Rijksmonumentenregister · Netherlands
Boerderij(M1), Bredeweg 94
Zevenhuizen, Zuid-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Boerderij
- Function
- Boerderij(M1)
- Category
- onroerend gebouwd
- Built (approximately)
- 1875 - 1900
- Address
- Bredeweg 94, 2761 KA Zevenhuizen (Zuidplas 28)
- Place
- Zevenhuizen
- Municipality
- Zuidplas
- Province
- Zuid-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.02450, 4.60766
- Monument number
- 525074
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
David Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
4 historical maps cover this location, the earliest the 1846 map "Kaart van de provincie Zuid-Holland / opgemaakt op last van de Provinciale Staten" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
BOERDERIJ gebouwd in de laatste kwart van de 19de eeuw door een notaris uit Gouda als herenboerderij om te rentenieren, bestaande uit een deels dwarsgeplaatst woonhuis in Eclectische stijl en een driebeukig langsdeel als bedrijfsgedeelte in Ambachtelijk Traditionele stijl. Het woongedeelte is vormgegeven als een stadswoonhuis. Een dergelijke ontwikkeling, waarbij welgestelde stedelingen zich op het platteland vestigden deed zich ook elders langs de Bredeweg voor (bv. Bredeweg 82), een belangrijke uitvalsweg van Moerkapelle richting Moordrecht/Gouda.
De boerderij is gelegen in de Zuidplaspolder op een kruising van wegen, waarbij het door sloten van de weg wordt gescheiden. Het erf is aan de Bredeweg toegankelijk via een op een damwand met duiker geplaatst TOEGANGSHEK uit het laatste kwart van de 19de eeuw. De voortuin wordt van het oprijpad gescheiden door een ijzeren HEKWERK uit ca. 1900 met Jugendstildetaillering. De tuin wordt gedomineerd door enkele oude rode beuken en kastanjebomen voor de voorgevel en linker zijgevel van het huis. Langs het erf aan de zijde van de Bredeweg staan eveneens verschillende monumentale loofbomen, waaronder kastanjebomen en platanen. Tegenover het ten zuidoosten van het oprijpad gelegen boerderij staat een in oorsprong houten schuur, welke tegenwoordig (1998) deels met damwandprofielen is bekleed en derhalve voor de bescherming van ondergeschikt belang.
N.B. Tegen de achtergevel van het bedrijfsgedeelte van de boerderij bevindt zich een moderne schuur, die buiten de bescherming van rijkswege valt.
Omschrijving
Het woongedeelte van de boerderij bestaat uit een tweelaags gedeelte (voorhuis) onder een schilddak met haaks daarop een eenlaags, deels onderkelderd gedeelte (achterhuis) onder een zadeldak. Het sluit aan op het rieten zadeldak met gesmoorde nokvorsten van het driebeukige bedrijfsgedeelte. De samengestelde kap is gedekt met zwart geglazuurde Hollandse pannen. Op de beide nokhoeken van het voorste deel bevindt zich een schoorsteen met windkap. De wit geschilderde gepleisterde gevels hebben een grijs geschilderde plint. Begane grond en verdieping worden van elkaar gescheiden door een ter hoogte van de lekdorpels van de verdiepingsvensters, doorlopende waterlijst. De vensters hebben overwegend T-schuiframen, waarbij die van de zijgevels deels worden geflankeerd door persiennes. De bovenlichten van de begane grond zijn voorzien van glas-in-lood.
De voorgevel (zuidwest) is een symmetrisch ingedeelde lijstgevel met op de begane grond een vensterindeling van vier eenheden. De verdieping bestaat uit twee traveeën met horizontaal geblokte lisenen op de hoeken en in het midden. In elke travee bevindt zich één venster.
De beide zijgevels bestaan uit een tweelaags deel van twee venstereenheden breed, overgaand in een éénlaags deel. Het tweelaagse gedeelte van de linker zijgevel heeft op de begane grond twee vensters, waarbij het linker een glas-in-lood bovenlicht heeft met wapenschilden. Op de verdieping bevindt zich links een venster en rechts een blind venster. Links ervan bevindt zich het éénlaagse bouwdeel met van links naar rechts een klein raampje, een driedelig venster en een tweedelige opgeklampte deur met bovenlicht. Het tweelaags gedeelte van de rechter zijgevel heeft op de begane grond links een venster en rechts een blind venster. Op de verdieping is de gevel uitgevoerd met twee blinde vensters. Het eenlaagse deel heeft links een uitgebouwd houten portaal, dat is geplaatst voor een entreedeur, geflankeerd door geblokte pilasters die een hoofdgestel dragen. Deze entreedeur bestaat uit een paneeldeur met tweeruits bovenlicht, dat boven het portaal uitsteekt. Het portaal heeft aan de straatzijde een entree met vier ruiten. Rechts van de entree bevinden zich twee tweeruits keldervensters, voorzien van diefijzers, met daarboven zesruits schuiframen.
Het bedrijfsgedeelte is opgetrokken van IJsselsteen (kruisverband) en heeft segment- en rondbogen, dan wel rollagen boven de deuren en vensters. Deze zijn deels uitgevoerd met rode baksteen. Het zadeldak sluit met een iets lagere nokhoogte aan op het zadeldak van het woongedeelte. De deuren zijn overwegend (tweedelige) opgeklampte deuren met roedenverdeling in het bovenlicht. De stalvensters zijn merendeels segmentboogvormige gietijzeren stalramen met roedenverdeling. Ter hoogte van de borstwering zijn achtruits openslaande ramen geplaatst van de zaadzolder, waarvan sommige eronder een klein luik hebben.
De gevelindeling van de rechter langsgevel bestaat van links naar rechts uit een tweedelige deur, een hooggeplaatst raam, twee segmentboogvormige stalramen, een groot luik onder een opgelicht dakschild, dat door de dakvoet steekt, een rondboogvormig stalraam, een opgeklampte, tweedelige staldeur met bovenlicht en hooggeplaatst raam erboven, een dubbele inrijdeur met zevenruits segmentboogvormig bovenlicht en een tweedelige opgeklampte staldeur met vieruits bovenlicht.
De gevelindeling van de gepleisterde achtergevel wordt gedeeltelijk aan het oog onttrokken door een aangebouwd tussenlid naar een later toegevoegd bedrijfsgedeelte. Het is een gepleisterde puntgevel met onder andere in het midden op de verdieping een (hooi)luik met rondboogvormig gietijzeren stalraam als bovenlicht, voorzien van straalsgewijze roedenverdeling. De linker zijgevel van het stalgedeelte heeft drie hooggeplaatste achtruits ramen en bestaat verder uit drie staldeuren met bovenlicht (waarbij één deur is dichtgezet) en uit vier rondboogvormige gietijzeren stalramen met roedenverdeling. INTERIEUR. In het interieur heeft het woongedeelte deels nog de oorspronkelijke plattegrondindeling met in het voorhuis een woongedeelte over de volle breedte, voorzien van balkenplafond en stucwerk in het midden. De wanden zijn uitgevoerd met een lambrizering en tegen de rechterzijgevel bevindt een schouw. Het stalgedeelte heeft een driebeukige indeling. TOEGANGSHEK. Het toegangshek bestaat uit slanke gecanneleerde pilasters, bekroond met pijnappelmotief, aan weerszijden voorzien van voluutvormige wangen met speerpuntmotief op de spijlen. Tussen de hekstijlen zijn spijlen toegangshekken afgehangen, die aan de bovenzijde een sierlijke gebogen beëindiging hebben. HEKWERK. Het spijlenhekwerk tussen het oprijpad en de voortuin bestaat deels uit rondboogvormig gekoppelde spijlen en deels uit met een schoppenmotief bekroonde spijlen. Aan de zijde van de voorgevel bevindt zich een klein toegangshek.
Waardering
De boerderij met bijbehorende hekwerken is van algemeen belang vanwege de cultuur- en architectuurhistorische waarde
- als voorbeeld van een gave en karakteristieke langhuisboerderij met een dwarsgeplaatst woongedeelte dat de allure heeft van een herenhuis, stammend uit het derde kwart van de 19de eeuw en vormgegeven in een Eclectische bouwtrant.
- vanwege de gaaf bewaarde hoofdvorm, materiaalgebruik en detaillering van het exterieur en deels het interieur.
- vanwege de stedenbouwkundige waarde door de beeldbepalende situering op een kruising van wegen. Bovendien is sprake van ensemblewaarde door de inrichting van het erf met de monumentale bomen en door de ruimtelijke en functionele relatie van de verschillende onderdelen.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
FARM built in the last quarter of the 19th century by a notary from Gouda as a gentleman's farm to live on rental income, consisting of a partly transversely placed residential house in Eclectic style and a three-aisle lengthwise section as an operational part in Artisanal Traditional style. The residential part is designed as an urban townhouse. Such a development, whereby wealthy townspeople established themselves in the countryside, also occurred elsewhere along the Bredeweg (e.g. Bredeweg 82), an important exit road from Moerkapelle towards Moordrecht/Gouda.
The farm is located in the Zuidplaspolder at a road intersection, separated from the road by ditches. The farmyard is accessible from the Bredeweg via an ACCESS GATE from the last quarter of the 19th century, placed on a sheet pile wall with a culvert. The front garden is separated from the driveway by an iron FENCE from circa 1900 with Art Nouveau detailing. The garden is dominated by several old red beeches and chestnut trees in front of the front facade and left side facade of the house. Along the farmyard on the Bredeweg side stand various monumental deciduous trees, including chestnut trees and plane trees. Opposite the farm, located to the southeast of the driveway, stands a wooden barn in origin, which nowadays (1998) is partly clad with sheet pile profiles and is therefore of secondary importance for protection.
N.B. Against the rear facade of the operational part of the farm is a modern barn, which falls outside national monument protection.
Description
The residential part of the farm consists of a two-storey section (front house) under a hipped roof with perpendicular to it a one-storey, partly cellar section (back house) under a gabled roof. It adjoins the thatched gabled roof with hipped ridge ends of the three-aisle operational section. The combined roof is covered with black glazed Dutch tiles. On both ridge corners of the front part is a chimney with a cowl. The white painted plastered facades have a grey painted plinth. Ground floor and first floor are separated by a drip moulding running at the height of the drip edges of the first-floor windows. The windows predominantly have T-sash windows, those of the side facades are partly flanked by blinds. The fanlights of the ground floor are provided with leaded glass.
The front facade (southwest) is a symmetrically arranged cornice-topped facade with a window arrangement of four units on the ground floor. The first floor consists of two bays with horizontal banded pilasters on the corners and in the middle. Each bay contains one window.
Both side facades consist of a two-storey section two window units wide, transitioning into a one-storey section. The two-storey section of the left side facade has two windows on the ground floor, the left one having a leaded glass fanlight with coats of arms. On the first floor is a window on the left and a blind window on the right. To its left is the one-storey building section with from left to right a small window, a three-part window and a two-part hinged door with fanlight. The two-storey section of the right side facade has a window on the left and a blind window on the right on the ground floor. On the first floor the facade is executed with two blind windows. The one-storey part has on the left a built-out wooden portico, placed in front of an entrance door, flanked by banded pilasters carrying a main lintel. This entrance door consists of a panel door with two-light fanlight, projecting above the portico. The portico has on the street side an entrance with four lights. To the right of the entrance are two two-light cellar windows, provided with grilles, with six-light sash windows above them.
The operational section is built of IJsselsteen (English bond) and has segmental and round arches, or roll moulds above the doors and windows. These are partly executed with red brick. The gabled roof adjoins the gabled roof of the residential section at a slightly lower ridge height. The doors are predominantly two-part hinged doors with glazing bars in the fanlight. The stable windows are mostly segmental arch-shaped cast iron stable frames with glazing bars. At the height of the parapet are rear-opening windows placed from the seed loft, some of which have a small shutter below them.
The facade arrangement of the right lengthwise side facade consists from left to right of a two-part door, a high-placed window, two segmental arch-shaped stable windows, a large shutter under an open roof flashing, which projects through the eaves, a round arch-shaped stable window, a hinged two-part stable door with fanlight and high-placed window above it, a double garage door with seven-light segmental arch fanlight and a two-part hinged stable door with four-light fanlight.
The facade arrangement of the plastered rear facade is partly obscured by a built-on intermediate section to a later added operational part. It is a plastered pointed gable with among other things in the middle on the first floor a (hay) shutter with a round arch-shaped cast iron stable frame as fanlight, provided with radial glazing bars. The left side facade of the stable section has three high-placed rear-opening windows and otherwise consists of three stable doors with fanlight (one door being blocked up) and four round arch-shaped cast iron stable frames with glazing bars. INTERIOR. In the interior the residential section still partly has the original floor plan with in the front house a living space across the full width, provided with beam ceiling and plasterwork in the middle. The walls are executed with panelling and against the right side facade is a fireplace. The stable section has a three-aisle arrangement. ACCESS GATE. The access gate consists of slender fluted pilasters, crowned with a pineapple motif, on both sides provided with scroll-shaped aprons with spear-point motif on the bars. Between the gate posts are bars of access gates hung, which at the top have an elegant curved termination. FENCE. The bar fence between the driveway and the front garden consists partly of round arch-shaped coupled bars and partly of bars crowned with a spade motif. On the side of the front facade is a small access gate.
Valuation
The farm with associated fences is of general importance owing to its cultural and architectural-historical value
- as an example of a well-preserved and characteristic long-house farm with a transversely placed residential section that has the appearance of a mansion house, dating from the third quarter of the 19th century and designed in an Eclectic building style.
- owing to the well-preserved main form, material use and detailing of the exterior and partly the interior.
- owing to its urban planning value through the image-determining situation at a road intersection. Moreover, there is ensemble value through the arrangement of the farmyard with the monumental trees and through the spatial and functional relationship of the various components.
Nearby in the register
- Boerderij, Noordeinde 63Boerderij1 mi
- Kerk, Dorpsstraat 170Kerk en kerkonderdeel1 mi
- Kerkelijk centrum, Dorpsstraat 139Kerk en kerkonderdeel1 mi
- Boerderij, Dorpsstraat 37Boerderij1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.