TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Oranjesingel 2

Nijmegen, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1915
Address
Oranjesingel 2, 6511 NS Nijmegen
Place
Nijmegen
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
51.84235, 5.86137
Monument number
522995

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

2 historical maps cover this location, the earliest the 1899 map "Composite: 327. Cleve." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Vrijstaand HERENHUIS gelegen in een door een smeedijzeren HEKWERK omgeven tuin, aan het begin van de Oranjesingel, nabij het Keizer Karelplein. De naamgeving van de Oranjesingel dateert van 17 juni 1882, de bebouwing erlangs is traceerbaar vanaf 1891. Het herenhuis is pas gebouwd in 1915 naar ontwerp van de Nijmeegse architect/bouwkundige W.J.H. van der Waarden, die zelf sinds 1903 in het door hemzelf ontworpen pand Oranjesingel 68 woonde. Opdrachtgeefster was jkvr. E.L.D.M. van Nispen tot Sevenaer.

Al in 1919 is het pand ingrijpend verbouwd in opdracht van dhr. J. Hartog. Architect was Oscar Leeuw (1866-1944). De verbouwing was ingrijpend, aan de achterzijde werd over de gehele breedte een strook met een diepte van twee meter bijgebouwd, aan de rechter zijde verrees een eenlaags entree en aan de linker zijde het overdekte terras. In het interieur werd een compleet nieuwe trap geplaatst.

In 1965 is aan de achterzijde op de begane grond een grote uitbouw gerealiseerd naar ontwerp van de Nijmeegse architect M.E. Veugelers. Deze uitbouw valt buiten de bescherming.

Omschrijving

Het in kruisverband gemetselde, bakstenen pand is opgetrokken op vierkante plattegrond en telt twee bouwlagen onder een met leien in Maasdekking gedekt afgeplat schilddak. Het pand bevat speklagen en - in de voorgevel - kozijnen en hoekblokken van witte kalksteen.

De asymmetrisch ingedeelde VOORGEVEL heeft links een driezijdige erker over twee bouwlagen. In de erker bevindt zich op de begane grond in het voorvlak een schuifvenster met enkelruits onderraam en 8-ruits bovenlicht, in de zijvlakken met 6-ruits bovenlicht. De erker heeft op de verdieping in het voorvlak een schuifvenster met enkelruits onderraam en 8-ruits bovenlicht en in de zijvlakken vensters met een vast kalf en 6-ruits bovenlicht. De erker eindigt in een balkon met smeedijzeren hekwerk tussen kalkstenen kolommen. Het balkon is toegankelijk via een 12-ruits stolpdeur met meerruits halfrond bovenlicht. De gevel eindigt hier in een halfrond beëindigde Vlaamse gevel. De goot volgt het verloop van de gevel. Rechts bevat de gevel op de begane grond een gebogen erker onder een lessenaarsdak. De erker bevat drie schuifvensters met enkelruits onderraam en 6-ruits bovenlicht. De verdieping heeft drie tweelichten met kalkstenen tussenstijl en enkelruits onderramen en 6-ruits bovenlichten boven een vast kalf. Tussen beide erkers bevindt zich de hoofdentree, bestaande uit een ondiep portiek met houten stolpdeur met panelen in gesneden omlijsting en een halfrond bovenlicht met rijk gesneden roedeverdeling in de vorm van een ondergaande zon met stralen met bloemmotieven. De portiek heeft een rijk gesneden omlijsting in kalksteen en een hardstenen stoep. Het voordakvlak bevat in het midden een getoogde dakkapel met 8-ruits stolpraam en 4-ruits bovenlicht en rechts een getoogde dakkapel met een drielicht met in het midden een 8-ruits stolpraam en 4-ruits bovenlicht en links en rechts een 4-ruits raam met 2-ruits bovenlicht.

De LINKER ZIJGEVEL bevat enkele speklagen. De gevel heeft op de begane grond geheel rechts en geheel links twee in 1965 ingehakte kruisvensters met enkelruits ramen. In het midden bevindt zich een overdekt terras. De grondvorm is langgerekt met aan de lange zijde richting de tuin een uitstekend halfrond gedeelte dat niet overdekt is. Het terras is toegankelijk via twee 2-ruits stolpdeuren. Boven het terras bevindt zich een balkon. Balkon en draagconstructie zijn geheel vervaardigd van zandsteen. Het balkon rust op een zestal zuilen met Ionische kapitelen, die staan op de borstwering die het terras omsluit. De zuilen dragen een zwaar hoofdgestel met onder meer modillons onder de kroonlijst. Het balkon wordt omheind door een balustrade met vaasvormige balusters tussen kolommen met spiegels. Het balkon is toegankelijk via twee 2-ruits stolpdeuren uit 1919 met elk een dubbel 4-ruits bovenlicht. De gevel op de verdieping is verder blind.

De ACHTERGEVEL wordt op de begane grond aan het oog onttrokken door de latere uitbouw. De verdieping heeft links een 2-ruits stolpdeur met 12-ruits bovenlicht met zijlichten met 4-ruits bovenlicht en in het midden twee 2-ruits stolpramen met 8-ruits bovenlicht uit 1919. Rechts zijn de sporen waarneembaar van twee in 1919 dichtgemetselde vensters. De zolder bevat in het midden een Vlaamse gevel met deels getoogde beëindiging uit vermoedelijk 1919. De gevel bevat twee in 1919 aangebrachte vensters. Links en rechts bevat het dakvlak twee dakkapellen met getoogde beëindiging. De dakkapellen hebben 2-ruits stolpramen met 2-ruits bovenlichten.

De RECHTER ZIJGEVEL bevat geheel rechts een in 1919 aangebrachte entree met w.c. en berghok. De uitbouw heeft een plat dak. De gevels worden beëindigd met een zwaar hoofdgestel van natuursteen. De voorgevel van de uitbouw bevat een houten paneeldeur, de rechter zijgevel vier vensters, twee aan twee gekoppeld. Bij de voorgevel steekt het hoofdgestel ver over en rust op zuilen op een hoog basement, hierdoor is een soort portiek ontstaan. Tussen de basementen bevindt zich een hardstenen stoep. De vensters, het natuursteen en de Vlaamse gevel in de rechter zijgevel dateren uit 1919.

Het INTERIEUR is voornamelijk op de begane grond in 1919 ingrijpend gewijzigd. Onder meer is een geheel nieuw trappenhuis aangelegd met een blankhouten lambrizering met panelen en een houten trap met twee soorten houten balusters, gedraaide en gezaagde. Het interieur bevat verder paneeldeuren en parketvloeren. Enkele kamers op de begane grond hebben rijke stucplafonds en schouwen.

De tuin wordt omgeven door ijzeren HEKWERKEN met door pieken bekroonde spijlen en golvende bovenzijde.

Waardering

Herenhuis met smeedijzeren hekwerk uit 1915, naar ontwerp van architect W.J.H. van der Waarden.

- Van architectuurhistorische waarde als goed en gaaf bewaard voorbeeld van een herenhuis met ornamentiek beïnvloed door de neorenaissance. Het pand valt op door hoogwaardige esthetische kwaliteiten, zoals het geavanceerde materiaalgebruik en de rijke ornamentiek. Karakteristiek zijn onder meer de ornamentiek in de voor- en deels zijgevels en de onderdelen in het interieur. Er is sprake van een ensemblewerking als onderdeel van de bebouwing langs de Oranjesingel, waarbinnen het pand behoort tot de omstreeks 1900 gangbare herenhuizen, welke samen met de oudere en latere typen en stijlen goed de ontwikkeling van de bouw van herenhuizen weergeven.

- Van stedebouwkundige waarde door de situering aan de Oranjesingel. De weg bezit nog een in vrij gave staat bewaard gebleven bestand aan historische huizen, die een aantrekkelijk en waardevol straatbeeld vormen.

- Van cultuurhistorische waarde als herkenbaar element uit een maatschappelijke ontwikkeling. Het pand is gebouwd als huisvesting voor de nieuwe en kapitaalkrachtige stedelijke elite, die zich bij voorkeur vestigde in kapitale herenhuizen in de nieuw aangelegde straten rond de oude stad; een stadsuitbreiding die met het verwijderen van de vestingwerken aan het eind van de 19de eeuw mogelijk was gewo

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Detached MANSION situated in a garden surrounded by wrought-iron FENCING, at the beginning of the Oranjesingel, near the Keizer Karelplein. The naming of the Oranjesingel dates from 17 June 1882, the buildings along it are traceable from 1891. The mansion was built in 1915 after a design by the Nijmegen architect/surveyor W.J.H. van der Waarden, who himself lived from 1903 in the building designed by him at Oranjesingel 68. The patron was baroness E.L.D.M. van Nispen tot Sevenaer.

Already in 1919 the building underwent major alterations on the instructions of Mr. J. Hartog. The architect was Oscar Leeuw (1866-1944). The alterations were extensive; at the rear, a strip two metres deep was added across the entire width, on the right side a single-storey entrance was erected and on the left side a covered terrace. A completely new staircase was installed in the interior.

In 1965 a large extension was realised at the rear on the ground floor according to a design by the Nijmegen architect M.E. Veugelers. This extension falls outside the protection.

Description

The building, constructed in English bond brickwork, is built on a square ground plan and comprises two storeys under a hipped roof covered with slate in Dutch pattern (Maas covering). The building contains brickwork bands and - in the front facade - window frames and corner blocks of white limestone.

The asymmetrically arranged FRONT FACADE has on the left a three-sided bay over two storeys. In the bay there is on the ground floor in the front section a sash window with single-light lower sash and 8-light fanlight, in the side sections with 6-light fanlight. The bay has on the first floor in the front section a sash window with single-light lower sash and 8-light fanlight and in the side sections windows with a fixed light and 6-light fanlight. The bay ends in a balcony with wrought-iron fencing between limestone columns. The balcony is accessible via a 12-light glazed door with multi-light semicircular fanlight. The facade ends here in a semicircular-ended Flemish gable. The gutter follows the line of the facade. On the right, the facade contains on the ground floor a curved bay under a sloping roof. The bay contains three sash windows with single-light lower sash and 6-light fanlight. The first floor has three two-lights with limestone mullion and single-light lower sashes and 6-light fanlights above a fixed light. Between both bays is the main entrance, consisting of a shallow portico with wooden glazed door with panels in carved moulding and a semicircular fanlight with richly carved glazing bars in the form of a setting sun with rays with floral motifs. The portico has a richly carved limestone moulding and a stone step. The roof section contains in the middle an arched dormer window with 8-light glazed ramplight and 4-light fanlight and on the right an arched dormer window with a three-light with in the middle an 8-light glazed ramplight and 4-light fanlight and left and right a 4-light window with 2-light fanlight.

The LEFT SIDE FACADE contains some brickwork bands. The facade has on the ground floor far right and far left two cross windows cut in in 1965 with single-light windows. In the middle is a covered terrace. The ground form is elongated with on the long side towards the garden a protruding semicircular section that is not covered. The terrace is accessible via two 2-light glazed doors. Above the terrace is a balcony. Balcony and supporting structure are entirely constructed of sandstone. The balcony rests on six columns with Ionic capitals, which stand on the parapet that surrounds the terrace. The columns carry a heavy entablature with among other things modillions under the cornice. The balcony is enclosed by a balustrade with vase-shaped balusters between columns with panels. The balcony is accessible via two 2-light glazed doors from 1919 each with a double 4-light fanlight. The facade on the first floor is otherwise blank.

The REAR FACADE is concealed on the ground floor by the later extension. The first floor has on the left a 2-light glazed door with 12-light fanlight with side lights with 4-light fanlight and in the middle two 2-light glazed windows with 8-light fanlight from 1919. On the right the traces are visible of two windows bricked up in 1919. The attic floor contains in the middle a Flemish gable with partly arched ending presumably from 1919. The facade contains two windows installed in 1919. Left and right the roof section contains two dormer windows with arched ending. The dormer windows have 2-light glazed rampleights with 2-light fanlights.

The RIGHT SIDE FACADE has far right an entrance installed in 1919 with w.c. and storage shed. The extension has a flat roof. The facades are terminated with a heavy natural stone entablature. The front facade of the extension contains a wooden panelled door, the right side facade four windows, two by two coupled. At the front facade the entablature projects far and rests on columns on a high basement, creating a kind of portico. Between the basements is a stone step. The windows, the natural stone and the Flemish gable in the right side facade date from 1919.

The INTERIOR was substantially altered on the ground floor mainly in 1919. Among other things a completely new stairwell was created with natural wood panelling with panels and a wooden stair with two types of wooden balusters, turned and sawn. The interior further contains panelled doors and parquet floors. Some rooms on the ground floor have rich stucco ceilings and chimneypieces.

The garden is surrounded by iron FENCING with spikes topped by points and undulating top.

Valuation

Mansion with wrought-iron fencing from 1915, after a design by architect W.J.H. van der Waarden.

- Of architectural-historical value as a well and faithfully preserved example of a mansion with ornamentation influenced by neo-renaissance. The building is notable for high aesthetic qualities, such as the advanced use of materials and the rich ornamentation. Characteristic are among other things the ornamentation in the front and partly side facades and the components in the interior. There is an ensemble effect as part of the development along the Oranjesingel, within which the building belongs to the mansions typical of around 1900, which together with the older and later types and styles well represent the development of mansion construction.

- Of urban-planning value due to its location on the Oranjesingel. The street still possesses a well-preserved stock of historical houses, which form an attractive and valuable streetscape.

- Of cultural-historical value as a recognisable element from a societal development. The building was constructed as housing for the new and capital-rich urban elite, which preferentially settled in substantial mansions in the newly laid-out streets around the old city; a urban expansion that became possible with the removal of the fortifications at the end of the 19th century

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map