TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Maria-oord

Vught, Noord-Brabant, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Onderwijs en wetenschap
Function
Schoolgebouw
Category
onroerend gebouwd
Built
1910
Address
Park Glorieux 1, 5261 RZ Vught (and others)
Place
Vught
Province
Noord-Brabant
Country
Netherlands
Coordinates
51.65173, 5.29917
Monument number
521341

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

Utrecht University Library

3 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 25 's-Hertogenbosch, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

De KOSTSCHOOL "Mariaoord" is gelegen in een groot park in landschappelijke stijl, op de hoek Glorieuxlaan - Vlasmeersestraat. Het gebouw werd in 1910 opgetrokken in opdracht van de zusters Ursulinen uit Uden. Deze vestigden in 1899 een normaalschool voor meisjes in de aangrenzende villa "Roucouleur". Elf jaar later besloten zij tot uitbreiding van de school met een nieuw pensionaatsgebouw, dat naast de villa gebouwd zou worden. Voor het ontwerp van de kostschool, die stijlelementen van de Neo-Renaissance en de Um-1800 stijl vertoont, werd de Bossche architect J. Dony aangetrokken, die ook verantwoordelijk was voor het ontwerp van een ander Vughts pensionaat; Regina Coeli. Op het internaat "Mariaoord" werden verschillende vormen van onderwijs gegeven. Zo waren er een MULO, diverse vakopleidingen en lager onderwijs. In 1928 vertrokken de Ursulinen uit het gebouw, maar bleef het nog steeds in gebruik als opleidingsinstituut voor meisjes. Ook thans is er nog een opleidingsinstituut in gevestigd. Het internaatsgebouw is in de loop der jaren zowel in- als uitwendig vrijwel ongewijzigd gebleven, met uitzondering van de kapel. Aan de Glorieuxlaan 2 werd enige jaren na de bouw van de kostschool een woning voor de rector van het internaat opgetrokken.

Omschrijving

Het gebouw heeft een globaal L-vormige plattegrond, bestaand uit een langerekte, rechthoekige vleugel voor het internaat langs de Glorieuxlaan, met aan de oostzijde een haaks hierop aansluitende kapel. Het gebouw telt drie bouwlagen plus een souterrain onder een schilddak, gedekt met leien. Dakkapellen in de dakschilden. Boven de westelijke, zuidelijke en oostelijke gevel zijn deze dakkapellen voorzien van frontons. In het midden van de internaatsvleugel een kleine ronde koepel, bekroond met een kruis. De gevels zijn opgetrokken in baksteen, met een rijke toepassing van natuursteen voor elementen zoals sierlijsten, aanzet- en sluitstenen boven de vensters, etc. De internaatsvleugel is voorzien van recht gesloten vensters met kruisramen met fijne roedenverdeling, aan de bovenzijde afgedekt door een strek met natuurstenen aanzet- en sluitstenen. Aan de onderzijde van de vensters een natuurstenen vensterbank, rustend op voluutvormige consoles. De voorgevel (zuidgevel) wordt gekenmerkt door een symmetrische opbouw en heeft een met fronton bekroonde middenrisaliet, waarin de hoofdingang is gelegen, en twee risalerende hoekpartijen. De hoofdingang is bereikbaar via een bordestrap met natuurstenen balustrade. Hierboven voor de ingang een overhuiving met rondbogen, rustend op bakstenen zuiltjes en geblokte hoekpijlers. Boven de portiek een balkon met een natuurstenen balustrade. Hiervan zijn de hoekstijlen bekroond met natuurstenen pijnappels. Op de eerste verdieping in de middenpartij van de gevel een driedelige samengestelde vensterpartij, voorzien van een natuurstenen omlijsting, aan de bovenzijde afgesloten door een kroonlijst op voluutvormige consoles. Aan weerszijden hiervan twee smallere vensters. Hierboven is de borstwering gesierd met een natuurstenen festoen. De vensters op de tweede verdieping hierboven zijn eveneens per drie gekoppeld en hebben een natuurstenen omlijsting. Ook hier aan weerszijden van de samengestelde vensterpartij smallere vensters. In het fronton boven de middenrisaliet een ovaalvormig venster met een rijke natuurstenen omlijsting in de vorm van een cartouche, eindigend in festoenen. In de hoekrisalieten aan beide uiteinden van de voorgevel op de begane grond en eerste verdieping ondiepe ronde erkers, met aansluitend aan weerszijden hiervan smalle recht gesloten vensters. Op de bovenste verdieping per drie gekoppelde, met natuursteen omlijste vensters. De westelijke gevel van het internaatsgebouw bestaat uit een licht vooruitspringende hoekpartij, waarvan de vensterindeling identiek is aan die van de hoekrisalieten in de voorgevel. Links hiervan een bredere partij bestaand uit vier vensterassen. Aansluitend op de westelijke gevel een moderne tweelaags aanbouw met klaslokalen. De sober uitgevoerde noordgevel van het gebouw heeft een drietal sterk vooruitspringende partijen, als tegenhangers van de risalerende gevelpartijen aan de zuidzijde. Hiertussen twee smallere uitbouwen. In de achtergevel eveneens recht gesloten vensters met kruisramen met kleine roedenverdeling, zij het zonder natuurstenen sierelementen. De oostelijke gevel van het internaatsgebouw is vrijwel identiek aan de westelijke gevel, zij het dat geheel rechts een zijingang onder een rondboog is aangebracht. Hierboven drie, trapsgewijs verspringende kleine vensters. Aansluitend op de oostelijke zijvleugel van het internaat de kapel. Deze heeft een éénbeukig, vijf traveeën tellend schip, met een lager, twee traveeën diep koor. Aan weerszijden van het koor twee lage uitbouwen onder schilddak. Het koor heeft een aan de noordzijde afgewolfd zadeldak, het zadeldak van het schip is aan zowel zuid- als noordzijde afgewolfd. Boven het schip is een dakruiter met peerbekroning aangebracht, boven de dakschilden kleine houten dakkapellen. De gevels van de kapel worden geleed door smalle steunberen. Hiertussen per travee twee lancetvensters met glas-in-lood. Aan de bovenzijde worden de bakstenen gevels van de kapel gesierd met een rondboogfries, met daarboven een tandlijst.

Het recht gesloten koor heeft in de noordgevel een lancetboogvormige muurnis, op de plaats waar zich vroeger een venster met een glas-in-loodraam bevond.

Waardering

De kostschool "Mariaoord" is van algemeen belang. Het gebouw is van cultuurhistorisch belang als bijzondere uitdrukking van een geestelijke ontwikkeling: het illustreert als monumentaal kostschoolgebouw voor de Ursulinenorde de opbloei van katholieke instellingen aan het begin van deze eeuw. Het gebouw is van architectuurhistorisch belang vanwege de plaats die het inneemt in het oeuvre van de Bossche architect J. Dony en vanwege de bijzonder rijke detaillering en het materiaalgebruik. Het gebouw bezit ensemblewaarde als onderdeel van een groter geheel dat cultuurhistorisch van nationaal belang is.

Het gebouw is van belang vanwege architectonische gaafheid. Tot slot is het kostschoolgebouw van belang vanwege typologische en functionele zeldzaamheid.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

The BOARDING SCHOOL "Mariaoord" is situated in a large park laid out in landscape style, at the corner of Glorieuxlaan - Vlasmeersestraat. The building was erected in 1910 on behalf of the Ursuline sisters from Uden. These established a normal school for girls in the adjacent villa "Roucouleur" in 1899. Eleven years later they decided to expand the school with a new boarding house building, which would be built next to the villa. For the design of the boarding school, which displays stylistic elements of the Neo-Renaissance and the early 1800s style, the 's-Hertogenbosch architect J. Dony was engaged, who was also responsible for the design of another Vught boarding establishment; Regina Coeli. Various forms of education were provided at the boarding school "Mariaoord". There was a MULO, various vocational training and primary education. In 1928 the Ursulines left the building, but it remained in use as a training institute for girls. Today too, a training institute is still housed there. The boarding school building has remained virtually unchanged, both internally and externally, over the years, with the exception of the chapel. At Glorieuxlaan 2, a residence for the rector of the boarding school was erected some years after the construction of the boarding school.

Description

The building has a roughly L-shaped floor plan, consisting of an elongated, rectangular wing for the boarding school along the Glorieuxlaan, with a chapel attached at right angles on the east side. The building has three storeys plus a basement beneath a hipped roof, covered with slate. Roof dormers in the roof slopes. Above the western, southern and eastern facades these roof dormers are provided with pediments. In the middle of the boarding school wing a small round cupola, crowned with a cross. The facades are constructed in brick, with a rich use of natural stone for elements such as decorative mouldings, voussoirs and keystones above the windows, etc. The boarding school wing is provided with straight-headed windows with cross windows with fine glazing bars, covered at the top by a band with natural stone voussoirs and keystones. At the bottom of the windows a natural stone window sill, resting on scroll-shaped consoles. The front facade (south facade) is characterised by a symmetrical composition and has a pediment-crowned central risalit, in which the main entrance is located, and two protruding corner sections. The main entrance is accessible via a flight of steps with a natural stone balustrade. Above the entrance a canopy with round arches, resting on brick columns and rusticated corner pilasters. Above the portico a balcony with a natural stone balustrade. The corner pilasters of this are crowned with natural stone pineapples. On the first floor in the central section of the facade a three-part composite window arrangement, provided with a natural stone frame, closed at the top by a cornice on scroll-shaped consoles. On either side of this two narrower windows. Above this the parapet wall is decorated with a natural stone festoon. The windows on the second floor above are likewise grouped in threes and have a natural stone frame. Here too on either side of the composite window arrangement narrower windows. In the pediment above the central risalit an oval-shaped window with a rich natural stone frame in the form of a cartouche, ending in festoons. In the corner risalits at both ends of the front facade on the ground floor and first floor shallow round bay windows, with narrow straight-headed windows adjoining on either side. On the top floor windows grouped in threes, framed in natural stone. The western facade of the boarding school building consists of a slightly protruding corner section, of which the window arrangement is identical to that of the corner risalits in the front facade. To the left of this a broader section consisting of four window bays. Adjoining the western facade a modern two-storey extension with classrooms. The simply executed north facade of the building has three strongly protruding sections, as counterparts to the protruding facade sections on the south side. Between these two narrower outbuildings. In the rear facade likewise straight-headed windows with cross windows with small glazing bars, albeit without natural stone decorative elements. The eastern facade of the boarding school building is virtually identical to the western facade, except that on the far right a side entrance under a round arch has been provided. Above this three, staggered small windows. Adjoining the eastern side wing of the boarding school the chapel. This has a single-aisled, five-bay nave, with a lower, two-bay deep choir. On either side of the choir two low outbuildings beneath a hipped roof. The choir has a gabled roof vaulted on the north side, the gabled roof of the nave is vaulted on both south and north sides. Above the nave a roof turret with pear-shaped finial has been placed, above the roof slopes small wooden roof dormers. The facades of the chapel are articulated by narrow buttresses. Between these per bay two lancet windows with stained glass. At the top the brick facades of the chapel are decorated with a round-arch frieze, with above it a dentil moulding.

The straight-headed choir has in the north facade a lancet-arch-shaped wall niche, at the place where previously a window with a stained-glass frame was located.

Valuation

The boarding school "Mariaoord" is of general importance. The building is of cultural-historical importance as a particular expression of a spiritual development: as a monumental boarding school building for the Ursuline order it illustrates the flourishing of Catholic institutions at the beginning of this century. The building is of architectural-historical importance because of the place it occupies in the oeuvre of 's-Hertogenbosch architect J. Dony and because of the particularly rich detailing and use of materials. The building possesses ensemble value as part of a larger whole that is of national cultural-historical importance.

The building is important because of architectural integrity. Finally, the boarding school building is important because of typological and functional rarity.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map