Rijksmonumentenregister · Netherlands
Waarnemingspost(B11), Fort aan de Uppelse Dijk Werkendam (Altena 30)
Werkendam, Noord-Brabant, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Waarnemingspost
- Function
- Waarnemingspost(B11)
- Category
- onroerend gebouwd
- Address
- Fort aan de Uppelse Dijk Werkendam (Altena 30)
- Place
- Werkendam
- Municipality
- Altena
- Province
- Noord-Brabant
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 51.79893, 4.93302
- Part of complex
- 531951
- Monument number
- 531953
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
David Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford Libraries
4 historical maps cover this location, the earliest the 1636 map "Zeelandiae Comitatus" (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Cluster 80.
NIEUWE HOLLANDSE WATERLINIE
Inleiding
BOMVRIJE TOREN A, met aangebouwd, bomvrij gebouw, als gebouwde rest van de eerste aanleg van het Fort aan de Uppelse Dijk / Fort Altena. Ronde, in zwaar metselwerk uitgevoerde, bomvrije toren, die de kern vormde van het uit 1847 daterende Fort Altena dat de verdediging was voor de accessen van de Rijksstraatweg van Breda naar Gorinchem en de Uppelse Dijk. Torens op forten zijn tot in de jaren '60 van de 19e eeuw gebouwd, te beginnen in de Napoleontische Tijd; in Nederland - behoudens enkele uitzonderingen uit omstreeks 1810 - echter pas vanaf omstreeks 1840, waarbij de inzichten van militair ingenieur J.G.W. Merkes van Gendt sturend waren. Nederlandse torens op forten hebben gewoonlijk een ongeveer cirkelvormig grondplan met een diameter van enkele tientallen meters en ze waren gewoonlijk omgeven door een droge of een natte gracht. Ze zijn twee, drie of meer verdiepingen hoog en bestaan uit zwaar - meters dik - metselwerk. Uitgangspunt was dat de ronde vorm goed bestendig was tegen inslagen van kanonvuur, terwijl de defensieve kracht naar alle richtingen min of meer gelijkwaardig kon zijn. Door opstelling van ver reikend geschut bovenop de torens - waar tevens de uitkijk was gevestigd - dacht men in een gunstige verdedigende positie te verkeren. Voor de nabije(re) verdediging dienden (talrijke) schietgaten voor kanon- en geweervuur. Meerdere torens waren voorzien van een aarden dekking, mede waardoor ze als 'bomvrij' werden beschouwd. Het bomvrij zijn was een relatief begrip, dat gekoppeld was aan de inslagkracht van het vuur ten tijde van de bouw. Met de komst van geschut met getrokken loop en vooral van brisantgranaten, was het echter afgelopen met de torenforten: ze bleken toch tamelijk kwetsbaar, waren relatief gemakkelijke doelwitten en ze verloren hun defensieve vermogen dus binnen weinige jaren. Als gevolg hiervan zijn verschillende torens van hun hoogste verdieping(en) ontdaan en voorzien van aarden beschermingswallen, in de vorm van contrescarps of contrescarpgalerijen. Wat bleef was hun functie als onderkomen voor manschappen en materieel. Bekende torens in de Nieuwe Hollandse Waterlinie zijn die te Weesp, het Fort Honswijk en het Fort bij Vuren. De meeste torens zijn opgenomen in met aarden werken en (natte) grachten omgeven aarden fortcomplexen, zoals ook die van het Fort aan de Uppelse Dijk / Fort Altena. Bovendien is de toren enigszins verlaagd en ter weerszijden zijn de bomvrije aanbouwen B en C gebouwd.
Omschrijving
BOMVRIJE TOREN A, bestaande uit een ronde, bakstenen toren van twee bouwlagen, inclusief kelderverdieping. De toren heeft een diameter van circa 28 m. De gevel van de toren is omstreeks 7 m hoog en bevat een beperkt aantal toegangsopeningen en vensters onder halfronde boog (en toog) en voorzien van ijzeren deuren en hiernaast een (groter) aantal dicht gemetselde gevelopeningen van verschillend formaat. Bovenop een aarddekking; centraal hierin een open binnenplaats met diameter ca. 10 m, met bakstenen gevel en vensteropeningen onder halfronde boog, met sluitsteen en roedeverdeling en getoogde toegang. In het interieur onder meer zware, (meest groen)geschilderde, houten deuren en een beklinkerde vloer op een later aangebrachte betonlaag. De kelderverdieping is eveneens voorzien van een betonlaag uit dezelfde periode.
Waardering
De BOMVRIJE TOREN A, met aangebouwd, bomvrij gebouw van het Fort aan de Uppelse Dijk / Fort Altena is van algemeen belang vanwege:
* Cultuurhistorische waarden als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie zoals deze is ontworpen door C.R.T. Kraijenhoff en in eerste aanleg vanaf 1815 door hem, Jan Blanken en majoor-ingenieur Willem Offerhaus is gerealiseerd en daarna door anderen gedurende ongeveer 125 jaar is versterkt en verbeterd.
* Architectuurhistorische waarden, in het bijzonder als uiting van de militair-strategische bouwkunde, die gebaseerd is op: a. het systeem van inundatie en accesverdediging (19de eeuw), b. de wedloop met de zich versterkende offensieve middelen (19de eeuw).
Het betreft hier een onderdeel uit de periode 1841-1864, namelijk een voorbeeld van een toren op een fort, gebouwd naar inzichten van militair ingenieur J.G.W. Merkes van Gendt.
* Ensemblewaarde en situationele waarden als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Tevens vanwege de functionele en fysieke samenhang met de overige onderdelen van het complex.
* Het onderdeel is zeldzaam omdat het een voorbeeld is van een toren waarvan de bovenste laag met open batterij om militair-strategische redenen is verwijderd en die daarna links en rechts ervan is voorzien van de bomvrije aanbouwen B en C. Bijzonder en hiermee van zeldzaamheidsbetekenis is het feit dat de toren niet is gebouwd als onderdeel van een rivierverdediging maar als landverdediging.
* Het onderdeel is, inclusief de bijzondere verbouwing, goed bewaard omdat vele kenmerkende onderdelen in exterieur en interieur behouden en herkenbaar zijn gebleven.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Cluster 80.
NEW HOLLAND WATER LINE
Introduction
BOMBPROOF TOWER A, with adjoining bombproof building, as the constructed remainder of the first construction phase of the Fort on the Uppelse Dijk / Fort Altena. Round bombproof tower executed in heavy masonry, which formed the core of Fort Altena dating from 1847, which provided defence for the accesses of the State Road from Breda to Gorinchem and the Uppelse Dijk. Towers on forts were built until the 1860s, beginning in the Napoleonic period; in the Netherlands - with a few exceptions from around 1810 - however only from around 1840 onwards, whereby the insights of military engineer J.G.W. Merkes van Gendt were directing. Dutch towers on forts usually have an approximately circular ground plan with a diameter of several tens of metres and they were usually surrounded by a dry or wet moat. They are two, three or more storeys high and consist of heavy - several metres thick - masonry. The starting point was that the round form was well resistant to cannon fire impacts, while the defensive strength could be roughly equivalent in all directions. By positioning far-reaching artillery on top of the towers - where the lookout was also located - one expected to be in a favourable defensive position. For the immediate(r) defence, (numerous) firing loopholes for cannon and rifle fire were provided. Several towers were fitted with an earth covering, which also caused them to be considered 'bombproof'. Being bombproof was a relative concept, linked to the impact force of fire at the time of construction. However, with the arrival of rifled artillery and especially of high-explosive shells, the end came for tower forts: they proved to be fairly vulnerable, were relatively easy targets and they lost their defensive capability within a few years. As a result, various towers were deprived of their highest storey(s) and provided with earth protective banks, in the form of counterscarps or counterscarp galleries. What remained was their function as shelter for personnel and materiel. Well-known towers in the New Holland Water Line are those at Weesp, Fort Honswijk and the Fort at Vuren. Most towers are incorporated in earth forts surrounded by earth works and (wet) moats, such as that of the Fort on the Uppelse Dijk / Fort Altena. Moreover, the tower has been somewhat lowered and on either side the bombproof extensions B and C have been built.
Description
BOMBPROOF TOWER A, consisting of a round brick tower of two storeys, including basement storey. The tower has a diameter of approximately 28 m. The facade of the tower is approximately 7 m high and contains a limited number of access openings and windows under semicircular arch (and vault) and fitted with iron doors and next to it a (larger) number of bricked-up facade openings of various sizes. On top an earth covering; centrally in it an open courtyard with diameter approximately 10 m, with brick facade and window openings under semicircular arch, with keystone and glazing bars and vaulted access. In the interior, among other things, heavy, (mostly green) painted wooden doors and a clinker floor on a later-applied concrete layer. The basement storey is also fitted with a concrete layer from the same period.
Valuation
The BOMBPROOF TOWER A, with adjoining bombproof building of the Fort on the Uppelse Dijk / Fort Altena is of general importance because of:
* Cultural-historical values as part of the New Holland Water Line as designed by C.R.T. Kraijenhoff and first constructed from 1815 by him, Jan Blanken and major-engineer Willem Offerhaus and subsequently strengthened and improved by others for approximately 125 years.
* Architectural-historical values, in particular as an expression of military-strategic architecture, which is based on: a. the system of inundation and access defence (19th century), b. the race with strengthening offensive means (19th century).
This is a component from the period 1841-1864, namely an example of a tower on a fort, built according to the insights of military engineer J.G.W. Merkes van Gendt.
* Ensemble value and situational values as part of the New Holland Water Line. Also because of the functional and physical coherence with the other components of the complex.
* The component is rare because it is an example of a tower of which the upper storey with open battery was removed for military-strategic reasons and which was subsequently provided on either side of it with the bombproof extensions B and C. Particular and thereby of rarity significance is the fact that the tower was not built as part of a river defence but as land defence.
* The component, including the special modification, is well preserved because many characteristic components in exterior and interior have remained and are recognisable.
Nearby in the register
- Fort, vesting en -onderdelen, Fort aan de Uppelse Dijk AlmkerkFort, vesting en -onderdelenunder 1 mi
- Kazerne, Fort aan de Uppelse Dijk Werkendam (Altena 30)Militair verblijfsgebouwunder 1 mi
- Militair verblijfsgebouw, Fort aan de Uppelse Dijk Werkendam (Altena 30)Militair verblijfsgebouwunder 1 mi
- Militair verblijfsgebouw, Fort aan de Uppelse Dijk Werkendam (Altena 30)Militair verblijfsgebouwunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.