TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Groningerstraatweg 32

Leeuwarden, Fryslân, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1929
Address
Groningerstraatweg 32, 8921 TR Leeuwarden (and others)
Place
Leeuwarden
Province
Fryslân
Country
Netherlands
Coordinates
53.20793, 5.80477
Monument number
519872

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

Stanford Libraries

2 historical maps cover this location, the earliest the 1937 map "North west Europe 1:250,000" (Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

DUBBEL HERENHUIS in 1929 door architect Piet de Vries (1897-1992) in Amsterdamse School-stijl ontworpen. Met zijn eigen woonhuis Druifstreek 63 en de artsenpraktijk met bovenwoning Ruiterskwartier 113, beide in Leeuwarden en beschermd, een hoogtepunt in het oeuvre van de architect. In dit oeuvre is een viertal perioden te onderscheiden. Na opleiding en praktijkervaring in Amsterdam, stond Piet de Vries aanvankelijk onder invloed van het decoratieve baksteen-expressionisme van de Amsterdamse School. In de loop van de jaren twintig won de aandacht van het functionele aan kracht en nam de aandacht voor decoratieve detaillering af. Het resultaat was een oorspronkelijke architectuur met geledingen van verschillende functies in aparte, expressief gevormde bouwvolumes. De Vries belandde niet bij het kubische van de Dudok-trant wat tijdgenoten als Andries Baart en Justus Zuidema wel overkwam. Dit dubbele herenhuis is een representatief voorbeeld van de tweede fase uit De Vries' oeuvre. Aan de opdrachtgever J. Boersma werd op 17 januari 1929 bouwvergunning afgegeven en de woningen konden in hetzelfde jaar in gebruik worden genomen.

Het dubbele herenhuis is gebouwd aan de Groningerstraatweg, een in 1830/'31 aangelegde uitvalsweg naar Groningen. In de tweede helft van de negentiende eeuw kwamen nabij de plaats van de gesloopte Hoeksterpoort enkele gebouwen met bijzondere functies tot stand. In de jaren-1920 kwamen aan weerszijden, maar niet onmiddellijk aan deze uitvalsweg geleidelijk woonwijken tot ontwikkeling, meest met volkswoningen. Aan de Groningerstraatweg zelf kwamen in de jaren twintig en dertig, in een afwisseling van enkele losstaande, iets meer in tweeën gekoppelde en het meest in strokenbouw gerealiseerde, heren- en burgerhuizen tot stand, voorzien van flinke voor- en achtertuinen. Het dubbele herenhuis staat in een gesloten rij woningen, waarover de architect later (1980) in het algemeen meende: "Het huis in de rij heb ik altijd knellend gevonden en je krijgt alleen weer de grote lijn als je ze aan elkaar koppelt. De vertikalen gebruikte ik als een beschermende functie en om binnen het vlak te blijven". Over dit dubbele herenhuis zei de architect: "Het dubbele woonhuis heeft ook vertikalen op de hoeken en een overstekende daklijst. De kozijnen op de verdieping vormen een plastisch element, terwijl de frieslijst de twee vertikalen verbindt. (...) daarnaast zijn er plastische uitdrukkingen zoals een rondgesloten gat als ingang en uitspringende delen als erkers. Door de diepe voegen verkreeg ik in de gevel een mooie schaduwwerking".

Omschrijving

EXTERIEUR: Het dubbele pand is opgetrokken op een rechthoekige grondslag van 13,8 m breed met uitbouwen voor keukens en brandstofhokken aan de achterzijde (en nummer 32 met nog een thans als berging in gebruik zijnde garage) met een maximale diepte van 13,77 m. De woningen zijn geleed in forse erker- en smallere ingangstraveeën en tellen twee bouwlagen onder een groot zadeldak, waarvan het voorschild verder naar onder doorloopt dan het achterschild. De uitbouwen aan de achterzijde zijn een laag met een plat dak hoog. Voor het trasraam is een bruin gemêleerde, gesinterde baksteen aangewend; voor het overige een rood gemêleerde en hier en daar enigszins groen gesinterde baksteen. Alle muurwerk aan de voorzijde is in Vlaams verband met verdiepte voegen gemetseld; aan de achterzijde geen verdiepte voegen. De lateien en dergelijke en ook de vloeren zijn van beton. De voorgevel is symmetrisch. De ingangstraveeën, meer dan twee bouwlagen hoog opgetrokken en tot halverwege de kap uitgebouwd en daar afgeplat, zijn flinke kubische en verticaal gerichte hoekmassa's. Beneden zijn de entrees verdiept geplaatst met een rondgesloten omlijsting van waaiervormig verwerkt metselwerk van de donkere soort van het trasraam. De originele deuren hebben versieringen van blokken en horizontale lijsten met een reeks van kleine liggende lichten. In de oksel tussen entree en erker zijn plantenbakken gemetseld. Op de etage van de hoektraveeën van elke woning zit een boegvormig, tussen betonnen lateien gevat, uitspringend venster ter verlichting van een slaapkamer, die van nummer 34 met glas-in-lood. De dekplaten van deze hoekvensters zijn tevens de basementen van herstelde, verticaal staande, hoge vlaggenmasten die met twee houders aan het metselwerk van de hoektraveeën zijn verbonden. De hoektraveeën hebben een sterke verticale gerichtheid. Het tussenliggende brede volume is vooral horizontaal gericht. Beneden springt een ongedeeld erkervolume uit waarin aan de voorzijde grote liggende vensters en aan de ingangszijden zijlichten. De dubbele erker is afgedekt door een uitspringende betonnen latei. Boven de dubbele erker een met een bloembak op uitstekende klossen afgedekte borstwering voor de balkons, die door een bescheiden, getrapt muurtje zijn gescheiden. Op de verdieping zijn achter de balkons de vensterlinten met deuren - de middenpartijen springen boegvormig uit - gekoppeld in vooral horizontaal lijstwerk. Ze zijn aan de bovenzijde door een geschilderd, betonnen fries met lijstjes en hoekornamenten en een ver overstekende bakgoot afgedekt. Het voorschild van het dwarsgeplaatste zadeldak, waarvan voor- en achterschild gedekt zijn met ongeglazuurde Hollandse golfpannen, bevatte oorspronkelijk geen lichtscheppingen; thans zitten er twee dakvensters. Op de bouwtekening stond wel een langgerekte kapel getekend, maar die is om onbekende redenen nooit uitgevoerd. Midden op het achterschild staat een gekoppelde kapel, beide met twee vierruitsvensters. Aan de zijkanten en hoog in het achterschild liggen twee drieledige daklichten ter verlichting van het trappenhuis. Op dat achterschild staat, onder de daknok en daardoor niet zichtbaar vanaf de openbare weg, een kleine dubbele schoorsteen en lager, aan de zijkanten boven de keukens hogere. De voortuinen hebben een ommuring met zware, gemetselde penanten en vernieuwde, oorspronkelijke houten draaihekjes in geometrische vormen. In de voortuinen terrassen vormende keermuurtjes van de oorspronkelijke inrichting.

INTERIEUR: Beide woningen zijn verschillende malen verbouwd. Vestibule met draaideuren en van bruine tegels met zwarte randjes gevormde lambrisering. Granito-vloeren in vestibule en hal. Trappenhuizen naar verdieping en zolder goed verlicht door hoge daklichten. De trappen zijn voorzien van deels oorspronkelijke, deels in oorspronkelijke vormen herstelde leuningen en balustraden met enige expressieve vormen bij beëindigingen. Onder de trap kast en toilet. Zowel beneden als boven grotendeels nog oorspronkelijke deuren van eenvoudig stijl- en regelwerk; op verdieping en zolder voorzien van lichten met brut glas. In beide woningen is de wand met suitedeuren tussen de woonvertrekken verdwenen. In nummer 32 is ook de pui met openslaande deuren naar de achtertuin verdwenen en vervangen door een grote aluminium schuifpui; de tuinpui van nummer 34 is vernieuwd in oorspronkelijke vormen. De keukens zijn verbouwd en (deels) uitgebouwd in de bijkeuken.

WAARDERING

Het dubbele herenhuis is van algemeen architectuurhistorisch, architectonisch en stedenbouwkundig belang

- vanwege de prominente plaats van het gebouw in de tweede, expressieve fase in het oeuvre van de vooraanstaande architect Piet de Vries;

- vanwege de verzorgde Expressieve Stijl met een verrassende werking van horizontale en verticale bouwvolumes die het gebouw een oorspronkelijk karakter verleent;

- vanwege de autonome architectonische werking van de dubbele woning waardoor zij een hoogtepunt in de strokenbouw in de omgeving vormt.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

DOUBLE GENTLEMAN'S HOUSE designed in 1929 by architect Piet de Vries (1897-1992) in Amsterdam School style. Along with his own residence at Druifstreek 63 and the medical practice with flat above at Ruiterskwartier 113, both in Leeuwarden and protected, this represents a high point in the architect's oeuvre. Four distinct periods can be distinguished in this oeuvre. After training and practical experience in Amsterdam, Piet de Vries was initially influenced by the decorative brick expressionism of the Amsterdam School. During the course of the 1920s, attention to the functional grew in strength and attention to decorative detailing diminished. The result was an original architecture with articulations of different functions in separate, expressively formed building volumes. De Vries did not arrive at the cubic forms of the Dudok manner that befell contemporaries such as Andries Baart and Justus Zuidema. This double gentleman's house is a representative example of the second phase in De Vries' oeuvre. Building permission was granted to the client J. Boersma on 17 January 1929 and the dwellings could be occupied in the same year.

The double gentleman's house was built on the Groningerstraatweg, an exit road to Groningen laid out in 1830/'31. In the second half of the nineteenth century, some buildings with special functions came into being near the site of the demolished Hoeksterpoort. In the 1920s, residential districts gradually developed on either side, though not immediately on this exit road, mostly with working-class housing. On the Groningerstraatweg itself, in the 1920s and 1930s, gentleman's and burgher's houses came into being in an alternation of some detached, somewhat paired and mostly terraced arrangements, furnished with substantial front and rear gardens. The double gentleman's house stands in a closed row of dwellings, regarding which the architect later (1980) commented in general: "I have always found the house in a row constraining and you only get the great line again when you couple them together. I used the verticals as a protective function and to remain within the plane". Regarding this double gentleman's house the architect said: "The double dwelling house also has verticals at the corners and an overhanging eaves line. The windows on the upper storey form a plastic element, while the frieze strip connects the two verticals. (...) in addition there are plastic expressions such as a rounded enclosed opening as entrance and projecting parts as bay windows. Through the deep joints I achieved a beautiful shadow effect in the facade".

Description

EXTERIOR: The double property is constructed on a rectangular plan of 13.8 m wide with extensions for kitchens and fuel stores at the rear (and number 32 with also a garage now in use as storage) with a maximum depth of 13.77 m. The dwellings are articulated in sturdy bay and narrower entrance bays and comprise two storeys under a large gabled roof, of which the front slope extends further down than the rear slope. The extensions at the rear are one storey high with a flat roof. For the ash-bin compartment a brown mottled, sintered brick is used; for the rest a red mottled and in places somewhat greenish sintered brick. All brickwork on the front is laid in Flemish bond with recessed joints; on the rear no recessed joints. The lintels and the like and also the floors are of concrete. The front facade is symmetrical. The entrance bays, built up higher than two storeys and extended to halfway up the roof pitch and there flattened off, are sturdy cubic and vertically directed corner masses. Below, the entrances are set back with a rounded surround of fan-patterned brickwork of the dark type of the ash-bin compartment. The original doors have ornamentations of blocks and horizontal lines with a row of small horizontal lights. In the angle between entrance and bay window are planted flower boxes. On the storey of the corner bays of each dwelling is a bow-shaped, set between concrete lintels, projecting window for lighting a bedroom, that of number 34 with leaded glass. The cover plates of these corner windows are also the bases of restored, vertically standing, tall flagpoles which are connected with two brackets to the brickwork of the corner bays. The corner bays have a strong vertical orientation. The intermediate broad volume is chiefly horizontally oriented. Below, an undivided bay volume projects, in which large horizontal windows face the front and side lights face the entrance sides. The double bay is covered by a projecting concrete lintel. Above the double bay a flower box mounted on projecting corbels covers the parapet for the balconies, which are separated by a modest, stepped wall. On the upper storey, behind the balconies, the window bands with doors - the central sections project bow-shaped - are coupled in chiefly horizontal framing. They are capped at the top by a painted concrete frieze with mouldings and corner ornaments and a far projecting brick gutter. The front slope of the transversely placed gabled roof, of which front and rear slopes are covered with unglazed Dutch pantiles, originally contained no roof lights; presently there are two roof windows. On the building drawing a long chapel was sketched, but for unknown reasons it was never executed. In the middle of the rear slope stands a paired chapel, both with two four-pane windows. At the sides and high in the rear slope lie two three-part roof lights for lighting the stairwell. On that rear slope, under the roof ridge and thus not visible from the public road, is a small double chimney and lower, at the sides above the kitchens taller ones. The front gardens have an enclosure with heavy, built pilasters and renewed, original wooden swing gates in geometric forms. In the front gardens retaining walls of the original layout forming terraces.

INTERIOR: Both dwellings have been altered several times. Vestibule with swing doors and wainscoting formed of brown tiles with black borders. Granito floors in vestibule and hall. Staircases to upper storey and attic well lit by tall roof lights. The stairs are provided with partly original, partly restored balustrading and handrails in original forms with some expressive forms at terminations. Under the stair cupboard and toilet. Both below and above largely original doors of simple framed and panelled work; on upper storey and attic equipped with lights in obscured glass. In both dwellings the partition wall with suite doors between the living rooms has disappeared. In number 32 the facade with opening doors to the rear garden has also disappeared and been replaced by a large aluminium sliding door; the garden door of number 34 has been renewed in original forms. The kitchens have been altered and (partly) extended into the scullery.

VALUATION

The double gentleman's house is of general architectural history, architectural and urban planning importance

- because of the prominent place of the building in the second, expressive phase in the oeuvre of the distinguished architect Piet de Vries;

- because of the carefully executed Expressive Style with a striking effect of horizontal and vertical building volumes which imparts the building an original character;

- because of the autonomous architectural effect of the double dwelling whereby it forms a high point in the terraced development in the vicinity.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map