Rijksmonumentenregister · Netherlands
Hofstede, Achthovenerweg 51
Leiderdorp, Zuid-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Boerderij
- Function
- Hofstede
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1886
- Address
- Achthovenerweg 51, 2351 AX Leiderdorp
- Place
- Leiderdorp
- Province
- Zuid-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.13373, 4.55974
- Part of complex
- 512169
- Monument number
- 512170
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford Libraries
4 historical maps cover this location, the earliest the 1867 map "No. VI. Deutschland, Niederlande, Belgien, Schweiz. (Germany, Netherlands, Belgium, Switzerland)." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
In oorsprong was het mogelijk een buitenplaats, die echter al lang bekend staat als hofstede onder de naam "Ringgraaf". Het betreft een in de Achthovenpolder gesitueerde veeboerderij van het type halleboerderij met voerdeel, welke kenmerkend is voor de boerderijbouw in Rijnland. De huidige BOERDERIJ is in 1886 gebouwd in opdracht van de familie Van Zwieten, nadat de voorganger van de hoeve door brand grotendeels was verwoest. Een als zomerhuis gebouwde dwarsvleugel en een groot deel van het bedrijfsgedeelte van het hoofdvolume zijn restanten van de verbrande boerderij. De bouwstijl van de boerderij is te omschrijven als Ambachtelijk-Traditioneel. Oorspronkelijk werd de voorgevel verrijkt door een fraai houten sierspant.
Een deel van de oorspronkelijke erfbeplanting is gehandhaafd, waaronder twee rijen oude leilinden langs de zijgevels, die nog zouden zijn geplant vóór de brand in 1886. De voortuin links van het woongedeelte bevat een kleine formele tuin.
Omschrijving
Vanuit een rechthoekige plattegrond opgetrokken, deels onderkelderde, BOERDERIJ onder met bouletpannen gedekte zadeldaken met op de nok van het woonhuisgedeelte een opgemetselde schoorsteen, waarvan de nokrichting haaks staat op de weg. Iets hoger opgaand woonhuisgedeelte van schone (grauwe) baksteen boven een gepleisterde plint en een ouder stalgedeelte met gepleisterde gevels. De symmetrische ingedeelde voorgevel is een puntgevel, die wordt verlevendigd door de decoratieve toepassing van gele baksteen in de lisenen en de segmentbogen boven de deuren en de vensters. Gele baksteen is verder toegepast voor de sierband in het verlengde van de begane grondvensters en die ter hoogte van de onder- en bovendorpels van het zoldervenster. De door lisenen geflankeerde, in het midden geplaatste entree is een paneeldeur onder getoogd bovenlicht. Aan weerszijden van de entree bevindt zich een getoogd, samengesteld venster met twee, getoogde T-schuiframen. Het in een middenrisaliet geplaatste zoldervenster is een engelenraam met in het midden een getoogd bovenlicht onder een versierde segmentboog; aan weerszijden bevindt zich een driehoekig, spaarveld. De gevelbeëindiging bestaat uit decoratief uitgevoerde windveren met een makelaar in de top en aan de uiteinden een vergelijkbaar houten accent. Rechter (oostelijke) langsgevel van het woongedeelte met gepleisterde plint heeft drie vensters T-schuiframen onder een decoratieve strek met gele baksteen. Linker (westelijke) langsgevel van het woongedeelte met gepleisterde plint heeft twee T-schuiframen (waarvan het linker achter eenvoorzetraam) onder een decoratieve strek met gele baksteen. Bedrijfsgedeelte heeft een iets lagere nokhoogte en minder hoog opgaande gevels van gepleisterde baksteen, voorzien van rechtgesloten gevelopeningen. Op de nok van het bedrijfsgedeelte staan twee houten ventilatieschoorstenen met zadeldakjes. Links in de oostelijke langsgevel zit één venster en één deur onder bovenlicht. Rechts daarvan bevinden zich vier kleinere vensters met ventilatiedorpels in de betonnen ramen. De dakgoot met geprofileerde gootlijst rust op een uitgemetselde rand van schone baksteen. Uit het dakschild boven deze gevel steekt een opgemetselde dakkapel onder een steekkap. Symmetrische achtergevel met gepleisterde plint is een tuitgevel met vlechtingen, uitkragende schouderstukken, staafankers, drie deuren met drieruits bovenlichten onder rollagen en een rondbogig, ijzeren zolderraam met roedenverdeling. De middendeur bestaat uit een boven- en een onderdeur. De gepleisterde westelijke langsgevel is vergelijkbaar met de oostgevel, met tussen de gevel van het zomerhuis en de gevel van het woonhuisgedeelte een opgeklampte deur en een venster. Tegen deze gevel staat een dwarsvleugel, die oorspronkelijk de functie van zomerhuis had. Het zomerhuis is opgetrokken in baksteen vanuit een rechthoekige plattegrond en staat onder een met bouletpannen (voorste dakschild) en Hollandse pannen (achterste dakschild) gedekt zadeldak (steekkap)met opgemetselde schoorsteen op de nok. Het lessenaardak boven de veranda, aan de voorzijde van het zomerhuis, is eveneens met bouletpannen gedekt. Het zomerhuis heeft een naar de weg gekeerde langsgevel met een veranda, waarvan het lessenaardak rust op houten, op gemetselde muurtjes staande palen. Tussen de palen en de houten dakrand liggen eveneens houten segmentbogen die door middel van in hoogte verlopende stijlen met de dakrand zijn verbonden. Het gedeelte tussen de rechter paal en het woonhuisgedeelte isingevuld met een houten wand van staande planken. De gevel bevat een rechtgesloten deur onder rollaag en een door luiken geflankeerd venster. De kopgevel heeft een gepleisterde plint en vlechtingen en bevat een zesruitsschuifraam. De achterzijde van het zomerhuis is grotendeels aan het oog onttrokken door de aangebouwde schuur (complexonderdeel 3). De gepleisterde gevel tussen de schuur en het bedrijfsgedeelte is voorzien van een dubbele deur onder een driedelig bovenlicht en links daarvan een venster met zesruits raam.
De oorspronkelijke indeling en detaillering van het vrij sober uitgevoerd interieur van de boerderij en het zomerhuis verkeren grotendeels in oorspronkelijke staat. Kelder met troggewelfjes heeft een plavuizen vloer. Links en rechts van de voordeur en de hierachter gelegen gang ligt een kamer, waarvan de rechter is voorzien van een zwart marmeren schouw. Achter deze kamer ligt de woonkamer met balkenplafond achter platen, oude paneeldeuren binnen profiellijsten en eveneens een zwart marmeren schouw. De deuren aan de gang zijn de originele paneeldeuren binnen profiellijsten. In het achterhuis bevindt zich een keuken en zijn de vensters voorzien van vouwblinden. Grote zolder met een bedstee heeft twee in 1925 gebouwde kamertjes. Het zomerhuis bevat onder meer een kamer met schouw en een ruimte voor de zuivelbereiding, waarin een gemetseld fornuis en een omstreeks 1930 geplaatste karnmolen staat. Het zomerhuis heeft een balkenplafond en een grote zolder, afgedekt met op dunne rondhouten liggende pannen. Het driebeukige stalgedeelte is in vrijwel ongewijzigde staat bewaard gebleven.
Waardering
De uit het derde kwart van de 19de eeuw stammende boerderij is van algemeen belang vanwege de cultuur- en architectuurhistorische waarde door de ontstaansgeschiedenis van de hoeve door het een zeer representatief voorbeeld is van een in Rijnland gangbaar boerderijtype met bijbehorend zomerhuis, vormgegeven in een Traditioneel Ambachtelijke stijl. De rijk gedecoreerde boerderij is van belang vanwege de herkenbaarheid en de hoge mate van gaafheid van het exterieur en voor een groot deel ook het interieur en vanwege de compleetheid en de bijzondere samenstelling van het erf. De boerderij heeft landschappelijke- en ensemblewaarde vanwege de situering in het vlakke en open polderlandschap, nabij de rivier de Rijn, waar het een belangrijk element is van een waardevolle boerderijenstrook. Tevens is sprake van ensemblewaarde door de sterke ruimtelijke, functionele en deels ook stilistische samenhang met de overige complexonderdelen op het erf.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
Originally it may have been a country estate, but it has long been known as a farmstead under the name "Ringgraaf". It is a cattle farm situated in the Achthovenpolder of the type hall farmhouse with forecourt, which is characteristic of farmstead construction in Rijnland. The present FARMHOUSE was built in 1886 on behalf of the Van Zwieten family, after the predecessor of the homestead was largely destroyed by fire. A cross-wing built as a summer house and a large part of the business section of the main volume are remnants of the burnt farmhouse. The building style of the farmhouse can be described as Craftsman-Traditional. Originally the front facade was enriched by a fine wooden decorative timber frame.
Part of the original site planting has been preserved, including two rows of old linden trees along the side facades, which are thought to have been planted before the fire in 1886. The front garden to the left of the residential section contains a small formal garden.
Description
A FARMHOUSE erected from a rectangular floor plan, partly cellared, under gabled roofs covered with bullet tiles, with a brick chimney on the ridge of the residential section, the ridge direction of which is perpendicular to the road. Slightly higher residential section of fair (grey) brickwork above a plastered plinth and an older stable section with plastered facades. The symmetrically arranged front facade is a pointed gable, which is enlivened by the decorative application of yellow brick in the pilasters and segmental arches above the doors and windows. Yellow brick is further applied for the decorative band in line with the ground floor windows and at the height of the under- and upper dormers of the attic window. The entrance, flanked by pilasters and centrally placed, is a panel door under a segmental fanlight. On either side of the entrance is a segmental, composite window with two segmental T-sash windows. The attic window, placed in a central projection, is an arched window with a segmental fanlight in the centre under a decorated segmental arch; on either side is a triangular spandrel. The gable termination consists of decoratively executed wind braces with a collar tie at the apex and at the ends a similar wooden accent. Right (eastern) side facade of the residential section with plastered plinth has three windows with T-sash windows under a decorative band with yellow brick. Left (western) side facade of the residential section with plastered plinth has two T-sash windows (the left one behind a window frame extension) under a decorative band with yellow brick. Business section has a slightly lower ridge height and lower rising facades of plastered brickwork, fitted with flush gable openings. On the ridge of the business section stand two wooden ventilation chimneys with small gabled roofs. On the left in the eastern side facade is one window and one door under a fanlight. To the right of these are four smaller windows with ventilation lintels in the concrete frames. The roof gutter with profiled gutter moulding rests on a laid-out edge of fair brickwork. A brick dormer with steeply pitched roof projects from the roof panel above this facade. Symmetrical rear facade with plastered plinth is a spout gable with herringbone patterning, projecting shoulder pieces, rod anchors, three doors with three-light fanlights under segmental arches and a round-arched iron attic window with glazing bars. The central door consists of an upper and lower door. The plastered western side facade is comparable to the east facade, with between the facade of the summer house and the facade of the residential section a clamped door and a window. Against this facade stands a cross-wing, which originally functioned as a summer house. The summer house is erected in brick from a rectangular floor plan and stands under a gabled roof (steeply pitched roof) covered with bullet tiles (front roof panel) and Dutch tiles (rear roof panel) with a brick chimney on the ridge. The lean-to roof above the veranda, at the front of the summer house, is also covered with bullet tiles. The summer house has a side facade facing the road with a veranda, the lean-to roof of which rests on wooden posts standing on brick plinths. Between the posts and the wooden roof edge are also wooden segmental arches which are connected to the roof edge by means of verticals that decrease in height. The section between the right post and the residential section is filled in with a wooden wall of vertical boards. The facade contains a flush door under a segmental arch and a window flanked by shutters. The gable end has a plastered plinth and herringbone patterning and contains a six-light sash window. The rear of the summer house is largely hidden from view by the adjoining barn (complex component 3). The plastered facade between the barn and the business section is fitted with a double door under a three-part fanlight and to its left a window with a six-light frame.
The original layout and detailing of the relatively simply executed interior of the farmhouse and summer house are largely in original condition. Cellar with barrel vaults has a tile floor. To the left and right of the front door and the hallway behind it is a room, the right one of which is fitted with a black marble fireplace. Behind this room is the living room with beam ceiling behind panels, original panel doors within moulded frames and also a black marble fireplace. The doors in the hallway are the original panel doors within moulded frames. In the back house is a kitchen and the windows are fitted with folding shutters. Large attic with a sleeping alcove has two small rooms built in 1925. The summer house contains, among other things, a room with a fireplace and a space for dairy production, in which a brick stove and a churn built around 1930 stands. The summer house has a beam ceiling and a large attic, covered with tiles resting on thin round timber. The three-aisled stable section has been preserved in a virtually unchanged state.
Valuation
The farmhouse dating from the third quarter of the 19th century is of general importance because of its cultural and architectural-historical value by virtue of the history of the homestead, as it is a very representative example of a farmstead type common in Rijnland with an associated summer house, designed in a Traditional Craftsman style. The richly decorated farmhouse is of importance because of its recognisability and the high degree of integrity of the exterior and largely also the interior and because of the completeness and the special composition of the property. The farmhouse has landscape and ensemble value by virtue of its location in the flat and open polder landscape, near the Rhine river, where it is an important element of a valuable row of farmsteads. There is also ensemble value due to the strong spatial, functional and partly stylistic coherence with the other complex components on the property.
Nearby in the register
- Schuur(M), Achthovenerweg bij 51Boerderijunder 1 mi
- Hooiberg, Achthovenerweg bij 51Boerderijunder 1 mi
- Toegangshek, Achthovenerweg bij 51Erfscheidingunder 1 mi
- Varkensstal, Achthovenerweg bij 51Boerderijunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.