TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Kronenburgersingel 231

Nijmegen, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1898
Address
Kronenburgersingel 231, Locatie: Centrum, 6511 AR Nijmegen
Place
Nijmegen
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
51.84590, 5.85599
Part of complex
522971
Monument number
522972

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

TU Delft Library

3 historical maps cover this location, the earliest the 1899 map "Composite: 327. Cleve." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Omschrijving

Dit HERENHUIS uit 1898 heeft een ongewone, stedenbouwkundig bepaalde, driehoekige grondvorm en bestaat uit twee bouwlagen met een zolderverdieping op een hoge kelder. Het pand heeft een hardstenen basement en in kruisverband gemetselde gevels die asymmetrisch zijn ingedeeld. De karakteristiek van het huis wordt voor een belangrijk deel bepaald door de torenachtige opbouw ter plaatse van de ingangspartij en het trappenhuis aan de Kronenburgersingel en de lagere torenachtige opbouw op de gevelhoek. De wat traditionelere invloed van de Neo-Renaissance is zichtbaar aan de gepleisterde horizontale sierbanden en -blokken ter plaatse van de wissel- en bovendorpels van de (over het algemeen) smalle schuiframen op de begane grond en de stolpramen op de verdieping, alsmede op de verdiepingscheiding. De modernere invloeden uiten zich onder meer in de asymmetrisch opzet van de gevels en de vormgeving van de luifels, de serre en de erker met glas-in-lood, de ingangspartij, de torenopbouwen en de balkonhekjes waarin zweepslagmotieven zijn verwerkt.

De gevels worden aan de bovenzijde afgesloten met een breed gepleisterd fries en een deels gecorniste, zwaar geprofileerde goot op houten klossen. De schuin aflopende dakschilden aan de zijden van de Kronenburgersingel en de Stieltjesstraat zijn met leien belegd en afgesloten met een geprofileerde horizontale lijst. Ook de torentjes zijn met leien belegd en hebben een zinken piron als afsluiting. De met het lage piramidevormige dak bekroonde noordoostelijke hoek van het pand heeft twee kleine uitkragende topgevels die met hardstenen deklijsten zijn afgedekt en zijn voorzien van een in hardsteen uitgevoerde vogel (pelikaan). De schuin aflopende dakschilden hebben drie oorspronkelijke dakkapellen, elk met een geheel eigen vorm en een zinken piron als afsluiting.

De asymmetrisch ingedeelde VOORGEVEL wordt gedomineerd door de centraal geplaatste ingangspartij in een smal en torenvormig beÙindigd risaliet dat op de verdieping is voorzien van een stolpraam met 3-ruits bovenlicht en ter plaatse van de zolder drie gekoppelde rondboogramen bevat. Daarboven kraagt het metselwerk uit met een gedeeltelijk gepleisterd baksteenfries en tandlijsten. De deels ingezwenkte torenbekroning bevat drie kleine dakkapellen. De verdiepingscheidingen worden in het risaliet aangegeven door in profielsteen uitgevoerde cordonlijsten. De entreepartij heeft de oorspronkelijk dubbele paneeldeur met deurroosters in een kozijn met een rondboogvormig afgesloten bovenlicht waarin zich nog de oorspronkelijke indeling bevindt. Boven de ingang bevindt zich een houten luifelconstructie met fraai bewerkte houten schoren en een mastiekbedekking. Het gevelgedeelte links wordt gedomineerd door een zeer fraai bewerkte, getrapt uitgevoerde, houten erker met gesneden houten kolommen en nog de oorspronkelijke indeling met smalle glas-in-lood bovenlichten met Art Nouveau motieven. Op het gedeeltelijk met mastiek bedekte dak van de erker bevindt zich een fraai gesneden houten balkonhek. Het hardstenen basement van de erker bevat een kelderraam. Het samengestelde verdiepingkozijn bevindt zich in een iets terugspringend gevelveld, is geprofileerd en voorzien van een brede balkondeur met twee zijlichten en vijf bovenlichten. Boven de getande latei bevinden zich rondboogmotieven in het metselwerk. Het gevelgedeelte rechts van het risaliet heeft een symmetrische indeling. Op de begane grond bevinden zich twee schuif- en op de verdieping twee stolpramen, elk met een 3-ruits bovenlicht en een gemetselde rondboog boven de getande latei. Boven de verdiepingramen bevindt zich een uitkragende topgevel waarin een smal driedelig kozijn is gevat. Op de begane grond bevindt zich voor de ramen een onderkelderd en omlopend bordes met een in hardsteen uitgevoerde trappartij en een eveneens in hardsteen uitgevoerde en bewerkte balustrade. Het haaks op de voorgevel gerichte smalle deel van de RECHTERZIJGEVEL aan de Stieltjesstraat heeft een in baksteen uitgevoerde erker met deels schuin geplaatste zijwanden. De erker heeft zijlichten en naar binnen slaande deuren en bevindt zich op hoog bordes waarvan de in hardsteen uitgevoerde balustrade gedeeltelijk omloopt. Een deel van de bovenlichten van de erker bevat nog de oorspronkelijke glas-in-loodramen. Ter plaatse van dit smalle gedeelte van de zijgevel is de tuin gedeeltelijk uitgegraven en bevindt zich een zeer korte oprit naar het monumentale hek aan de straatzijde. Vermoedelijk hebben de kelders onder het gebouw ooit gefunctioneerd als grote opslagruimten. Dit gedeelte van de zijgevel is voorzien van een risaliet ter breedte van het middendeel van de erker. Boven de erker bevinden zich in dit risaliet een dubbele balkondeur met bovenlichten en ter plaatse van de zolder een getrapt driedelig kozijn in een uitkragende topgevel, identiek aan die in de voorgevel. Het gesmede balkonhek is met zweepslagmotieven vormgegeven.

Het gevelgedeelte rechts is schuin geplaatst en bevindt zich in de rooilijn van de bebouwing aan de Stieltjesstraat. Dit gedeelte heeft boven de kelder een vijftal schuif- en stolpramen, alsmede een, nu dichtgezette, zijingang.

De RUIMTELIJKE INDELING van het pand is goed bewaard gebleven en wordt voor een deel bepaald door de stedenbouwkundige situatie. Het pand wordt door een doodlopende middengang met trappenhuis in twee helften gedeeld. De oorspronkelijke kamer en suite en de huiskamer zijn nog in de huidige indeling herkenbaar. Ook de zeer grote kelderruimten zijn nog aanwezig. Van de INTERIEURELEMENTEN zijn onder meer de rijk bewerkte stucplafonds met kooflijsten in de voormalige kamer en suite en de voormalige huiskamer bewaard gebleven, alsmede een viertal eenvoudige stucplafonds op de verdieping en ÚÚn op de zolderverdieping. Ook in de gedeeltelijk met marmer beklede gang zijn de plafonddecoraties, de oorspronkelijke trapelementen en de rijk vormgegeven stucdecoraties boven de zwaar geprofileerde deuromlijstingen nog aanwezig. Deze 'opzetstukken' bestaan uit een in een cirkelmotief gevatte bloemvazen, gevat in een door voluten, consoles en een gedeeltelijk gebogen kroonlijst afgesloten paneel. Het glas-in-lood in de bovenramen op de begane grond is gedeeltelijk ongeschonden uit de oorlog gekomen. De oorspronkelijke geÙtste glazen deuren zijn nog in het tochtportaal aanwezig, evenals de meeste paneeldeuren..

Waardering

HERENHUIS uit 1898, ontworpen door de architecten Van de Pluijm & Gielen in Overgangsarchitectuur.

- Van architectuurhistorische waarde als goed bewaard voorbeeld van een herenhuis, gebouwd in de stadsuitleg van Nijmegen in een Overgangsarchitectuur, typerend voor een gedeelte van de bebouwing aan de Singels in Nijmegen. Deze architectuur bevat vernieuwende elementen, gecombineerd met de wat traditionelere invloeden van bijvoorbeeld de Neo-Renaissance. Dit pand heeft een ongewone vorm en wordt gekarakteriseerd en gedomineerd door de torenachtige opbouwen. Het pand is bijzonder in de combinatie van de gaaf bewaard gebleven interieurelementen en de zorgvuldige detaillering van het gaaf bewaard gebleven exterieur. Er is bovendien een sterke ensemblewaarde en een stijlovereenkomst met het hekwerk aan de straatzijden.

- Van stedenbouwkundige waarde als onderdeel van het vanuit rijkswege beschermde deel van de binnenstad van Nijmegen, vanwege de zeer markante en in de architectuur vertaalde hoekligging en vanwege de situering van het pand aan de rand van het Kronenburgerpark, alwaar het in combinatie met de aanwezige groenaanleg een schilderachtig geheel vormt.

- Van cultuurhistorische waarde als herkenbaar element uit een maatschappelijke ontwikkeling. Het pand is gebouwd als huisvesting voor de nieuwe en kapitaalkrachtige stedelijke elite, die zich bij voorkeur vestigde in kapitale herenhuizen in de nieuw aangelegde straten rond de oude stad; een stadsuitbreiding die met het verwijderen van de vestingwerken aan het eind van de 19de eeuw mogelijk was geworden.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Description

This MANSION from 1898 has an unusual, urban-design-determined, triangular ground plan and consists of two storeys with an attic storey on a high basement. The building has a ashlar basement and facades laid in alternating bond that are asymmetrically arranged. The characteristic of the house is determined to a significant extent by the tower-like construction at the location of the entrance section and staircase on the Kronenburgersingel and the lower tower-like construction on the gable corner. The somewhat more traditional influence of Neo-Renaissance is visible in the plastered horizontal decorative bands and blocks at the location of the sills and lintels of the (generally) narrow sash windows on the ground floor and casement windows on the upper storey, as well as on the storey separation. The more modern influences are expressed among other things in the asymmetrical layout of the facades and the design of the canopies, the conservatory and the bay window with leaded glass, the entrance section, the tower constructions and the balcony railings in which whiplash motifs are incorporated.

The facades are terminated at the top with a wide plastered frieze and a partly corniced, heavily profiled gutter on wooden brackets. The sloping roof tiles on the sides of the Kronenburgersingel and the Stieltjesstraat are covered with slate and terminated with a profiled horizontal moulding. The turrets are also covered with slate and have a zinc finial as termination. The northeastern corner of the building, crowned with the low pyramidal roof, has two small cantilevered gable tops that are covered with ashlar capstones and are provided with a bird carved in ashlar (pelican). The sloping roof tiles have three original dormer windows, each with its own distinctive form and a zinc finial as termination.

The asymmetrically arranged FRONT FACADE is dominated by the centrally placed entrance section in a narrow and tower-form-terminated risalit that on the upper storey is provided with a casement window with 3-light fanlight and at the level of the attic contains three coupled round-arch windows. Above this the brickwork corbels out with a partly plastered brick frieze and dentil mouldings. The partly recessed tower crown contains three small dormer windows. The storey separations in the risalit are indicated by cordon mouldings executed in ashlar. The entrance section has the originally double panel door with door grilles in a frame with a round-arch-terminated fanlight in which the original arrangement still remains. Above the entrance there is a wooden canopy construction with finely worked wooden brackets and a mastic covering. The facade section on the left is dominated by a very finely worked, stepped wooden bay window with carved wooden columns and still the original arrangement with narrow leaded glass fanlights with Art Nouveau motifs. On the partly mastic-covered roof of the bay window there is a finely carved wooden balcony railing. The ashlar basement of the bay window contains a cellar window. The composite upper-storey window frame is located in a slightly recessed facade field, is profiled and provided with a wide double door to a balcony with two side lights and five fanlights. Above the dentil lintel there are round-arch motifs in the brickwork. The facade section to the right of the risalit has a symmetrical arrangement. On the ground floor there are two sash windows and on the upper storey two casement windows, each with a 3-light fanlight and a built-up round arch above the dentil lintel. Above the upper-storey windows there is a cantilevered gable top in which a narrow three-part frame is set. On the ground floor in front of the windows there is a sunken and circumferential stoop with a staircase executed in ashlar and a likewise executed and worked balustrade in ashlar. The narrow part of the RIGHT SIDE FACADE on the Stieltjesstraat, oriented at right angles to the front facade, has a bay window executed in brick with partly angled side walls. The bay window has side lights and inward-opening doors and is located on a high stoop of which the ashlar-executed balustrade partly circumfers. Part of the fanlights of the bay window still contains the original leaded glass windows. At the location of this narrow part of the side facade, the garden has been partly excavated and there is a very short ramp to the monumental gate at the street side. Presumably the cellars beneath the building once functioned as large storage rooms. This section of the side facade is provided with a risalit to the width of the central part of the bay window. Above the bay window there are in this risalit a double balcony door with fanlights and at the level of the attic a stepped three-part frame in a cantilevered gable top, identical to that in the front facade. The wrought balcony railing is designed with whiplash motifs.

The facade section on the right is angled and is located in the building line of the buildings on the Stieltjesstraat. This section has above the basement five sash and casement windows, as well as a now blocked-up side entrance.

The SPATIAL LAYOUT of the building has been well preserved and is determined in part by the urban-design situation. The building is divided into two halves by a dead-end central corridor with staircase. The original rooms en suite and the living room are still recognizable in the current arrangement. The very large cellar spaces are also still present. Of the INTERIOR ELEMENTS, among others the richly worked stucco ceilings with cove mouldings in the former rooms en suite and the former living room have been preserved, as well as four simple stucco ceilings on the upper storey and one on the attic storey. Also in the partly marble-clad corridor the ceiling decorations, the original staircase elements and the richly designed stucco decorations above the heavily profiled door casings are still present. These 'set pieces' consist of flower vases set in a circular motif, set in a panel terminated by volutes, consoles and a partly curved cornice. The leaded glass in the fanlights on the ground floor has partly come through the war intact. The original frosted glass doors are still present in the draught vestibule, as are most of the panel doors.

Valuation

MANSION from 1898, designed by the architects Van de Pluijm & Gielen in Transitional Architecture.

- Of architectural-historical value as a well-preserved example of a mansion, built in the urban expansion of Nijmegen in a Transitional Architecture, characteristic of a part of the buildings on the Singels in Nijmegen. This architecture contains innovative elements, combined with the somewhat more traditional influences of, for example, Neo-Renaissance. This building has an unusual form and is characterized and dominated by the tower-like constructions. The building is distinctive in the combination of the well-preserved interior elements and the careful detailing of the well-preserved exterior. There is moreover a strong ensemble value and a stylistic correspondence with the ironwork on the street sides.

- Of urban-design value as part of the state-protected part of the inner city of Nijmegen, because of the very striking corner location and its translation into architecture and because of the location of the building on the edge of the Kronenburgerpark, where in combination with the existing greenery it forms a picturesque whole.

- Of cultural-historical value as a recognizable element from a social development. The building was built as housing for the new and wealthy urban elite, which preferred to settle in substantial mansions in the newly laid-out streets around the old city; an urban expansion that had been made possible by the removal of the fortifications at the end of the 19th century.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map