Rijksmonumentenregister · Netherlands
Landhuis, Oosteinde 114
Voorburg, Zuid-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kasteel, buitenplaats
- Function
- Landhuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1918
- Address
- Oosteinde 114, 2271 EJ Voorburg (Leidschendam-Voorburg 28)
- Place
- Voorburg
- Municipality
- Leidschendam-Voorburg
- Province
- Zuid-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.07608, 4.37959
- Part of complex
- 524444
- Monument number
- 524445
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1910 map "Polderkaart van de landen tusschen Maas en ij / door W.H. Hoekwater" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding complexonderdeel 1
Op de buitenplaats Eemwijk gebouwd LANDHUIS uit 1918 op de plaats waar daarvoor een eveneens 'Eemwyck' geheten woonhuis stond. Het huis is gebouwd in een Traditionalistische stijl (Um 1800), naar ontwerp van de Rotterdamse architect R.J. Hoogeveen. Omstreeks 1970 verloor het de oorspronkelijke functie en werden er kantoorruimtes in gevestigd.
Van bijzonder belang is het voor een belangrijk deel nog in oorspronkelijke staat verkerende inwendige van het huis met onder meer glas-in-lood van de hand van Jan Schouten van 't Prinsenhof (Delft) en een door de beeldhouwer W.A. vervaardigd houten sculptuur. De aanbouwen aan weerszijden van het huis zijn voor de bescherming van rijkswege van ondergeschikt belang.
Omschrijving
Vanuit een vrijwel rechthoekige plattegrond, in schone baksteen (Vlaams verband) en natuursteen opgetrokken, deels onderkelderd huis met verdieping onder een met leien (maasdekking) gedekt, concaaf gewelfd en uitkragend, afgeknot schilddak met steekkappen en gemetselde schoorstenen met spaarvelden op de nokhoeken. De oorspronkelijk met persiennes behangen gevelopeningen zijn merendeels rechtgesloten onder strekken. De onderdorpels van de vensters zijn van hardsteen evenals de gevelplinten. Het huis wordt aan drie zijden grotendeels begrensd door een terras.
Symmetrische, drie-assige voorgevel met een hoger opgaand ingangsrisaliet. In beide bouwlagen, aan weerszijden van de risaliet een tussen strek en hardstenen onderdorpel staand venster met roedenverdeling in de bovenlichten. De entree is te bereiken via een hardstenen stoep. De deur staat tussen in zandstenen kozijnen gevatte boven- en zijlichten en achter een zandstenen porticus met dubbele, op piedestals staande zuilen met fantasiekapitelen, die een architraaf en een balkon dragen. De onderzijde van de voetplaat van het balkon is voorzien van cassettes en de tussen zware hoekbalusters staande borstwering van gevlochten maaswerk. Het balkon is bereikbaar via een dubbele, onder bovenlichten met roedenverdeling staande deur. Tussen deze deuren en het rondboogvenster hierboven de naam 'EEMWIJK' in metalen sierletters. De boven de dakrand uitstekende gevelpartij wordt geaccentueerd door natuurstenen hoekblokken en bevat een rondboogvenster dat is voorzien van een (radiale) roedenverdeling en glas-in-lood en staat onder een uitgemetselde boog. De in- en uitzwenkende bekroning is voorzien van natuurstenen dekplaten en een beëindiging in de vorm van een natuurstenen rondboog met "AD 1918" in de boogtrommel. Aan weerszijden steekt een kleine rondboog-dakkapel uit het dakschild. Het aanzien van de linker zijgevel (noordzijde) wordt bepaald door een terras met een op een porticus met Toscaanse zuilen rustend balkon. De vloer van het terras is samengesteld uit kleine rode en zwarte tegeltjes die geometrische motieven vormen. De zandstenen zuilen staan op hardstenen basementen en dragen zware architraven en een balkon, die eveneens van zandsteen zijn. De borstwering van het balkon bestaat uit tussen zware, rechthoekige balusters staand, gevlochten maaswerk. De onderkant van de voetplaat van het balkon is voorzien van uitsparingen in de vorm van octogonale cassettes. Op het terras en op het balkon komen drie porte brisées uit, die zijn ingevuld met glas-in-lood en roedenverdeling in de bovenlichten. Uit de dakvoet van de kap steken twee dakkapellen met openslaande ramen, halfronde kappen met profiellijsten en met leien gedekte wangen. In de gevelpartij rechts van de porticus staat per bouwlaag een octogonaal venster met roedenverdeling in de klapramen. Die op de parterre staat bovendien achter decoratieve diefijzers. Het linker deel van de gevel risaleert ten opzichte van het rechter deel en heeft een iets hoger opgaande gedeelte onder een dwarskap. Dit gedeelte is op de begane grond verbonden met een aanbouw en bevat een uit drie hoge vensters samengesteld, met glas-in-lood ingevuld traplicht.
Symmetrische, op de Vliet georiënteerde achtergevel met in het midden een deels door middel van gemetselde borstweringen omheind terras, waarvan de vloer is voorzien van kleine, in decoratieve patronen verwerkte zwarte en rode tegeltjes. De grote zandstenen serre bevat openslaande deuren en vensterpartijen met glas-in-lood en roedenverdeling in de bovenlichten en draagt een eveneens zandstenen balkon met een opengewerkte borstwering als die van de linker zijgevel. Aan weerszijden van de serre staan met glas-in-lood ingevulde openslaande deuren. Drie vergelijkbare deuren met roedenverdeling in de bovenlichten komen uit op het balkon. De vensters in de buitenste traveeën zijn eveneens voorzien van roedenverdeling in de bovenlichten. Uit het dakschild hierboven steken drie dakkapellen, die vergelijkbaar zijn met die in het linker dakschild. De kap wordt aan deze zijde bekroond door een octogonale dakruiter met uurwerk aan de met leien beklede basis, rondbogen tussen zuiltjes, die een met koper bekleed koepeldak met piron dragen en een luidklok. Aan de rechter zijgevel (zuidzijde) bevindt zich eveneens een terras dat is voorzien van een vloerbetegeling, die vergelijkbaar is met die aan de achterzijde. De vensters in de beide bouwlagen en de openslaande terrasdeuren in de hoger opgaande middenpartij zijn ook hier ingevuld met glas-in-lood. De terrasdeuren stonden oorspronkelijk onder een door gemetselde kolommen gedragen luifel. Het rechter deel van de gevel bevat op de verdieping een tegeltableau met zonnewijzer en afbeelding van Aurora. De gevel wordt op de begane grond geleed door lisenen. Aan het iets terugliggende linker deel van de gevel staat een modern tussenlid en uit het dakschild hierboven steken twee dakkapellen, die vergelijkbaar zijn met de andere.
INTERIEUR. Het inwendige van het huis wordt gekenmerkt door een grote rijkdom aan bijzondere, in hoogwaardig materiaal uitgevoerde, ambachtelijk bewerkte onderdelen. Diverse vertrekken, de gang, de hal en het trappenhuis zijn in ruime mate voorzien van marmeren wandbekleding, lambrizeringen van diverse houtsoorten, schouwen met marmeren en bewerkte houten schoorsteenmantels en boezems (waarvan enkele voorzien van een schildering en/of spiegel), ingebouwde kasten, snijwerk, kooflijsten, wandbespanningen van textiele materialen, beschilderd en gebrandschilderd glas-in-lood, versierde metalen en houten roosters voor de verwarmingselementen, verlichtingsarmaturen en stucdecoraties aan de plafonds. De wanden van het ingangsportaal (vestibule) zijn voor een groot deel bekleed met marmer. De openslaande glasdeuren tussen portaal en gang zijn evenals het korfboogvormige bovenlicht voorzien van roedenverdeling. De gang is voorzien van hoge lambrizeringen en een korfboogvormig tongewelf met cassetten. Links van de gang (noordzijde) bevindt zich de "heerenkamer", die onder meer is voorzien van een marmeren schouw met ijzeren binnenwerk en een schoorsteenmantel en boezem met snijwerk, wanden met de oorspronkelijke wandbespanning, een plafond met een houten omlijsting, ingebouwde kasten, gesneden roosters voor de verwarmingskasten, lambrizeringen en glas-in-lood in de openslaande terrasdeuren. De gang leidt via een dubbele glasdeur onder korfboogvormig bovenlicht met radiale roedenverdeling naar de centrale hal met een ruime vide, waarboven een houten cassettenplafond, waaraan een grote ijzeren luchter hangt. Ook de halwanden zijn bekleed met hoge lambrizeringen. Voorts bevindt zich hier een schouw van hout, ijzer en marmer, drie met glas-in-lod ingevulde glasdeuren en de trap naar de verdieping.
De houten bordestrap heeft gelambrizeerde wanden en een zware trappaal die wordt bekroond door een in 1919 door beeldhouwer W.A. vervaardigde houten gansgier. De geprofileerde handlijsten van de leuning rusten op gedraaide houten spijlen. De trapbalustrades zijn bovendien voorzien van schilden met snijwerk. De onderkant van het bordes heeft een cassettenverdeling. Het samengestelde traplicht bevat door Jan Schouten van 't Prinsenhof (Delft) ontworpen voorstellingen van de drie levensfasen van de mens. De trapbalustrades van de overloop worden gescheiden door een deels gelambrizeerde hoekkolom. Aan de hal grenzen de voormalige eetkamer, en de voormalige woonkamer en de hiervan door middel van suitedeuren gescheiden voormalige salon. Het houtwerk in de salon is groen van kleur met goudkleurige accenten, in tegenstelling tot het bruin gelakte houtwerk elders in het pand. De schouw is van marmer en ijzer en heeft een boezem met spiegels en een schildering, waarin het monogram uit de letters KO bestaat. De wanden in deze ruimte zijn voorzien van lambrizeringen en de oorspronkelijke jacquard-wandbespanning. De verwarmingselementen staan achter gesneden roosters, het glas-in-lood is deels beschilderd en het plafond wordt verlevendigd door stucwerk. De ingebouwde kasten zijn voorzien van glasdeuren en profiellijsten. De grotere woonkamer heeft een plafond met stucversieringen, de oorspronkelijke textiele wandbespanning boven de houten lambrizering en een schouw van marmer en ijzer, waarboven een houten boezem met spiegel en een schildering met bloemenvaas. De schuifdeuren tussen deze kamer en de salon zijn glasdeuren met een roedenverdeling. De grote boog tussen de woonkamer en de serre heeft de vorm van een liggende ellipsboog. De serre heeft aan de binnenzijde zes bogen, die de vensters, deuren en doorgangen overspannen en voorzien zijn van snijwerk. De als eetkamer bestemde ruimte bevat gelambrizeerde wanden en wandbespanningen van rode trijp, ingebouwde kasten met fijne roedjes in de glasdeuren, het oorspronkelijke tapijt, een schouw van marmer en ijzer onder een boezem met spiegel, snijwerk en trijpbespanning, een houten cassettenplafond, terrasdeuren met glas-in-lood en achtruits gangdeuren. De kamers op de verdieping waren bestemd als slaapkamers, biljartkamer, zitkamer en linnenkamer. Over het algemeen zijn deze ruimtes wat soberder, maar zijn ook nog voor een belangrijk deel in de oorspronkelijke staat bewaard gebleven. De vensters zijn ook hier voorzien van glas-in-lood, waarvan een aantal ge(brand)schilderd is. De meeste deuren zijn omlijste paneeldeuren. In de lange, gelambrizeerde wand aan de overloop staat een groot, versierd ijzeren rooster. De kamer met het balkon boven de zuilenporticus was de biljartkamer. Deze bevat een balkenplafond met cassettes, lambrizeringen, ingebouwde kasten met versierde omlijsting, openslaande, met glas-in-lood ingevulde balkondeuren, die eveneens binnen een omlijsting staan, en een schouw van marmer, koper, ijzer en hout. De houten boezem is voorzien van panelen, een ingebouwd uurwerk en twee originele verlichtingselementen. Van de slaapkamers aan de oostkant van het huis is die in de zuid-oosthoek voorzien van een plafond met stucversiering, wandbekleding met geflockprint decor, een schouw van marmer en ijzer binnen een houten omlijsting met gecanneleerde pilasters en een spiegel, en aan weerszijden een ingebouwde kast met een fijne roedenverdeling in de deuren. De voormalige slaapkamer in de noord-oosthoek heeft een schouw van marmer en ijzer en een boezem met spaarveld tussen de schoorsteenmantel en een brede kroonlijst. De voormalige slaapkamer aan zuidzijde heeft een lage, crêmekleurige lambrizering, stucplafond, houten roosters voor de verwarmingselementen en een houten schouw met koperen haard. In de kap op de zolderverdieping licht een daklicht met glas-in-lood.
Waardering
Het buitenhuis met bijbehorend interieur is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, de architectuurhistorische en de stedebouwkundige waarde:
- als een bijzonder onderdeel van de geschiedenis en de ontwikkeling van Voorburg.
- vanwege de voor de bouwtijd karakteristieke stilistische kenmerken, vanwege het bijzondere materiaalgebruik en vanwege de kwaliteit van het ontwerp.
- als essentieel onderdeel van een waardevol complex en vanwege de situering, die is verbonden met de ontwikkeling van de streek.
Het huis is eveneens van belang vanwege de herkenbaarheid en vanwege de architectonische gaafheid van in- en exterieur.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction to complex component 1
Country house built on the country estate Eemwijk in 1918 on the site where previously a likewise named residence 'Eemwyck' stood. The house was built in a Traditionalist style (c. 1800), designed by Rotterdam architect R.J. Hoogeveen. Around 1970 it lost its original function and office spaces were installed in it.
Of particular importance is the interior, which is still preserved in original condition for a large part, featuring among others stained glass by Jan Schouten van 't Prinsenhof (Delft) and a wooden sculpture created by sculptor W.A. The outbuildings on either side of the house are of subordinate importance for protection at national level.
Description
From an essentially rectangular floor plan, constructed in fair-faced brickwork (Flemish bond) and natural stone, partly cellared with a storey under a roof covered with slate (maas covering), concavely vaulted and projecting, hipped roof with truncated hips and mortared chimneys with field-savers at the ridge corners. The facade openings, originally furnished with shutters, are mostly straight-headed under string courses. The window sills are of ashlar stone as are the facade plinths. The house is bordered on three sides largely by a terrace.
Symmetrical, three-bay front facade with a taller entrance risalit. In both storeys, on either side of the risalit a window positioned between string course and ashlar sill with glazing bars in the fanlights. The entrance is accessed via an ashlar stone step. The door stands between fanlight and side lights set in sandstone frames and behind a sandstone portico with double columns on pedestals with fantasy capitals, which carry an architrave and a balcony. The underside of the balcony footplate is furnished with cassettes and the parapet between heavy corner balusters of interwoven lattice-work. The balcony is accessed via a double door under fanlights with glazing bars. Between these doors and the round-arched window above the name 'EEMWIJK' in metal ornamental letters. The facade section projecting above the roof line is accentuated by natural stone corner blocks and contains a round-arched window furnished with (radial) glazing bars and stained glass and positioned under a mortared arch. The in- and out-swinging crown is furnished with natural stone coping and termination in the form of a natural stone round arch with "AD 1918" in the arch soffit. On either side a small round-arched roof dormer projects from the roof plane. The appearance of the left side facade (north side) is determined by a terrace with a balcony resting on a portico with Tuscan columns. The terrace floor is composed of small red and black tiles forming geometric motifs. The sandstone columns stand on ashlar stone bases and carry heavy architraves and a balcony, which are likewise of sandstone. The balcony parapet consists of interwoven lattice-work between heavy, rectangular balusters. The underside of the balcony footplate is furnished with recesses in the form of octagonal cassettes. On the terrace and on the balcony three porte brisées emerge, which are filled with stained glass and glazing bars in the fanlights. From the eaves of the roof two roof dormers project with casement windows, semi-circular roofs with moulded profiles and slate-covered cheeks. In the facade section to the right of the portico there is per storey an octagonal window with glazing bars in the casements. The one on the ground storey furthermore stands behind decorative iron straps. The left part of the facade risalits relative to the right part and has a slightly taller section under a transverse roof. This section is connected on the ground floor with an outbuilding and contains a stairwell light composed of three tall windows, filled with stained glass.
Symmetrical rear facade oriented towards the Vliet with in the middle a terrace partly enclosed by means of mortared parapets, the floor of which is furnished with small, decoratively patterned black and red tiles. The large sandstone conservatory contains casement doors and window sets with stained glass and glazing bars in the fanlights and carries likewise a sandstone balcony with an openwork parapet as that of the left side facade. On either side of the conservatory stand casement doors filled with stained glass. Three comparable doors with glazing bars in the fanlights open onto the balcony. The windows in the outer bays are likewise furnished with glazing bars in the fanlights. From the roof plane above three roof dormers project, which are comparable to those in the left roof plane. The roof is crowned on this side by an octagonal roof turret with clockwork at the slate-clad base, round arches between little columns, which carry a copper-clad cupola roof with weather vane and a bell. On the right side facade (south side) there is likewise a terrace which is furnished with floor tiling comparable to that on the rear side. The windows in both storeys and the casement terrace doors in the taller central section are also here filled with stained glass. The terrace doors originally stood under a canopy carried by mortared columns. The right part of the facade contains on the first floor a tile tableau with sun dial and image of Aurora. The facade is articulated on the ground floor by pilaster strips. At the slightly recessed left part of the facade stands a modern intermediate element and from the roof plane above two roof dormers project, comparable to the others.
INTERIOR. The interior of the house is characterised by a great wealth of distinctive, finely executed, skilfully worked components. Various rooms, the corridor, the hall and the staircase are furnished to a considerable extent with marble wall cladding, wainscoting of various wood types, fireplaces with marble and worked wooden chimney breasts and overmantels (some of which furnished with painting and/or mirror), built-in cupboards, carved work, cornice mouldings, wall coverings of textile materials, painted and stained stained glass, decorated metal and wooden grilles for the heating elements, lighting fixtures and stucco decorations on the ceilings. The walls of the entrance hall (vestibule) are for a large part clad with marble. The casement glass doors between hall and corridor are, as is the basket-arched fanlight, furnished with glazing bars. The corridor is furnished with tall wainscoting and a basket-arched barrel vault with cassettes. To the left of the corridor (north side) is situated the "gentlemen's room", which among others is furnished with a marble fireplace with iron interior and chimney breast and overmantel with carved work, walls with the original wall covering, a ceiling with wooden frame, built-in cupboards, carved grilles for the heating cupboards, wainscoting and stained glass in the casement terrace doors. The corridor leads via a double glass door under basket-arched fanlight with radial glazing bars towards the central hall with a spacious void, above which a wooden cassette ceiling from which hangs a large iron chandelier. The hall walls are likewise clad with tall wainscoting. Furthermore, there is located here a fireplace of wood, iron and marble, three glass doors filled with stained glass and the staircase to the first floor.
The wooden grand staircase has wainscoted walls and a heavy stair newel crowned by a wooden male goose sculpture created in 1919 by sculptor W.A. The moulded handrails of the balustrade rest on turned wooden balusters. The stair balustrades are moreover furnished with shields with carved work. The underside of the landing has a cassette division. The complex stairwell light contains representations of the three life phases of man designed by Jan Schouten van 't Prinsenhof (Delft). The balustrades of the landing are separated by a partly wainscoted corner column. Adjoining the hall are the former dining room and the former living room and the former salon separated from it by means of suite doors. The woodwork in the salon is green in colour with gold-coloured accents, in contrast to the brown lacquered woodwork elsewhere in the building. The fireplace is of marble and iron and has an overmantel with mirrors and a painting, in which the monogram consists of the letters KO. The walls in this room are furnished with wainscoting and the original jacquard wall covering. The heating elements stand behind carved grilles, the stained glass is partly painted and the ceiling is enlivened by stucco work. The built-in cupboards are furnished with glass doors and moulded profiles. The larger living room has a ceiling with stucco decorations, the original textile wall covering above the wooden wainscoting and a fireplace of marble and iron, above which a wooden overmantel with mirror and a painting with flower vase. The sliding doors between this room and the salon are glass doors with glazing bars. The large arch between the living room and the conservatory has the form of a recumbent elliptical arch. The conservatory has on the interior six arches, which span the windows, doors and passages and are furnished with carved work. The room intended as a dining room contains wainscoted walls and wall coverings of red damask, built-in cupboards with fine glazing bars in the glass doors, the original carpet, a fireplace of marble and iron under an overmantel with mirror, carved work and damask covering, a wooden cassette ceiling, terrace doors with stained glass and back doors to the corridor. The rooms on the first floor were intended as bedrooms, billiard room, sitting room and linen room. On the whole these spaces are somewhat simpler, but are also preserved to a large extent in the original condition. The windows are here likewise furnished with stained glass, some of which is (stained and) painted. Most doors are framed panel doors. In the long, wainscoted wall at the landing stands a large, decorated iron grille. The room with the balcony above the column portico was the billiard room. This contains a ceiling with cassettes, wainscoting, built-in cupboards with decorated framing, casement balcony doors filled with stained glass, likewise within a frame, and a fireplace of marble, copper, iron and wood. The wooden overmantel is furnished with panels, a built-in timepiece and two original lighting elements. Of the bedrooms on the east side of the house, the one in the south-east corner is furnished with a ceiling with stucco decoration, wall cladding with flocked print decor, a fireplace of marble and iron within a wooden frame with fluted pilasters and a mirror, and on either side a built-in cupboard with fine glazing bars in the doors. The former bedroom in the north-east corner has a fireplace of marble and iron and an overmantel with field-saver between the chimney breast and a broad cornice. The former bedroom on the south side has a low, cream-coloured wainscoting, stucco ceiling, wooden grilles for the heating elements and a wooden fireplace with copper hearth. In the roof truss on the loft storey a skylight with stained glass is situated.
Valuation
The country house with its associated interior is of general importance on account of its cultural-historical, architectural-historical and urban-planning value:
- as a particularly significant element of the history and development of Voorburg.
- on account of the stylistic characteristics typical of the building period, on account of the distinctive use of materials and on account of the quality of the design.
- as an essential component of a valued complex and on account of its situation, which is connected with the development of the region.
The house is likewise of importance on account of its recognisability and on account of the architectural integrity of its interior and exterior.
Nearby in the register
- Tuinmanswoning(L), Oosteinde 116Bijgebouwen kastelen enz.under 1 mi
- Toegangshek, Oosteinde bij 116Erfscheidingunder 1 mi
- Orangerie, Park Vronesteyn 12Tuin, park en plantsoenunder 1 mi
- Boerderij, Oosteinde 193Boerderijunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.