TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Zwaanwijck

Nigtevecht, Utrecht, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Bijgebouwen kastelen enz.
Function
Koetshuis(L)
Category
onroerend gebouwd
Built
1896
Address
Klompweg 62, 1393 PM Nigtevecht (Stichtse Vecht 26) (and others)
Place
Nigtevecht
Municipality
Stichtse Vecht
Province
Utrecht
Country
Netherlands
Coordinates
52.28177, 5.04900
Part of complex
520376
Monument number
520380

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

4 historical maps cover this location, the earliest the 1885 map "Utrecht / [door W.J. Geerling]" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Voormalig KOETSHUIS met twee DIENSTWONINGEN in 1896 gebouwd, in chaletstijl met neorenaissance elementen, als onderdeel van de in oorsprong 18de eeuwse en thans met appartementen verbouwde buitenplaats 'Zwaanwijck'. In 1894 besloot de weduwe van de Amsterdamse geldhandelaar M.N. de Pré een nieuwe buitenplaats aan te leggen met naast een nieuw gebouwd hoofdhuis diverse bijgebouwen. In de jaren zeventig van de 20ste eeuw werd de buitenplaats met hoofdgebouw, tuinmanswoning en koetshuis naar ontwerp van de architect M.P. Evelein in 13 appartementen gewijzigd. De tuin werd opnieuw vormgegeven door o.m. Mien Ruys.

Omschrijving

Het pand, gesitueerd rechtsachter (noordoostzijde) het hoofdgebouw, was oorspronkelijk bestemd voor de stalling van onder meer twaalf rijtuigen en bijbehorende paarden. Aan de voorzijde waren twee woningen. Het pand op een samengesteld grondplan bestaat uit een rechthoekig volume haaks op de Klompweg van één bouwlaag onder een afgewolfd zadeldak, doorsneden door twee dwarse volumes. Het dwarse volume vooraan bestaat uit twee bouwlagen onder een zadeldak, het volume aan de achterzijde bestaat uit één bouwlaag, eveneens onder een zadeldak. De elkaar snijdende, vrij vlakke, ver overkragende geknikte zadeldaken zijn van ongelijke goot- en nokhoogten en gedekt met gesmoorde bouletpannen. Op het dak zijn enkele kleine dakkapellen en lichtkoepels geplaatst.

De gevels zijn opgetrokken in baksteen in staand verband met op de begane grond gepleisterd imitatievakwerk. De plint bevat gebosseerde panelen. Horizontale banden, hoeklisenen en aanzet- sluitstenen in de strekken zijn gepleisterd. Alle topgevels zijn voorzien van houten ajourgesneden topgevelvullingen met makelaar. de dakoverstekken rusten op gebiljoende korbelen. De voorgevel (zuidoostzijde) is symmetrisch ingedeeld met twee risalerende delen die als Vlaamse gevel zijn afgesloten, ieder twee bouwlagen hoog en voorzien van een zadeldak met de nok haaks op de weg. De risalerende bouwdelen bevatten respectievelijk op de begane grond links een deur en rechts een roedenverdeeld venster met een rondboog bovenlicht. Op de verdieping is bij beide een keperboogvormig venster geplaatst. In het midden van de voorgevel bevindt zich tussen de twee bouwdelen een dubbele getoogde glasdeur geflankeerd door een hoog, smal rondbooglicht, met recht daar boven in het dakschild een dakkapel onder een lessenaarsdak. De muurvlakken aan weerszijden van de risalerende bouwdelen bevatten een halfrond gesloten venster.

De beide zijgevels zijn nagenoeg identiek in hoofdopzet en hebben een brede en een smallere niet op één lijn liggende risalerend bouwdeel met een zadeldak met overstek. De linkerzijgevel bevat van rechts naar links een deur, waarvoor een gemetselde stoep, in de eerste risalerende partij op de begane grond twee getoogde vensters en op de verdieping twee dubbele draaivensters, voorts een deur met getoogd bovenlicht, een dubbele getoogde glasdeur en in de tweede risalerende partij een deur met bovenlicht en op de verdieping een keperboogvormig venster. De rechterzijgevel heeft in plaats van de dubbele getoogde glasdeur een getoogd venster.

De achtergevel met een iets uit het midden geplaatste topgevelpartij bevat twee dubbele getoogde glasdeuren met rechts en links een getoogd venster op de begane grond en een keperboogvormig venster op de zolderverdieping. Het interieur, dat wat de oorspronkelijke indeling betreft grotendeels aangepast is aan de huidige indeling met zes appartementen, bevat rechts en links aan de voorzijde (de oorspronkelijke personeelswoningen) een opkamer, thans in gebruik als entree met daaronder een kelder en een trap naar boven.

Waardering

Het pand is van algemeen belang vanwege de cultuur- en architectuurhistorische waarde als karakteristiek voorbeeld van een groot laatnegentiende-eeuws koetshuis in chaletstijl met elementen van neorenaissancestijl, alsmede vanwege de gave hoofdvorm en detaillering van het exterieur met imitatievakwerk en ajourgesneden nokvullingen. Voorts vanwege de belangrijke ensemblewaarde in ruimtelijke, functionele en stilistische samenhang metde overige complexonderdelen.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

Former COACH HOUSE with two SERVICE DWELLINGS built in 1896, in chalet style with neo-Renaissance elements, as part of the originally 18th-century country estate 'Zwaanwijck' now converted into apartments. In 1894 the widow of Amsterdam money merchant M.N. de Pré decided to establish a new country estate with, in addition to a newly built main house, various outbuildings. In the nineteen-seventies the country estate with main building, gardener's cottage and coach house were converted into 13 apartments according to designs by architect M.P. Evelein. The garden was redesigned by among others Mien Ruys.

Description

The building, situated to the rear (north-east side) of the main building, was originally intended for the stabling of, amongst others, twelve carriages and their associated horses. On the front elevation there were two dwellings. The building on a composite ground plan consists of a rectangular volume at right angles to the Klompweg of one storey beneath a barrel-vault gabled roof, intersected by two transverse volumes. The transverse volume at the front consists of two storeys beneath a gabled roof, the volume at the rear consists of one storey, likewise beneath a gabled roof. The intersecting, fairly flat, far overhanging angled gabled roofs are of unequal eave and ridge heights and covered with smothered pantiles. On the roof are placed a number of small roof dormers and roof lights.

The facades are built in brickwork in running bond with plastered imitation timber-framing on the ground floor. The plinth contains bossed panels. Horizontal bands, corner pilasters and quoins in the courses are plastered. All gable ends are provided with timber openwork gable fillings with chamfer. The roof overhangs rest on modillions. The front facade (south-east side) is symmetrically arranged with two projecting sections which are finished as Flemish gables, each two storeys high and provided with a gabled roof with the ridge perpendicular to the road. The projecting building sections contain respectively on the ground floor on the left a door and on the right a glazing-bar window with a round-arched fanlight. On the upper floor each has a chevron-arched window. In the centre of the front facade between the two building sections there is a double arched glass door flanked by a tall, narrow round-arched light, with directly above it in the roof slope a roof dormer beneath a shed roof. The wall surfaces on either side of the projecting building sections contain a semi-circular closed window.

Both side facades are virtually identical in main arrangement and have a wider and a narrower non-aligned projecting building section with a gabled roof with overhang. The left side facade contains from right to left a door, before which a brick stoep, in the first projecting section on the ground floor two arched windows and on the upper floor two double casement windows, furthermore a door with arched fanlight, a double arched glass door and in the second projecting section a door with fanlight and on the upper floor a chevron-arched window. The right side facade has instead of the double arched glass door an arched window.

The rear facade with a slightly off-centre gable section contains two double arched glass doors with right and left an arched window on the ground floor and a chevron-arched window on the attic floor. The interior, which as far as the original layout is concerned has been largely adapted to the current layout with six apartments, contains on the right and left at the front (the original staff dwellings) an entrance room, now in use as entrance with below it a cellar and a staircase upwards.

Valuation

The building is of general importance by reason of its cultural-historical and architectural value as a characteristic example of a large late nineteenth-century coach house in chalet style with neo-Renaissance elements, and also by reason of the well-preserved main form and exterior detailing with imitation timber-framing and openwork ridge fillings. Furthermore by reason of the important ensemble value in spatial, functional and stylistic coherence with the other complex components.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map