Rijksmonumentenregister · Netherlands
Boerderij(M1), Kommisjewei 32
Opeinde, Fryslân, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Boerderij
- Function
- Boerderij(M1)
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1927 - 1928
- Address
- Kommisjewei 32, 9218 PG Opeinde (Smallingerland 21)
- Place
- Opeinde
- Municipality
- Smallingerland
- Province
- Fryslân
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 53.13414, 6.06530
- Part of complex
- 499184
- Monument number
- 499187
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
TU Delft LibraryStanford Libraries
2 historical maps cover this location, the earliest the 1937 map "North west Europe 1:250,000" (Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
De VILLA vormde met een losstaande veestal een agrarisch bedrijfscomplex. De villa ligt op een verhoogd terrein met een keermuur. Het woonhuis is in de trant van de Amsterdamse School in 1927 ontworpen door de architecten C.R. de Boer en G.M. van Manen uit Drachten in opdracht van J.K. Douma uit Opeinde en in 1928 gerealiseerd.
In de achtertuin van het woonhuis is recentelijk een houten garage gebouwd onder een zadeldak gedekt met riet, deze is van ondergeschikt belang.
Omschrijving
Het woonhuis heeft een in hoofdlijn rechthoekige plattegrond; een deel van de keuken en bergplaats zijn aangebouwd. Het hoofdvolume bestaat uit één bouwlaag onder een steil, overstekend wolfdak met een kapverdieping; de wolfeinden zijn nagenoeg verticaal. De aanbouwen bestaan uit één bouwlaag onder samengesteld schilddak. De dakschilden zijn gedekt met riet. In het oostelijke dakschild zijn twee dakkapellen. Aan de westzijde wordt het dakvlak onderbroken door een schilddakje als afsluiting van de Vlaamse gevel. Het overstek wordt gedragen door eenvoudige toelopende en afgeronde klampen. Op de nok een gemetselde schoorsteen. Het pand is opgetrokken in gesinterde bruine bakstenen in Noors verband op een halfsteens uitgemetseld gesinterd bakstenen trasraam. De eerste bouwlaag van de voorgevel is verlevendigd met vier sierbanden bestaande uit ingemetselde oranje tegels en bakstenen. In de voorgevel een enigszins risalerende middenpartij over twee bouwlagen. De eerste bouwlaag is als een erker onder een betonlatei met drieruitsvenster. In de kapverdieping vierruitsvensters en een klein inpandig balkon met een houten bloembak. In het verticale wolfeind een liggend zolderlicht. Links van het middenrisaliet een enigszins vergrote inpandige serre met meerruitsvensters; rechts onder het dakoverstek een portiek rustend op een kolom. De portiekvloer heeft rode betegeling. Naast de oorspronkelijke geverniste deur bevindt zich een zandstenen brievenbus.
Aan weerszijden van de kapverdieping zijn de gevels van de kapverdieping met gepotdekseld hout beschoten en is er een klein raampje. In de oostelijke zijgevel zijn enkele gebrandschilderde glas-in-lood vensters. In het midden van het bouwblok is de gevel opgetrokken ten behoeve van de traphal en voorzien van gebrandschilderd glas-in-lood met akkerbouwvoorstellingen: zaaien, maaien, korenschoven en vruchtboom. Het achterste gedeelte van het woonhuis risaleert ten behoeve van de uitgebouwde keuken met berging, die gedeeltelijk onder een eigen dak is ondergebracht, maar een organisch onderdeel van het ontwerp vormt. In de keuken zijn grote vensters; in de berging is een smal strokenvenster onder de dakvoet. De noordgevel is nagenoeg blind; deze bevat slechts drie vensters: in het kantoor, de bijkeuken en in de bovenverdieping. De westelijke gevel is nog het meest levendig gearticuleerd en bevat een tweezijdige uitbouw waarop een balkon; een rechtopgetrokken gevel, de zgn. Vlaamse gevel, afgesloten door een schilddakje met schoorsteen en de vm. veranda, thans een inpandige serre.
De balustrade van het balkon is voorzien van een omlopende houten bloembak, die ook over de opgetrokken gevelwand doorloopt. In de Vlaamse gevel zit een terracotta plaquette met een afbeelding van een spittende man op het land. In de aanbouwen zijn dienstingangen. De vensters zijn op de eerste bouwlaag enkelruits; op het balkon vierruits met balkondeuren; in de Vlaamse gevel vierruits.
Het interieur van de boerderij heeft structureel vrijwel geen veranderingen ondergaan. Het bevat nog oorspronkelijke elementen waaronder: de kastenwand in de keuken, schuifdeuren in de kamer, de haltrap en glas-in-lood.
Waardering
De villa uit 1927, behorend bij het boerderijcomplex in Opeinde, is van algemeen cultuurhistorisch en architectuurhistorisch belang:
- als essentieel en oorspronkelijk onderdeel van het boerderijcomplex,
- vanwege het bijzondere belang van het object in de bouwkunst, als exponent van de invloed van de Amsterdamse School,
- vanwege de bijzondere betekenis voor het oeuvre van de architect C.R. de Boer, die veel in Drachten heeft gebouwd,
- vanwege de hoogwaardige esthetische kwaliteit van het ontwerp,
- vanwege het bijzondere materiaalgebruik en de ornamentiek,
- vanwege de hoge mate van gaafheid van het exterieur en interieur.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The VILLA formed with a detached cow barn an agricultural business complex. The villa stands on raised ground with a retaining wall. The dwelling house was designed in the style of the Amsterdam School in 1927 by architects C.R. de Boer and G.M. van Manen from Drachten on behalf of J.K. Douma from Opeinde and was realized in 1928.
In the back garden of the dwelling house a wooden garage has recently been built under a gabled roof thatched with reed; this is of subordinate significance.
Description
The dwelling house has a fundamentally rectangular floor plan; part of the kitchen and storage area are built on. The main volume consists of one storey under a steep, projecting half-hipped roof with a roof attic; the half-hipped ends are nearly vertical. The extensions consist of one storey under a composite hipped roof. The roof slopes are covered with thatch. In the eastern roof slope are two roof dormer windows. On the west side the roof slope is interrupted by a small hipped roof as a closure of the Flemish gable. The overhang is supported by simple tapering and rounded corbels. On the ridge a mortared chimney. The building is constructed of sintered brown bricks in Norwegian bond on a half-brick mortared sintered brick mortar bed. The first storey of the front facade is enlivened with four decorative bands consisting of mortared orange tiles and bricks. In the front facade a somewhat projecting central section spanning two storeys. The first storey is designed as a bay window under a concrete lintel with three-pane window. In the roof attic four-pane windows and a small internal balcony with a wooden planter box. In the vertical half-hipped end a horizontal loft light. To the left of the central risalite a somewhat enlarged internal conservatory with multi-pane windows; to the right under the roof overhang a porch resting on a column. The porch floor has red tile facing. Next to the original varnished door is a sandstone letterbox.
On either side of the roof attic the facades of the roof attic are boarded with pitched wood and there is a small window. In the eastern side facade are several stained leaded glass windows. In the middle of the building block the facade is built up for the stairwell and provided with stained leaded glass featuring agricultural depictions: sowing, mowing, grain sheaves and fruit tree. The rear part of the dwelling house projects for the sake of the extended kitchen with storage, which is partly under its own roof, but forms an organic part of the design. In the kitchen are large windows; in the storage is a narrow louvre window under the eave. The north facade is nearly blank; it contains only three windows: in the office, the pantry and in the upper storey. The western facade is the most lively articulated and contains a two-sided extension on which a balcony; an upright-constructed gable, the so-called Flemish gable, closed by a small hipped roof with chimney and the former veranda, now an internal conservatory.
The balustrade of the balcony is provided with a continuous wooden planter box, which also runs over the raised gable wall. In the Flemish gable sits a terracotta plaque with an image of a man digging on the land. In the extensions are service entrances. The windows are single-pane on the first storey; on the balcony four-pane with balcony doors; in the Flemish gable four-pane.
The interior of the farmhouse has undergone virtually no structural changes. It contains original elements including: the cabinet wall in the kitchen, sliding doors in the room, the stairwell and leaded glass.
Valuation
The villa from 1927, belonging to the farmhouse complex in Opeinde, is of general cultural-historical and architectural-historical significance:
- as an essential and original component of the farmhouse complex,
- due to the special significance of the object in architecture, as an exponent of the influence of the Amsterdam School,
- due to the special significance for the oeuvre of architect C.R. de Boer, who built much in Drachten,
- due to the high aesthetic quality of the design,
- due to the special use of materials and ornamentation,
- due to the high degree of integrity of the exterior and interior.
Nearby in the register
- Veestal, Kommisjewei 34Boerderijunder 1 mi
- Kerk, Kommisjewei 25Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- Boerderij(M1), Kommisjewei 7Boerderijunder 1 mi
- Bijschuur, Kommisjewei 7Boerderijunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.