TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Harlingersingel 7

Leeuwarden, Fryslân, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1906
Address
Harlingersingel 7, 8913 CJ Leeuwarden
Place
Leeuwarden
Province
Fryslân
Country
Netherlands
Coordinates
53.20311, 5.78750
Monument number
519838

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

2 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 3 Leeuwarden, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

VILLA, in 1906 naar ontwerp van Hendrik Kramer gebouwd in de Overgangsstijl op een hoekkavel tussen het logement De Groene Weide en de kort daarvoor gevormde Pier Panderstraat. Opdrachtgeefster was Aaltje de Boer (* 1846), weduwe van Hans Aukes Bontekoe, die op 12 maart 1906 met dienstboden in de nieuwe villa komt wonen. Het bouwjaar is te lezen in de windvaan van het hoektorentje.

Het gebied van de westelijke stadgrachtzone onderging in 1900 door de aanleg van de tramweg naar Marssum een omvangrijke ruimtelijke ingreep. In het noorden liep het tracee van de tram tussen de verswatervijver en broodfabriek door om bij de huidige Pier Panderstraat aftakkingen te krijgen naar de remises die achter molen Het Lam gebouwd werden. Daarna kende het tracee een voortzetting over de Harlingersingel, met als halteplaats herberg De Groene Weide om vervolgens af te buigen naar de Harlingerstaatweg. Ten noordoosten van de remises is in 1903 op particulier initiatief tussen Harlingerstraat en Tramstraat een buurtje van kleinschalige aaneengesloten burgerwoningen tot stand gekomen. Op de hoek van de Pier Panderstraat en Harlingersingel en onmiddellijk ten zuiden van De Groene Weide is in 1906 de hier bedoelde villa gebouwd. Omstreeks 1910 waren de Harlinger- en Westersingel grotendeels bebouwd, slechts onderbroken door het Westerpark. juist op de hoek waar verschillende ruimten elkaar raken en een niet echt duidelijke structuur vormen, is de villa een markant en levendig geleed gebouw, omgeven door een tuin in een verder stenige omgeving.

Omschrijving

EXTERIEUR: Hoekpand op een levendige plattegrond en met een gevarieerde volumewerking door risalerende en terugliggende gedeelten. Grotendeels twee bouwlagen met een plat dak hoog, maar met gedeelten voorzien van dakschilden die een enkele bouwlaag hoog lijken; twee andere elementen rijzen met hun daken hoger op: het erker-element en de toren. Aan de noordoostzijde de trapeziumvormige erkerpartij over twee lagen met schildkap met zinken hoekpironnen. Nagenoeg in het midden van de oostzijde de entreepartij met hardstenen stoep, oorspronkelijke, gesneden deur met lichten en bovenlicht met glas-in-lood in Art Nouveau-vormen, daarboven balkon op schoren en overhuifde openslaande deuren en plat dak. De zuidoostelijke hoekpartij lijkt lager door de afgeknotte dakschilden en de torenpartij die hier op de hoek uit oprijst en bekroond wordt door een achtzijdige spits met zinken pinakel en windvaan. Nabij de hoek aan de zuidzijde is een serre van stijl- en regelwerk uitgebouwd. Midden in de zijgevel springt een partij met een afgewolfde geveltop met zinken pinakel enigszins uit. De zuidwestelijke partij is een bouwlaag hoog en voorzien van een groot balkon met een natuurstenen balustrade. Het pand is opgetrokken op een hardstenen plint van grauwbruine baksteen, versierd met dorpelbanden van kunststeen, de hoektoren ook met vertikale hoekpenanten van kunststeen. De muren worden beëindigd door friezen van gemetselde siervakken onder geprofileerde bakgoten op gesneden consoles. Alle daken en dakschilden gedekt met leien in maasdekking. Alle muuropeningen met gevarieerd gevormde vensters en vensterpartijen zijn rechtgesloten; meestal gedekt door kunststenen lateien, soms met segmentvormige ontlastingen en boogtrommels van siermetselwerk.

Rondom tuin, van de openbare weg afgegrensd door ijzeren hek in Art Nouveau-vormen op gemetseld keermuurtje.

INTERIEUR: De oorspronkelijke indeling is ongewijzigd, maar de inrichting heeft door verschillende bewoners wel enige wijzigingen ondergaan. De vestibule heeft een marmeren vloer en een glaspaneeldeur in een decoratief kozijn. De gang, eveneens met een marmeren vloer, is naar zij- en achterzijde geleed door eenvoudig geprofileerde, gestucte poortjes. In het midden van de noordzijde de ruime trappenhal met leuningen met gesneden balusters en een venster met niet oorspronkelijk of passend, maar wel decoratief glas-in-lood. Grotendeels de oorspronkelijke, omlijste paneeldeuren en in de woonvertrekken schouwpartijen in Neo-Renaissance-trant. Overal vlak gestucte plafonds; in de keuken plafond van parelschroten. De vertrekken op het zuiden door suitepui met dichte paneelschuifdeuren met elkaar verbonden; tussen de voorsalon en serre geen pui meer. Keuken heringericht, maar betegeling met decoratief imitatiemarmer op de plint, alsmede de grote keukenkast nog aanwezig. Op de verdieping grotendeels oorspronkelijke indeling. Rond de ruime bovenhal de paneeldeuren naar de vertrekken, een enkele verplaatst.

WAARDERING

De villa met hek is van algemeen architectuurhistorisch, architectonisch en stedenbouwkundig belang

- vanwege de belangrijke plaats die het gebouw inneemt in de vernieuwingsperiode in het oeuvre van de vooraanstaande architect Hendrik Kramer;

- vanwege de uitwendig gave en inwendig nagenoeg gave Overgangsstijl, uitgedrukt in een bijzonder levendige geleding en een ingehouden detaillering;

- vanwege de markante plaats die de villa in de als stadsgezicht beschermde noordwestelijke stadsgrachtzone inneemt waarbij het hoekpand de ruimte vormt en de toren de hoek markeert.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

VILLA, built in 1906 to designs by Hendrik Kramer in the Transitional style on a corner plot between the lodging house De Groene Weide and the newly formed Pier Panderstraat. The client was Aaltje de Boer (* 1846), widow of Hans Aukes Bontekoe, who moved into the new villa with servants on 12 March 1906. The building date can be read in the weathervane of the corner turret.

The area of the western city moat zone underwent a major spatial intervention in 1900 with the construction of the tramway to Marssum. In the north the tramway route ran between the freshwater pond and bread factory to obtain branch-off points at the present Pier Panderstraat towards the depots built behind mill Het Lam. The route then continued over the Harlingersingel, with the lodging house De Groene Weide as a stop, before turning towards the Harlingerstaatweg. To the northeast of the depots a neighbourhood of small-scale adjoining middle-class dwellings was established in 1903 on private initiative between Harlingerstraat and Tramstraat. On the corner of Pier Panderstraat and Harlingersingel and immediately south of De Groene Weide the villa described here was built in 1906. Around 1910 the Harlinger- and Westersingel were largely built up, interrupted only by Westerpark. It is precisely on the corner where different spaces meet and form a not entirely clear structure that the villa is a striking and lively articulated building, surrounded by a garden in an otherwise stony environment.

Description

EXTERIOR: Corner building on a lively ground plan with varied volumetric treatment through projecting and recessed sections. Mostly two storeys with a flat roof, but with sections provided with hipped roofs that appear only one storey high; two other elements rise higher with their roofs: the bay element and the tower. On the northeast side the trapezium-shaped bay section over two storeys with a hipped roof with zinc corner crockets. Almost in the middle of the east side the entrance section with a stone threshold, original carved door with lights and fanlight with Art Nouveau glass-in-lead, above it a balcony on corbels and sheltered French doors and flat roof. The southeast corner section appears lower due to the clipped hipped roofs and the tower section which rises here at the corner and is crowned by an octagonal spire with zinc finial and weathervane. Near the corner on the south side a conservatory of vertical and horizontal timberwork is built out. In the middle of the side facade a section with an arched gable top with zinc finial projects slightly. The southwest section is one storey high and provided with a large balcony with a natural stone balustrade.
The building is erected on a stone plinth of greyish-brown brick, decorated with sill bands of artificial stone, the corner tower also with vertical corner pilasters of artificial stone. The walls are terminated by friezes of bonded decorative panels under moulded roof gutters on carved consoles. All roofs and hipped roofs covered with slate in Dutch bond. All wall openings with variously formed windows and window sections have square heads; mostly covered by artificial stone lintels, sometimes with segmental relieving openings and arch rings of decorative brickwork.

Surrounding garden, separated from the public road by an iron gate in Art Nouveau forms on a brick retaining wall.

INTERIOR: The original layout is unchanged, but the furnishings have undergone some alterations by various occupants. The vestibule has a marble floor and a glass panel door in a decorative frame. The corridor, also with a marble floor, is articulated towards the sides and rear by simply moulded, stuccoed archways. In the middle of the north side the spacious stairwell with balustrades with carved balusters and a window with glass-in-lead which is neither original nor appropriate, but nonetheless decorative. Mostly original framed panelled doors and in the living rooms fireplace installations in Neo-Renaissance style. Throughout flat stuccoed ceilings; in the kitchen ceiling of pearl boarding. The rooms on the south connected to each other by a suite door with solid panelled sliding doors; between the front room and conservatory no longer a door. Kitchen refitted, but tiling with decorative imitation marble on the plinth, as well as the large kitchen cupboard still present. On the first floor largely original layout. Around the spacious upper hall the panelled doors to the rooms, one relocated.

VALUATION

The villa with gate is of general architectural-historical, architectural and urban planning importance

- because of the important place the building occupies in the renewal period in the oeuvre of the prominent architect Hendrik Kramer;

- because of the externally intact and internally nearly intact Transitional style, expressed in a particularly lively articulation and restrained detailing;

- because of the striking place the villa occupies in the northwest city moat zone protected as an urban townscape where the corner building forms the space and the tower marks the corner.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map