TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Berg en Dalseweg 146

Nijmegen, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1909
Address
Berg en Dalseweg 146, 6522 BZ Nijmegen (and others)
Place
Nijmegen
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
51.83861, 5.88055
Monument number
523025

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1899 map "Composite: 327. Cleve." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Dubbele VILLA uit 1909 naar ontwerp van architect F. Ludewig in overgangsarchitectuur; een gemengde bouwtrant met traditionele kenmerken en invloeden van de chaletstijl. Het vrijstaande pand bevindt zich in de wijk Hengstdal in Nijmegen-Oost, en is gesitueerd aan de zuidzijde van de Berg en Dalseweg. Het pand staat enigszins schuin op de weg geprojecteerd.

Alleen het linker pand heeft aan de zijkant van het huis een moderne garage aangebouwd die niet onder de bescherming valt.

Omschrijving

Dubbele VILLA van twee bouwlagen en zolderverdieping op samengesteld grondplan. De bouwmassa bestaat uit een rechthoekige hoofdbouw met kleinere aanbouwen tegen alle vier zijden. In de hoofdbouw zijn twee tweebeukige woningen ondergebracht. De brede beuken met de kamers en suite grenzen aan elkaar. Aan de straatzijde bevinden zich twee erkers met overdekte balkons tegen de hoofdbouw. In de aanbouw tegen respectievelijk de linker en rechter zijgevel bevindt zich de entree, de bijkeuken en een slaapkamer op de verdieping. Aan de achterzijde is het pand in het verlengde van de kamers en suite uitgebouwd met twee serres en loggia's onder doorgetrokken dakschild.

Het samengestelde DAK bestaat uit een zadeldak met twee grote aankappingen aan de voorzijde (ter plaatse van twee geveltoppen) en een gedeeltelijk doorgetrokken dakschild aan de achterzijde. De dakranden zijn afgezet met gesneden windveren. Het dak is gedekt met rode verbeterde Hollandse pannen en watert af via bakgoten op bewerkte klossen. In het achterschild bevinden zich twee grote houten dakkapellen met aangekapte zadeldaken (pannen dekking). In zowel het voor- als achterschild komen schoorstenen voor.

De bakstenen GEVELS met trasraam zijn in kruisverband gemetseld. De gevels zijn overwegend asymmetrisch ingedeeld. De voor- en zijgevels worden horizontaal geleed door natuurstenen waterlijsten ter hoogte van de venster-lekdorpels en een afsluitend fries met siermetselwerk in gele en rode baksteen. De horizontale geleding van de sobere achtergevel bestaat uit rollagen. De geveltoppen aan de voor-, linker en rechter zijde zijn voorzien van baksteenvlechting en imitatie-vakwerk met wit gepleisterde velden. In de gevels is een grote variatie aan venstertypen toegepast: draairamen in enkelvoudige en tweedelige kozijnen en schuiframen met meerruits bovenlichten in enkelvoudige en kruiskozijnen. Het merendeel van de (onder-)ramen is voorzien van luiken. De gevelopeningen worden afgesloten door rollagen of hanekammen. Beide woningen hebben aan de voorzijde een houten erker en balkon met afgeschuinde hoeken. De tuindeuren in de erker van nummer 146 zijn vervangen door een raam. Het balkon van nummer 148 wordt afgesloten door een samengesteld dakje met shingles. Het balkon van nummer 146 bevindt zich onder een doorgetrokken dakschild. De houtconstructie en de hekwerken van de balkons zijn bewerkt.

In de aanbouwen tegen de zijgevels zijn de entrees van beide woningen ondergebracht. De paneeldeur bevindt zich onder een afdak (shingles) met ondersteunende hoekkolom. Het vloertje voor de deur, de dorpel en de neuten zijn uitgevoerd in hardsteen. De voordeur wordt aan weerszijden geflankeerd door een band met siermetselwerk in gele steen. Boven de entree bevindt zich op de verdieping (ter plaatse van het trappenhuis) een groot samengesteld venster. De achterkant van het pand wordt gedomineerd door twee aan elkaar grenzende rechthoekige serres met loggia's op de verdieping. De opzet en de detaillering van deze forse uitbouw komt grotendeels overeen met die van de erker en het balkon aan de voorzijde van nummer 146: houten serre op bakstenen plint, enkelruits onderramen, meerruits bovenlichten, bewerkte standvinken onder doorgetrokken dakschild. De RUIMTELIJKE INDELING bestaat uit twee gespiegelde woningen met elk een brede en een smalle beuk. In de brede beuk bevinden zich de kamers en suite en de serre. In de smalle beuk zijn een kleine kamer, een hal met trappenhuis en de keuken ondergebracht. De vestibule met toilet en de bijkeuken bevinden zich in de zij-aanbouw. In beide woningen zijn diverse oorspronkelijke INTERIEURELEMENTEN bewaard gebleven, zoals betegelde wanden in de vestibule en het toilet, een gesneden houten bordestrap met drie armen, vlakke stucplafonds met een geometrische indeling (brede banden met groeven, smalle lijsten, rozetten in de vorm van vierpassen), enkele natuurstenen schoorsteenmantels, meerkleurige glas-in-loodramen met gestileerde bloemmotieven.

Waardering

Dubbele VILLA uit 1909.

- Van architectuurhistorische waarde als goed voorbeeld van een dubbele villa uit 1909 in overgangsarchitectuur naar ontwerp van architect F. Ludewig. Het pand valt op door hoogwaardige estethische kwaliteiten, zoals gave verhoudingen, een zorgvuldige detaillering, gevarieerd materiaal- en kleurgebruik. Voorts zijn de interieurs van beide woningen redelijk goed bewaard gebleven.

- Van stedenbouwkundige waarde als karakteristiek onderdeel van een historisch gegroeid stedelijk bebouwingspatroon, namelijk de bouw van voorname woonhuizen aan de singels en uitvalswegen van Nijmegen: hoofdzakelijk aaneengeschakelde herenhuizen dicht bij het centrum en op grotere afstand meer vrijstaande villabebouwing.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Double VILLA from 1909 designed by architect F. Ludewig in transitional architecture; a mixed building style with traditional features and influences of the chalet style. The detached building is situated in the Hengstdal district in Nijmegen-Oost, and is located on the south side of the Berg en Dalseweg. The building is positioned somewhat at an angle to the road.

Only the left building has a modern garage built onto the side of the house, which is not covered by the protection.

Description

Double VILLA of two storeys and attic storey on a composite ground plan. The building mass consists of a rectangular main structure with smaller annexes against all four sides. Two two-aisle dwellings are housed in the main structure. The wide aisles with the rooms en suite adjoin each other. On the street side there are two oriels with covered balconies against the main structure. In the annexes against the left and right side facades respectively are the entrance, the scullery and a bedroom on the upper floor. On the rear side the building is extended in line with the rooms en suite with two conservatories and loggias under a continued roof slope.

The composite ROOF consists of a gabled roof with two large roof cuts at the front (at the location of two gable tops) and a partially continued roof slope at the rear. The roof edges are finished with cut bargeboards. The roof is covered with red improved Dutch tiles and drains via gutters on worked consoles. In the rear slope are two large wooden roof dormers with applied gabled roofs (tile covering). Both the front and rear slopes contain chimneys.

The brick FACADES with tuffstone are laid in English bond. The facades are predominantly asymmetrically arranged. The front and side facades are horizontally articulated by natural stone drip mouldings at the height of the window drip edges and a closing frieze with decorative brickwork in yellow and red brick. The horizontal articulation of the plain rear facade consists of brick courses. The gable tops on the front, left and right side are provided with brick lattice and imitation half-timbering with white plastered panels. A wide variety of window types are used in the facades: casement windows in single and two-part frames and sash windows with multi-pane fanlights in single and cross frames. Most of the (lower) windows are provided with shutters. The facade openings are closed by brick courses or decorative brick courses. Both dwellings have a wooden oriel and balcony with bevelled corners on the front. The garden doors in the oriel of number 146 have been replaced by a window. The balcony of number 148 is closed by a composite canopy with shingles. The balcony of number 146 is located under a continued roof slope. The timber construction and the railings of the balconies are worked.

The entrances of both dwellings are housed in the annexes against the side facades. The panelled door is located under a canopy (shingles) with supporting corner column. The floor in front of the door, the threshold and the consoles are executed in hardstone. The front door is flanked on both sides by a band with decorative brickwork in yellow brick. Above the entrance is a large composite window on the upper floor (at the location of the stairwell). The rear of the building is dominated by two adjoining rectangular conservatories with loggias on the upper floor. The arrangement and detailing of this substantial extension is largely consistent with that of the oriel and balcony on the front of number 146: wooden conservatory on brick plinth, single-pane lower windows, multi-pane fanlights, worked corner posts under a continued roof slope. The SPATIAL LAYOUT consists of two mirrored dwellings each with a wide and a narrow aisle. In the wide aisle are the rooms en suite and the conservatory. In the narrow aisle are a small room, a hall with stairwell and the kitchen. The vestibule with toilet and the scullery are located in the side annex. Both dwellings have retained various original INTERIOR ELEMENTS, such as tiled walls in the vestibule and toilet, a carved wooden staircase with three flights, flat stucco ceilings with a geometric layout (wide bands with grooves, narrow mouldings, rosettes in the form of quatrefoils), some natural stone fireplace mantels, multicoloured stained-glass windows with stylised floral motifs.

Valuation

Double VILLA from 1909.

- Of architectural-historical value as a good example of a double villa from 1909 in transitional architecture designed by architect F. Ludewig. The building stands out for its high-quality aesthetic qualities, such as fine proportions, careful detailing, varied use of material and colour. Furthermore, the interiors of both dwellings have been reasonably well preserved.

- Of urban-planning value as a characteristic component of a historically developed urban building pattern, namely the construction of distinguished residential buildings on the canals and exit roads of Nijmegen: mainly terraced town houses close to the centre and further away more detached villa development.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map