TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Abbinck

Brummen, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Boerderij
Function
Boerderij(M1)
Category
onroerend gebouwd
Built
1909
Address
Windheuvelstraat 1, 6971 JV Brummen
Place
Brummen
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
52.12823, 6.14760
Part of complex
521792
Monument number
521793

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

2 historical maps cover this location, the earliest the 1913 map "33 Zutphen" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Omschrijving

DRIEKAPBOERDERIJ

Het villa-achtige VOORHUIS telt twee bouwlagen en een zolderverdieping op een rechthoekige plattegrond. Het samengestelde dak bestaat uit een zadeldak dat haaks tegen een wolfdak is geplaatst. De schilden zijn bedekt met gesmoorde Hollandse pannen en voorzien van witgeschilderde windveren. Op de twee nokuiteinden is een piron geplaatst, gedetailleerd met scherpe punten. De afwatering vindt plaats via een houten bakgoot op zwartgeschilderde klossen. De gevels hebben een gepleisterde plint en zijn opgetrokken in rode baksteen, gemetseld in kruisverband. Ter verlevendiging is gele verblendsteen in sierverband toegepast, onder meer als over de gevel lopende horizontale banden en in de bogen (strekse- en segmentbogen) en als boogvulling boven de gevelopeningen. Op de gevelhoeken bevinden zich uitgemetselde pilasters. In de gevels zijn in de eerste bouwlaag overwegend schuifvensters met bovenlichten toegepast, die thans allen enkelruits zijn en op de verdieping stolpvensters onder 10-ruits bovenlichten met gekleurd glas. De vensters hebben een onderdorpel en de schuifvensters zijn voorzien van persiennes met dichte panelen aan de onderzijde.

De VOORGEVEL telt vier assen en heeft in de eerste bouwlaag drie schuifvensters, waaronder een gekoppeld schuifvenster en op de verdieping vier stolpvensters. In de tweede as bevindt zich de terugliggende entree, met een paneeldeur voorzien van traliewerk. Boven de deur bevindt zich een bovenlicht. Het portiek heeft een betegelde lambrizering.

Tegen de RECHTER ZIJGEVEL van het voorhuis sluit een eenlaags tussenlid aan. In de gevel hiernaast en hierboven bevinden zich verschillende schuif-, stolp- en openslaande vensters. De LINKER ZIJGEVEL heeft rechts, tussen gemetselde pilasters een hoge partij, afgesloten met een topgevel onder het wolfseind. Tegen deze gevel sluit een houten serre aan, op een gemetselde plint. De vensters van de serre hebben aan de onderzijde nog de oorspronkelijke verdeling in kleine ruiten en bezitten geornamenteerde wisseldorpels. De serre wordt afgesloten door een geprofileerde daklijst op gesneden consoles. In de consoles is de naam van de bouwheer verwerkt. De serre draagt een balkon met een niet-oorspronkelijke balustrade. De dubbele balkondeuren hebben een zesruits bovenlicht. In de afgeplatte topgevel bevinden zich twee enkelruits vensters. Ter weerszijden van deze vensters is de topgevel beschoten met vertikale, aan de onderzijde gesneden delen. In het lagere, linker geveldeel bevindt zich in de eerste bouwlaag een dubbele tuindeur onder enkelruits bovenlicht en op de verdieping een stolpvenster zoals reeds beschreven. De ACHTERGEVEL van het voorhuis sluit links aan tegen het bedrijfgedeelte. Rechts bevindt zich een vooruitspringende partij met puntgevel waarin zich een schuif- en stolpvenster bevindt, zoals reeds beschreven. In de puntgevel zijn twee enkelruits vensters aanwezig. De top is beschoten op de reeds beschreven wijze. Het terugliggende gedeelte links is blind, afgezien van twee vensters van het reeds beschreven type, in de eerste en tweede bouwlaag.

Links tegen de achtergevel van het voorhuis sluit het BEDRIJFSGEDEELTE aan. Dit gedeelte bestaat uit een driekapsschuur met aan de voorzijde enkele aanbouwen, in de vorm van een eenlaags platgedekt tussenlid en een dwarsgeplaatst tweelaags bouwlichaam onder zadeldak. De driekapschuur wordt overkapt door een samengesteld dak bestaande uit drie afgewolfde zadeldaken met uileborden en twee zadeldaken ertussen met lagere nokhoogten (oorspronkelijk waren dit twee platte daken). De daken zijn thans deels belegd met pannen en deels met golfplaten. De nokuiteinden zijn voorzien van pironnen zoals beschreven in het voorhuis en langs de daken lopen witgeschilderde windveren. De VOORGEVEL van het bedrijfsgedeelte bestaat links uit het tussenlid waarin zich een deur onder bovenlicht en een venster met spiegelluiken bevindt. De gevel wordt hier afgesloten door een in twee kleuren baksteen gemetselde, opengewerkte balustrade met driepasmotieven. Hier sluit rechts de tweelaags schuur aan, waarin zich links een samengesteld kozijn met deur en raam bevindt en rechts een getoogde, diagonaal opgeklampte inrijdeur onder segmentboog. In de zijgevel van dit bouwlichaam bevinden zich in de eerste bouwlaag twee hoge vensters met veelruits ijzeren roedeverdeling en een laadluik geflankeerd door vierruits ijzeren ramen in de puntgevel. Het overige deel van de voorgevel is gevuld met grote en kleine ijzeren stalramen, staldeuren, enkele luiken en een deeldeur geheel rechts. De RECHTER ZIJGEVEL telt vijf assen die gescheiden worden door gemetselde pilasters met in elke as een segmentboogvormig ijzeren zesruits stalraam op onderdorpel. De drie voormalige staldeuren zijn dichtgezet. De LINKER ZIJGEVEL bestaat uit zeven assen, die net als in de RECHTER ZIJGEVEL gescheiden worden door gemetselde pilasters en gevuld zijn met stalramen. Hier zijn echter de segmentbogen uitgeveord in rode baksteen en gele verblendsteen. De ACHTERGEVEL bestaat uit vijf ongelijke delen. De drie geveldelen onder wolfdak, hebben deeldeuren geflankeerd door stalramen en erboven een laadluik geflankeerd door halve ramen. In de bogen boven de deeldeuren zijn gevelstenen ingemetseld afkomstig van de oude boerderij. Hiertussen bevinden zich smallere, platgedekte tussenpartijen met kleine staldeuren en laadluiken. Het INTERIEUR van villa en bedrijfsgedeelte is voor een groot deel in tact en op ondergeschikte punten gewijzigd. De interne structuur is vrijwel ongewijzigd. Het oorspronkelijk sobere woongedeelte, heeft een monumentale gang waaraan woonvertrekken en dienstvertrekken zijn gelegen. In de gang leidt een gehoute bordestrap naar de verdieping waar een groot aantal eenvoudige slaapkamers zijn gesitueerd. In de trappalen zijn de initialen van de bouwheer aangebracht. In het interieur bevinden zich nog vrijwel alle oorspronkelijke gehoute deuren en in de voormalige kamers-en-suite bevindt zich een schouw. In het bedrijfsgedeelte zijn de oorspronkelijke vaaltstal en paardestal niet meer aanwezig maar wel nog een deel van de grupstal. Voorts is de traditionele constructie met ankerbalkgebinten en hilden ongewijzigd. Rechts is de middenlangsdeel met deel, stallen en hooizolder nog volledig in tact.

Waardering

DRIEKAPBOERDERIJ (complexonderdeel A) gebouwd in 1909 naar ontwerp van architect HEUVELINK.

-Van architectuurhistorische waarde als goed en in hoofdvorm gaaf bewaard voorbeeld van een grote boerderij uit het begin van de twintigste eeuw. De boerderij valt op door de typologisch bijzondere hoofdvorm en heeft een eenvoudige, maar verzorgde detaillering. De imposante driekapschuur is in combinatie met het schijnbaar zelfstandige villa-achtige voorhuis in sobere overgangsstijl, een in die tijd weinig voorkomend type.

-Van stedenbouwkundige waarde als hoofdonderdeel van het boerencomplex Abbinck. De boerderij heeft ensemblewaarden met het bijenhok en speelt vanwege de bijzondere verschijningsvorm, waaronder de imposante achtergevel van het bedrijfsgedeelte, een beeldbepalende rol.

-Van cultuurhistorische waarde vanwege het type boerderij, dat van belang is binnen de agrarische geschiedenis van Nederland.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Description

THREE-BAY FARMHOUSE

The villa-like FRONT HOUSE comprises two storeys and an attic storey on a rectangular plan. The composite roof consists of a gabled roof placed at right angles against a half-hipped roof. The slopes are covered with flush Dutch tiles and fitted with white-painted wind vanes. On the two ridge ends a weathervane is placed, detailed with sharp points. Drainage takes place via a wooden gutter on black-painted brackets. The facades have a plastered plinth and are built in red brick, laid in English bond. For embellishment yellow facing brick is applied in decorative bond, including as horizontal bands running across the facade and in the arches (straight and segmental arches) and as arch fill above the facade openings. On the facade corners there are built-out pilasters. In the facades sash windows with fanlights are predominantly applied in the first storey, which are now all single-pane and on the upper storey casement windows under 10-pane fanlights with coloured glass. The windows have an undersill and the sash windows are fitted with shutters with solid panels on the underside.

The FRONT FACADE has four bays and has three sash windows in the first storey, including a coupled sash window and on the upper storey four casement windows. In the second bay is the recessed entrance, with a panel door fitted with grillwork. Above the door is a fanlight. The porch has tiled wainscoting.

Against the RIGHT SIDE FACADE of the front house adjoins a single-storey intermediate section. In the facade alongside and above are various sash, casement and French windows. The LEFT SIDE FACADE has, on the right, between built-out pilasters a tall section, terminated with a spout gable beneath the half-hipped roof. Against this facade adjoins a wooden conservatory, on a built plinth. The windows of the conservatory have on the underside still the original division into small panes and possess ornamented alternating sills. The conservatory is terminated by a moulded cornice on cut consoles. In the consoles the name of the building owner is incorporated. The conservatory bears a balcony with a non-original balustrade. The double French doors have a six-pane fanlight. In the flattened spout gable are two single-pane windows. On either side of these windows the spout gable is boarded with vertical, underside-cut sections. In the lower, left facade section is in the first storey a double garden door under single-pane fanlight and on the upper storey a casement window as already described. The REAR FACADE of the front house joins on the left against the service section. On the right is a projecting section with a pointed gable in which a sash and casement window is located, as already described. In the pointed gable are two single-pane windows. The top is boarded in the manner already described. The recessed section on the left is blank, aside from two windows of the already described type, in the first and second storey.

On the left against the rear facade of the front house adjoins the SERVICE SECTION. This section consists of a three-bay barn with at the front several ancillary structures, in the form of a single-storey flat-roofed intermediate section and a transversely placed two-storey building block beneath a gabled roof. The three-bay barn is covered by a composite roof consisting of three arched gabled roofs with owl boards and two gabled roofs between them with lower ridge heights (originally these were two flat roofs). The roofs are now partly tiled and partly covered with corrugated sheets. The ridge ends are fitted with weathervanes as described in the front house and along the roofs run white-painted wind vanes. The FRONT FACADE of the service section consists on the left of the intermediate section in which is a door under fanlight and a window with mirror shutters. The facade is terminated here by an open-work balustrade in two-coloured brick with three-part motifs. Here adjoins on the right the two-storey barn, in which on the left is a composite frame with door and window and on the right a arched, diagonally clamped carriage door under segmental arch. In the side facade of this building block are in the first storey two tall windows with multi-pane iron glazing bars and a loading hatch flanked by four-pane iron windows in the pointed gable. The remainder of the front facade is filled with large and small iron stable windows, stable doors, some shutters and a half-door completely on the right. The RIGHT SIDE FACADE has five bays which are separated by built pilasters with in each bay a segmental arch-shaped iron six-pane stable window on undersill. The three former stable doors are blocked up. The LEFT SIDE FACADE consists of seven bays, which just as in the RIGHT SIDE FACADE are separated by built pilasters and filled with stable windows. Here however the segmental arches are executed in red brick and yellow facing brick. The REAR FACADE consists of five unequal sections. The three facade sections beneath half-hipped roof, have half-doors flanked by stable windows and above them a loading hatch flanked by half windows. In the arches above the half-doors are facade stones set in that came from the old farmhouse. Between these are narrower, flat-roofed intermediate sections with small stable doors and loading hatches. The INTERIOR of villa and service section is for the most part intact and altered in secondary respects. The internal structure is virtually unchanged. The originally austere residential section, has a monumental hallway to which residential rooms and service rooms adjoin. In the hallway a wooden dog-leg staircase leads to the upper storey where a large number of simple bedrooms are situated. In the stair stringers the initials of the building owner are executed. In the interior virtually all original wooden doors remain and in the former enfilade rooms there is a fireplace. In the service section the original cow stall and horse stall are no longer present but part of the cattle stall is. Furthermore the traditional construction with anchor beam posts and bracing remains unchanged. On the right the middle longitudinal section with section, stalls and hay loft is still completely intact.

Valuation

THREE-BAY FARMHOUSE (complex component A) built in 1909 according to the design of architect HEUVELINK.

-Of architectural historical value as a well and in main form faithfully preserved example of a large farmhouse from the beginning of the twentieth century. The farmhouse stands out through its typologically distinctive main form and has a simple, but careful detailing. The imposing three-bay barn in combination with the apparently independent villa-like front house in austere transition style, is a type rarely occurring in that period.

-Of urban planning value as the main component of the Abbinck farm complex. The farmhouse has ensemble values with the bee house and by virtue of its distinctive appearance, including the imposing rear facade of the service section, plays a visually determining role.

-Of cultural historical value because of the type of farmhouse, which is of significance within the agricultural history of the Netherlands.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map