TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Dienstwoning(K4), Paauwlaan 8

Wassenaar, Zuid-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Dienstwoning
Function
Dienstwoning(K4)
Category
onroerend gebouwd
Built
1914 - 1916
Address
Paauwlaan 8, 2243 AA Wassenaar
Place
Wassenaar
Province
Zuid-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.13576, 4.39542
Part of complex
525760
Monument number
525766

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1906 map "Rijnland" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding.

De bij de buitenplaats behorende (AUTO)GARAGE met PAARDENSTALLEN, WAGENBERGPLAATS en BOVENWONING (3) voor personeel is in opdracht van dhr. D.T. Ruys in de periode 1914-1916 gebouwd naar ontwerp van de architect L.J. Zaaijer. Het sluit qua stijl aan bij de Nieuw Historiserende stijl van het hoofdgebouw, welke geïnspireerd is op het Hollands-Classicisme en de Engelse Landhuisstijl. Het gebouw ligt in de noordhoek van de buitenplaats aan het plein van de keerlus, ten noorden van het landhuis. Aan de noordwest en noordoostzijde grenst het pand aan sloten, die het terrein begrenzen.

De verdiepingvensters van de bovenwoning waren oorspronkelijk afgehangen met luiken. De schoorstenen hadden evenals bij de overige complexonderdelen ijzeren windkappen. De ontwerptekeningen laten voor de garageboxen een draaischijf zien. Vergelijkbaar met de paardenstal hing voor de garage een glazen luifel.

Omschrijving.

Vrijstaand dienstgebouw op samengestelde plattegrond, bestaat uit meerdere bouwdelen. Het noordelijke, éénlaagse deel - de garage - heeft een zeszijdig gesloten grondvalk onder een plat dak met schuingeplaatste lichtkappen ter plaatste van de autoboxen. Tegen de linker zijgevel (zuidwest) is een tweelaagse bouwmassa van de wagenbergplaats met bovenwoning geplaatst onder een schilddak met schoorstenen op de nokhoeken, waarvan de windkappen ontbreken. Tegen het noordelijke dakschild is een samengestelde steekkap geplaatst met een schuin en een vlak dakschild. Tegen de linker (zuidwestelijke) langsgevel staat een éénlaagse paardenstal onder een schilddakvormig dak met aan de zuidwestzijde vier steekkappen ter plekke van de ligboxen. Op de nok staan twee ventilatiekappen onder tentdakjes. De overige daken worden gedekt door gesmoorde verbeterde Hollandse pannen met nokpironnen. De bovenwoning heeft in het zuidwestelijke dakschild een rechthoekig dakkapel met driedelige raampartij. Aan voor- en achterzijde (zuidoost; noordwest) is een dakkapel aangebracht in de vorm van een serliana.

De gevels zijn opgetrokken in donkerrode baksteen (Vlaams verband) met boven het trasraam een natuurstenen afgeschuinde sierband. Natuursteen is ook toegepast voor de lekdorpels en dekplaten van onder meer pinakels en balustraden. De meeste vensters en deuren worden gedekt door een (soms licht getoogde) strek; enkele deurpartijen staan onder een segment- of rondboog. De gevels worden afgesloten door hoofdgestel met gootlijst. De enkele en samengestelde raampartijen zijn van verschillende typen met roedenverdeling, merendeels met openslaande ramen, deels ook met bovenlichten. De deuren zijn overwegend opgeklampte deuren met steekklampen.

Van de naar het plein gerichte voorgevel (zuidoost) bestaat het garagegedeelte uit een lijstgevel, waarvan het middendeel iets verhoogd is en voorzien van een tussen hoekpinakels geplaatste met ajourwerk uitgevoerde borstwering, waarvan elk element afgedekt is met een natuurstenen dekplaten. Het linker lijstgeveldeel bestaat uit een deur met bovenlicht, geflankeerd door een venster van verschillend formaat. Het rechter lijstgeveldeel heeft een paneeldeur met tweeruits bovenlicht met links twee vensters van gelijk formaat. Het open middengedeelte wordt gedekt door een wit geschilderd latei. De rechter (noordoostelijke) zijgevel heeft, evenals de afgeschuinde delen aan de noordwestzijde per geveldeel twee vensters.

De tweelaagse bouwmassa van de wagenbergplaats met bovenwoning heeft lijstgevels. De symmetrisch ingedeelde voorgevel aan de pleinzijde (zuidoost) heeft in het midden onder een segmentbogig vierruits bovenlicht twee paar dubbele inrijdeuren met bovenlichten. Aan de weerszijden bevinden zich smalle vensters. Op de verdieping zijn drie vensters symmetrisch over de gevel verdeeld. Rechts in de gevel bevindt zich voor een gemetselde stoep een ondiep entreeportiek onder een aan ijzeren stangen hangende houten luifel. Erboven is een rondbogig drieruits bovenlicht aangebracht. De entreedeur heeft geslepen ruitjes. Boven het entreeportiek bevindt zich een balkon met een met ajourwerk verlevendigde borstwering met hoekpinakels. In het verlengde van het balkon heeft de rechter zijgevel een uitgebouwd gedeelte van het trappenhuis met uitgemetselde schoorsteen, die door de gootlijst steekt. Rechts van de schoorsteen hebben de trappenhuisvensters gekleurd glas-in-lood. De achtergevel (noordwest) bevat op de begane grond uit twee paar identieke vensters en op de verdieping uit twee paar enkele en één dubbel venster. De linker zijgevel (zuidwest), waartegen op de begane grond de paardenstallen zijn gebouwd, heeft in het midden op de verdieping een dubbel venster.

Bij de paardenstallen is de symmetrisch ingedeelde voorgevel naar het zuidwesten (tuinzijde) gericht. Onder een lijstgevel bevinden zich vier tweedelige, opgeklampte deuren die worden geflankeerd door smalle zijlichten. In het verlengde erboven wordt de ritmiek van deze deuren herhaald door vier puntgevels met in de top ovale, vierruits oeil-de-boeufs. De beide zijgevels hebben een rondbogig dakkapel met luik, welke de gootlijst doorsnijdt. Tegen de zijgevel aan pleinzijde (zuidoost) is een kleine uitbouw onder plat dak geplaatst (kabelhuisje), voorzien van deur met vierruits bovenlicht. Voor de paardenstallen een glazen luifel die rust op gietijzeren kolommen.

Aan de zuidoostzijde ligt voor het pand een brede, met klinkers bestraatte stoep met gele bakstenen sierbanden, die aan zuidzijde aansluit op het gedeelte van de paardenstallen. Onder de luifel is de vloer uitgevoerd met geometrisch metselwerk.

Interieur.

Het complex van dienstgebouwen bestaande uit een (auto)garage, paardenstallen, wagenbergplaats met bovenwoning bevindt zich wat betreft plattegrondindeling en detaillering grotendeels in oorspronkelijke staat. De garage heeft een open middengedeelte, welke leidt naar vier schuin geplaatste garageboxen (waarvan de meest rechtse oorspronkelijk voorzien was van een 'werkkuil'). De decoratief uitgevoerde lambrisering in rood, zwart en geel is deels uitgevoerd in metselwerk, deels met glazuurde tegels. De ruimten aan weerszijden van de entree waren bestemd voor de werkplaats, koudwatervoorziening, centrale verwarming en kolenopslag. De bovenwoning heeft de oorspronkelijke kamer-suite-indeling met tussenkamer, schuif- en paneeldeuren met geprofileerde omlijsting en marmeren schouwtjes. In de keuken een buffetkast en schouw. Het stucplafond heeft een sobere Jugendstildetaillering. Bij de paardenstallen hebben de paardenboxen een houten lambrisering met erboven een groen geglazuurde tegelwand en water- en voedertroggen. De wagenbergplaats heeft tuigkasten, lambrisering en een open trap met ijzeren spijlen naar vliering.

Waardering.

De uit 1914-1916 daterende dienstwoning met garage, koetshuis en paardenstalling is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorisch waarde als functioneel onderdeel, behorende bij een monumentale buitenplaats.

Het pand is van algemeen belang vanwege architectuurhistorisch waarde belang als karakteristiek voorbeeld van een bijgebouw van een buitenplaats in Nieuw Historiserende stijl uit het begin van de 20ste eeuw, dat aansluit bij dat van het bijbehorende landhuis.

Het pand is vrijwel gaaf in hoofdvorm, materiaalgebruik en detaillering, zowel uit- als inwendig.

Het pand heeft hoge ensemblewaarde vanwege de grote ruimtelijke en stilistische samenhang met de overige complexonderdelen en is beeldbepalend gesitueerd aan een plein achter het landhuis.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction.

The (AUTO)GARAGE with HORSE STABLES, CARRIAGE HOUSE YARD and UPPER DWELLING (3) for staff belonging to the country estate was built on behalf of Mr. D.T. Ruys in the period 1914-1916 according to designs by architect L.J. Zaaijer. In style it is consistent with the Neo-Historicist style of the main building, which is inspired by Dutch Classicism and the English Country House style. The building is located in the north corner of the estate at the turning circle plaza, north of the country house. On the northwest and northeast sides the property borders on ditches, which form the boundary of the grounds.

The storey windows of the upper dwelling were originally fitted with shutters. The chimneys, like the other complex components, had iron wind caps. The design drawings show a turntable for the garage boxes. Similar to the horse stable, a glass canopy hung in front of the garage.

Description.

Detached service building with composite floor plan, consisting of multiple building sections. The northern, single-storey section - the garage - has a six-sided closed ground plan under a flat roof with obliquely placed roof lights at the location of the auto boxes. Against the left side facade (southwest) is a two-storey building mass of the carriage house yard with upper dwelling placed under a hipped roof with chimneys at the roof ridge corners, the wind caps of which are missing. Against the northern roof slope is a composite catslide roof placed with a sloping and a flat roof slope. Against the left (southwestern) long side wall stands a single-storey horse stable under a hipped roof-shaped roof with four catslide roofs on the southwestern side at the location of the lying boxes. On the ridge stand two ventilation caps under tent roofs. The remaining roofs are covered by swept improved Dutch tiles with ridge cresting. The upper dwelling has in the southwestern roof slope a rectangular roof dormer with three-part window arrangement. On the front and rear sides (southeast; northwest) a roof dormer has been installed in the form of a serliana.

The facades are built up in dark red brickwork (Flemish bond) with above the ashlar window a natural stone chamfered ornamental band. Natural stone is also used for the drip mouldings and cover plates of among others pinnacles and balustrades. Most windows and doors are covered by a (sometimes slightly arched) lintel; some door sections are under a segmental or round arch. The facades are finished with a cornice and gutter moulding. The single and composite window arrangements are of different types with glazing bars, mostly with casement windows, partly also with fanlights. The doors are predominantly fastened doors with steeked clamps.

Of the front facade facing the plaza (southeast), the garage section consists of a cornice-topped facade, the middle section of which is slightly raised and provided with a balustrade executed with openwork placed between corner pinnacles, each element covered with natural stone cover plates. The left cornice-topped facade section consists of a door with fanlight, flanked by a window of different size. The right cornice-topped facade section has a panelled door with two-pane fanlight with two windows of equal size on the left. The open middle section is covered by a white painted lintel. The right (northeastern) side facade has, like the chamfered sections on the northwest side, two windows per facade section.

The two-storey building mass of the carriage house yard with upper dwelling has cornice-topped facades. The symmetrically arranged front facade at the plaza side (southeast) has in the middle under a segmental four-pane fanlight two pairs of double sliding doors with fanlights. On either side are narrow windows. On the storey above, three windows are symmetrically distributed across the facade. On the right in the facade there is in front of a mortared stoep a shallow entrance portico under a wooden canopy suspended from iron rods. Above this a round-arched three-pane fanlight has been installed. The entrance door has cut glass panes. Above the entrance portico is a balcony with a balustrade enlivened with openwork and corner pinnacles. In the extension of the balcony, the right side facade has a built-out section of the stairwell with mortared chimney, which projects through the gutter moulding. To the right of the chimney, the stairwell windows have coloured leaded glass. The rear facade (northwest) contains on the ground floor two pairs of identical windows and on the storey above two pairs of single and one double window. The left side facade (southwest), against which the horse stables are built on the ground floor, has in the middle on the storey above a double window.

At the horse stables, the symmetrically arranged front facade is oriented towards the southwest (garden side). Under a cornice-topped facade are four two-part fastened doors flanked by narrow side lights. In line above, the rhythm of these doors is repeated by four pointed gables with oval four-pane oculi in the apex. Both side facades have a round-arched roof dormer with shutter, which cuts through the gutter moulding. Against the side facade at plaza side (southeast) is a small extension under flat roof placed (cable house), provided with door with four-pane fanlight. In front of the horse stables a glass canopy resting on cast iron columns.

On the southeast side in front of the property is a broad, clinker-paved stoep with yellow brick ornamental bands, which on the south side connects to the section of the horse stables. Under the canopy the floor is executed with geometric brickwork.

Interior.

The complex of service buildings consisting of an (auto)garage, horse stables, carriage house yard with upper dwelling are, with regard to floor plan layout and detailing, largely in original condition. The garage has an open middle section, which leads to four obliquely placed garage boxes (of which the rightmost was originally provided with a 'work pit'). The decoratively executed panelling in red, black and yellow is partly executed in brickwork, partly with glazed tiles. The spaces on either side of the entrance were intended for the workshop, cold water supply, central heating and coal storage. The upper dwelling has the original room-suite layout with connecting room, sliding and panelled doors with profiled surrounds and marble mantelpieces. In the kitchen a buffet cabinet and mantelpiece. The stucco ceiling has restrained Art Nouveau detailing. At the horse stables, the horse boxes have wooden panelling with above it a green glazed tile wall and water and feed troughs. The carriage house yard has harness cabinets, panelling and an open stair with iron railings to the attic.

Assessment.

The service dwelling with garage, carriage house and horse stable dating from 1914-1916 is of general interest because of its cultural-historical value as a functional component forming part of a monumental country estate.

The property is of general interest because of its architectural-historical value as a characteristic example of an outbuilding of a country estate in Neo-Historicist style from the beginning of the 20th century, which is consistent with that of the associated country house.

The property is virtually intact in main form, use of materials and detailing, both exterior and interior.

The property has high ensemble value because of the great spatial and stylistic coherence with the other complex components and is visually dominant situated at a plaza behind the country house.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map