Rijksmonumentenregister · Netherlands
Kunstzijdefabriek, Akulaan 2
Ede, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Industrie
- Function
- Kunstzijdefabriek
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1928
- Address
- Akulaan 2, 6717 XN Ede (and others)
- Place
- Ede
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.02518, 5.67705
- Part of complex
- 527062
- Monument number
- 527064
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1914 map "Verklaring van het algemeen nut der onteigening van eigendommen in de gemeente Horssen, noodig voor den aanleg van eene wetering door het waterschap "de Gecombineerde waterlossing der polderdistricten Rijk van Nijmegen en Maas en Waal"" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Omschrijving onderdeel 2: WESTVLEUGEL met POORTGEBOUW.
Inleiding
De grote L-vormige westvleugel van de KUNSTZIJDEFABRIEK (aangeduid onder nummer 2 op bijbehorende kaart) is in 1928 in één bouwfase gerealiseerd naar ontwerp van de voormalige genieofficier jhr. J.M. van den Bosch, werkzaam op de Centrale Bouwafdeling Enka. Van den Bosch was tevens verantwoordelijk voor het ontwerp van het oude carré, waarvan de noordwestelijke hoektoren uit 1919-1922 is opgenomen als onderdeel van het nieuwe poortgebouw. Alle ijzerconstructies werden geleverd door Henri Pélerin van de "Ateliers de Construction" uit het Belgische Courcelles (Wallonië), die als constructeur verantwoordelijk was voor de indertijd vernieuwende ijzerwerken van de achter de gevels gelegen shedbouw. De totale bouwkosten werden geraamd op 300.000,= gulden. De westvleugel is opgetrokken in een indertijd vrij gebruikelijke fabrieksarchitectuur, gekenmerkt door een rationele opzet met strak horizontaal en verticaal gelede gevels. Deze zijn over het algemeen vrij sober uitgevoerd, alhoewel met name in de detaillering enige invloeden zijn aan te wijzen vanuit het Expressionisme en de Art Déco. Aan een deel van de westelijke buitengevel is in 1941 in verband met de productie van melkwol een langgerekte aanbouw gerealiseerd, eveneens naar ontwerp van Van den Bosch. De westvleugel sluit in het zuiden aan op een oost-west georiënteerd magazijn uit 1925 (later bedrijfsbrandweer), dat buiten de bescherming valt.
De nieuwe vleugel bleek noodzakelijk daar de fabriek vrijwel onmiddellijk na de oplevering alweer als te klein werd beschouwd. Het aantal medewerkers kon door deze uitbreiding in 1929 stijgen tot maar liefst 5.200 mensen. De Nederlandse Kunstzijdefabriek begon hierdoor op wereldschaal behoorlijk mee te tellen. Deze vleugel werd oorspronkelijk vooral gebouwd ten behoeve van de strengenproductie, diende tijdens de oorlogsjaren voor de productie van melkwol, en van 1947 tot 1998 was hier de bekende Enka-sponzenafdeling ondergebracht. Aan de zuidzijde lag een kammerij, alwaar aanvankelijk de melkwol een verdere bewerking kreeg. Toen de productie van melkwol na de oorlog niet meer werd gecontinueerd, is de kammerij toch nog lang operationeel gebleven, vanwege een groot tekort aan wolkammerijen na de oorlog. In het poortgebouw werden o.a. de kantoren ondergebracht.
Omschrijving
De westvleugel is samengesteld uit twee haaks op elkaar staande bouwvolumes die een L-vormig grondplan beslaan. Tesamen met een derde, niet-beschermd bouwvolume wordt een groot, rechthoekig en groen binnenplantsoen omsloten. Daarmee wordt voortgeborduurd op de ruimtelijke karakteristiek van het aangrenzende carré, waar ook een binnenplaats aanwezig was.
Het binnenplantsoen wordt doorkruist met diverse fabrieksstraten, veelal verhard met klinkers en Stelcon-platen. Belangrijkste lijn is de noord-zuidas, die vanaf het poortgebouw naar het voormalige waterbassin leidt. Van oudsher werden westvleugel en plantsoen in oost-west richting ook doorkruist met diverse, van het centrale spoorwegemplacement afgetakte spoorlijnen. Hiervoor zijn in de westvleugel (evenals het carré) diverse, veelal overdekte doorgangen in de bouwmassa uitgespaard, zodat goederentreinen tot bij het ketelhuis konden naderen. Ook in het architectonisch concept van de westvleugel met poortgebouw wordt voortgeborduurd op het oude carré. Karakteristiek is het onderscheid dat bestaat tussen de representatieve en streng gelede bakstenen buitengevelwanden, die het grootse deel van deze westvleugel omkaderen, en de daarachter opgesloten bedrijfshallen onder zaagdaken.
De buitengevelwanden van de in kruisverband opgemetselde bedrijfshallen tonen een streng alternerend stelsel van muurdammen en spaarnissen, waarin per travee vier vensters (oorspronkelijk donkerkleurige negenruiters met valramen) omsloten worden. De gevels worden horizontaal geleed en verlevendigd met een decoratief gemetselde muizentandlijst en een betonnen daklijst die de gevels afsluit. Voor een verticale geleding zorgen verschillende (hoek-)lisenen, die door deze lijst heen schieten en bekroond worden met een betonnen piramidekop. Aan het binnenplantsoen ontbreekt deze façade en is zichtbaar dat de opbouw van de bedrijfshallen uit 21 aaneengeschakelde zaagdaken bestaat. Elk zaagdak is samengesteld uit een lang, op het zuiden georiënteerd dakvlak, gedekt met geoxideerde Tuile-du-Nord pannen, en een kort beglaasd dakvlak, gericht op het noorden voor een egale verlichting van het interieur. Zakgoten wateren af aan de binnenplaatszijde. Gevels wederom geleed middels muurdammen en spaarnissen en bekroond met de asymmetrische topgevels van de sheddaken, uitgevoerd met licht overstek, rustend op witte klossen en afgewerkt met windveren. De constructie van de bedrijfshallen bestaat uit een indertijd geavanceerd systeem van geklonken en met schroefbouten verbonden zwevende vakwerkspanten van elk 7,5 meter lang die ter plaatse van de top, en niet ter plaatse van de voetpunten, extra worden ondersteund door dwarsgeplaatste vollewand vakwerkliggers in combinatie met diverse gewalste onderslagbalken. Deze nieuwe constructie maakte zowel in de langs- als in de dwarsrichting de aanwezigheid van extra ondersteunende kolommen grotendeels overbodig. De hele vakwerkconstructie hoefde daardoor in de vrij brede hallen slechts op één punt met een extra rij ijzeren kolommen te worden ondersteund, waardoor de bedrijfsruimten optimaal konden worden ingedeeld. Saillant detail vormen de horizontale profielijzereinden van de constructie die aan de binnenplaatszijde als "extensions future" door de bakstenen gevel heen steken. Houten dakbeschot en gordingen aan de binnenzijde afgewerkt met steengaas voorzien van een witte pleisterlaag voor optimaal lichttransport. De constructie van de platgedekte en van een lichtstraat voorziene noordwestelijke aanbouw uit 1941 (melkwolproductie) bestaat echter uit een gewapend betonskelet, omdat de chemische dampen van de hier gehanteerde chemicaliën zich slecht zouden verdragen met een ijzeren vakwerkconstructie.
Het platgedekte poortgebouw wordt gevormd door de oude noordwestelijke hoektoren van het carré en een nieuw gebouwde pendant met middendeel. Het poortgebouw heeft een betonen casco en dito vloeren met in kruisverband opgemetselde bakstenen gevels. Middendeel enigszins verhoogd en licht risalerend, overigens geaccentueerd en verlevendigd middels de toepassing van diverse expressieve details in beton en metselwerk. De hoeklisenen steken boven de dakrand uit en zijn evenals de dakrand voorzien van betonnen dekplaten. Op de lisenen smalle, overhoeks uitgemetselde verticale banden, waarop zich oorspronkelijk vlaggenmasten bevonden. Centraal in het middendeel de rondboogvormige poort, omzoomd met een betonnen boog, met aan weerszijden portiersloges onder rondlopend betondak met licht overstek. Monumentale, smeedijzeren poorthekwerk verwijderd. Links en rechts van de entree zijn jubileumlantarens geplaatst, links met het jaar van oprichting "1922" en rechts "1947". Boven de poort zijn een brede betonnen waterlijst aangebracht en twee rijen rechtgesloten vensters waarboven zich een leeg casement bevindt. Hierin stonden oorspronkelijk de letters "ENKA". Huidige letters, op het dak, pas recentelijk aangebracht. Lagere vierlaagse zijtorens drie traveeën lang en diep, van elkaar gescheiden door gemetselde lisenen. Elke travee omsluit per verdieping twee rechtgesloten vensters (oorspronkelijk donkerkleurige tweedelige ramen met vierruitsbovenlicht). Overige detaillering overeenkomend, maar soberder. De indeling van het interieur in grote lijnen onveranderd. Vestibule met plaquette: "1922 - 20 JANUARI 1947 / TER GELEGENHEID VAN HET / 25 JARIG BESTAAN / VAN DE FABRIEK EDE / WERDEN DE DIRECTIE / TWEE BRONZEN LANTAARNS / AANGEBODEN / DOOR HET GEZAMENLIJKE PERSONEEL". De centrale hal op de begane grond heeft een zwart-wit geblokte marmeren tegelvloer en een met witgeaderd rood marmer omkaderde witmarmeren wandbekleding. Gang belegd met voor eind jaren twintig karakteristieke polychrome mozaïekvloer.
Waardering
De westvleugel met poortgebouw van de KUNSTZIJDEFABRIEK met achtergelegen plantsoen is van algemeen belang:
- het object heeft cultuurhistorische waarden als bijzondere uitdrukking van de sedert de jaren twintig van de twintigste eeuw explosief toegenomen vraag naar viscoseproducten, als vooraanstaande exponent van de tweede industriële revolutie, en omwille van het belang voor de typologische ontwikkeling van fabrieksgebouwen;
- het object heeft architectuur- en bouwhistorische waarden vanwege de toegepaste constructietechniek met geklonken zwevende vakwerkspanten, vanwege de grote schaal waarin zaagdaken zijn toegepast, en vanwege de esthetische kwaliteiten van met name het poortgebouw met de hierin toegepaste ornamentiek, detaillering en bewaard gebleven interieurelementen;
- het object heeft stedenbouwkundige en ensemblewaarden vanwege de functionele situering op de grondwaterrijke en per spoor goed bereikbare voormalige Schraaljammerheide, vanwege de samenhang met de overige opstallen en de van oudsher (onder-)door het object lopende spoorwegen en fabrieksstraten, en als beeldbepalend onderdeel van de historische bebouwing aan de zuidzijde van de spoorlijn Arnhem-Utrecht;
- tenslotte heeft het object zeldzaamheidswaarde als het laatste grootschalige fabrieksgebouw dat er in Nederland van de historische kunstzijde-industrie resteert.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Description component 2: WEST WING with GATE BUILDING.
Introduction
The large L-shaped west wing of the ARTIFICIAL SILK FACTORY (indicated under number 2 on the accompanying map) was realized in 1928 in a single construction phase according to a design by the former military engineer jhr. J.M. van den Bosch, employed at the Enka Central Building Department. Van den Bosch was also responsible for the design of the old carré, of which the northwestern corner tower from 1919-1922 is included as a component of the new gate building. All iron structures were supplied by Henri Pélerin of the "Ateliers de Construction" from Courcelles in Belgium (Wallonia), who as constructor was responsible for the then innovative ironwork of the shed-roofed building behind the facades. The total construction costs were estimated at 300,000 guilders. The west wing was built in a factory architecture that was then fairly common, characterized by a rational design with strictly horizontally and vertically articulated facades. These are generally executed quite soberly, although particularly in the detailing some influences from Expressionism and Art Déco are discernible. In 1941, a long extension was realized on part of the western exterior facade in connection with the production of milk wool, also designed by Van den Bosch. The west wing adjoins a museum oriented east-west from 1925 (later industrial fire brigade) to the south, which falls outside the protection.
The new wing proved necessary as the factory was considered too small almost immediately after completion. The number of staff could increase to as many as 5,200 people by this extension in 1929. The Dutch Artificial Silk Factory thereby began to count considerably on a global scale. This wing was originally built mainly for the purpose of thread production, served during the war years for the production of milk wool, and from 1947 to 1998 housed the renowned Enka sponge department. On the south side lay a combing mill, where initially the milk wool underwent further processing. When milk wool production was not continued after the war, the combing mill nevertheless remained operational for a long time, due to a great shortage of wool combing mills after the war. The offices were housed in the gate building, among other things.
Description
The west wing is composed of two building volumes at right angles to each other that form an L-shaped ground plan. Together with a third, unprotected building volume, a large, rectangular green inner courtyard is enclosed. This continues the spatial character of the adjoining carré, which also had an inner courtyard.
The inner courtyard is crossed by various factory roads, mostly paved with clinkers and Stelcon plates. The main line is the north-south axis, which leads from the gate building to the former water basin. Since ancient times, the west wing and courtyard were also crossed east-west by various railway lines branching off from the central railway yard. For this purpose, various, mostly covered passages in the building mass were left open in the west wing (as well as the carré), so that freight trains could approach the boiler house. The architectural concept of the west wing with gate building also continues that of the old carré. Characteristic is the distinction that exists between the representative and strictly articulated brick exterior walls, which frame the greater part of this west wing, and the behind-enclosed factory halls beneath saw roofs.
The exterior walls of the factory halls, bonded in running bond, show a strict alternating system of wall piers and recesses, in which four windows per bay (originally dark-coloured nine-pane windows with dropping frames) are enclosed. The facades are articulated horizontally and enlivened with a decoratively bonded dentil course and a concrete cornice that terminates the facades. Vertical articulation is provided by various (corner) pilasters, which penetrate through this cornice and are crowned with a concrete pyramid cap. On the inner courtyard side this facade is absent and it is visible that the structure of the factory halls consists of 21 interconnected saw roofs. Each saw roof is composed of a long roof plane oriented to the south, covered with oxidized Tuile-du-Nord tiles, and a short glazed roof plane, facing north for even interior lighting. Gutters drain to the courtyard side. Facades again articulated by means of wall piers and recesses and crowned with the asymmetrical gable ends of the sheds, executed with slight overhang, resting on white blocks and finished with wind braces. The construction of the factory halls consists of an advanced system of riveted and bolted floating braced frames of 7.5 metres each, which at the apex, and not at the base points, are additionally supported by transversely placed solid-web braced beams in combination with various rolled underslung beams. This new construction made the presence of additional supporting columns largely unnecessary both in the longitudinal and transverse directions. The entire braced frame structure therefore needed to be supported only at one point with an additional row of iron columns in the relatively wide halls, allowing the operational spaces to be laid out optimally. A salient detail is formed by the horizontal profile iron ends of the construction which protrude through the brick facade on the courtyard side as "extensions future". Wooden roof boards and purlins on the inside finished with expanded metal provided with a white plaster layer for optimal light transmission. The construction of the flat-roofed and skylight-provided northwestern extension from 1941 (milk wool production) consists, however, of a reinforced concrete skeleton, because the chemical fumes of the chemicals used here would not be compatible with an iron braced frame structure.
The flat-roofed gate building is formed by the old northwestern corner tower of the carré and a newly built pendant with central section. The gate building has a concrete frame and likewise floors with brick walls bonded in running bond. Central section somewhat elevated and slightly projecting, otherwise accentuated and enlivened by the use of various expressive details in concrete and masonry. The corner pilasters project above the roof edge and, like the roof edge, are provided with concrete covering plates. On the pilasters narrow vertically bonded bands crossing corner-wise, on which originally flag poles were located. Centrally in the middle section the round-arched gate, bordered with a concrete arch, with porters' lodges on either side beneath continuous concrete roof with slight overhang. Monumental wrought-iron gate work removed. On either side of the entrance jubilee lanterns have been placed, on the left with the year of establishment "1922" and on the right "1947". Above the gate a broad concrete drip moulding has been applied and two rows of closed windows above which there is an empty casement. Originally the letters "ENKA" were in it. Current letters, on the roof, only recently added. Lower four-storey corner towers three bays long and deep, separated from each other by bonded pilasters. Each bay encloses two closed windows per storey (originally dark-coloured two-part windows with four-pane fanlights). Other detailing corresponding, but more modest. The interior layout essentially unchanged. Vestibule with plaque: "1922 - 20 JANUARY 1947 / ON THE OCCASION OF THE / 25TH ANNIVERSARY / OF THE FACTORY EDE / TWO BRONZE LANTERNS / WERE PRESENTED TO THE / MANAGEMENT / BY THE COMBINED STAFF". The central hall on the ground floor has a black and white checkered marble tile floor and a white marble wall lining bordered with red marble veined white. Corridor paved with polychrome mosaic floor characteristic of the late twenties.
Valuation
The west wing with gate building of the ARTIFICIAL SILK FACTORY with the behind-lying courtyard is of general importance:
- the object has cultural-historical values as a particular expression of the explosively increased demand for viscose products since the nineteen-twenties of the twentieth century, as a leading exponent of the second industrial revolution, and because of its importance for the typological development of factory buildings;
- the object has architectural and construction-historical values because of the applied construction technique with riveted floating braced frames, because of the large scale in which saw roofs are applied, and because of the aesthetic qualities of in particular the gate building with the ornamentation, detailing and preserved interior elements applied herein;
- the object has urban planning and ensemble values because of the functional siting on the groundwater-rich and rail-accessible former Schraaljammerheide, because of the coherence with the other buildings and the railway lines and factory roads that have run (under)through the object since time immemorial, and as a visually defining component of the historic buildings on the south side of the Arnhem-Utrecht railway line;
- finally, the object has rarity value as the last large-scale factory building that remains in the Netherlands from the historical artificial silk industry.
Nearby in the register
- Gezondheidszorg, Sterkerij 125Gezondheidszorgunder 1 mi
- Gedenkteken(D6), Tegenover het gebouw voor de Geneeskundige Dienst EdeGedenktekenunder 1 mi
- Industrie, Tegenover het gebouw voor de Geneeskundige Dienst EdeIndustrieunder 1 mi
- Industrie, Sterkerij 14Industrieunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.