TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Klooster, Abdijlaan 6

Nieuwkuijk, Noord-Brabant, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Klooster, kloosteronderdl
Function
Klooster
Category
onroerend gebouwd
Built
1934
Address
Abdijlaan 6, 5253 VP Nieuwkuijk (Heusden 30) (and others)
Place
Nieuwkuijk
Municipality
Heusden
Province
Noord-Brabant
Country
Netherlands
Coordinates
51.70206, 5.19026
Part of complex
517304
Monument number
517305

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

TU Delft Library

2 historical maps cover this location, the earliest the 1930 map "Handelskaart van Nederland / naar de nieuwste officiëele gegevens bewerkt" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding.

Het meest in het oog springende gedeelte van het hoofdgebouw van het KLOOSTER stamt uit 1934 en is gebouwd in een Traditionalistische stijl met elementen van het Expressionisme. Deze vleugel is noord-zuid gericht. Erachter, ten oosten van het gedeelte uit 1934, staat een bouwmassa met kapel uit 1910. De middeleeuwse toren ligt daar weer achter en werd in 1910 verhoogd. Tegen de noordgevel van de hoofdmassa staat een portaal en aansluitend een vleugel uit de jaren zestig van de 20ste eeuw. Deze vleugel verbindt het kloostergebouw met het noordelijk bijgebouw uit 1910. Inwendig vormen deze onderdelen één geheel. Het zuidelijk bijgebouw staat los en wordt afzonderlijk beschreven.

Omschrijving.

Drielaags bakstenen gebouw op een samengestelde plattegrond onder een samengesteld schilddak, het dak is gedekt met verbeterde Hollandse pannen. De hoofdmassa heeft een rechthoekige plattegrond. Helemaal rondom is een hoge kunststenen plint aangebracht. Op de hoeken van het schilddak staan schoorstenen bekroond door spitsen. Het dak heeft een groot betonnen overstek. Aan de onderzijde daarvan zijn achthoekige verdiept liggende vlakken gemaakt. Onder dit overstek, op de hoeken van de voorgevel zijn natuurstenen reliëfs aangebracht, zij stellen bijbelse figuren voor. Op de begane grond, tegen de voorgevel, heeft het klooster een éénlaagse uitbouw onder plat dak. Hierin zijn spitsboogramen met natuurstenen traceringen en gevuld met gebrandschilderd glas-in-lood aangebracht. Boven de deur een spitsboog-vormig bovenlicht met natuurstenen lijsten. Op de eerste verdieping bevinden zich rechthoekige ramen, de tweede verdieping heeft kleinere liggende ramen. Links van deze hoofdmassa een vleugel onder zadeldak met eindschild. Het oorspronkelijke plan, om zowel links als rechts van de hoofdmassa een dergelijke vleugel te bouwen is nooit uitgevoerd. In de zijgevels en achtergevel van de bouwmassa uit 1934 zijn dezelfde ramen als in de voorgevel aangebracht. Het gedeelte uit 1910 bestaat uit een kapel onder plat dak, achter de hoofdmassa, en een gedeelte met diverse voorzieningen. De kapel werd ontworpen door architect J. Dony. De rechterzijgevel heeft gebrandschilderde glas-in-loodramen, gedeeltelijk met figuratieve, religieuze voorstellingen. De linkerzijgevel is die van de kapel. Hierin zijn rondboogramen met glas-in-lood geplaatst. In het interieur is de oorspronkelijke indeling grotendeels bewaard gebleven. De gang aan de voorzijde heeft kruisribgewelven met natuurstenen ribben en sluitstenen. Haaks daarop loopt een gang naar achter, tot aan de toren. Links daarvan ligt de kapel. In de kapel een tongewelf op zuilen met dekoratieve kapitelen. Het gewelf heeft een cassettenplafond, voorzien van stucornamenten. In het koor houten koorbanken met houtsnijwerk.

Links is het oude DIENSTGEBOUW van het kasteel door de nieuwbouw uit 1960 met het kloostergebouw verbonden. Het bakstenen gebouw heeft een gepleisterde plint en bestaat uit twee delen: een tweelaags deel onder zadeldak en daartegenaan een éénlaagse blokvormige uitbouw onder schilddak. De daken zijn gedekt met Oud Hollandse pannen. De voorgevel van het tweelaagse gedeelte heeft een groot aantal T-ramen met in de bovenlichten een kleine roedenverdeling. De vernieuwde deuren hebben dezelfde bovenlichten als de ramen. Boven deuren en ramen zijn segmentbogen aangebracht. Het éénlaagse gedeelte is drie traveeën breed en heeft in het midden een deur met bovenlicht, geflankeerd door hoge rechthoekige ramen. Ramen en deur zijn terugliggend in de gevel geplaatst.

De toren is een drielaags gebouw, uitgevoerd in handgevormde steen. De bovenste laag is in 1910 toegevoegd en is gebouwd met machinale baksteen. Bij deze verhoging is ook de kap vernieuwd, de oude vormgeving is daarbij gehandhaafd. Het dak is gedekt met leien, op de nok zijn op de hoeken smeedijzeren kruisen gezet. In het dakvlak zijn kleine dakkapelletjes aangebracht. De ramen in het oude gedeelte zijn groot en hebben natuurstenen kozijnen met daarin glas-in-loodramen. De bovenste verdieping is voorzien van rondboogramen met een roedenverdeling.

De toren is onderkelderd. De kelder heeft bakstenen tongewelven. De ramen liggen, vanwege de dikke muren in nissen. Bij de restauratie is een restant van een oude muurschildering te voorschijn gekomen. In de houten kap zijn vertikale ijzeren trekstangen aangebracht. De verdiepingen zijn alle opnieuw ingericht.

Waardering.

Het klooster is van algemeen belang. Het heeft cultuurhistorisch belang als uitdrukking van een geestelijke ontwikkeling. Het heeft architectuurhistorische waarde wegens het belang van het pand voor de geschiedenis van de architectuur, wegens materiaalgebruik en ornamentiek.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction.

The most striking part of the main building of the MONASTERY dates from 1934 and is built in a Traditionalist style with elements of Expressionism. This wing is oriented north-south. Behind it, to the east of the section from 1934, stands a building mass with a chapel from 1910. The medieval tower lies further behind and was heightened in 1910. Against the north facade of the main mass stands a portico and adjoining it a wing from the nineteen-sixties. This wing connects the monastery building with the northern outbuilding from 1910. Internally these components form one whole. The southern outbuilding stands separately and is described separately.

Description.

Three-storey brick building on a complex ground plan under a complex hipped roof, the roof is covered with improved Dutch tiles. The main mass has a rectangular ground plan. A high artificial stone plinth has been applied all around. On the corners of the hipped roof stand chimneys crowned by spires. The roof has a large concrete overhang. Octagonal recessed flat surfaces have been made on its underside. Under this overhang, on the corners of the front facade, natural stone reliefs have been applied, they represent biblical figures. On the ground floor, against the front facade, the monastery has a single-storey extension under a flat roof. Pointed-arch windows with natural stone traceries filled with stained glass have been inserted. Above the door a pointed-arch shaped fanlight with natural stone mouldings. On the first floor are rectangular windows, the second floor has smaller horizontal windows. To the left of this main mass a wing under a gabled roof with end gable. The original plan to build such a wing on both left and right of the main mass was never carried out. In the side facades and rear facade of the 1934 building mass the same windows as in the front facade have been inserted. The section from 1910 consists of a chapel under a flat roof, behind the main mass, and a section with various facilities. The chapel was designed by architect J. Dony. The right side facade has stained-glass windows, partly with figurative, religious representations. The left side facade is that of the chapel. Pointed-arch windows with stained glass have been placed in it. In the interior the original layout has been largely preserved. The corridor at the front has ribbed cross vaults with natural stone ribs and keystones. Running perpendicular to it a corridor leads to the rear, as far as the tower. To the left of it lies the chapel. In the chapel a barrel vault on columns with decorative capitals. The vault has a coffered ceiling, furnished with stucco ornaments. In the choir wooden choir stalls with woodcarving.

To the left the old SERVICE BUILDING of the castle has been connected to the monastery building by new construction from 1960. The brick building has a plastered plinth and consists of two parts: a two-storey section under a gabled roof and adjoining it a single-storey block-shaped extension under a hipped roof. The roofs are covered with Old Dutch tiles. The front facade of the two-storey section has a large number of T-windows with small glazing bars in the fanlights. The renewed doors have the same fanlights as the windows. Segment arches have been applied above doors and windows. The single-storey section is three bays wide and has in the middle a door with fanlight, flanked by tall rectangular windows. Windows and door are set back in the facade.

The tower is a three-storey building, executed in hand-formed stone. The upper storey was added in 1910 and is built with machine-made brick. With this heightening the roof was also renewed, the old design was thereby maintained. The roof is covered with slate, on the ridge at the corners wrought-iron crosses have been set. Small roof turrets have been inserted in the roof plane. The windows in the old section are large and have natural stone frames with stained-glass windows. The upper storey is provided with pointed-arch windows with glazing bars.

The tower is cellared. The cellar has brick barrel vaults. The windows lie, owing to the thick walls, in recesses. During restoration a remnant of an old wall painting came to light. In the wooden roof truss structure vertical iron tie rods have been inserted. The storeys are all newly fitted out.

Valuation.

The monastery is of general importance. It has cultural-historical significance as an expression of a spiritual development. It has architectural-historical value owing to the importance of the building for the history of architecture, owing to material use and ornamentation.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map