TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Parochiekerk, Dennis Leestraat 27

Stampersgat, Noord-Brabant, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Kerk en kerkonderdeel
Function
Parochiekerk
Category
onroerend gebouwd
Built
1923 - 1924
Address
Dennis Leestraat 27, 4754 BA Stampersgat (Halderberge 30)
Place
Stampersgat
Municipality
Halderberge
Province
Noord-Brabant
Country
Netherlands
Coordinates
51.61352, 4.44523
Part of complex
521520
Monument number
521521

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

Utrecht University Library

2 historical maps cover this location, the earliest the 1911 map "43 Willemstad" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding.

De PAROCHIEKERK H. Martelaren van Gorcum (ook bekend als H. Leonardus en Gezellen) ligt aan de noordelijke zijde van de Dennis Leestraat. Aan die zijde een ter afscheiding van de straat gevormd plantsoen waarin zich een monument bevindt uit 1958 voor de heer J.F. Vlekke. Aan de westzijde van de kerk een kerkplein dat toegang verleent tot een pad in de richting van het kerkhof met lijkenhuisje ten noorden van de kerk. Aan deze zijde bovendien een voormalig klooster en een moestuin. Aan de oostzijde een modern woonhuis dat als pastorie fungeert. De kerk werd in 1923-1924 gebouwd door de architect Wolter te Riele Gzn. (1867-1937) naar het voorbeeld van de eveneens door hem gebouwde H. Jacobus de Meerderekerk te Lonneker bij Enschede uit 1911-1912. Aannemer was H.J. van den Berg uit Stompwijk/Leidschendam. Bouwpastoor was P.J. Wagemakers die vanaf 1905 tot aan 1933 als pastoor aan de parochie verbonden was. De kerk werd ingewijd in september 1924. Wolter te Riele was één van de leerlingen van Dr. Pierre Cuypers en bouwde een groot aantal kerken voornamelijk in Gelderland en Overijssel. Diverse van zijn kerken tonen invloed van de architect Alfred Tepe. Binnen zijn late oeuvre ontwikkelde hij een vrijere ontwikkeling waarbij invloeden te zien zijn van het baksteenexpressionisme. De kerk te Stampersgat is hiervan een duidelijk voorbeeld. De neogotiek is hier gekoppeld aan een expressionistisch interieur met de nadruk op baksteen (het voorbeeld te Lonneker kende nog een gepleisterd interieur). Het gebouw werd zwaar beschadigd in 1944 waarbij het koorgewelf instortte en het hoogaltaar deels vernield werd. Na herstelling werd de kerk respectievelijk in 1951, 1953 en 1956 voorzien van figuratieve glasramen door glazenier Jan Willemen (1912-1985).

Omschrijving.

Georiënteerde neogotische driebeukige kruiskerk met centraliserende opbouw van het basilicale type. Vierkante vieringstoren met spits die boven een insnoering bestaat uit een achtzijdige tamboer met dito spits. De tamboer bevat binnen iedere zijde een opening met driepas. Op de insnoering vier wijzerplaten. Traptoren aan de westzijde met achtzijdig tentdak. Op het schip bevindt zich een zadeldak. Op de transeptarmen en het vijfzijdig gesloten koor een omlopend schilddak. Op de zijbeuken en koorkapellen een schilddak. Driezijdige tentdaken op de westelijke zijkapellen. In de oksel van koor en noordelijke transeptarm enkele nevenruimtes met schilddak en platte daken. Op het schilddak een gemetselde schoorsteen en een dakkapel. Torens en daken gedekt met leien in Maasdekking; diverse kleine dakkapellen met zadeldakje en veelzijdig overstek aan de voorzijde. Op de vieringstoren, de top van de westgevel en het nokeinde van het koor een smeedijzeren kruis, op de traptoren en de nokeinden van transeptarmen en zijkapellen een smeedijzeren sierelement. Schoorsteen op de nok van het koor. Transept en koor met gelijke nokhoogten en dakvoeten. Schip met hogere nokhoogte en dakvoeten.

Westelijke zijkapellen met lagere nokhoogten en dakvoeten dan zijbeuken en koorkapellen. Door de monumentale hoogte van het kerkgebouw en zijn forse vieringstoren neemt de kerk een zeer in het oog vallende positie in binnen de dorpskom van Stampersgat. Het gebouw is opgetrokken uit in kruisverband gemetselde baksteen met toepassing van kunststeen bij gevelopeningen en leien op afzaten. Het schip heeft vier traveeën, de zijbeuken aan de westzijde van het transept hebben vier traveen, aan de oostzijde hebben ze één travee, het transept heeft twee traveeën en het koor één travee met 7/12 sluiting. De koorkapellen hebben één travee met 2/8 sluiting. Aan de bovenzijde van de gevels een bakstenen muizentandlijst.

De viering wordt bekroond door een toren met twee geledingen. De eerste bevat aan iedere zijde twee vensters met spitsboog. De tweede bevat centraal een galmgat met spitsboog en aan weerskanten een spitsboogvormig spaarveld. Binnen de westgevel van het schip bevindt zich de hoofdingang en aan weerskanten een oculus. Boven de ingang een sierveld met kunststenen tracering en centraal een nis met het zandstenen beeld van Leonardus van Veghel. Hierboven een groot spitsboogvenster met aan weerskanten een spitsboogvormig spaarveld. Het spitsboogvenster is onderverdeeld in twee lancetvensters en geheel bovenaan een venstertop. De lancetvensters bestaan uit twee boven elkaar gelegen spitsboogvensters. Binnen de geveltop drie spitsboogvormige spaarvelden waarvan het centrale exemplaar voorzien is van een gevelopening met luikje. Rechts van de kopgevel een traptoren met drie reeksen van trapsgewijs oplopende spleetvensters en bovenaan een reeks van spitsboogvensters. In de oksel van het schip en de westelijke kopgevels van de zijbeuken een driezijdige zijkapel met spitsboogvensters. De zijbeuken hebben per travee een spitsboogvenster. Binnen de west- en oostgevels hebben ze één spitsboogvenster. Het middenschip heeft een reeks van drie gekoppelde kleine spitsboogvensters en beneden binnen de eerste travee bovendien een groot spitsboogvenster. Binnen de kopgevels van het transept bevinden zich twee spitsboogvensters. In de noord- en zuidgevels van het transept bevindt zich een oculusvenster. De koorkapellen hebben drie spitsboogvensters. Het koor bevat zeven van dergelijke vensters. De nevenruimtes in de oksel van koor en noordelijke transeptarm hebben diverse getoogde gevelopeningen. De ingangen zijn hier bereikbaar via gemetselde trappen. Inwendig toont de kerk gemetselde wanden, pijlers en kruisribgewelven in diverse types. Zo zijn het schip en de viering voorzien van stergewelven. Het in bruine en rode baksteen uitgevoerde metselwerk van de wanden is uitgevoerd in kruisverband. Basementen en kapitelen zijn uitgevoerd in grijs graniet. Boogaanzetten en cordonlijsten zijn voorzien van siermetselwerk. Gewelf- en boogaanzetten alsmede ribben bevatten polychromie met decoratieve motieven. Binnen de vieringstoren bevindt zich een polychrome tekstband met de vermelding SANCTm.MARTORUM LEONARDI.ET SOCm EJUS CONCEDAT NOBIS.DOMINUS.SALUTEM ET PACEM PER.MERITA.ET INTERCESSIONUM. Het schip, de transeptarmen en het koor hebben een tweedelige opstand. Het koor heeft beneden witgepleisterde spitsboognissen en boven aan weerskanten van de traveeën een grijsgranieten colonnet op een kunststenen kraagsteen. De gemetselde orgeltribune is driezijdig en bevat siermetselwerk alsmede verzonken panelen met polychromie. De tribune rust op twee grijsgranieten zuilen met dito kapiteel en basement. De vloeren zijn voorzien van geometrische tegelpatronen met in de koortravee een Jeruzalemkruis. Het koor is voorzien van een vloer en altaarbordes in travertin en heeft zwartgranieten toegangstreden. Het gebouw bezit een deels nog oorspronkelijke inventaris. In het koor staat een weliswaar monumentale kunststenen altaartombe (ca. 1947) met reliëfs (Emmaüsscène, Izaäksoffer, Melchisedech-offer). Twee grijsgranieten communiebanken met centraal een gesloten deel met tekstpaneel in rose marmer binnen groenmarmeren lijsten (DOMINE NON SUM DIGNUS/UT INTRES SUB TECTUM MEUM (l.) en SED TANTUM DIC VERBO/ET SANABITUR ANIMA MEA). Aan weerskanten een open gedeelte dat ingevuld is met een koperen reliëfelement (druiventrossen, Pie Pelicane, dorstend hert, korenaren). In de noordelijke koorkapel de grijsgranieten tombe van het voormalige hoofdaltaar (door Wolter te Riele) dat in 1944 deels vernield werd. Op de tombe bevinden zich deels gepolychromeerde zandstenen reliëfs (Izaäksoffer, Presentatie toonbroden, brandoffer). Aan de noordzijde van het koor een zwartgranieten hoeksteen waarop het Christusmonogram met Alpha en Omegateken alsmede de tekst Ao D/I OCTOBRIS/MCMXXIII. Binnen de zuidelijke koorkapel twee witmarmeren herdenkingsplaten met tekst: TER HERINNERING AAN DE OPRICHTING/VAN DE PAROCHIE VAN DE H. MARTELAREN/VAN GORCUM TE STAMPERSGAT 9 JUNI 1899:/HET EERSTE KERKBESTUUR: P.A. JONGENEELEN, L. UITDEWILLIGEN,/M. VERAART, J.F. VLEKKE./HET EERSTE ARMBESTUUR:/G.P. BUS, J. KROONEN,/P.J. VAN SPRUNDEL, P.J. VERHEIJEN. (linker plaat) en: TER HERINNERING AAN DE PASTOORS/VAN DE PAROCHIE VAN DE H.H. MARTELAREN/VAN GORCUM TE STAMPERSGAT:/J. VAN GINNEKEN 1899-1905/P.J. WAGEMAKERS 1905-1933/A. V.D. WEIJGAERT 1933-1940/J.J.M. LIPS 1940-1962/W.F. MAAS 1962-1966/H.J.J. DE KORT 1966-1981/A. V.D. BOSCH SCJ 1982-. De kerk bevat diverse (deels nog oorspronkelijke) glas-in-loodramen. Binnen de zijbeuken en het transept zijn ze sober uitgevoerd met symbolische motieven in de venstertoppen.

Binnen de oculi bevatten ze bloemmotieven. De vensters van het koor en de koorkapellen bevatten vijftien ramen van glazenier Jan Willemen. De koorramen (uit 1951) verbeelden: Epifanie, Presentatie Christus, Transfiguratie, Laatste Avondmaal, Verrijzenis, Hemelvaart Christus, Pinksterfeest; de ramen in de Mariakapel (uit 1953) verbeelden: Adam en Eva in het paradijs, Annunciatie, Madonnafiguur, Hemelvaart Maria; de ramen in de Jozefkapel (uit 1956) verbeelden: Ite ad Joseph (Oud Testamentische Jozef), Vlucht naar Egypte, Jozeffiguur, Sterfbed H. Jozef. De kerk bevat voorts veertien kruiswegstaties van Gerrit de Morée (geboren in 1909) uit omstreeks 1924 en enige heiligenbeelden waaronder een zandstenen Pietà, eveneens omstreeks 1924. Bij de hoofdingang bevindt zich een houten tochtportaal dat voorzien is van panelen met vellingkanten en een kroonlijst met bloktandverdeling. Het bovenste deel springt terug en fungeert als een lichtbeuk met glas-in-loodvulling.

Waardering.

Het object is van algemeen belang. Het heeft cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van de ontwikkeling van de rooms-katholieke kerk voor wat betreft bestemming en verschijningsvorm. Het heeft architectuur- en kunsthistorische waarde als een goed en gaaf voorbeeld in ex- en interieur van een neogotische kerk uit de jaren twintig van de twintigste eeuw waarin invloeden uit het baksteenexpressionisme zichtbaar zijn. Voorts van belang als een laat werk binnen het oeuvre van Wolter te Riele Gzn. die gezien moet worden als een belangrijke architect op het gebied van de neogotische architectuur. Buiten Gelderland en Overijssel is zijn oeuvre tamelijk beperkt. De kerk te Stampersgat is van architectuurhistorisch belang vanwege de hoogwaardige esthetische kwaliteit in ex- en interieur, zoals gave verhoudingen en een bijzondere inwendige ruimtewerking en detaillering. Voorts van belang vanwege diverse waardevolle onderdelen binnen de inventaris, zoals het figuratieve glas-in-lood uit 1951/1953/1956 van glazenier Jan Willemen en de kruiswegreeks van kunstschilder Gerrit de Morée. Het object heeft ensemblewaarden als essentieel onderdeel van een historisch gegroeid religieus ensemble, voorts bestaande uit de begraafplaats met lijkenhuisje ten noorden van de kerk met deels monumentale toegangspoorten die voorzien zijn van heiligenbeelden, alsmede een voormalig klooster eveneens aan de noordzijde van de kerk en een herdenkingsmonument voor de heer Vlekke aan de zuidzijde van het gebouw. De kerk heeft stedenbouwkundige waarde door de markante en in het oog vallende positie die ze inneemt binnen de kom van Stampersgat. Door de monumentale verhoudingen is het object van belangrijke ruimtelijke betekenis binnen het dorp dat overwegend bepaald wordt door één- en tweelaags bebouwing. Ook in de wijdse omgeving van Stampersgat heeft het kerkgebouw een belangrijke ruimtelijke werking. Het object is van belang wegens de gaafheid van de architectonische hoofdvorm en delen van het interieur en de inventaris.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction.

The PARISH CHURCH OF THE Holy Martyrs of Gorcum (also known as St. Leonard and Companions) is located on the northern side of Dennis Leestraat. On that side, a planted area formed to separate it from the street contains a monument from 1958 for Mr. J.F. Vlekke. On the west side of the church is a church square providing access to a path leading to the churchyard with a mortuary to the north of the church. On this side, also a former monastery and a vegetable garden. On the east side, a modern residential building serving as a rectory. The church was built in 1923-1924 by architect Wolter te Riele Gzn. (1867-1937) following the example of the Holy James the Greater Church he also built at Lonneker near Enschede in 1911-1912. The contractor was H.J. van den Berg from Stompwijk/Leidschendam. The building pastor was P.J. Wagemakers who was associated with the parish as pastor from 1905 until 1933. The church was consecrated in September 1924. Wolter te Riele was one of the pupils of Dr. Pierre Cuypers and built a large number of churches mainly in Gelderland and Overijssel. Several of his churches show the influence of architect Alfred Tepe. Within his late work he developed a freer approach showing influences of brick expressionism. The church at Stampersgat is a clear example of this. The Neo-Gothic is here combined with an expressionist interior emphasizing brickwork (the example at Lonneker still had a plastered interior). The building was severely damaged in 1944 when the choir vault collapsed and the high altar was partly destroyed. After restoration, the church was respectively provided in 1951, 1953 and 1956 with figurative stained-glass windows by glazier Jan Willemen (1912-1985).

Description.

Oriented Neo-Gothic three-aisled cruciform church with centralizing basilical composition. Square crossing tower with spire consisting above a constriction of an octagonal drum with matching spire. The drum contains within each side an opening with trefoil. Four clock faces on the constriction. Stair tower on the west side with octagonal tent roof. On the nave a gabled roof. On the transept arms and the five-sided closed choir an encompassing hipped roof. On the side aisles and choir chapels a hipped roof. Three-sided tent roofs on the western side chapels. In the angle of choir and northern transept arm several subsidiary spaces with hipped roofs and flat roofs. On the hipped roof a brick chimney and a roof dormer. Towers and roofs covered with slates in Maas laying; various small roof dormers with gabled roof and multi-sided overhang on the front. On the crossing tower, the top of the west gable and the ridge end of the choir a wrought-iron cross, on the stair towers and the ridge ends of transept arms and side chapels a wrought-iron ornamental element. Chimney on the ridge of the choir. Transept and choir with equal ridge heights and eaves heights. Nave with higher ridge height and eaves height.

Western side chapels with lower ridge heights and eaves heights than side aisles and choir chapels. Due to the monumental height of the church building and its substantial crossing tower, the church occupies a very conspicuous position within the village centre of Stampersgat. The building is constructed of brick laid in Flemish bond with the use of artificial stone at gable openings and slate on offsets. The nave has four bays, the side aisles on the west side of the transept have four bays, on the east side they have one bay, the transept has two bays and the choir one bay with 7/12 closure. The choir chapels have one bay with 2/8 closure. At the top of the gables a brick dentil moulding.

The crossing is crowned by a tower with two storeys. The first contains on each side two windows with pointed arch. The second contains centrally a sound hole with pointed arch and on either side a field in pointed arch form. Within the west gable of the nave is the main entrance and on either side an oculus. Above the entrance an ornamental field with artificial stone tracery and centrally a niche with the sandstone image of Leonard of Veghel. Above this a large pointed-arch window with on either side a field in pointed arch form. The pointed-arch window is subdivided into two lancet windows and at the very top a window head. The lancet windows consist of two pointed-arch windows placed one above the other. Within the gable top three fields in pointed arch form of which the central example is provided with a gable opening with shutter. To the right of the gable end a stair tower with three rows of gradually ascending slit windows and at the top a row of pointed-arch windows. In the angle of the nave and the western gable ends of the side aisles a three-sided side chapel with pointed-arch windows. The side aisles have per bay a pointed-arch window. Within the west and east gables they have one pointed-arch window. The central nave has a row of three coupled small pointed-arch windows and below within the first bay furthermore a large pointed-arch window. Within the gable ends of the transept are two pointed-arch windows. In the north and south gables of the transept is an oculus window. The choir chapels have three pointed-arch windows. The choir contains seven of such windows. The subsidiary spaces in the angle of choir and northern transept arm have various arched gable openings. The entrances are accessible here via brick stairs. Internally the church shows brick walls, pillars and cross-rib vaults of various types. Thus the nave and the crossing are provided with star vaults. The brickwork of the walls executed in brown and red brick is carried out in Flemish bond. Bases and capitals are executed in grey granite. Arch springing and string courses are provided with ornamental brickwork. Vault and arch springing as well as ribs contain polychromy with decorative motifs. Within the crossing tower is a polychrome text band with the inscription SANCTm.MARTORUM LEONARDI.ET SOCm EJUS CONCEDAT NOBIS.DOMINUS.SALUTEM ET PACEM PER.MERITA.ET INTERCESSIONUM. The nave, the transept arms and the choir have a two-part elevation. The choir has below white-plastered pointed-arch niches and above on either side of the bays a grey granite colonette on an artificial stone corbel. The brick organ gallery is three-sided and contains ornamental brickwork as well as recessed panels with polychromy. The gallery rests on two grey granite columns with matching capital and base. The floors are provided with geometric tile patterns with in the choir bay a Jerusalem cross. The choir is provided with a floor and altar dais in travertine and has black granite access steps. The building possesses partly original furnishings. In the choir stands an admittedly monumental artificial stone altar tomb (c. 1947) with reliefs (Emmaus scene, Sacrifice of Isaac, Melchizedek offering). Two grey granite communion rails with centrally a closed section with text panel in rose marble within green marble borders (DOMINE NON SUM DIGNUS/UT INTRES SUB TECTUM MEUM (l.) and SED TANTUM DIC VERBO/ET SANABITUR ANIMA MEA). On either side an open section filled with a copper relief element (grape clusters, Pie Pelicane, thirsting hart, ears of grain). In the northern choir chapel the grey granite tomb of the former high altar (by Wolter te Riele) which was partly destroyed in 1944. On the tomb are partly polychromed sandstone reliefs (Sacrifice of Isaac, Presentation of showbread, burnt offering). At the north side of the choir a black granite corner stone with the Christogram with Alpha and Omega sign as well as the text Ao D/I OCTOBRIS/MCMXXIII. Within the southern choir chapel two white marble memorial plaques with text: IN MEMORY OF THE ESTABLISHMENT/OF THE PARISH OF THE HOLY MARTYRS/OF GORCUM AT STAMPERSGAT 9 JUNE 1899:/THE FIRST CHURCH COUNCIL: P.A. JONGENEELEN, L. UITDEWILLIGEN,/M. VERAART, J.F. VLEKKE./THE FIRST POOR BOARD:/G.P. BUS, J. KROONEN,/P.J. VAN SPRUNDEL, P.J. VERHEIJEN. (left plaque) and: IN MEMORY OF THE PASTORS/OF THE PARISH OF THE HOLY MARTYRS/OF GORCUM AT STAMPERSGAT:/J. VAN GINNEKEN 1899-1905/P.J. WAGEMAKERS 1905-1933/A. V.D. WEIJGAERT 1933-1940/J.J.M. LIPS 1940-1962/W.F. MAAS 1962-1966/H.J.J. DE KORT 1966-1981/A. V.D. BOSCH SCJ 1982-. The church contains various (partly original) stained-glass windows. Within the side aisles and the transept they are executed soberly with symbolic motifs in the window heads.

Within the oculi they contain floral motifs. The windows of the choir and the choir chapels contain fifteen panes by glazier Jan Willemen. The choir windows (from 1951) depict: Epiphany, Presentation of Christ, Transfiguration, Last Supper, Resurrection, Ascension of Christ, Pentecost; the windows in the Mary chapel (from 1953) depict: Adam and Eve in paradise, Annunciation, Madonna figure, Assumption of Mary; the windows in the Joseph chapel (from 1956) depict: Ite ad Joseph (Old Testament Joseph), Flight to Egypt, Joseph figure, Deathbed of St. Joseph. The church contains furthermore fourteen Stations of the Cross by Gerrit de Morée (born in 1909) from around 1924 and some holy images including a sandstone Pietà, also from around 1924. At the main entrance is a wooden draught porch provided with panels with bevelled edges and a cornice with dentil pattern. The upper part is set back and functions as a light bay with stained-glass filling.

Valuation.

The object is of general importance. It has cultural-historical value as a distinctive expression of the development of the Roman Catholic church regarding purpose and appearance. It has architectural and art-historical value as a good and intact example in exterior and interior of a Neo-Gothic church from the nineteen-twenties of the twentieth century in which influences from brick expressionism are visible. Furthermore significant as a late work within the oeuvre of Wolter te Riele Gzn. who must be regarded as an important architect in the field of Neo-Gothic architecture. Outside Gelderland and Overijssel his oeuvre is fairly limited. The church at Stampersgat is of architectural-historical importance due to the high aesthetic quality in exterior and interior, such as intact proportions and a distinctive internal spatial composition and detailing. Furthermore significant due to various valuable components within the inventory, such as the figurative stained glass from 1951/1953/1956 by glazier Jan Willemen and the Stations of the Cross series by artist Gerrit de Morée. The object has ensemble values as an essential part of a historically evolved religious ensemble, further consisting of the cemetery with mortuary to the north of the church with partly monumental access gates provided with holy images, as well as a former monastery also on the north side of the church and a memorial monument for Mr. Vlekke on the south side of the building. The church has urban planning value through the striking and conspicuous position it occupies within the centre of Stampersgat. Due to the monumental proportions the object is of important spatial significance within the village which is predominantly characterized by one and two-storey buildings. Also in the wide surroundings of Stampersgat the church building has important spatial effect. The object is significant due to the integrity of the architectural main form and parts of the interior and inventory.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map