Rijksmonumentenregister · Netherlands
Christelijk Lyceum
Arnhem, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Onderwijs en wetenschap
- Function
- Schoolgebouw
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1924 - 1925
- Address
- Utrechtseweg 174, 6812 AL Arnhem
- Place
- Arnhem
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.98538, 5.88930
- Monument number
- 516837
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
2 historical maps cover this location, the earliest the 1920 map "Kaart van de zuidelijke Veluwezoom : oostelijk gedeelte (Oosterbeek tot Dieren) / lithogr. J. Smulders" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
SCHOOLGEBOUW met MUUR. Het voormalig Christelijk Lyceum, sinds 1983 Van Lingencollege geheten, is ontworpen door architect E.J. Rothuizen, auteur van een in 1924 verschenen boek over scholenbouw, en ir. F. Wind van architectenbureau Buvani. De school is gebouwd in 1924-1925 met de uiterlijke kenmerken van de Amsterdamse School en de plattegrond en gevelopzet van een barokpaleis. Het pand heeft een monumentaal karakter vanwege zijn hoge ligging t.o.v. de Utrechtseweg, zijn afmetingen, zijn symmetrische voorgevel met middenrisaliet met ingangspartij en zijrisalieten. Tussen de straat en het gebouw bevindt zich een voorplein dat door een lage muur van de straat is gescheiden. Rechts van het schoolgebouw bevindt zich de tegelijkertijd gebouwde beheerderswoning, die niet voor bescherming van rijkswege in aanmerking komt.
Omschrijving
Het schoolgebouw heeft een rechthoekig grondplan met twee naast elkaar gelegen binnenhoven die inmiddels op de begane grond zijn dichtgebouwd. Het pand bezit twee bouwlagen en een zolderverdieping onder omlopende mansardedaken, gedekt met geglazuurde romaanse pannen met gekrulde terracotta nokbeëindiging op de hoeken. Aan de voorzijde en aan de beide zijkanten bevinden zich resp. vier en twee kleine liggende dakkapellen met enkelruits raam. De dakkapellen aan de achterzijde zijn deels gewijzigd. Aan de voorzijde bevindt zich in het midden van de nok een met lood beklede dakruiter, bestaande uit een vierkante basis met inspringende hoeken, waarop acht cilinders staan die een achtzijdige kegel dragen. De basis is voorzien van een klok. Het pand is opgetrokken in roodbruine baksteen, gemetseld in Vlaams verband met diepliggende voegen. Boven en soms ook onder de vensters bevinden zich stroken verticaal geplaatste bakstenen. Ter hoogte van de rode zandstenen onderdorpels van de vensters van de eerste verdieping bevindt zich een rollaag. De bakstenen plint is afgesloten met een geprofileerde deklijst van rode zandsteen. Onder de ruim overstekende houten bakgoot met houten cilindertjes op de hoeken bevindt zich een vooruitspringende lijst eveneens van rode zandsteen. De symmetrisch ingedeelde VOORGEVEL bezit een middenrisaliet met vierzijdig gesloten topgevel en hoekdammen met overhoeks geplaatste tweezijdige frontsluiting. De hoekdammen zijn evenals de topgevel doorgetrokken tot boven de daklijst, maar zijn bij de aanvang van de topgevel vlak gedekt. De terugliggende gevelgedeelten aan weerszijden van het middenrisaliet bevatten elk in het midden een smallere recht gesloten risaliet, dat ook tot in het dak is doorgetrokken en eveneens voorzien is van hoekdammen met een overhoeks geplaatst tweezijdig front. Op de hoeken van de voor-, zij- en achtergevels zijn ook weer muurdammen geplaatst met overhoekse tweezijdig gesloten fronten. Op de begane grond van het middenrisaliet bevindt zich de ingangspartij die bestaat uit een licht risalerende diepe portiek, waarin zich een dubbele blankhouten deur en zijlichten met smeedijzeren roosters bevinden. De portiek heeft aan weerszijden weer een bakstenen hoekdam met een overhoeks geplaatst tweezijdig front en een zandstenen blok als afsluiting aan de bovenzijde. Hierop rust de bakstenen afsluiting van de portiek met een keperboogvormige deklijst boven de portiekopening. Voor de portiek bevindt zich een bordes met aan de voorzijde een hardstenen trap tussen gemetselde zijkanten, afgedekt met platen van rode zandsteen. Op de hoeken staan bakstenen zuilen op een basement van rode zandsteen. De vierkante basementen zijn aan de bovenzijde achthoekig en ook de eerste vijf baksteenlagen zijn in een achthoek gemetseld. De zuilen worden bekroond door open lantaarns met achtzijdige koperen kegelvormige dakjes. Aan weerszijden van de ingangspartij bevindt zich een venster met een vast raam en daarboven twee schuiframen in één kozijn. In de tweede bouwlaag van het middenrisaliet bevinden zich vijf vensters met ramen van hetzelfde type als in de eerste bouwlaag. Hier is echter het onderste deel schuifraam en het bovendeel klapraam. In de topgevel zijn drie kleine rechthoekige vensters geplaatst met 2-ruits klapramen met horizontale roedenverdeling. De terugliggende geveldelen tussen de middenrisaliet en de twee zijrisalieten hebben elk twee vensterassen met in de eerste en tweede bouwlaag twee vensters met een vast raam en daarboven drie schuiframen gevat in één kozijn. De twee nevenrisalieten hebben in de eerste en tweede bouwlaag drie smalle rechthoekige vensters met in één kozijn drie klapramen boven elkaar met V-vormige roeden. In het gedeelte van deze risalieten dat boven de daklijst uitsteekt bevinden zich drie kleine vensters met klapramen en V-vormige roeden.
De LINKERZIJGEVEL heeft rechts van het midden ook een risaliet met een tweezijdig afgesloten front. Ook dit risaliet steekt boven de gootlijst uit en is recht gesloten. In het risaliet bevinden zich drie tweezijdige vensters boven elkaar. Op de begane grond en op de eerste verdieping hebben deze vensters twaalf ramen (3x4) en op de zolderverdieping vier ramen (1x4) met V-vormige roedenverdeling. In het midden van de vensters bevindt zich een smalle strook van glas-in-lood ramen met V-vormige loodstrippen. Links naast de risaliet bevinden zich in de eerste en tweede bouwlaag resp. twee en vier vensters met ramen van hetzelfde type als die van de terugliggende partijen van de voorgevel. Op de begane grond bevinden zich tevens twee dubbele paneeldeuren met 6-ruits bovenlichten.
De RECHTERZIJGEVEL heeft vrijwel dezelfde indeling als de linker, maar het risaliet bevindt zich hier links van het midden en rechts hiervan bevinden zich op de eerste en de tweede bouwlaag vijf vensters met 4- en 6-ruits bovendelen.
De ACHTERGEVEL, heeft een middenrisaliet van elf vensters breed. De terugliggende delen zijn elk drie vensters breed. Op de begane grond van het risaliet bevinden zich lage vensters met elk twee 3-ruits ramen met horizontale roedenverdeling. De vensters van de verdieping en de terugliggende delen zijn van hetzelfde type als in de voorgevel. In de achtergevel bevinden zich verder een dubbele paneeldeur en een later aangebrachte deur. Tegen de achtergevel is later een stalen trappenconstructie t.b.v. diverse nooduitgangen aangebracht. De binnenhoven bezitten behalve een aantal vensters van verschillende afmetingen ook ieder een driezijdig uitspringend venster over twee bouwlagen, waarachter het centrale trappenhuis schuilgaat. Het venster is opgebouwd uit zeven lagen van vijf glas-in-lood ramen, een breed raam in het midden, twee smallere aan de zijkanten en twee zeer smalle stroken ertussen. Het INTERIEUR is voor een belangrijk deel nog in oorspronkelijke staat. In centrale hal en trappenhuis liggen vloeren van hardsteen en marmer en ook plinten, lambrizeringen en afdekplaten zijn van zwart, roze of wit marmer. De gangvloeren hebben dezelfde kleurstelling, maar dan uitgevoerd in tegels. De trap, een hardstenen bordestrap met drie armen, heeft een trapsgewijs omhoog lopende borstwering, waartegen een door middel van bronzen ringen bewerkte houten leuning bevestigd is. Het interieur van de boven de ingangspartij gelegen lerarenkamer is grotendeels nog in oorspronkelijke staat. Aan drie zijden bevindt zich een hoge houten lambrizering (ca.2,50m), waarin is opgenomen een dubbele paneeldeur met ruitjes, geflankeerd door twee boekenkasten, alsmede achtentwintig kleinere kastjes. Een donkerbruin geverfd balkenplafond met bewerkte sleutelstukken sluit de ruimte af. De lambrizering was oorspronkelijk ook donker gekleurd, maar is recent blank geschuurd. De gangen en de meeste lokalen hebben hun oorspronkelijk karakter behouden. De binnendeuren zijn vrijwel overal bewaard gebleven. Opmerkelijk zijn verder nog de zolderramen, die aan de buitenzijde klein zijn, maar naar binnen toe schuin naar beneden lopen door het ca. 80cm diepe dakbeschot, waardoor aan de binnenzijde een grote opening ontstaan is die vrij veel licht toelaat.
Waardering
SCHOOLGEBOUW met MUUR uit 1924-1925 van E.J.Rothuizen en F. Wind.
- Van cultuurhistorisch belang als bijzondere uitdrukking van een in deze periode gangbare pedagogische opvatting, die ook in de wet op de scholenbouw was geformuleerd en ervan uitgaat, dat het schoolgebouw een aansprekende omgeving diende te vormen, zodat de leerlingen met de positieve waarden van de schone kunsten in aanraking konden komen. De bouw van deze "schoolpaleizen" werd ondersteund met fikse rijkssubsidies.
- Van architectuurhistorisch belang als goed en gaaf voorbeeld van een monumentaal schoolgebouw met een rijke detaillering in de stijl van de Amsterdamse school en een vrij gaaf bewaard gebleven kostbaar interieur.
- Van stedebouwkundig belang wegens de hoge ligging en daarmee opvallende situering aan de Utrechtseweg.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
SCHOOL BUILDING with WALL. The former Christelijk Lyceum, known since 1983 as Van Lingencollege, was designed by architect E.J. Rothuizen, author of a book on school architecture published in 1924, and ir. F. Wind of the architectural firm Buvani. The school was built in 1924-1925 with the external characteristics of the Amsterdam School and the floor plan and facade arrangement of a baroque palace. The building has a monumental character because of its elevated position relative to the Utrechtseweg, its dimensions, its symmetrical front facade with central risalit with entrance section and side risalits. Between the street and the building is a forecourt separated from the street by a low wall. To the right of the school building is the caretaker's house built at the same time, which does not qualify for protection under national heritage law.
Description
The school building has a rectangular floor plan with two inner courtyards positioned next to each other, which have since been built over at ground level. The building has two storeys and an attic storey under continuous mansard roofs, covered with glazed Romanesque tiles with curled terracotta ridge terminations at the corners. On the front and both sides there are respectively four and two small dormer windows with single-light windows. The dormers on the rear are partly altered. On the front, in the middle of the ridge, there is a lead-clad roof turret, consisting of a square base with recessed corners, on which eight cylinders stand that carry an eight-sided cone. The base is provided with a bell. The building is constructed in reddish-brown brick, laid in Flemish bond with deep-set joints. Above and sometimes also below the windows are bands of vertically placed brick. At the height of the red sandstone lintels of the first-storey windows is a roll moulding. The brick plinth is finished with a profiled coping of red sandstone. Below the widely overhanging wooden guttering with wooden small cylinders at the corners is a projecting moulding also of red sandstone. The symmetrically arranged FRONT FACADE has a central risalit with a four-sided closed gable and corner buttresses with diagonally placed two-sided front closure. The corner buttresses, like the gable, are carried up above the eaves line, but are flat topped at the commencement of the gable. The recessed facade sections on either side of the central risalit each contain in the middle a narrower straight-sided risalit, which is also carried into the roof and likewise provided with corner buttresses with a diagonally placed two-sided front. At the corners of the front, side and rear facades are likewise wall buttresses placed with diagonally closed two-sided fronts. On the ground floor of the central risalit is the entrance section consisting of a slightly projecting deep portico, in which are located a double bare-wood door and side lights with wrought-iron grilles. The portico has on either side a brick corner buttress with a diagonally placed two-sided front and a sandstone block as closure at the top. Upon this rests the brick closure of the portico with a herringbone-arched coping above the portico opening. In front of the portico is a platform with a stone step on the front between masonry sides, covered with red sandstone plates. At the corners stand brick columns on a base of red sandstone. The square bases are octagonal at the top and the first five brick courses are also laid in an octagon. The columns are crowned by open lanterns with eight-sided copper conical roofs. On either side of the entrance section is a window with a fixed light and above it two sash windows in one frame. In the second storey of the central risalit are five windows with lights of the same type as in the first storey. Here, however, the lower part is sash window and the upper part is a casement window. In the gable are three small rectangular windows with 2-light casement windows with horizontal glazing bars. The recessed facade sections between the central risalit and the two side risalits each have two window bays with on the first and second storeys two windows with a fixed light and above it three sash windows contained in one frame. The two side risalits have on the first and second storeys three narrow rectangular windows with in one frame three casement windows one above the other with V-shaped glazing bars. In the section of these risalits that projects above the eaves line are three small windows with casement windows and V-shaped glazing bars.
The LEFT SIDE FACADE also has to the right of centre a risalit with a two-sided closed front. This risalit also projects above the gutter line and is straight-sided. In the risalit are three two-sided windows one above the other. On the ground floor and on the first storey these windows have twelve lights (3x4) and on the attic storey four lights (1x4) with V-shaped glazing bars. In the middle of the windows is a narrow band of leaded-glass windows with V-shaped lead strips. To the left of the risalit are on the first and second storey respectively two and four windows with lights of the same type as those of the recessed sections of the front facade. On the ground floor are also two double panel doors with 6-light fanlights.
The RIGHT SIDE FACADE has virtually the same arrangement as the left, but the risalit is here to the left of centre and to the right of this are on the first and second storeys five windows with 4- and 6-light upper sections.
The REAR FACADE has a central risalit eleven windows wide. The recessed sections are each three windows wide. On the ground floor of the risalit are low windows each with two 3-light windows with horizontal glazing bars. The windows of the storey and the recessed sections are of the same type as on the front facade. In the rear facade are further a double panel door and a later added door. Against the rear facade a steel stair structure was later added for various emergency exits. The inner courtyards possess, besides a number of windows of various sizes, each a three-sided projecting window over two storeys, behind which the central staircase is concealed. The window is built up of seven rows of five leaded-glass windows, a wide light in the centre, two narrower ones at the sides and two very narrow strips between them. The INTERIOR is for a large part still in original condition. In the central hall and stairwell are floors of stone and marble and also skirting boards, wainscoting and cover plates are of black, pink or white marble. The corridor floors have the same colouring, but executed in tiles. The stair, a stone stair with three flights, has a step-wise rising balustrade, against which a wooden handrail worked with bronze rings is attached. The interior of the staff room located above the entrance section is largely still in original condition. On three sides is high wooden wainscoting (approx. 2.50m), in which is incorporated a double panel door with lights, flanked by two bookshelves, as well as twenty-eight smaller cupboards. A dark brown painted timber ceiling with worked key pieces closes off the space. The wainscoting was originally also dark coloured, but has recently been stripped bare. The corridors and most classrooms have retained their original character. The interior doors are preserved almost everywhere. Also noteworthy are the attic windows, which are small on the outside, but slope downwards to the inside through the approx. 80cm deep roof lining, creating a large opening on the inside that admits considerable light.
Valuation
SCHOOL BUILDING with WALL from 1924-1925 by E.J. Rothuizen and F. Wind.
- Of cultural-historical importance as a particular expression of a pedagogical viewpoint current in this period, which was also formulated in the law on school building and proceeds from the assumption that the school building should form an appealing environment, so that students could come into contact with the positive values of the fine arts. The building of these "school palaces" was supported with substantial government subsidies.
- Of architectural-historical importance as a good and well-preserved example of a monumental school building with rich detailing in the style of the Amsterdam School and a reasonably well-preserved valuable interior.
- Of urban planning importance due to its elevated position and thus striking location on the Utrechtseweg.
Nearby in the register
- Woonhuis, Utrechtseweg 99Woonhuisunder 1 mi
- Vergadering en vereniging, Utrechtseweg 87Vergadering en verenigingunder 1 mi
- Sint Elisabeth's GasthuisGezondheidszorgunder 1 mi
- Kapel(F1), Zwarteweg 25Kapelunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.