Rijksmonumentenregister · Netherlands
Klooster
Reek, Noord-Brabant, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Klooster, kloosteronderdl
- Function
- Klooster
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1901
- Address
- Heijtmorgen 7, Locatie: Kom Reek, 5375 AL Reek (Maashorst 30) (and others)
- Place
- Reek
- Municipality
- Maashorst
- Province
- Noord-Brabant
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.74691, 5.68560
- Monument number
- 519144
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
TU Delft LibraryUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1898 map "21. Grave (1898)" (TU Delft Library).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding.
KLOOSTER "St. Elisabeth" gesticht in 1857 door de Zusters Penitenten uit Haaren in het buitenhuis "Oudhof" (1828), daarvoor eigendom van de Utrechtse apotheker Jan Hendrik Boeracker lid van Generale en Gedeputeerde Staten. Bij het klooster behoren een rectoraat (1881) kapel (1901), school met boerderij (1900) en een bewaarschool (1928). Het klooster vertoont een Neo-Klassicistische stijl, evenals de latere uitbreiding aan de oostkant met het rectoraat. Geheel oostelijk hiervan ligt de kapel in een mengeling van Waterstaatsstijl en Neo-Romaans. Aan de westkant van het complex liggen achter elkaar de beide scholen door een binnenplaats gescheiden van het kloostergebouw. Deze vier functies en de poort van de binnenplaats liggen met de voor- of zuidgevels naar de Heytmorgen gekeerd, en vormen gezamelijk één front.
Tussen klooster en de straat ligt een boomgaard annex weiland. Dit wordt doorsneden door een oprijlaan omzoomd door snoeilindes en coniferen. Aan de noordkant van de binnenplaats grenst de boerderij. Sinds 1967 is het klooster een woonhuis. De garage uit ca. 1980 naast de bewaarschool behoort niet tot het monument.
Omschrijving.
Het klooster en het rectoraat hebben twee bouwlagen onder schilddak parallel aan de straat, gedekt met grijze oud-hollandse pannen. De voorgevel van het klooster is gepleisterd en de andere gevels ervan zijn wit geschilderd.
Ze is symmetrisch van opzet en vijf traveeën breed. De voorgevel van het rectoraat, die uit schoon metselwerk bestaat, is drie traveeën breed. Beide gevels hebben een houten kroonlijst en fries. Zowel de voor- als de achtergevel van het klooster hebben op de begane grond achtruits en op de verdieping vierruits schuifvensters. Bovendien heeft de achtergevel op de verdieping vier kloostervensters. In de andere gevels van de binnenplaats bevinden zich hoge getoogde kruisvensters met roederamen gedeeltelijk voorzien van luiken. De dubbele voordeur is uitgevoerd met kussenpanelen.
Het interieur van het klooster heeft diverse authentieke onderdelen. Boven de kapel een begaanbare open zolder met aan de noordkant een hijsinrichting met verticaal windwerk. Ook in het westelijke dakschild van het klooster een dakkapel met hijsinrichting. In de keuken onder de trap een witzandhok voor het bestrooien van de stenen en houten vloeren in het klooster. Verder is in de keuken een schouw met bakoven aanwezig.
De kapel is uitgevoerd in baksteen, onder zadeldak loodrecht op de straat.
Het dak is gedekt met natuurstenen schubleien. Het metselwerk van de voorgevel bevat een klimmend boogfries onder de dakrand. Op het dak een lantaarn met helmdak met als smeedijzeren bekroning een kruis. Hierin oorspronkelijk een luidklokje. Vijf rondboogvensters voorzien van gekleurd glas-in-lood, met voorstellingen van de heilige familie en de heiligen: Petrus, Canisius (met op achtergrond de Waag van Nijmegen), Katharina, Anna, Maria, Joachim, Franciscus van Assisie. De ramen zijn gesigneerd en gedateerd: Louis van Essen, Roermond, 1893 en 1933. Boven de voordeur van de kapel een halfrond glas-in-lood bovenlicht met voorstelling van de heilige Paulus en Anna uit 1933. Verder heeft de kapel een houten tongewelf. Het interieur is voorzien van een gepolychromeerde lambrisering, wand- en plafondschildering. Op de wanden van het priesterkoor zijn negen engelen afgebeeld voorstellende: Cherubijnen, Engelen, Krachten, Heerschappijen, Aartsengelen, Vorstendommen, Machten, Tronen en de Serafijnen. Angelos Pinxit: Piet Koppens 3-6-1933. In de bovenhoeken van de muurtraveeën zijn op de wanden medallions geschilderd met afbeeldingen van de volgende heiligen: Colette, Geertruda, Rosa de Vitella, Cune Gundis, Theresia, Agatha, Bonaventura, Gerardus Majella, Franciscus, Laurentius, Dominicus en Donatus. Het gewelf is beschilderd met de tekens van de dierenriem.
De school en de bewaarschool hebben beide één bouwlaag, respectievelijk met een zadel- en een platdak. Ze zijn voorzien van hoge getoogde kruisvensters met roederamen. De boerderij bevat aan de noordkant een knechtenhuis. In de kloostertuin diverse oude bomen o.a. beuken, noot en tamme kastanje. Voor het klooster zes snoeilindes.
Waardering.
Het klooster met tuin is van algemeen belang. Het heeft cultuurhistorische waarde als voorbeeld van een geestelijke ontwikkeling, namelijk de bloei van orden en congregaties in de negentiende eeuw, het vertegenwoordigt de bloei van de kloosterorden in het Land van Ravestein. Het is tevens van belang als voorbeeld van de typologische ontwikkeling van het congregatieklooster, met name als voorbeeld van de geleidelijke uitgroei van een landhuis tot kloostergebouw. Het is architectuurhistorisch van belang vanwege de stijl en de ornamentiek en van kunsthistorisch belang door de inrichting der kapel. Het is in- en uitwendig gaaf gebleven en een zeldzaam voorbeeld van een geleidelijk gegroeid kloostergebouw.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction.
Convent "St. Elisabeth" founded in 1857 by the Penitent Sisters from Haaren in the country house "Oudhof" (1828), previously owned by the Utrecht apothecary Jan Hendrik Boeracker, member of the General and Deputy States. The convent includes a rectory (1881), chapel (1901), school with farm (1900) and a schoolhouse (1928). The convent displays a Neo-Classical style, as does the later extension on the east side with the rectory. Further to the east lies the chapel in a mixture of Waterstaatsstijl and Neo-Romanesque. On the west side of the complex lie both schools behind each other, separated by an interior courtyard from the convent building. These four functions and the gateway to the interior courtyard have their front or south facades facing the Heytmorgen, and together form a single frontage.
Between the convent and the street lies an orchard and adjoining pasture. This is traversed by a driveway lined with pleached lindens and conifers. On the north side of the interior courtyard borders the farm. Since 1967 the convent has been a dwelling house. The garage from circa 1980 beside the schoolhouse is not part of the monument.
Description.
The convent and rectory have two storeys under a hipped roof parallel to the street, covered with grey old Dutch tiles. The front facade of the convent is plastered and its other facades are painted white.
It is symmetrical in layout and five bays wide. The front facade of the rectory, which consists of fair-faced masonry, is three bays wide. Both facades have a wooden cornice and frieze. Both the front and rear facades of the convent have six-pane sash windows on the ground floor and four-pane sash windows on the upper storey. Furthermore the rear facade has on the upper storey four convent windows. In the other facades of the interior courtyard are tall arched cross windows with glazing bars, partly provided with shutters. The double front door is executed with fielded panels.
The interior of the convent has various authentic components. Above the chapel an accessible open attic with on the north side a hoist device with vertical winding mechanism. Also in the western roof slope of the convent a roof dormer with hoist device. In the kitchen under the stairs a whitesand store for strewing on the stone and wooden floors in the convent. Further in the kitchen is a fireplace with a bake oven.
The chapel is executed in brick, under a gabled roof perpendicular to the street.
The roof is covered with natural stone slates. The masonry of the front facade contains a climbing arch frieze under the roof edge. On the roof a lantern with helmet roof with as wrought-iron finial a cross. Originally containing a small bell. Five round arch windows provided with coloured stained glass, depicting the Holy Family and the saints: Peter, Canisius (with in the background the Waag of Nijmegen), Catherine, Anna, Mary, Joachim, Francis of Assisi. The windows are signed and dated: Louis van Essen, Roermond, 1893 and 1933. Above the chapel door a semicircular stained glass fanlight depicting the saint Paul and Anna from 1933. Furthermore the chapel has a wooden barrel vault. The interior is furnished with polychrome wainscoting, wall and ceiling painting. On the walls of the priest's choir nine angels are depicted representing: Cherubim, Angels, Powers, Dominions, Archangels, Principalities, Virtues, Thrones and the Seraphim. Angelos Pinxit: Piet Koppens 3-6-1933. In the upper corners of the wall bays are medallions painted on the walls with depictions of the following saints: Colette, Gertrude, Rosa de Vitella, Cune Gundis, Theresa, Agatha, Bonaventure, Gerard Majella, Francis, Lawrence, Dominic and Donatus. The vault is painted with the signs of the zodiac.
The school and the schoolhouse both have one storey, with a gabled roof and a flat roof respectively. They are provided with tall arched cross windows with glazing bars. The farm contains on the north side a servants' house. In the convent garden diverse old trees including beeches, walnuts and sweet chestnuts. In front of the convent six pleached lindens.
Valuation.
The convent with garden is of general importance. It has cultural-historical value as an example of spiritual development, namely the flourishing of orders and congregations in the nineteenth century, it represents the flourishing of convent orders in the Land of Ravestein. It is also of significance as an example of the typological development of the congregational convent, in particular as an example of the gradual expansion of a country house into a convent building. It is of architectural-historical significance because of the style and ornamentation and of art-historical significance because of the furnishing of the chapel. It has remained intact internally and externally and is a rare example of a gradually developed convent building.
Nearby in the register
- Kerkhof, NoordhoekBegraafplaats en -onderdelenunder 1 mi
- Woonhuis, Heijtmorgen 19Woonhuisunder 1 mi
- H. Antonius AbtKerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- PastorieKerkelijke dienstwoningunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.