TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Damsterweg 9

Kloosterburen, Groningen, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1926
Address
Damsterweg 9, 9977 RG Kloosterburen (Het Hogeland 20)
Place
Kloosterburen
Municipality
Het Hogeland
Province
Groningen
Country
Netherlands
Coordinates
53.38844, 6.39245
Monument number
509502

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

2 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 4 Groningen, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

WOONHUIS voor boderijder met aangebouwde SCHUUR, ontworpen in 1926 door bouwmeester Johannes Thöne uit Kloosterburen en gebouwd door timmerman L. Snik in opdracht van Petrus Staal. Het in een Ambachtelijk-traditionele bouwtrant opgetrokken woonhuis is van het krimpjestype en ligt met de kop naar de weg op een smalle kavel grond. In de schuur stonden vroeger twee boderijderswagens, die voornamelijk spruitkool vervoerden. Nu is de schuur in gebruik als opslagruimte en garage.

Omschrijving

WOONHUIS voor boderijder met aangebouwde asbest schuur. Het woonhuis heeft één krimp en is opgetrokken in rode strengperssteen op een gesinterd bakstenen trasraam. Het deels onderkelderde pand heeft een schilddak, met aan de straatzijde (oostgevel) een wolfeind met strakke windveren. Het met zwart geglazuurde muldenpannen gedekte dak wordt omlijst door een houten goot op klossen en heeft twee gemetselde schoorstenen op de nok en een kleine houten dakkapel op het linker dakvlak. Een fries van gepleisterde vlakken met een ruitvorm van rode steen, binnen een bies van gesinterde steen siert de zijgevels, met uitzondering van het krimpgedeelte.

Het huis heeft H-vensters en door roeden ingedeelde bovenlichten met hamerslagruitjes. Alle vensters worden afgesloten door een gepleisterde latei met daarboven een rollaag van gesinterde baksteen. De schuin aflopende onderdorpels zijn eveneens van gesinterde baksteen.

Aan de oostzijde is een driezijdige erker waarin drie vensters geplaatst zijn. Bovenop de erker bevindt zich een balkon met een houten hek met rondboogmotief voor openslaande glasdeuren met tweeruits bovenlichten onder een gepleisterde latei. Zowel in de noord- als zuidgevel een venster onder een latei met rollaagDe hoofdentree bevindt zich in de zuidgevel in een portiek in de krimp, met op de hoek een houten pilaar op een gemetseld muurtje met opengewerkt kruismotief. De gelakte houten deur met kijkgat heeft bovenin een gehamerd achtruits venster en een twaalfruits bovenlicht met latei. Tevens in het portiek een venster met latei waaronder twee bakstenen waarin staat gekrast: 19 PS CK 26. De initialen staan voor de opdrachtgevers: P. Staal en C. Kolkena.

In de zuidgevel van het krimpgedeelte bevindt zich een samengesteld venster onder een latei. De achtergevel van dit gedeelte wordt in beslag genomen door een houten deur met tienruits bovenlicht en een zijlicht. Ernaast een klein houten venster. In deze gevel ook een groot venster (niet origineel).

De noordgevel wordt via een kort geveldeel waarin een zesruitsvenster met een tweeruits keldervenster eronder, verbonden met de schuur.

De SCHUUR is opgetrokken op een rechthoekige plattegrond en heeft asbest wanden waarop een zadeldak gedekt met asbest golfplaten. Het pand heeft een mastgoot, strakke windveren en in totaal acht gietijzeren vensters met roedenverdeling in houten kozijnen. In de topgevel van de achtergevel een gietijzeren roosvenster. De voorgevel van de schuur wordt grotendeels in beslag genomen door hoge dubbele paneeldeuren met bovenin twee twaalfruits deurlichten. Een smal bovenlicht met schuine hoeken en verticale roeden sluit de deurpartij af. De topgevel erboven heeft een houten beschot.

Waardering

Woonhuis voor boderijder met schuur van algemeen cultuur- en architectuurhistorisch belang

- als gaaf voorbeeld van een dergelijk type woning met schuur

- als herinnering aan de boderijderij als een tak van goederenvervoer die in de periode 1900-1940 erg in zwang was

- vanwege de voor de provincie Groningen karakteristieke vormgeving

- vanwege het zorgvuldig gekozen materiaalgebruik en de ornamentiek

- vanwege de, in typologisch opzicht, regionale zeldzaamheid

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

DWELLING HOUSE for a cartage contractor with attached BARN, designed in 1926 by master builder Johannes Thöne from Kloosterburen and built by carpenter L. Snik on behalf of Petrus Staal. The dwelling house, erected in a Craft-traditional building style, is of the single-bay type and stands gable-end to the road on a narrow plot of land. The barn formerly housed two cartage contractor's wagons, which mainly transported Brussels sprouts. Now the barn is used as storage space and a garage.

Description

DWELLING HOUSE for a cartage contractor with attached asbestos barn. The dwelling house has one bay and is built in red wire-cut brick on a sintered brick sandstone frame. The partially cellared building has a hipped roof, with on the street side (east gable) a half-hipped roof with taut wind braces. The roof, covered with black-glazed moulded tiles, is framed by a wooden gutter on brackets and has two brick chimneys on the ridge and a small wooden roof dormer on the left roof slope. A frieze of plastered surfaces with a lozenge pattern of red brick, within a border of sintered brick, adorns the side gables, with the exception of the single-bay section.

The house has H-windows and fanlights divided by glazing bars with hammered-glass panes. All windows are closed off by a plastered lintel with above it a roll course of sintered brick. The sloping lower windowsills are likewise of sintered brick.

On the east side is a three-sided oriel window in which three windows are placed. On top of the oriel is a balcony with a wooden railing with round-arch motif for glazed double doors with two-light fanlights under a plastered lintel. Both in the north and south gable a window under a lintel with roll course. The main entrance is located in the south gable in a porch in the single-bay section, with at the corner a wooden pillar on a brick wall with openwork cross motif. The painted wooden door with peephole has an engraved eight-light window at the top and a twelve-light fanlight with lintel. Also in the porch a window with lintel below which are two bricks on which is scratched: 19 PS CK 26. The initials stand for the clients: P. Staal and C. Kolkena.

In the south gable of the single-bay section is a composite window under a lintel. The rear gable of this section is occupied by a wooden door with ten-light fanlight and a side light. Next to it a small wooden window. In this gable also a large window (not original).

The north gable is connected to the barn via a short gable section in which is a six-light window with a two-light cellar window below.

The BARN is built on a rectangular ground plan and has asbestos walls with a gabled roof covered with asbestos corrugated sheets. The building has a master gutter, taut wind braces and in total eight cast-iron windows with glazing bars in wooden frames. In the top gable of the rear gable a cast-iron grille window. The front gable of the barn is largely occupied by high double panel doors with two twelve-light door lights above. A narrow fanlight with sloping corners and vertical glazing bars closes off the door section. The top gable above has wooden boarding.

Valuation

Dwelling house for a cartage contractor with barn of general cultural and architectural-historical importance

- as an intact example of such a type of dwelling with barn

- as a reminder of cartage contracting as a branch of goods transport that was very common in the period 1900-1940

- because of the building style characteristic of the province of Groningen

- because of the carefully chosen use of materials and ornamentation

- because of its regional rarity from a typological perspective

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map