grootschalig gebruik van glazen bouwstenen in de afgeronde hoeken van de derde bouwlaag. De eerste twee bouwlagen worden door de zuilenstelling geleed in 20 lengtetraveeën en 6 breedtetraveeën. In de langsgevels zijn tussen de staanders achttienvaks betonnen cassettenkozijnen geplaatst waarin stalen ramen, die over beide bouwlagen lopen maar in het middendeel blind zijn. De hoeken zijn opgetrokken in voornoemde, blauw geglazuurde baksteen. Centraal in de kopgevels bevinden zich de entreeportalen, over twee bouwlagen voorzien van glazen puien met op begane-grondniveau drie dubbele ijzeren toegangsdeuren. Ter weerszijden enkele vierkante valraampjes met karakteristieke betonnen kaderkozijnen. De terrassen op de derde bouwlaag zijn afgezet met een ijzeren balustrade. Tussen de staanders van de langsgevels cassettenkozijnen als voornoemd waarin stalen ramen en deuren. De afgeronde hoeken zijn eveneens geleed door betonnen cassettenkozijnen, maar volledig ingevuld met glazen bouwstenen. Loopbruggen vergelijkbaar gedetailleerd.

De indeling van het interieur is in grote lijnen ongewijzigd. Ontsluiting van de verdiepingen via keizerlijke trappen in de kopgevels van het gebouw. Opzet en inrichting van het gebouw geheel gericht op helderheid, schoonheid, hygiëne en veel licht- en luchttoetreding. In de parterre en de eerste verdieping bevonden zich de kleed- en waslokalen. In beide kleedlokalen stonden in het midden wasbakken en aan de zijkanten kleedkastjes, in totaal 1032 per bouwlaag. Elke week kreeg iedere werknemer een stuk sunlight-zeep. De kastjes werden rond de bestaande zuilen aangebracht en zijn voor een groot deel bewaard gebleven. Iedere werknemer kreeg zijn eigen afsluitbare kleedkastje, voor die tijd een noviteit. Op de tweede verdieping het schaftlokaal, met vrije uitzichten op de binnenplaats van het oude carré. Oorspronkelijk waren hier drie schaftruimtes, waarvan het gebruik afhankelijk was van stand en geslacht. De fabrieksmeisjes hadden een kantine in de luchtbrug naar de textielafdelingen. In het midden het grote lokaal voor het mannelijk fabriekspersoneel en in de luchtbrug aan de andere zijde de beambtenkantine voor kantoorpersoneel.

Waardering

Het voormalig was-, kleed- en schaftlokaal (WASINRICHTING, KLEEDGELEGENHEID, KANTINE) is van algemeen belang:

- het object heeft cultuurhistorische waarden als illustratie van het pionierskarakter van de bedrijfsleiding in sociaal-economisch opzicht, waarbij ten behoeve van het welbevinden van het personeel steeds meer voorzieningen werden getroffen op het terrein. Daarnaast vanwege het belang van het innovatieve ontwerp voor de typologische ontwikkeling van naoorlogse bedrijfskantines in Nederland;

- het object heeft architectuurhistorische waarden als exponent van het naoorlogse Functionalisme, en inzonderheid als vroeg voorbeeld van een kleinschalige variant op het indertijd innovatieve concept van de megastructuur. Daarnaast vanwege de toegepaste bouwtechnische constructies, met name de centrale zuilenstelling, vollewand portaalspanten in de kantine en pendelstijlen onder de loopbruggen;

- het object heeft ensemblewaarden vanwege de weloverwogen situering op het binnenterrein van het oude fabriekscarré, waarmee het via de loopbruggen functioneel verbonden was, en als zodanig goed en snel bereikbaar was vanuit de omliggende bedrijfshallen.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Description of component 8: LAUNDRY, CHANGING AND DINING FACILITIES.

Introduction

Former laundry, changing and dining facilities with walkway bridges (LAUNDRY FACILITIES, CHANGING ROOMS, CANTEEN), built in 1950-51 according to a 1949 design by architect D. Masselink of the Architectural Planning Office A.K.U. (indicated as number 8 on the accompanying map). The building is located on the inner courtyard of the old factory block and is connected via walkway bridges to the production buildings. The building costs were estimated at 300,000 guilders. The architectural style shows influences of post-war functionalism and the architectural concept can be seen as a small-scale variant and early example of the then-introduced idea of the 'megastructure': a relatively large building that incorporates various functions and traffic routes, at that time particularly known through the Groothandelsgebouw in Rotterdam built by Van Tijen and Maaskant between 1947 and 1952.

Before the war there were several dining and changing facilities on the site, which were, however, damaged by several wartime bombardments. After years of making do with cramped spaces, this very modern and comfortable building for that time was erected in 1951, which quickly acquired the nickname "de Luchtbrug" (the Air Bridge) because of the walkway bridges. The building and its facilities were then leading-edge and served as an example for many company canteens nationwide. The opening in October 1951 was broadcast directly on radio.

Description

The building has a rectangular ground plan and comprises two storeys of equal width and length plus a third, recessed storey with surrounding terrace, all with flat roofs with ample, slightly upturned eaves. From the third storey, two walkway bridges, located at the gable ends, both likewise flat-roofed but with a lower roof, provide a connection to the old factory block. The building has a concrete frame and likewise concrete floors and is constructed principally of concrete, brick, steel and glass. The structure consists of flat concrete floor and ceiling slabs, directly supported by an extensive colonnade, in the third storey terminating in concrete solid-web portal frames with upward-bent bottom edges and tapering columns. The walkway bridges are braced by concrete solid-web portal frames with upward-bent bottom edges and relatively infrequently applied concrete pendulum columns provided with special steel heads with rebar. The unadorned design is enlivened by the application of special materials, such as decoratively-functioning, blue-glazed brick laid in stretcher bond around the gable ends, and large-scale use of glass bricks in the rounded corners of the third storey. The first two storeys are articulated by the colonnade into 20 bays in length and 6 bays in width. In the long facades, between the columns, eighteen-part concrete casement windows are installed containing steel frames, which span both storeys but are blind in the central section. The corners are constructed in the aforementioned blue-glazed brick. Centrally in the gable ends are the entrance portals, spanning two storeys with glazed shop-fronts and at ground-floor level three double iron access doors. On either side a few square hinged windows with characteristic concrete frame casements. The terraces on the third storey are enclosed with an iron balustrade. Between the columns of the long facades, casement windows as aforementioned containing steel frames and doors. The rounded corners are likewise articulated by concrete casement windows, but completely filled with glass bricks. Walkway bridges similarly detailed.

The layout of the interior is essentially unchanged. Access to the floors via impressive stairs in the gable ends of the building. The setting and fitting-out of the building entirely directed towards clarity, beauty, hygiene and abundant access to light and air. On the ground and first floors were located the changing and laundry facilities. In both changing rooms, wash basins stood in the centre and changing lockers on the sides, totalling 1032 per storey. Each week every worker received a piece of sunlight soap. The lockers were installed around the existing columns and have been largely preserved. Every worker had his own lockable changing locker, a novelty for that time. On the second floor the dining hall, with open views onto the inner courtyard of the old block. Originally there were three dining areas here, the use of which depended on position and gender. The female factory workers had a canteen in the air bridge towards the textile departments. In the centre the large hall for the male factory workers and in the air bridge on the other side the office canteen for office staff.

Valuation

The former laundry, changing and dining facilities (LAUNDRY FACILITIES, CHANGING ROOMS, CANTEEN) is of general importance:

- the object has cultural-historical values as an illustration of the pioneering character of the management in social-economic terms, whereby increasingly more facilities were provided on the site for the welfare of the personnel. Additionally, because of the significance of the innovative design for the typological development of post-war company canteens in the Netherlands;

- the object has architectural-historical values as an exponent of post-war Functionalism, and in particular as an early example of a small-scale variant of the then-innovative concept of the megastructure. Additionally, because of the applied building-technical constructions, notably the central colonnade, solid-web portal frames in the canteen and pendulum columns under the walkway bridges;

- the object has ensemble values because of the considered location on the inner courtyard of the old factory block, with which it was functionally connected via the walkway bridges, and as such was easily and quickly accessible from the surrounding factory halls.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map