TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Kerk, De Lind 50

Oisterwijk, Noord-Brabant, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Kerk en kerkonderdeel
Function
Kerk
Category
onroerend gebouwd
Built
1927 - 1928
Address
De Lind 50, 5061 HX Oisterwijk
Place
Oisterwijk
Province
Noord-Brabant
Country
Netherlands
Coordinates
51.58133, 5.20006
Monument number
519975

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

2 historical maps cover this location, the earliest the 1912 map "51 Eindhoven" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding.

R.K. KERK van de H. Joannes van Oisterwijk, gebouwd in 1927-1928 in Expressionistische bouwstijl naar plannen van H.W. Valk en in 1952-1953 voltooid met de bouw van een westelijke travee en een toren door H.W. en G.H.F. Valk. Het gebouw ligt aan de oostzijde van het beschermde plein De Lind, ten oosten van het raadhuis. De westelijke travee uit 1952 is volgens de originele plannen gebouwd, de toren wijkt van deze plannen af en toont meer traditionele gotiserende vormen.

Omschrijving.

Vijfbeukige basiliek, opgetrokken uit baksteen met toepassing van enige natuursteen in raamtraceringen en hoekblokken. Zadeldaken met leien gedekt met afwisselend Maas- en rensdekking. Platte daken op de omgang. Het schip telt drie traveeën met ervoor een zadeldaktoren met nevenruimten en heeft aan de oostzijde een hogere koortravee met pseudotranseptarmen, die sacristie en nevenruimten huisvesten. Deze ruimten en de zijbeuken hebben dwarsgerichte zadeldaken en topgevels. De smalle buitenste beuk, feitelijk een circulatiegang, heeft platte daken, die tegen de topgevels aansluiten. De gehele kerk, met uitzondering van de toren, heeft eenvoudige vlakke met lisenen versierde muren, afgesloten met vlechtingen en kruisen en doorbroken door smalle, deels gekoppelde lancetvensters met natuurstenen driepastraceringen, gedeeltelijk voorzien van kruisvormen. In de oostgevel van het koor een hooggeplaatst roosvenster met eromheen een krans van twaalf rondvensters. De toren gaat op vanuit een lage ingangshal met nevenruimten en drie tudorbogen. Hij telt drie geledingen met nissen en galmopeningen met vorktraceringen, aan de oostelijke en westelijke zijde telkens in groepen van drie gerangschikt, aan de noord- en zuidzijde in groepen van twee. Inwendig heeft de kerk een breed, in schoon metselwerk uitgevoerd middenschip met brede, spitse scheibogen op gedrongen, ronde stenen zuiltjes. De spitsbogen en de dwarse paraboolbogen dragen driedelige bakstenen meloengewelven. De lichtbeuk bevat twee groepen van twee lancetramen. De zijbeuken worden overwelfd door graatgewelven die opklimmen naar de toppen van de scheibogen, en daardoor deze beuken bij het middenschip betrekken. Op de zijbeuken sluit de smalle omgang aan die overdekt wordt door graatgewelven. Deze gaan vanuit de buitenmuren op bakstenen lisenen op en worden naar de zijbeuk toe gedragen op groepen van twee en vier gekoppelde zuiltjes. Het met graatgewelven overwelfde koor heeft in opstand een driedeling met spitsbogen, waarboven een galerij met zuiltjes en een lichtbeuk. Hierdoor heeft het koor een dubbelschalig karakter.

Links en rechts van de triomfboog ingebouwde ambonen. De indeling der ruimte en de nadruk welke door lichtval en detaillering op het koor wordt gelegd, loopt vooruit op latere ontwikkelingen in het werk van de architect, vooral de ontwikkeling van zijn zogenaamde Christocentrische kruiskerk.

De kerk bezit een keramisch Maria-altaar van T. van de Wiel (1928), neobarokke biechtstoelen (19de eeuw), een doopvont van M. van Helvert (1953), beelden van Jozef en Theresia uit het atelier Cuypers (1928-1929) en een roosvenster en vier ramen van K. Trautwein (1938) met engelen en voorstellingen uit het Nieuwe Testament. Waardering.

Het gebouw is van algemeen belang. Het heeft cultuurhistorische waarde als voorbeeld van de ontwikkeling van het katholicisme in het Interbellum en in het bijzonder voor de typologische ontwikkeling van de Volkskerk. Het heeft architectonische waarde vanwege de Expressionistische stijl en detaillering en vanwege de plaats in het werk van de architect Valk, met name de ontwikkeling van diens Christocentrische kruiskerk. Het gebouw heeft ensemblewaarde als onderdeel van de beschermde Lind, waarbij de toren een markant onderdeel vormt en de oostzijde van het plein afsluit. Het gebouw is gaaf bewaard gebleven.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction.

Roman Catholic CHURCH of St John of Oisterwijk, built in 1927-1928 in Expressionist architectural style according to designs by H.W. Valk and completed in 1952-1953 with the construction of a western bay and a tower by H.W. and G.H.F. Valk. The building is located on the eastern side of the protected square De Lind, east of the town hall. The western bay from 1952 was built according to the original designs, the tower deviates from these designs and shows more traditional Gothicising forms.

Description.

Five-aisle basilica, constructed of brickwork with the application of some natural stone in window traceries and corner blocks. Gabled roofs covered with slate using alternating Maas and rens covering. Flat roofs on the ambulatory. The nave has three bays with in front a gabled roof tower with ancillary spaces and has on the eastern side a higher choir bay with pseudo-transept arms, which house the sacristy and ancillary spaces. These spaces and the side aisles have transversely-directed gabled roofs and stepped gables. The narrow outermost aisle, actually a circulation corridor, has flat roofs that connect to the stepped gables. The entire church, with the exception of the tower, has simple flat walls decorated with pilasters, terminated with braiding and crosses and pierced by narrow, partly coupled lancet windows with natural stone three-part traceries, some provided with cross forms. In the eastern gable of the choir a high-placed rose window surrounded by a garland of twelve round windows. The tower rises from a low entrance hall with ancillary spaces and three Tudor arches. It has three stages with niches and sound holes with fork traceries, on the eastern and western sides arranged each time in groups of three, on the north and south sides in groups of two. Internally the church has a broad nave executed in fair-faced brickwork with broad, pointed wall ribs on sturdy, round stone columns. The pointed arches and the transverse parabolic arches carry three-part brick melon vaults. The light aisle contains two groups of two lancet windows. The side aisles are vaulted by groin vaults which climb towards the tops of the wall ribs, and thereby incorporate these aisles with the nave. The narrow ambulatory adjoins the side aisles, covered by groin vaults. These spring from the outer walls on brick pilasters and are supported towards the side aisle on groups of two and four coupled columns. The choir, vaulted with groin vaults, has in elevation a three-part division with pointed arches, above which a gallery with small columns and a light aisle. This gives the choir a double-shell character.

Ambone built into the wall on the left and right of the triumphal arch. The arrangement of the space and the emphasis placed by light and detailing on the choir anticipates later developments in the work of the architect, especially the development of his so-called Christocentric cruciform church.

The church possesses a ceramic Maria altar by T. van de Wiel (1928), Neo-Baroque confessionals (19th century), a baptismal font by M. van Helvert (1953), statues of Joseph and Theresa from the Cuypers studio (1928-1929) and a rose window and four windows by K. Trautwein (1938) with angels and representations from the New Testament. Valuation.

The building is of general importance. It has cultural-historical value as an example of the development of Catholicism in the Interwar period and in particular for the typological development of the Volkskirche. It has architectural value because of the Expressionist style and detailing and because of its place in the work of architect Valk, notably the development of his Christocentric cruciform church. The building has ensemble value as part of the protected Lind, whereby the tower forms a distinctive component and closes off the eastern side of the square. The building has been preserved intact.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map