TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Loolaan 45

Apeldoorn, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built (approximately)
1900 - 1905
Address
Loolaan 45, Locatie: Indische Buurt, 7314 AE Apeldoorn
Place
Apeldoorn
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
52.22193, 5.95261
Monument number
514548

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1892 map "Kaart ten behoeve der cavaleriemanoeuvres in 1892 op de schaal van 1:50.000 / [Topographische Inrichting]" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Grote vrijstaande VILLA met BERGING/GARAGE gelegen aan de westzijde van de Loolaan. De villa is vrij gelegen in een grote tuin, die aan de linkerzijde wordt afgesloten door een eenvoudig smeedijzeren spijlenhek in Art Nouveau stijl. De villa is waarschijnlijk tussen 1900 en 1905 gebouwd door de Apeldoornse architect A. van Driesum Szn (1868-1925) in Overgangsarchitectuur, beïnvloed door de Vakwerkstijl en de sobere Art Nouveau. De villa is wat betreft detaillering en architectuur vergelijkbaar met de villa gelegen aan de Bas Backerlaan 16, eveneens van Van Driesum. De villa behoort tot een overgangsfase in het oeuvre van de architect, waarbij deze de Chalet stijl combineert met Art Nouveau elementen.

Omschrijving

Het in kruisverband gemetselde, bakstenen pand is opgetrokken op nagenoeg vierkante grondslag en telt twee bouwlagen onder een met rode geglazuurde Tuiles du Nord gedekt schilddak, met aan de achterzijde een gedeeltelijk oorspronkelijke L-vormige aanbouw van één bouwlaag. De nokken zijn voorzien van vorstpannen en keramische hoekpironnen. De gecementeerde plint heeft een waterslaglijst van bruin geglazuurde baksteen. Onder de vensters bevindt zich op de meeste plaatsen een dubbele rij lekdorpeltegels eveneens van bruin geglazuurde baksteen. De dorpels en eenvoudig bewerkte lateien in de gevels zijn uitgevoerd in hardsteen en worden op beide verdiepingen met elkaar verbonden door hardstenen speklagen. Boven de lateien met dubbele groeven ter afsluiting van de verschillende vensters, waarvan de oren zijn voorzien van cirkels, bevinden zich op veel plaatsen tegeltableaus met een bloemmotief. De tableaus worden afgesloten door segmentbogen en hanekammen van rode geglazuurde baksteen. De meeste bovenlichten hebben een gesneden onderdorpel met tandlijst.

De asymmetrisch ingedeelde VOORGEVEL heeft aan de rechterzijde een risaliet, eindigend in een topgevel met afgewolfde steekkap. Boven de plint heeft het risaliet op de eerste bouwlaag een groot rechthoekig venster, voorzien van een drielicht. Hierin bevindt zich een breed schuifraam met enkelruits bovenlicht, geflankeerd door twee smalle ramen met enkelruits bovenlichten. Op de tweede bouwlaag bevinden zich boven de dubbele rijen lekdorpeltegels naast elkaar twee hoge rechthoekige vensters voorzien van schuiframen met een enkelruits bovenlicht. Naast de oren van de afsluitende latei bevinden zich aan beide zijden twee hardstenen kraagstenen waarop de korbeelstellen van het overstek zijn geplaatst. Hiertussen bevinden zich twee halfronde boogjes van rode verblendsteen. Op een gesneden tandlijst rust het schijnspant van de wit gepleisterde topgevel, in het midden voorzien van een kozijn met twee 3-ruits schuiframen en enkelruits bovenlicht. De topgevel heeft een gesneden windveer. In de belendende muur van het risaliet bevindt zich rechts een deurkozijn op hardstenen neuten en dorpel, met daarin een houten paneeldeur voorzien van drie smalle glaspanelen. De deur heeft een enkelruits bovenlicht. Het deurkozijn wordt afgesloten door een schuine luifel met twee glasplaten. Aan de linkerzijde is de luifel beschoten en rust op een gesneden houten korbeelstel. De ingang wordt aan de linkerzijde geflankeerd door een breed venster met daarin een breed schuifraam voorzien van een enkelruits bovenlicht. Op de verdieping bevinden zich twee vensters met soortgelijke schuiframen, waarvan het venster aan de rechterzijde smaller is. Onder de oren van de lateien is een doorlopende speklaag aangebracht. Boven een zinken dakgoot aan de rand van het dakschild bevindt zich een houten aangekapte dakkapel, voorzien van twee schuiframen met enkelruits bovenlicht.

De LINKER ZIJGEVEL is voorzien van drie speklagen (platte aanbouw twee) en heeft aan de rechterzijde een ruime rechthoekige serre. Deze is geplaatst op een gemetselde borstwering met een gecementeerde plint afgesloten door een waterslaglijst van geglazuurde baksteen. Ter afsluiting van het muurwerk is de serre rondom voorzien van een dubbele rij lekdorpeltegels van geglazuurde baksteen. Aan de voorzijde bevindt zich boven een hardstenen trapje een paneeldeur met een enkelruits raam voorzien van een enkelruits bovenlicht. Aan weerszijden bevinden zich ramen met enkelruits bovenlichten. Beide zijgevels van de serre hebben een breed raam voorzien van langwerpige enkelruits bovenlichten. Boven de ramen van de serre bevinden zich blinde nissen van kraaldelen. De serre wordt afgesloten door een houten bakgoot op gesneden consoles. Boven de serre bevindt zich een balkon met gesneden, gebogen diagonale balusters in Art Nouveau stijl. Het balkon is toegankelijk via twee stolpdeuren met enkele ramen voorzien van een enkel langwerpig bovenlicht. Het balkon heeft een door geglazuurde Tuiles du Nord pannen gedekte lessenaarsdak rustend op houten stijlen. De zijkanten van de luifel zijn voorzien van een gesneden boeiboord met daaronder een beschot van kraaldelen met zigzag motief aan de onderzijde. Onder het beschot bevindt zich een doorlopende rij gesneden balusters tussen twee balken op de hoeken gesteund door gesneden korbelen.

Op de begane grond is het muurvlak van de gevel aan de linkerzijde voorzien van een groot rechthoekig venster. Hierin bevindt zich een drielicht, met in het midden een breed schuifraam voorzien van een enkelruits bovenlicht, aan beide zijden geflankeerd door smalle schuiframen met enkelruits bovenlicht. Links voor een rechthoekige uitbouw is in de recente aanbouw een rechthoekig venster aangebracht, voorzien van een schuifraam met enkelruits bovenlicht. De uitbouw wordt aan de bovenzijde afgesloten door een houten bakgoot voorzien van gesneden boeiboorden. Aan de linkerzijde van de uitbouw is een rechthoekig T-raam aangebracht voorzien van een 4-ruits bovenlicht en bezet met gefigureerd glas met Franse lelies. Links van de serre bevindt zich op de verdieping een rechthoekig venster met drielicht, in het midden voorzien van een breed schuifraam met enkelruits bovenlicht en geflankeerd door twee smalle schuiframen met enkelruits bovenlicht. De platgedekte aanbouw wordt afgesloten door een gesneden daklijst.

De RECHTER ZIJGEVEL is voorzien van vier speklagen en een gecementeerde plint met waterslaglijst van geglazuurde baksteen. In de plint zijn twee rechthoekige keldervensters aangebracht. Op de begane grond zijn twee gekoppelde rechthoekige vensters aangebracht voorzien van enkele ramen met daarvoor smeedijzeren traliewerk. Boven de latei bevinden zich twee segmentboogvormige halfsteens rollagen. Aan de rechterzijde bevindt zich een venster, voorzien van een schuifraam met enkelruits bovenlicht. Direct voor de zijgevel van de aanbouw is een deurkozijn aangebracht, voorzien van een houten paneeldeur met enkelruits bovenlicht. In het iets uitspringende deel van de gevel aan de rechterzijde van de deur bevindt zich een klein venster met enkel raam en smeedijzeren traliewerk. De tweede bouwlaag heeft een groot rechthoekig venster van het trappenhuis voorzien van een tweelicht met twee glas-in-lood schuiframen met glas-in-lood bovenlichten. Hierboven bevindt zich een identiek venster van kleiner formaat met eveneens glas-in-lood ramen. Boven dit venster wordt de gevel afgesloten in een door de goot stekende dakkapel, met aan de zijkanten een gesneden boeiboord. Hiertussen bevindt zich een zinken dakgoot. De flankerende dakschilden worden aan de zijkanten eveneens door gesneden boeiboorden afgesloten. Aan de rechterzijde bevindt zich een klein rechthoekig venster met enkel raam. De platgedekte aanbouw wordt aan de bovenzijde afgesloten door een houten daklijst.

Op de begane grond heeft de ACHTERGEVEL tussen twee speklagen aan de linkerzijde een groot venster voorzien van een kozijn met gesneden kalf en recente ramen. Dit deel van de gevel wordt vooraf gegaan door twee hardstenen treden. In de belendende muur van de recente aanbouw is ter hoogte van de bovenste speklaag een klein venster aangebracht, met enkel raam voorzien van smeedijzeren traliewerk. Aan de rechterzijde bevindt zich een verhoogd terras, omgeven door een gemetseld muurtje dat is afgesloten door een halfsteens rollaag. Tussen beide speklagen bevindt zich een recent kozijn, waarin schuif- en draaideuren zijn aangebracht. De gevel van de aanbouw is afgesloten met een houten, aan de rechterzijde gesneden, daklijst. Op de tweede bouwlaag bevindt zich aan de linkerzijde een gemetseld rookkanaal tot aan de dakrand. Het rookkanaal wordt aan de rechterzijde geflankeerd door twee vensters voorzien van recente stolpramen en een enkel bovenlicht. In het dakschild bevindt zich een smalle gemetselde schoorsteen, voorzien van een uitkraging en afsluitende rollaag.

Het rijk uitgevoerde INTERIEUR bezit onder andere nog stucplafonds met in het midden- en deels op de hoeken ornamenten in Art Nouveau stijl. Het gaat om varianten op een model met kastanjebladeren en gestileerde florale en geometrische motieven. Het kozijn naar de hal bevat een deur en ramen voorzien van geslepen glaspanelen met florale Art Nouveau motieven. Het trappenhuis heeft een marmeren vloer en plinten en bevat een trap met gesneden balusters. Enkele schuiframen zijn aan de binnenzijde voorzien van schuifluiken. Tussen de voorkamer en serre bevinden zich dubbele schuifdeuren, waarvan de binnenste zijn voorzien van enkele ramen.

In de tuin bevindt zich tegenover de rechter zijgevel, op oorspronkelijk rechthoekige grondslag een in kruisverband gemetselde bakstenen schuur, onder een met Tuiles du Nord gedekt mansardedak. De linker- en achterzijde van het schuurtje zijn gecementeerd. Aan de rechterzijde is later een garage aangebouwd. De voorgevel van de schuur heeft een gecementeerde plint in het midden doorbroken door een deurkozijn voorzien van een opgeklampte deur met aan de buitenzijde decoratieve steekklampen en smeedijzeren beslag. Aan de bovenzijde wordt het deurkozijn afgesloten door een steense segmentboog. Aan beide zijden wordt de deur in het midden geflankeerd door een enkele rij geglazuurde lekdorpeltegels. Hierboven zijn twee vensters aangebracht afgesloten door segmentboogvormige halfsteens rollagen. Aan de linkerzijde is het venster voorzien van een houten luik met kruismedaillon. Aan de rechterzijde bevindt zich een 9-ruits raam met ijzeren roedenverdeling. Boven een speklaag is de verdieping in het midden voorzien van een venster met twee opgeklampte luiken met smeedijzeren beslag. Het venster wordt afgesloten door een segmentboogvormige steense rollaag. Aan beide zijden van dit venster bevinden zich nog licht uitgekraagde segmentboogvormige halfsteense rollagen, die waarschijnlijk twee vensters hebben afgesloten. De top van de gevel is voorzien van een houten beschot van kraaldelen, welke in het midden de rollaag boven de luiken volgt en afsluit door aan beide zijden twee gekoppelde afhangende kraaldelen. De kraaldelen zijn aan de onderzijde puntsgewijs beëindigd zodat een doorlopende decoratieve lijst ontstaat. De dakrand is voorzien van een windveer.

Waardering

VILLA in Overgangsarhitectuur uit de periode rond 1905.

- Van architectuurhistorische waarde als goed en redelijk gaaf bewaard voorbeeld van een in Overgangsarchitectuur gebouwde villa, die wordt gekenmerkt door de invloed van de Vakwerkstijl en de sobere Art Nouveau. Het pand valt op door hoogwaardige esthetische kwaliteiten, zoals deze tot uitdrukking komen in het geavanceerde materiaalgebruik en de rijke ornamentiek van bijvoorbeeld de serre, het schijnspant, de kozijnonderdelen en het interieur. Er is sprake van een ensemblewaarde als onderdeel van de villa's langs de Loolaan, waar het pand behoort tot de omstreeks 1905 gangbare villatypen, welke samen met de oudere en latere typen en stijlen zeer goed de ontwikkeling van de villabouw weergeven. Er is tevens een ensemblewaarde met het achter het woonhuis gesitueerde bijgebouw dat in dezelfde tijd werd gebouwd.

- Van stedebouwkundige waarde door de situering aan de Loolaan. Deze laan bezit ter plaatse van Loolaan 45 nog een in vrij gave staat bewaard bestand aan historische huizen, die tezamen met de vele particuliere en openbare groenelementen een aantrekkelijk, waardevol straatbeeld vormen. - Van cultuurhistorische waarde als herkenbaar element uit een maatschappelijke ontwikkeling. Het pand is gebouwd als huisvesting van de nieuwe en kapitaalkrachtige stedelijke elite, die zich bij voorkeur vestigden in kapitale villa's in ruim opgezette, romantisch aangelegde villawijken of, zoals hier, in de nabijheid van en langs de toegangsweg tot Paleis het Loo.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Large detached VILLA with STORAGE/GARAGE situated on the west side of the Loolaan. The villa is freely situated in a large garden, which is closed on the left side by a simple wrought-iron railing fence in Art Nouveau style. The villa was probably built between 1900 and 1905 by the Apeldoorn architect A. van Driesum Szn (1868-1925) in Transitional architecture, influenced by the Timber-framed style and sober Art Nouveau. The villa is comparable in terms of detailing and architecture to the villa situated at Bas Backerlaan 16, also by Van Driesum. The villa belongs to a transitional phase in the architect's oeuvre, in which he combines the Chalet style with Art Nouveau elements.

Description

The brickwork bonded in alternating courses, brick building is erected on an almost square ground plan and comprises two storeys under a hipped roof covered with red glazed Tuiles du Nord, with at the rear a partially original L-shaped single-storey annex. The ridges are provided with frost tiles and ceramic hip tiles. The cemented plinth has a drip moulding of brown glazed brick. Below the windows, in most places a double row of brick drainage tiles also of brown glazed brick is present. The sills and simply worked lintels in the facades are executed in stone and are connected on both storeys with stone banding. Above the lintels with double grooves for closure of the various windows, whose ears are provided with circles, there are in many places decorative tile panels with a floral motif. The panels are closed off by segmental arches and decorative cresting of red glazed brick. Most fanlights have a carved undersill with toothing.

The asymmetrically arranged FRONT FACADE has on the right side a risalit, ending in a step gable with curved coped roof. Above the plinth the risalit has on the first storey a large rectangular window, provided with a three-light. In it is a broad sash window with single-pane fanlight, flanked by two narrow windows with single-pane fanlights. On the second storey above the double rows of drainage tiles are next to each other two tall rectangular windows provided with sash windows with a single-pane fanlight. Next to the ears of the closing lintel there are on both sides two stone corbels on which the corbel brackets of the overhang are placed. Between these are two semicircular arches of red facing brick. On a carved toothing rests the gabled roof of the whitewashed step gable, in the middle provided with a frame with two 3-pane sash windows and single-pane fanlight. The step gable has a carved wind vane. In the adjacent wall of the risalit is on the right a door frame on stone newels and sill, with a wooden panelled door provided with three narrow glass panels. The door has a single-pane fanlight. The door frame is closed off by an angled canopy with two glass panes. On the left side the canopy is clad and rests on a carved wooden corbel bracket. The entrance is on the left side flanked by a broad window with in it a broad sash window provided with a single-pane fanlight. On the upper storey are two windows with similar sash windows, of which the window on the right side is narrower. Below the ears of the lintels a continuous banding is applied. Above a zinc gutter at the edge of the roof shield is a wooden attached roof dormer, provided with two sash windows with single-pane fanlight.

The LEFT SIDE FACADE is provided with three bandings (flat annex two) and has on the right side a spacious rectangular conservatory. This is placed on a mortared parapet wall with a cemented plinth closed off by a drip moulding of glazed brick. To close off the masonry the conservatory is all around provided with a double row of drainage tiles of glazed brick. At the front there is above a stone step a panelled door with a single-pane window provided with a single-pane fanlight. On both sides are windows with single-pane fanlights. Both side facades of the conservatory have a broad window provided with elongated single-pane fanlights. Above the windows of the conservatory are blind niches of beadwork. The conservatory is closed off by a wooden gutter on carved consoles. Above the conservatory is a balcony with carved, curved diagonal balusters in Art Nouveau style. The balcony is accessible via two French doors with single windows provided with a single elongated fanlight. The balcony has a leanto roof covered with glazed Tuiles du Nord tiles resting on wooden posts. The sides of the canopy are provided with a carved bargeboard with below it a cladding of beadwork with zigzag motif on the underside. Below the cladding is a continuous row of carved balusters between two beams on the corners supported by carved corbel brackets.

On the ground floor the wall surface of the facade on the left side is provided with a large rectangular window. In it is a three-light, with in the middle a broad sash window provided with a single-pane fanlight, on both sides flanked by narrow sash windows with single-pane fanlight. To the left of a rectangular extension is in the recent annex a rectangular window provided with a sash window with single-pane fanlight. The extension is at the top closed off by a wooden gutter provided with carved bargeboards. On the left side of the extension is a rectangular T-shaped window provided with a 4-pane fanlight and fitted with figured glass with fleurs-de-lis. To the left of the conservatory is on the upper storey a rectangular window with three-light, in the middle provided with a broad sash window with single-pane fanlight and flanked by two narrow sash windows with single-pane fanlight. The flat-roofed annex is closed off by a carved cornice.

The RIGHT SIDE FACADE is provided with four bandings and a cemented plinth with drip moulding of glazed brick. In the plinth two rectangular cellar windows are provided. On the ground floor two coupled rectangular windows are provided with single windows with wrought-iron grille work in front. Above the lintel are two segmental-shaped half-brick rolled arches. On the right side is a window, provided with a sash window with single-pane fanlight. Directly in front of the side facade of the annex a door frame is provided, with a wooden panelled door with single-pane fanlight. In the slightly projecting part of the facade on the right side of the door is a small window with single window and wrought-iron grille work. The second storey has a large rectangular staircase window provided with a two-light with two leaded sash windows with leaded fanlights. Above this is an identical window of smaller size with also leaded windows. Above this window the facade is closed off in a roof dormer projecting through the gutter, with on the sides a carved bargeboard. Between these is a zinc gutter. The flanking roof shields are on the sides also closed off by carved bargeboards. On the right side is a small rectangular window with single window. The flat-roofed annex is at the top closed off by a wooden cornice.

On the ground floor the REAR FACADE between two bandings on the left side has a large window provided with a frame with carved jambs and recent windows. This part of the facade is preceded by two stone steps. In the adjacent wall of the recent annex at the height of the top banding is a small window provided with a single window with wrought-iron grille work. On the right side is an elevated terrace, surrounded by a mortared wall that is closed off by a half-brick rolled arch. Between the two bandings is a recent frame, in which sliding and glazed doors are provided. The facade of the annex is closed off with a wooden, on the right side carved, cornice. On the second storey on the left side is a mortared chimney flue up to the roof edge. The chimney flue is on the right side flanked by two windows provided with recent French windows and a single fanlight. In the roof shield is a narrow mortared chimney, provided with a corbel and closing rolled arch.

The richly executed INTERIOR possesses among other things stucco ceilings with in the centre and partly on the corners ornaments in Art Nouveau style. These are variations on a model with chestnut leaves and stylised floral and geometric motifs. The frame to the hall contains a door and windows provided with cut glass panels with floral Art Nouveau motifs. The staircase has a marble floor and plinths and contains a staircase with carved balusters. Some sash windows are on the inside provided with sliding shutters. Between the front room and conservatory are double sliding doors, of which the inner ones are provided with single windows.

In the garden situated opposite the right side facade, on an originally rectangular ground plan a brick shed bonded in alternating courses, under a roof covered with Tuiles du Nord mansard roof. The left and rear side of the shed are cemented. On the right side a garage was later built on. The front facade of the shed has a cemented plinth broken in the middle by a door frame provided with a clamped door with on the outside decorative coped straps and wrought-iron fittings. At the top the door frame is closed off by a stone segmental arch. On both sides the door is flanked in the middle by a single row of glazed drainage tiles. Above this are two windows closed off by segmental-shaped half-brick rolled arches. On the left side the window is provided with a wooden shutter with cross medallion. On the right side is a 9-pane window with iron glazing bars. Above a banding the upper storey in the middle is provided with a window with two clamped shutters with wrought-iron fittings. The window is closed off by a segmental-shaped stone rolled arch. On both sides of this window are still slightly corbelled segmental-shaped half-stone rolled arches, which probably closed off two windows. The top of the facade is provided with a wooden cladding of beadwork, which in the middle follows and closes the arch above the shutters by on both sides two coupled hanging beadwork pieces. The beadwork pieces are at the underside ended in points so that a continuous decorative list is created. The roof edge is provided with a wind vane.

Valuation

VILLA in Transitional architecture from the period around 1905.

- Of architectural-historical value as a good and reasonably well-preserved example of a villa built in Transitional architecture, which is characterised by the influence of the Timber-framed style and sober Art Nouveau. The building stands out for high aesthetic qualities, as these are expressed in the sophisticated material use and rich ornamentation of for example the conservatory, the gabled roof, the window components and the interior. There is an ensemble value as part of the villas along the Loolaan, where the building belongs to the villa types current around 1905, which together with the older and later types and styles very well express the development of villa construction. There is also an ensemble value with the outbuilding situated behind the residential building that was built at the same time.

- Of urban-planning value through the situation on the Loolaan. This lane has at the location of Loolaan 45 a stock of historical houses preserved in fairly good condition, which together with the many private and public green elements form an attractive, valuable street image. - Of cultural-historical value as a recognisable element of a social development. The building was built as housing for the new and wealthy urban elite, who preferred to settle in capital villas in spaciously laid-out, romantically arranged villa districts or, as here, in the vicinity of and along the access route to Paleis het Loo.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map