Rijksmonumentenregister · Netherlands
Kazerne, Wilhelminalaan 12
Alkmaar, Noord-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Militair verblijfsgebouw
- Function
- Kazerne
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1892 - 1893
- Address
- Wilhelminalaan 12, 1815 JD Alkmaar
- Place
- Alkmaar
- Province
- Noord-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.62779, 4.73799
- Monument number
- 524944
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
4 historical maps cover this location, the earliest the 1867 map "No. VI. Deutschland, Niederlande, Belgien, Schweiz. (Germany, Netherlands, Belgium, Switzerland)." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
(Voormalige) CADETTENSCHOOL in rijke neorenaissancestijl uit 1892-1893 met bijbehorend TOEGANGSHEK, gebouwd in opdracht van het Rijk naar een ontwerp van de Haagse architect J.J. van Nieukerken (1854-1913). De gemeente Alkmaar, die jarenlang had geijverd om de prestigieuze school binnen te halen, nam de helft van de bouwkosten voor haar rekening. Omstreeks 1930 werd de cadettenschool verbouwd tot stadsziekenhuis. Van het oorspronkelijk complex, dat uit meerdere vleugels bestond, resteert het vroegere hoofdgebouw dat diende als logiesgebouw, evenwijdig aan de Wilhelminalaan. De voormalige cadettenschool ligt in de Alkmaarderhout aan de noordwestzijde van de Wilhelminalaan en wordt daarvan gescheiden door een brede sloot en ruim voorterrein. Het terrein is toegankelijk via een hek op een dam in het midden van de sloot.
Omschrijving
Langgerekt symmetrisch gebouw bestaande uit een middenpartij van drie bouwlagen die door terugliggende bouwdelen van twee lagen verbonden wordt met twee sterk risalerende hoekpartijen waarvan de eerste verdieping ten opzichte van de terugliggende bouwvolumes enigszins hoger is opgetrokken. De terugliggende bouwdelen hebben middenvoor een risaliet met topgevel waarachter een leigedekt zadeldak en, evenals de hoekpartijen, een afgeplat schilddak met gesmoorde kruispannen. Op het hoge afgeplatte schilddak boven de middenpartij liggen leien in maasdekking. De middenpartij wordt middenvoor ook geleed door een risaliet met topgevel waarachter een leigedekt zadeldak. De buitenmuren zijn boven een hardstenen plint met geprofileerde bovenrand opgetrokken in rode machinale baksteen (formaat 21 x 5 cm) in kruisverband met snijvoeg. Het metselwerk wordt verlevendigd door banden van kalksteen ter hoogte van de onder-, tussen- en bovendorpels van de vensters, en dito sierblokken ter weerszijden van de vensters. Al het toegepaste kalksteen is crèmekleurig. De lekdorpels onder de benedenvensters zijn evenals de cordonlijst onder de verdiepingsvensters uitgevoerd in hardsteen. Onder de cordonlijst loopt een ter plaatse van de middenrisaliet onderbroken fries van oranje verblendsteen en beigekleurige kunststeen, waarin blokken kalksteen bewerkt in de vorm van een kussen, rolwerk of triglief. Ter hoogte van de verdiepingsvloeren zijn de midden- en hoekpartijen voorzien van rijk gekrulde smeedijzeren muurankers. Opvallend zijn de krijgshaftige bliksemmotieven in de ankers boven de begane grond van de hoekpartijen. De hoofdingang in de risaliet van de hoge middenpartij wordt geflankeerd door kalkstenen pilasters met bovenin in reliëf een Medusakop waaronder een helm en wapens. Boven de ingang bevindt zich een grote liggende gevelsteen van kalksteen met tussen rol- en bladwerk een tekstveld waarop vroeger de naam "CADETTENSCHOOL" stond. Hierboven zijn op de eerste verdieping twee kruisvensters (vroeger twaalfruits schuifvensters) aangebracht waarboven een vergelijkbare gevelsteen met het rijkswapen temidden van vaandels en wapentuig. Het rijkswapen wordt geflankeerd door kalkstenen medaillons met rechts en profil koningin-regentes Emma, en links de nog jonge koningin Wilhelmina. De korfbogen boven de twee kruisvensters op de tweede verdieping van de middenrisaliet zijn voorzien van kalksteenblokjes. De topgevel erboven telt vier vensters: twee hoge vensters tussen twee lagere. Onder de vier vensters loopt een cordonlijst waaronder een rollaag van afwisselend rode en oranje strekken boven een uitkragende sierrand van kalksteen. Boven de twee middelste vensters bevindt zich een door kalkstenen pilasters en klauwstukken geflankeerde gevelsteen met tussen gebeeldhouwde vleugels (symbool voor de tijd) een rondnis waarin een wijzerplaat. De topgevel eindigt in een door een halfrond fronton bekroonde tuit, met in het midden een overhoekse pilaster en ter weerszijden van de voet een voluut. Onderaan de met kalksteen afgedekte topgevel staat links en rechts een leeuw met (vlak) wapenschild. Hieronder is de middenrisaliet tot beneden aan toe voorzien van kalkstenen hoekblokken. Links en rechts van de risaliet telt de middenpartij op alle bouwlagen twee kruisvensters. In het midden van de hanenkammen boven de vier benedenvensters bevindt zich een gebeeldhouwde sluitsteen in de vorm van een mannenhoofd met helm. De twee kalksteenblokken in de hanenkam ter weerszijden van de sluitsteen zijn voorzien van een diamantkop. De vensters op de eerste verdieping hebben rondbogen van rode profielsteen waarin kalkstenen blokjes. De vier boogtrommels zijn uitgevoerd als kalkstenen reliëf en tonen attributen die betrekking hebben op de krijgskunde. De lateien boven de lagere kruisvensters van de minder hoge tweede verdieping maken deel uit van een kalkstenen architraaf. Het fries erboven is samengesteld uit gebeeldhouwde consoles in de vorm van een mannenhoofd, waartussen siermetselwerk van rode en oranje baksteen. De hoofden dragen een houten gootlijst. Ter weerszijden van de topgevel is op twee niveaus in het voorschild van de middenpartij een kleine dakkapel aangebracht met een overstekend dak (de twee bovenste leigedekt, de twee onderste met zink) bekroond door een spitse zinken piron met halverwege een bol. De terugliggende geveldelen ter weerszijden van de middenpartij worden afgesloten door een houten gootlijst op kalkstenen voluutconsoles waartussen oranje verblendsteen. De risaliet in het midden van beide geveldelen heeft speklagen en een spaarveld waarin drie smalle terugliggende venster-assen met op beide bouwlagen drie smalle vensters. De rijk uitgevoerde trapgevel bovenin is ondermeer voorzien van een kruisvenster met geprofileerde omlijsting, voluutvormige klauwstukken en consoles, gecanneleerde pilasters, en bovenop een halfrond fronton bekroond door een piron. Ter weerszijden van de twee risalieten zijn op de begane grond drie gekoppelde vensters aangebracht, en op de eerste verdieping twee kruisvensters waarboven geprofileerde kalkstenen lateien. De rondbogen boven de benedenvensters zijn voorzien van kalkstenen blokjes, waaronder een sluitsteen met kussenreliëf. De vulling van de boogtrommels bestaat uit siermetselwerk van rode baksteen en oranje verblendsteen.
De twee hoekpartijen tellen beide zowel op de parterre als de eerste verdieping vier paar vensters, waarboven rondbogen als in de terugliggende geveldelen. De houten gootlijst rust hier op voluutconsoles van kalksteen waartussen telkens drie terracotta reliëfs: een vierkante met afwisselend een gekroonde "W" van Wilhelmina of een dito "E" van Emma, en ter weerszijden een rechthoekige met twee gekruiste wapens. Beide hoekpartijen tellen aan de voorzijde vier gemetselde dakkapellen voorzien van een rondboogvenster en een trapgevel met een overhoekse pilaster waarvan de zeshoekige top bekroond wordt door een obelisk.
De banden en lijsten van de voorgevel zetten zich voort in de zijgevels. In tegenstelling tot de linkerzijgevel (ZW) heeft de rechterzijgevel (NO) geen fries als in de voorzijde van de hoekpartijen. Linksboven in de laatstgenoemde zijgevel zijn twee ankers als voor aangebracht. De linkerzijgevel bevat rechts op de parterre en rechtsboven gevelankers. De twee gekoppelde vensters in het midden van de begane grond en de verdieping zijn dichtgezet. Op de gevel staat een dakkapel met trapgevel als voor. Van de vleugel haaks tegen de achtergevel van de linker hoekpartij resteert nog een klein, gewijzigd muurgedeelte.
De sobere, door latere aanbouwen grotendeels (begane grond, midden- en hoekpartijen) aan het oog onttrokken achtergevel (NW) is thans bruin geverfd. De vlakke geveldelen tussen de midden- en hoekpartijen zijn vermoedelijk met één verdieping verhoogd. In het verbouwde interieur zijn de oorspronkelijke balkenvloeren nog gedeeltelijk aanwezig. De (schuine) wanden en het plafond van de zolderverdieping in beide hoekpartijen zijn betimmerd met kraalschroten. De beschoten gordingenkap van de middenpartij rust op een kapconstructie van boven elkaar geplaatste gebinten waarvan de balken samenkomen in twee zware achthoekige koningsstijlen.
De dam in de sloot voor het hoofdgebouw heeft gemetselde wanden van rode machinale waalsteen in kruisverband met snijvoeg. De op de damwanden geplaatste pijlers van het toegangshek zijn voorzien van inspringende hoeken en uitgevoerd in hetzelfde metselwerk waarin drie banden van kalksteen. Onder de onderste band wordt de plint afgesloten door een geprofileerde hardstenen bovenrand. De pijlers hebben een kalkstenen dekstuk in de vorm van een hoofdgestel waarop gekruld smeedwerk en een (vernieuwde) lantaarn. De spijlen van het dubbele smeedijzeren toegangshek zijn uitgevoerd als speren. De speren hebben een getordeerde schacht en onder de speerpunt een kwast. Tegen de buitenzijde van beide pijlers is boven de sloot een waaiervormig hekwerk aangebracht, eveneens voorzien van speerpunten.
Waardering
De voormalige cadettenschool met bijbehorend toegangshek op dam is van algemeen belang vanwege de cultuur-, architectuurhistorische en typologische waarde als uitwendig merendeels gaaf voorbeeld van laat 19de-eeuwse kazernebouw in rijke neorenaissancestijl, kenmerkend voor het oeuvre van de architect J.J. van Nieukerken. Het gebouw heeft situationele waarde vanwege de ligging in de Alkmaarderhout.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
(Former) CADET SCHOOL in rich neo-Renaissance style from 1892-1893 with accompanying ACCESS GATE, built on behalf of the State according to a design by The Hague architect J.J. van Nieukerken (1854-1913). The municipality of Alkmaar, which had long campaigned to bring the prestigious school within its borders, bore half of the construction costs. Around 1930 the cadet school was converted into a municipal hospital. Of the original complex, which consisted of several wings, the former main building remains, which served as a residential building, parallel to the Wilhelminalaan. The former cadet school lies in the Alkmaarderhout on the northwest side of the Wilhelminalaan and is separated from it by a broad ditch and spacious forecourt. The grounds are accessible via a gate on a causeway in the middle of the ditch.
Description
An elongated symmetrical building consisting of a central section of three storeys which is connected by recessed building elements of two storeys to two strongly projecting corner sections, the first floor of which is built somewhat higher in relation to the recessed building volumes. The recessed building elements have a risalit with a stepped gable in the centre front behind which lies a slate-covered gabled roof and, like the corner sections, a hipped roof with hidden Spanish tiles. On the high hipped roof above the central section tiles lie in Maas covering. The central section is also articulated in the centre front by a risalit with a stepped gable behind which lies a slate-covered gabled roof. The external walls are built above a granite plinth with profiled upper edge in red machine-made bricks (format 21 x 5 cm) in cross bond with cut joint. The masonry is enlivened by bands of limestone at the height of the lower, intermediate and upper sills of the windows, and similar ornamental blocks on either side of the windows. All limestone used is cream-coloured. The drop sills below the ground floor windows are executed in granite, as is the cornice below the floor windows. Below the cornice runs a frieze of orange facing brick and beige-coloured artificial stone, interrupted at the location of the central risalit, in which limestone blocks worked in the form of a cushion, roll-work or triglyph. At the height of the floor levels the central and corner sections are provided with richly curled wrought-iron wall anchors. Striking are the warlike lightning motifs in the anchors above the ground floor of the corner sections. The main entrance in the risalit of the high central section is flanked by limestone pilasters with, in relief at the top, a Medusa head below which a helmet and weapons. Above the entrance is a large recumbent ashlar of limestone with a text field between roll- and leaf-work where the name "CADET SCHOOL" formerly stood. Above this, on the first floor, are two cross windows (formerly twelve-light sash windows) above which a similar ashlar with the State arms in the centre surrounded by flags and heraldic ornaments. The State arms are flanked by limestone medallions with, on the right in profile Queen Regent Emma, and on the left the still young Queen Wilhelmina. The basket arches above the two cross windows on the second floor of the central risalit are provided with limestone blocks. The stepped gable above it has four windows: two tall windows between two lower ones. Below the four windows runs a cornice below which a row of alternating red and orange courses above an overhanging ornamental edge of limestone. Above the two centre windows is an ashlar flanked by limestone pilasters and claw-pieces with, between sculpted wings (symbol of time), a roundel in which a clock face. The stepped gable ends in a spout gable crowned by a semicircular pediment, with a diagonal pilaster in the centre and a volute on either side of the base. At the bottom of the limestone-capped stepped gable stands a lion with (flat) escutcheon on the left and right. Below this the central risalit down to the bottom is provided with limestone corner blocks. To the left and right of the risalit the central section has two cross windows on all storeys. In the centre of the decorative moulding above the four ground floor windows is a sculpted keystone in the form of a male head with helmet. The two limestone blocks in the decorative moulding on either side of the keystone are provided with a diamond point. The windows on the first floor have arches of red profile stone in which limestone blocks. The four arch barrels are executed as limestone relief and show attributes relating to military science. The lintels above the lower cross windows of the lower second floor form part of a limestone architrave. The frieze above it is composed of sculpted consoles in the form of a male head, between which ornamental masonry of red and orange brick. The heads support a wooden cornice. On either side of the stepped gable, on two levels in the front facing of the central section, a small roof dormer is placed with an overhanging roof (the two upper ones slate-covered, the two lower ones with zinc) crowned by a pointed zinc finial with a ball halfway up. The recessed gable sections on either side of the central section are terminated by a wooden cornice on limestone volute consoles between which orange facing brick. The risalit in the middle of both gable sections has speckled courses and a sparing section in which three narrow recessed window-axes with three narrow windows on both storeys. The richly executed stepped gable at the top is provided among other things with a cross window with profiled surround, volute-shaped claw-pieces and consoles, fluted pilasters, and on top a semicircular pediment crowned by a finial. On either side of the two risalits are three coupled windows placed on the ground floor, and on the first floor two cross windows above which profiled limestone lintels. The arches above the ground floor windows are provided with limestone blocks, below which a keystone with cushion relief. The filling of the arch barrels consists of ornamental masonry of red brick and orange facing brick.
Both corner sections each have four pairs of windows on both the ground floor and the first floor, above which arches as in the recessed gable sections. The wooden cornice rests here on limestone volute consoles between which each time three terracotta reliefs: a square with alternately a crowned "W" of Wilhelmina or a similar "E" of Emma, and on either side a rectangular with two crossed weapons. Both corner sections each have four masoned roof dormers on the front provided with a basket arch window and a stepped gable with a diagonal pilaster whose hexagonal top is crowned by an obelisk.
The bands and mouldings of the front facade continue in the side facades. In contrast to the left side facade (SW) the right side facade (NE) has no frieze as in the front of the corner sections. Two anchors as before are placed above left in the latter side facade. The left side facade contains anchors on the ground floor on the right and above right on the gable. The two coupled windows in the centre of the ground floor and the floor are blocked in. On the facade is a roof dormer with stepped gable as before. Of the wing at right angles to the rear facade of the left corner section only a small, altered wall section remains.
The sober rear facade (NW), largely concealed from view by later additions (ground floor, central and corner sections), is now painted brown. The flat gable sections between the central and corner sections were presumably raised by one storey. In the converted interior the original beam floors are still partly present. The (sloping) walls and ceiling of the loft storey in both corner sections are panelled with bead-board. The closed roof truss structure of the central section rests on a roof truss construction of stacked frames with beams meeting in two heavy octagonal king posts.
The causeway in the ditch in front of the main building has masoned walls of red machine-made Dutch brick in cross bond with cut joint. The pillars of the access gate placed on the causeway walls are provided with recessed angles and executed in the same masonry in which three bands of limestone. Below the lower band the plinth is terminated by a profiled granite upper edge. The pillars have a limestone capping in the form of a capitals on which curled metalwork and a (renewed) lantern. The bars of the double wrought-iron access gate are executed as spears. The spears have a twisted shaft and below the spear point a tassel. Against the outer side of both pillars above the ditch a fan-shaped fence is placed, also provided with spear points.
Valuation
The former cadet school with accompanying access gate on causeway is of general importance because of its cultural, architectural-historical and typological value as an outwardly largely intact example of late 19th-century barracks construction in rich neo-Renaissance style, characteristic of the oeuvre of architect J.J. van Nieukerken. The building has situational value because of its location in the Alkmaarderhout.
Nearby in the register
- Huize VoorhoutWoonhuisunder 1 mi
- Garagebedrijf, Kennemerstraatweg 6Nijverheidunder 1 mi
- Woonhuis, Wilhelminalaan 4Woonhuisunder 1 mi
- Villa De LangeWoonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.