TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Zuidergemaal

Nij Beets, Fryslân, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Gemaal
Function
Gemaal(M3)
Category
onroerend gebouwd
Built
1924
Address
De Ripen 3, 9245 VG Nij Beets (Opsterland 21)
Place
Nij Beets
Municipality
Opsterland
Province
Fryslân
Country
Netherlands
Coordinates
53.05690, 5.97386
Monument number
513181

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1909 map "11 Heerenveen" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Het GEMAAL is een van de vier vm. gemalen van de 'Groote Veenpolder in Smallingerland en Opsterland', opgericht in 1868, en vormt thans onderdeel van het Feanterij Museum Damshûs. Het gemaal werd in 1924 in verstrakte Amsterdamse Schoolstijl gebouwd. De polderopzichter G.R. Bloembergen tekende het gemaal. De aanbesteding vond plaats op 17 mei 1924 en werd aan Auke van Balen uit Irnsum voor f 31.800,-- gegund. Het gemaal werd op 10 januari 1925 geopend. Het waterstaatkundige werk is uiterst sober vormgegeven. Het was één van de eerste elektrische poldergemalen in Nederland en beschikte over de mogelijkheid zowel bovengronds als ondergronds te bemalen; de respectievelijke inlaten zijn door gemetselde damwanden met ijzeren hekwerken gemarkeerd.

Omschrijving

Het gemaal heeft een vrijwel vierkante plattegrond. Het staat op een verhoogd erf, gefundeerd op overkluisde landhoofden. Het bouwwerk heeft één bouwlaag onder een schilddak, belegd met rood geglazuurde Hollandse pannen; op de broekstukken keramische pironnen. Het opgaand muurwerk bestaat uit bruine bezande bakstenen met rondom een rollaag onder de vensters en een stapsgewijs uitgemestelde streklaag boven de vensters; op de hoeken van deze lagen is een natuurstenen hoeksteen aangebracht. In de noordgevel zijn links drie tweelichtvensters met horizontale vierruits roedeverdeling en rechts daarvan de overkluizing van het ondergrondse kanaal met een ijzeren hekwerk tussen pijlers met een granieten afdekplaat. De westgevel heeft links een tweelichtvenster met horizontale roedeverdeling en rechts, aan de zuidwestzijde, een uitbouw met twee stalen deuren waarin de transformator is ondergebracht. In de zuidgevel zijn drie tweelichtvensters met vierruits roedeverdeling; aan die gevelzijde bevindt zich ook de uitstort. De uitstekende overkluizing wordt omringd door een hekwerk dat wordt gesteund door negen -inmiddels vernieuwde- pijlers met granieten afdekplaat. De stroomgaten worden omlijnd door twee halfronde gemetselde bogen met ertussen de naar voren stekende stroompijler. In de oostgevel bevinden zich een houten dubbele deur en twee tweelichtvensters met horizontale vierruits roedeverdeling. Aan de oostzijde is ook een overkluizing met gemetselde muurdammen, halfronde boog en ijzeren hekwerk. De damwanden van inlaat en uitstorten zijn in bruine bakstenen gemetseld.

Het interieur van het gemaal is oorspronkelijk en bevat onder meer een vijzelgemaal van de fa. Gebrs. Stork uit Hengelo en een elektromotor HEEMAF-Hengelo.

Waardering

Het gemaal uit 1924 is van algemeen cultuurhistorisch en industrieel-archeologisch belang:

- als bijzondere uitdrukking van de landschappelijke ontwikkeling,

- vanwege de hoge mate van belang van een technische ontwikkeling als één der eerste elektrische gemalen met een boven- en ondergrondse bemalingsmogelijkheid,

- vanwege de bijzondere samenhang tussen ligging, exterieur en interieur,

- vanwege de hoge mate van belang voor de ontwikkeling van het veenpoldergebied en het aanzien van de streek,

- vanwege de zeer hoge mate van belang door de gaafheid van zowel exterieur als interieur en van de interieuronderdelen,

- vanwege de hoge mate van typologische zeldzaamheid.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

The PUMPING STATION is one of four former pumping stations of the 'Groote Veenpolder in Smallingerland and Opsterland', established in 1868, and now forms part of the Feanterij Museum Damshûs. The pumping station was built in 1924 in a reinforced Amsterdam School style. Polder superintendent G.R. Bloembergen designed the pumping station. The tendering took place on 17 May 1924 and was awarded to Auke van Balen from Irnsum for f 31,800.--. The pumping station was opened on 10 January 1925. The hydraulic engineering work is designed extremely soberly. It was one of the first electric polder pumping stations in the Netherlands and had the capability to pump both above ground and underground; the respective inlet openings are marked by built dam walls with iron railings.

Description

The pumping station has a virtually square floor plan. It stands on a raised plot, founded on culverted land heads. The building has one storey under a hipped roof, covered with red glazed Dutch tiles; on the hip pieces ceramic roof ornaments. The external masonry consists of brown sanded bricks with a roll course running around under the windows and a stepped projecting course above the windows; at the corners of these courses a natural stone corner stone has been applied. In the north facade are on the left three two-light windows with horizontal four-pane glazing bars and to the right of these the culverted opening of the underground channel with an iron railing between piers with a granite coping. The west facade has on the left a two-light window with horizontal glazing bars and to the right, on the south-west side, an extension with two steel doors in which the transformer is housed. In the south facade are three two-light windows with four-pane glazing bars; the outflow is also located on that facade side. The projecting culverting is surrounded by a railing that is supported by nine -now renewed- piers with granite coping. The flow openings are framed by two semicircular built arches with between them the protruding flow pier. In the east facade are a wooden double door and two two-light windows with horizontal four-pane glazing bars. On the east side there is also a culverting with built dam walls, semicircular arch and iron railing. The dam walls of inlet and outflows are built in brown bricks.

The interior of the pumping station is original and contains among other things a screw pump by the firm Gebrs. Stork from Hengelo and an electric motor HEEMAF-Hengelo.

Valuation

The pumping station from 1924 is of general cultural-historical and industrial-archaeological significance:

- as a special expression of landscape development,

- because of the high degree of significance of a technical development as one of the first electric pumping stations with above and below ground pumping capability,

- because of the special coherence between location, exterior and interior,

- because of the high degree of significance for the development of the peatland polder area and the appearance of the region,

- because of the very high degree of significance through the integrity of both exterior and interior and of the interior components,

- because of the high degree of typological rarity.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map