TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Nieuw Hondorp

Aalten, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Boerderij
Function
Boerderij(M1)
Category
onroerend gebouwd
Built
1898
Address
Hondorpweg 7, 7121 KA Aalten
Place
Aalten
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
51.90466, 6.58980
Part of complex
523186
Monument number
523187

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

3 historical maps cover this location, the earliest the 1880 map "Composite: 328. Bocholt." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Omschrijving

Het hoofdgebouw bestaat uit een boerderij van het type HALLEHUISBOERDERIJ uit 1898 met een AANBOUW uit 1913.

De éénlaags BOERDERIJ is opgetrokken op een nagenoeg rechthoekig grondplan. De bakstenen gevels zijn gemetseld in kruisverband en voorzien van een gepleisterde plint. Het afgewolfde zadeldak heeft de nok loodrecht op de straat gericht, en is bedekt met gesmoorde verbeterde Hollandse pannen en bezit gesneden windveren. Het dak watert af via houten bakgoten op klosjes. De gemetselde bakstenen schoorsteen bevindt zich in het linker dakschild.

De VOORGEVEL is vijf traveeën breed. In de tweede travee van links bevindt zich een houten deur met een enkelruits getoogd bovenlicht. De overige traveeën hebben een niet oorspronkelijk enkelruits schuifraam met getoogd bovenlicht en houten luiken. De middelste drie traveeën hebben op de verdieping een getoogd enkelruits zolderraampje. Alle gevelopeningen worden afgesloten door een segmentboog. De gevel is voorzien van vier gietijzeren sierankers en ter hoogte van de zolderverdieping bevindt zich een muizetandlijst. De gevel wordt aan bovenzijde afgesloten door een smalle geprofileerde lijst met erboven een band en langs de zijden een getrapt klimmend fries.

De LINKER ZIJGEVEL van het voorhuis heeft van links naar rechts twee vierruits schuiframen met een getoogd enkelruits bovenlicht en houten luiken, dan een tweeruits kelderraam met erboven een liggend, enkelruits getoogd raam gevolgd door een vierruits schuifraam met getoogd bovenlicht en houten luiken. De linker zijgevel van het achterhuis heeft drie rechte ankers en drie getoogd afgesloten deuren en twee meerruits stalramen met een gietijzeren tracering, gevolgd door een niet oorspronkelijke deur, een enkelruits getoogd afgesloten raam en een houten deur met getoogd enkelruits bovenlicht. Alle gevelopeningen zijn voorzien van een segmentboog.

De RECHTER ZIJGEVEL van het voorhuis bezit twee vierruits schuiframen met enkelruits getoogd bovenlicht, afgesloten door een strek en voorzien van houten luiken.

De symmetrisch ingedeelde ACHTERGEVEL heeft centraal een getoogde deeldeuropening afgesloten door een segmentboog met aanzetstenen en sluitsteen. De houten deeldeuren liggen inpandig. De deeldeuropening wordt aan weerszijden geflankeerd door een vierruits venster met een rondboogvormig bovenlicht, een getoogde houten staldeur voorzien van een segmentboog met aanzet- en sluitsteen en een getoogd meerruits stalraampje. Boven de deeldeur bevindt zich een houten luik met een uitsnijding in de vorm van een bloem met aan weerszijden twee ronde ramen.

Het INTERIEUR is eenvoudig en heeft een vrijwel ongewijzigde indeling. Het voorhuis heeft in midden een grote "mooie kamer". Deze kamer heeft een granitovloer die in + 1925 is gelegd. Aan weerszijden van de "mooie kamer" bevinden zich twee kleinere kamers die nu dienst doen als slaapvertrekken. Een gang ontbreekt. Achter de slaapvertrekken aan linkerzijde bevindt zich de kelder en de opkamer. De houten interieurdeuren met houten deuromlijstingen zijn nog oorspronkelijk. De deel heeft aan linkerzijde een indeling in kleinere kamers die onder meer dienst doen als waskamer, kalverhok en vroeger ook als paardestal. Rechts stonden de koeien (12 tot 14 melkkoeien). De deel is in 1913 aan de achterzijde verlengd.

Omschrijving aanbouw uit 1913.

De iets teruggelegen éénlaags AANBOUW aan de rechterzijde van de boerderij bestaat uit een voorhuis met een stal. De op een rechthoekig grondplan opgetrokken aanbouw dateert uit 1913 en sluit qua bouwstijl aan bij het hoofdgebouw. De bakstenen gevels zijn in kruisverband gemetseld en voorzien van een gepleisterde plint. Het afgewolfde zadeldak is bedekt met gesmoorde Hollandse pannen en heeft zowel voor als achter windveren. In het linker dakschild bevindt zich een bakstenen schoorsteen.

De VOORGEVEL is drie traveeën breed en heeft in het midden een oorspronkelijke houten deur met tweeruits bovenlicht afgesloten door een blinde segmentboog. De overige twee traveeën hebben een vierruits schuifraam met tweeruits bovenlicht afgesloten door een segmentboog en voorzien van houten luiken. In de top bevinden zich twee kleine tweeruits zolderramen die worden afgesloten door een blinde segmentboog. Onder deze ramen langs loopt over de gehele breedte van de gevel een muizetandlijst.

De RECHTER ZIJGEVEL heeft van links naar rechts een getoogd, staand meerruits stalraam gevolgd door een houten deur met enkelruits bovenlicht en vier getoogde meerruits stalraampjes. Alle gevelopeningen zijn afgesloten door een segmentboog.

De ACHTERGEVEL is symmetrisch ingedeeld en heeft in het midden een korfboogvormig afgesloten deeldeuropening met houten deuren en afgesloten door een korfboog met aanzet- en sluitsteen. Aan weerszijden hiervan bevindt zich een staand vierruits stalraam met rondboogvormig drieruits bovenlicht en een houten staldeur afgesloten door een segmentboog met aanzetstenen en sluitsteen. De verdieping heeft in het midden een houten luik afgesloten door een segmentboog met aan weerszijden een rond raam met een tracering in de vorm van een bloem en omsloten door een rollaag.

Waardering

Hoofdgebouw bestaande uit een boerderij van het type HALLEHUISBOERDERIJ uit 1898 met een AANBOUW uit 1913.

- Van architectuurhistorische waarde als voorbeeld van een laat negentiende eeuwse hallehuisboerderij met een vroeg twintigste eeuwse aanbouw. Het object is gebouwd in een ambachtelijk traditionele bouwtrant en is in hoofdvorm en detaillering goed bewaard gebleven. De boerderij is een goed voorbeeld van de functionele en typologische ontwikkeling van de hallehuisboerderij uit het einde van de negentiende/begin twintigste eeuw.

- Van stedebouwkundige waarde als onderdeel van een boerderijcomplex die verder nog bestaat uit een varkensschuur en een houten schuur. Het geheel van boerderij en bijgebouwen vormt qua aanleg en structuur een karakteristiek ensemble.

- Van cultuurhistorische waarde vanwege de bestemming van het object als boerderij. Daarmee is het object sterk verbonden met de agrarische geschiedenis van Nederland en Aalten in het bijzonder.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Description

The main building consists of a farmhouse of the HALL-HOUSE type from 1898 with an EXTENSION from 1913.

The single-storey FARMHOUSE is built on an approximately rectangular ground plan. The brick facades are laid in Flemish bond and provided with a plastered plinth. The half-hipped gabled roof has its ridge perpendicular to the street, and is covered with swept improved Dutch tiles and has carved wind braces. The roof drains via wooden gutters on brackets. The brick chimney is located in the left roof slope.

The FRONT FACADE is five bays wide. In the second bay from the left is a wooden door with a single-pane fanlight with arched head. The remaining bays have a non-original single-pane sash window with arched fanlight and wooden shutters. The middle three bays have an arched single-pane attic window on the upper storey. All facade openings are closed by a segmental arch. The facade is provided with four cast-iron ornamental wall anchors and at the height of the attic storey there is a dentil course. The facade is closed at the top by a narrow moulded cornice with above it a band and along the sides a stepped climbing frieze.

The LEFT SIDE FACADE of the front section has from left to right two four-pane sash windows with an arched single-pane fanlight and wooden shutters, then a two-pane basement window with above it a horizontal single-pane arched window followed by a four-pane sash window with arched fanlight and wooden shutters. The left side facade of the rear section has three straight anchors and three arched-closed doors and two multi-pane barn windows with cast-iron glazing, followed by a non-original door, a single-pane arched-closed window and a wooden door with arched single-pane fanlight. All facade openings are provided with a segmental arch.

The RIGHT SIDE FACADE of the front section has two four-pane sash windows with single-pane arched fanlight, closed by a straight line and provided with wooden shutters.

The symmetrically arranged REAR FACADE has centrally an arched half-door opening closed by a segmental arch with springers and keystone. The wooden half-doors are fixed internally. The half-door opening is flanked on either side by a four-pane window with a round-arched fanlight, an arched wooden barn door provided with a segmental arch with springers and keystone and an arched multi-pane barn window. Above the half-door is a wooden shutter with a cutout in the shape of a flower with on either side two round windows.

The INTERIOR is simple and has an almost unchanged layout. The front section has in the middle a large "best room". This room has a granite floor which was laid around 1925. On either side of the "best room" are two smaller rooms which now serve as bedrooms. A hallway is absent. Behind the bedrooms on the left side is the basement and the storage room. The wooden interior doors with wooden door frames are still original. The threshing floor has on the left side a division into smaller rooms which among others serve as washroom, calf pen and formerly also as horse stable. On the right were the cows (12 to 14 dairy cows). The threshing floor was extended at the rear in 1913.

Description of extension from 1913.

The slightly recessed single-storey EXTENSION on the right side of the farmhouse consists of a front section with a stable. The extension built on a rectangular ground plan dates from 1913 and is consistent in building style with the main building. The brick facades are laid in Flemish bond and provided with a plastered plinth. The half-hipped gabled roof is covered with swept Dutch tiles and has wind braces both front and back. In the left roof slope is a brick chimney.

The FRONT FACADE is three bays wide and has in the middle an original wooden door with two-pane fanlight closed by a blind segmental arch. The remaining two bays have a four-pane sash window with two-pane fanlight closed by a segmental arch and provided with wooden shutters. At the top are two small two-pane attic windows which are closed by a blind segmental arch. Below these windows along the entire width of the facade runs a dentil course.

The RIGHT SIDE FACADE has from left to right an arched, vertical multi-pane barn window followed by a wooden door with single-pane fanlight and four arched multi-pane barn windows. All facade openings are closed by a segmental arch.

The REAR FACADE is symmetrically arranged and has in the middle a basket-arch-shaped half-door opening with wooden doors and closed by a basket arch with springers and keystone. On either side of this is a vertical four-pane barn window with round-arched three-pane fanlight and a wooden barn door closed by a segmental arch with springers and keystone. The upper storey has in the middle a wooden shutter closed by a segmental arch with on either side a round window with glazing in the shape of a flower and enclosed by a roll moulding.

Valuation

Main building consisting of a farmhouse of the HALL-HOUSE type from 1898 with an EXTENSION from 1913.

- Of architectural-historical value as an example of a late nineteenth-century hall-house farmhouse with an early twentieth-century extension. The object is built in a traditional craft manner and is well preserved in main form and detailing. The farmhouse is a good example of the functional and typological development of the hall-house farmhouse from the end of the nineteenth/beginning twentieth century.

- Of urban-planning value as part of a farmyard complex which further consists of a pig shed and a wooden shed. The whole of farmhouse and outbuildings forms in terms of layout and structure a characteristic ensemble.

- Of cultural-historical value because of the use of the object as a farmhouse. With this the object is strongly connected to the agricultural history of the Netherlands and Aalten in particular.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map