TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Emmakade 49

Leeuwarden, Fryslân, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built (approximately)
1905
Address
Emmakade 49, Locatie: Molenpad, 8921 AG Leeuwarden (and others)
Place
Leeuwarden
Province
Fryslân
Country
Netherlands
Coordinates
53.20014, 5.80826
Monument number
520001

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 3 Leeuwarden, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Drie gekoppelde HERENHUIZEN, gebouwd rond 1905 in de Overgangsstijl. Zowel in materiaalgebruik als detaillering doen de panden denken aan de architect W.C. de Groot. De drie huizen zijn gelijk in opzet, maar de drie gevels verschillen in details. Ook inwendig zijn er enkele verschillen o.a. in de terrazzovloeren, de marmeren schouwen en de deuromlijstingen. De panden bleven uitwendig gaaf bewaard. Inwendig is no. 49 het meest gaaf. De andere ondergingen enkele wijzigingen.

Omschrijving

EXTERIEUR: Gekoppelde rij van drie herenhuizen, elk twee traveeën breed, waarvan de linker twee bouwlagen heeft plus kap en de rechter drie bouwlagen. Het middelste pand heeft echter een rechtertravee van twee bouwlagen met een afgeknotte schildkap. Boven een hardstenen plint zijn de panden opgetrokken uit witte verblendsteen, doorspekt met lagen gele verblendsteen. De geknikte dakschilden zijn belegd met geglazuurde oranjerode kruispannen. Alle muuropeningen zijn rechtgesloten, sommige met een bewerkte natuurstenen latei, andere met segment- of rondbogen in gele steen, waarbij de verdiepte boogtrommels gevuld zijn met kleurig vlechtwerk. Alle vensters hebben bovenlichten met kleine roedeverdeling. De rechtertraveeën bevatten de verdiept gelegen ingangen met daarnaast de vensters van de antichambres. Op tweede bouwlaag hebben de uiterste panden en drielingvenster en het middelste twee vensters. Op de derde bouwlaag heeft het linker pand een reeks van vier zeer smalle vensters en het rechter twee gekoppelde vensters, die d.m.v. een gecontourneerd spaarveld verbonden zijn met de vensters van de tweede bouwlaag. De rechtertravee van het linker pand wordt afgesloten door een decoratief fries en een overstekende dakrand tussen penanten Het rechterpand heeft hier een balustrade tussen onderling verspringende penanten. Het middelste pand heeft een kleine dakkapel met een lessenaardak. De linkertraveeën hebben driezijdig gesloten erkers, die iets uit de rooilijn springen en geheel opgetrokken zijn uit hout met op de stijlen eenvoudige detaillering. Boven de erkers bevinden zich loggia's met houten balustrades. Deze worden overkapt door een schilddak, dat rust op een decoratieve balk, gedragen door gesneden korbelen.

De achtergevels zijn als een geheel opgevat en van alle panden gelijk. Ze zijn opgebouwd uit oranje verblendsteen met gele speklagen en segmentbogen boven de vensters. Er zijn drie bouwlagen, waarbij de bovenste iets lager is. Elk pand heeft drie traveeën met op de begane grond een glaspui over twee traveeën, die overspannen wordt door een in het zicht gelaten ijzeren latei. Alle panden hebben hebben een eenlaags uitbouw, waarin de keuken en de bijkeuken. Die van no. 49 is in de jaren '60 uitgebreid. De tuin van no. 49 heeft aan de voorzijde nog gedeelten van een smeedijzeren hek met gietijzeren posten.

PLATTEGROND: De suite bestaat uit een serre met een daarnaast gelegen antichambre, een voor-en achterkamer. Op de vestibule volgt een gang met naastgelegen trap. De keuken is aan de achterzijde uitgebouwd. Op de verdieping is boven de serre een balkon, gevolgd door twee slaapkamers, gescheiden door een kastenwand. Boven de vestibule/antichambre bevindt zich een kleinere slaapkamer en naast de achterslaapkamer een vertrek, dat hiermee in verbinding staat, waarschijnlijk een boudoir of een kinderkamer. Op de zolder is in pand no.49 nog een meidenkamer herkenbaar.

INTERIEUR NO. 49: Originele voordeur met panelen. In de vestibule ligt een terrazzovloer met in het midden een zespuntige ster in een cirkel. De lambrisering is beschilderd in een Art Nouveau-motief, deels gereconstrueerd. De pui naar de gang heeft dubbele tochtdeuren met gezandstraalde of geëtste ruiten en is gesigneerd L. Joh. v/d Meulen. De antichambre naast de vestibule heeft een venster naar de gang, dat evenals de tochtdeuren een bovenlicht heeft in kleurig glas-in-lood. Alle vensters en deuren hebben panelen, geprofileerde omlijstingen en een gereduceerd timpaan. De suite bestaat uit een serre met een driezijdige sluiting, een voor- en achterkamer, van elkaar gescheiden door een suitepui en een glaspui naar de achtertuin. De glaspui tussen serre en voorkamer is verdwenen evenals de beide schoorsteenmantels. De plafonds hebben eenvoudig lijstwerk. De beschildering van de deuren werd aangetroffen achter een beplating. De keuken is gemoderniseerd en uitgebreid. De scheve trap met gebogen treden heeft een trappaal met eenvoudig snijwerk en houten spijlen. Op de tweede bouwlaag bleven o.a. bewaard de deuren en vensteromlijstingen asl op de begane grond en een eenvoudige witmarmeren schoorsteenmantel in de achterste slaapkamer. Op de derde bouwlaag, waar de vertrekken enigszins zijn gewijzigd is nog de meidenkamer bewaard gebleven met een tot het uiterste vereenvoudigde detaillering.

INTERIEUR NO. 51: In de vestibule en in de gang ligt een terrazzovloer met een ingelegde zespuntige ster. De deuren hebben hier een geprofileerde lijst als bekroning. Het decoratieve glaswerk in de vestibulepui ging verloren. In voor- en achterkamer bleven eenvoudige marmeren schoorsteenmantels bewaard. De keuken is grotendeels verbouwd. INTERIEUR NO. 53: De voordeur is vernieuwd en de antichambre is bij de vestibule getrokken. De tochtpui ging geheel verloren. Alle deuren werden afgetimmerd. Daaronder is waarschijnlijk de oorspronkelijke detailering bewaard. In de suite bleef de suitepui bewaard evenals de plafonds met eenvoudig lijstwerk. De trapleuning werd omkleed op de eerste en tweede bouwlaag.

Waardering:

Drie gekoppelde HERENHUIZEN van algemeen architectuurhistorisch en cultuurhistorisch belang:

- vanwege de levendige architectuur, die niet verkregen is door overvloedige detaillering maar door afwisseling in de traveeën, de bewogen daklijn en de variatie in venstervormen;

- vanwege de gaafheid van het exterieur, zowel van voor- als van achtergevels;

- vanwege de gaafheid van de interieurs, in het bijzonder van no. 49, in mindere mate van no. 51 en het minst van no. 53 waar ook structurele wijzigingen hebben plaatsgevonden;

- als voorbeeld van royaal opgezette gekoppelde herenhuizen van rond 1900, waarvan de suite uitgebreid is met een antichambre.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Three coupled MANSIONS, built around 1905 in the Transitional style. Both in material use and detailing, the properties suggest the architect W.C. de Groot. The three houses are equal in layout, but the three facades differ in details. Internally there are also some differences, including in the terrazzo floors, the marble mantels and the door surrounds. The properties remained externally well-preserved. Internally, no. 49 is the most intact. The others underwent some alterations.

Description

EXTERIOR: Coupled row of three mansions, each two bays wide, of which the left has two storeys plus roof and the right has three storeys. The middle property, however, has a right bay of two storeys with a truncated hipped roof. Above a hardstone plinth, the properties are built from white facing brick, interspersed with layers of yellow facing brick. The sloped roof tiles are covered with glazed orange-red cross tiles. All wall openings are straight-headed, some with a worked natural stone lintel, others with segmental or round arches in yellow stone, with the recessed arch drums filled with coloured lattice work. All windows have fanlights with small glazing bars. The right bays contain the recessed entrances with adjacent windows of the antichambres. On the second storey, the outer properties have a three-light window and the middle one has two windows. On the third storey, the left property has a row of four very narrow windows and the right property has two coupled windows, which are connected by means of a contoured spandrel to the windows of the second storey. The right bay of the left property is closed off by a decorative frieze and an overhanging roof edge between pilasters. The right property has here a balustrade between mutually offset pilasters. The middle property has a small roof dormer with a sloping roof. The left bays have three-sided closed oriels, which project slightly from the building line and are entirely built from wood with simple detailing on the stiles. Above the oriels are loggias with wooden balusters. These are covered by a hipped roof, which rests on a decorative beam, supported by carved corbels.

The rear facades are conceived as a whole and are identical for all properties. They are built from orange facing brick with yellow speckled layers and segmental arches above the windows. There are three storeys, with the uppermost slightly lower. Each property has three bays with on the ground floor a glass frontage over two bays, which is spanned by an exposed iron lintel. All properties have a single-storey extension, in which the kitchen and scullery. That of no. 49 was extended in the 1960s. The garden of no. 49 still has sections of a wrought-iron fence with cast-iron posts at the front.

PLAN: The suite consists of a conservatory with an adjacent antichambre, a front and back room. Off the vestibule follows a corridor with adjacent staircase. The kitchen is built out at the rear. On the first floor above the conservatory is a balcony, followed by two bedrooms, separated by a cupboard wall. Above the vestibule/antichambre is a smaller bedroom and next to the back bedroom a room, which connects with it, probably a boudoir or a nursery. On the attic floor in property no. 49, a maid's room is still recognisable.

INTERIOR NO. 49: Original front door with panels. In the vestibule is a terrazzo floor with a six-pointed star in a circle in the middle. The wainscoting is painted in an Art Nouveau motif, partly reconstructed. The frontage to the corridor has double draught doors with sandblasted or etched panes and is signed L. Joh. v/d Meulen. The antichambre next to the vestibule has a window to the corridor, which like the draught doors has a fanlight in coloured stained glass. All windows and doors have panels, profiled surrounds and a reduced tympanum. The suite consists of a conservatory with a three-sided closure, a front and back room, separated from each other by a suite frontage and a glass frontage to the back garden. The glass frontage between conservatory and front room has disappeared as have both fireplace surrounds. The ceilings have simple moulded work. The painting of the doors was found behind cladding. The kitchen has been modernised and extended. The sloping staircase with curved steps has a newel post with simple carved work and wooden balusters. On the second storey, amongst other things, the doors and window surrounds were preserved as on the ground floor and a simple white marble fireplace mantel in the back bedroom. On the third storey, where the rooms have been somewhat altered, the maid's room has been preserved with detailing reduced to the extreme.

INTERIOR NO. 51: In the vestibule and in the corridor is a terrazzo floor with an inlaid six-pointed star. The doors here have a profiled moulding as a crowning. The decorative glasswork in the vestibule frontage was lost. In the front and back room simple marble fireplace mantels were preserved. The kitchen has been largely rebuilt. INTERIOR NO. 53: The front door has been renewed and the antichambre has been combined with the vestibule. The draught-door frontage was completely lost. All doors were boarded up. Below these, the original detailing is probably preserved. In the suite the suite frontage remained as did the ceilings with simple moulded work. The stair rail was encased on the first and second storey.

Evaluation:

Three coupled MANSIONS of general architectural-historical and cultural-historical importance:

- for their lively architecture, which was not achieved through excessive detailing but through variation in the bays, the dynamic roof line and the variation in window forms;

- for the integrity of the exterior, both of front and rear facades;

- for the integrity of the interiors, in particular of no. 49, to a lesser extent of no. 51 and least of no. 53, where structural alterations have also taken place;

- as an example of generously conceived coupled mansions from around 1900, where the suite is extended with an antichambre.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map