Rijksmonumentenregister · Netherlands
Beukenstein
Lochem, Gelderland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kasteel, buitenplaats
- Function
- Landhuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1917
- Address
- Ampsenseweg 19, 7241 ND Lochem
- Place
- Lochem
- Province
- Gelderland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.16760, 6.42413
- Monument number
- 519510
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
David Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
2 historical maps cover this location, the earliest the 1899 map "Composite: 304. Vreden." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
Het LANDHUIS met HEKPIJLERS en TUIN uit 1917, genaamd HUIZE BEUKENSTEIN', is gebouwd in opdracht van W. Dull in 1917 door de architect G.J. Postel Hzn. (1887-1945) in de Engelse landhuisstijl. De TUIN van de villa is aangelegd in gemengde stijl naar ontwerp van L.A. Springer (1855-1940). De villa is gesitueerd op een terrein van ongeveer 1,5 ha grootte dat gelegen is in het buitengebied van Lochem aan de overzijde van het Twentekanaal. Het gebouw is gelegen met de nok evenwijdig aan de straat. Voor het huis ligt een halfcirkelvormige oprijlaan, die toegankelijk is via twee toegangspoorten waarvan alleen de vierkante gemetselde hekpijlers nog origineel zijn.
Omschrijving
Vrijstaand LANDHUIS opgetrokken op een rechthoekig plattegrond over twee bouwlagen onder een samengesteld rieten schilddak, met diverse aanbouwen. Aan de achterzijde bevindt zich een éénlaags aanbouw. De bakstenen gevels zijn gemetseld in halfsteensverband. Het trasraam wordt afgesloten door een rollaag. Ter hoogte van de verdiepingsvloer loopt een lint van gele baksteen. Tenzij anders vermeld zijn de ramen voorzien van houten luiken. Het dak heeft een breed overstek dat is uitgevoerd in hout. In het voorschild bevindt zich een dakkapel onder een lessenaarsdak met twee gekoppelde zesruits draairamen (3X2), en tweeruits zijlichten. Het linkerdakschild heeft een getoogd uitgevoerde dakkapel en het rechterdakschild eveneens. Op het achterdakschild bevinden zich twee getoogd uitgevoerde dakkapellen en twee dakkapellen onder een schilddak met twee gekoppelde zesruits draairamen (3X2). De nok van het dak is heeft rode nokvorsten. De schoorstenen op de nokken zijn ontdaan van hun oorspronkelijke toppen met siermetselwerk.
De ramen van de begane grond worden alle aan de bovenzijde afgesloten door een tweesteens strek.
De VOORGEVEL heeft twee brede zijrisalieten onder een aangekapt schilddak. Ingeklemd tussen deze risalieten een brede, korfboogvormig afgesloten portiek met erboven een decoratief gemetselde borstwering ter afsluiting van een overdekt balkon op de verdieping. De entree op de begane grond wordt gevormd door een deur met een bovenlicht met aan weerszijden een zesruits raam (2X3) met vierruits bovenlicht. Het overdekte balkon op de verdieping is toegankelijk via een houten stolpdeur met zijlichten die voorzien zijn van persiennes. Vóór de entree op de begane grond bevindt zich een breed terras dat aan beide zijden voorzien is van een borstwering. Het terras heeft aan de voorzijde een trap met halfcirkelvormige treden.
De beide zijrisalieten hebben een op gebogen grondslag opgetrokken erker die twee verdiepingen beslaat. De erkers hebben op de begane grond vier gekoppelde enkelruits ramen met enkelruits bovenlicht en persiennes aan weerszijden. De oorspronkelijke roedeverdeling is hier verdwenen. Tussen het portiek en de erker bevindt zich aan beide zijden een staand raam met bovenlicht. Het linkerraam bezit nog de oorspronkelijke roede verdeling (2X3) (2X2). De verdieping heeft vier, gekoppelde zesruits draairamen met aan weerszijden persiennes.
De LINKER ZIJGEVEL heeft centraal een asymmetrisch uitgevoerde middenrisaliet die eindigt in een Vlaamse gevel onder een aangekapt schilddak. Ter plaatse van dit middenrisaliet bevindt zich het trappenhuis. Het risaliet heeft op de begane grond centraal een houten deur met een bakstenen trap van vier treden met aan weerszijden een borstwering. Rechts van de deur bevindt zich een vierkant raam. De verdieping heeft twee zesruits ramen (2X3), voorzien van glas in lood en in de Vlaamse gevel bevinden zich twee twaalfruits ramen (2X6) eveneens voorzien van glas-in-lood. Tussen de ramen van de begane grond, eerste verdieping en Vlaamse gevel heeft de gevel een vlak met verticaal gemetselde baksteen. Links in de gevel bevindt zich tussen de begane grond en de eerste verdieping een vierkant vierruits valraam.
Rechts van het middenrisaliet heeft de gevel op de begane grond een tweeruits stolpraam met drieruits bovenlicht (3X1) met luiken aan weerszijden die aan de bovenzijde wordt afgesloten door een tweesteens strek. De verdieping heeft een twaalfruits stolpraam (4X3) met luiken aan weerszijden. De gevel links van het middenrisaliet bezit op de begane grond een twee gekoppelde vierruits draairamen met tweeruits bovenlicht. De verdieping heeft een staand, zesruits raam met luiken aan weerszijden.
De ACHTERGEVEL bezit op de begane grond tweeruits stolpdeuren met drieruits bovenlicht waarbij het middelste ruitje smaller is. De verdieping heeft gekoppelde drieruits draairamen met persiennes aan weerszijden. Op de begane grond bevindt zich van links naar rechts een tweeruits stolpraam met drieruits bovenlicht waarbij het middelste ruitje smaller is. Dit raam wordt gevolgd door twee deuren (als beschreven), een staand enkelruits raam met enkelruits bovenlicht en persienne, een deur (als beschreven) en een enkelruits raam met enkelruits bovenlicht en persienne. De verdieping heeft links een loggia die wordt afgesloten door een houten balustrade. De verdieping heeft vier ramen als beschreven.
Rechts aan de achtergevel bevindt zich een éénlaags aanbouw onder een rieten schilddak met uilebord aan beide uiteinden van de nok. Het dak heeft een overstek en de nok is bedekt met rode nokpannen.
De voorgevel van deze aanbouw heeft van links naar rechts twee houten deuren met drieruits bovenlicht (3X1), gevolgd door een staand, tweeruits raam (1X2), een uitbouw onder een doorgetrokken lessenaarsdak (ter plaatse waarvan zich de chauffeurskamer bevindt) en drie gekoppelde vierruits draairamen met tweeruits bovenlicht. De uitbouw heeft in de voorgevel twee gekoppelde zesruits draairamen en in de beide zijgevels een langgerekt, staand, achthoekig raam.
De zijgevel van de aanbouw is een blinde gevel. De achtergevel heeft centraal drie gekoppelde, liggende drieruits ramen (3X1) met aan weerszijden een liggend, drieruits raam.
De RECHTER ZIJGEVEL heeft rechts op de begane grond een staand enkelruits raam met enkelruits bovenlicht en een persienne en een tweeruits stolpraam met drieruits bovenlicht. Op de verdieping bevindt zich een zesruits raam (2X3). De gevel heeft links een 1½ laags aanbouw. De achtergevel is blind. De zijgevel heeft centraal een houten zesruits stolpdeur met bovenlicht en een trapje van drie treden. De deur is voorzien van persiennes. Aan weerszijden van de deur bevinden zich twaalfruits stolpramen met bovenlicht en een persienne aan de buitenzijde. De bovenlichten van deze gevels bevatten tienruits ramen (5X10) waarbij de middelste ruit smaller is uitgevoerd. Boven de deur bevindt zich een dakkapel met schilddak, die de dakrand doorsnijdt en deels in de gevel en deels in het dakschild is opgenomen. De dakkapel bezit twee gekoppelde zesruits draairamen. In de voorgevel van deze aanbouw bevindt zich een zesruits schuifdeur voorzien van persiennes.
In het INTERIEUR is de oorspronkelijk indeling bewaard gebleven. Bovendien zijn nog vele oorspronkelijke interieurelementen aanwezig. De ruime centrale hal met houten balkenplafond, een vloer met roze en blauwe tegels en een lambrizering met blauw geglazuurde tegels, wordt door drie rondboogvormig afgesloten doorgangen in tweeën gedeeld. Links van de hal bevinden zich een kamer met marmeren schouw, stucplafond en parketvloer en het trappenhuis met veelkleurige glas-in-loodramen en een twee-armige bordestrap met bewerkte houten trappaal en leuning. Rechts bevindt zich de jachtkamer met stucplafond en parketvloer, die rondom is voorzien van een houten betimmering van vloer tot plafond. Hierin opgenomen zijn diverse prenten met jachttaferelen en een marmeren schouw met spiegel. Achter de hal ligt de eetkamer met houten balkenplafond, marmeren schouw en twee vaste kasten in renaissance-stijl. De vier schouwen in het woongedeelte zijn van roze, grijs, en wit geaderd marmer; de stucplafonds hebben geometrische patronen; in het hele huis zijn paneeldeuren in geprofileerde omlijstingen bewaard gebleven. De keuken heeft een vloer van rode en gele tegels, vaste kasten en een schouw. De tegels in de bijkeuken hebben hetzelfde kleurenschema, maar zijn diagonaal gelegd. Op zolder zijn de droogrekken nog aanwezig.
De TUIN wordt aan de randen omzoomd door een met zeldzame boomsoorten en rododendrons aangelegd sierbos. In het midden bevindt zich een gazon dat wordt omgeven door slingerende bloemborders met gekleurde één- en tweejarigen. Enkele boomsoorten zijn: sciadopytus parvifloris, cryptomeria, japanse esdoorn, libanonceder, catalpa, hemelboom, vleugelnoot, moerascypres, pimpernoot, grote gladitia, sofra, sneeuwklokjesboom, tulpenboom. Rechts van de siertuin ligt een boomgaard met onder meer mispelbomen.
De halfcirkelvormige oprijlaan aan de voorzijde is toegankelijk via twee toegangspoorten waarvan alleen de HEKPIJLERS nog origineel zijn. De vierkante bakstenen hekpijlers zijn voorzien van siermetselwerk en een natuurstenen dekplaat met de opschriften HUIZE' en BEUKENSTEIN'.
Waardering
HUIZE BEUKENSTEIN, LANDHUIS met HEKPIJLERS uit 1917 van de architect G.J. Postel Hzn. (1887-1945) en TUIN naar ontwerp van L.A. Springer.
- Van architectuurhistorische waarde als een goed en gaaf voorbeeld in ex- en interieur van een landhuis in Engelse Landhuisstijl met esthetische kwaliteiten in het ontwerp zoals goede verhoudingen, een bijzondere detaillering en een rijk aangekleed interieur.
- Van tuinhistorische waarde als een goed voorbeeld van een privé-tuin in gemengde stijl.
- Van stedenbouwkundige waarde vanwege de markante ligging aan de Ampsenseweg.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The COUNTRY HOUSE with GATE PIERS and GARDEN from 1917, named HUIZE BEUKENSTEIN, was built on the commission of W. Dull in 1917 by architect G.J. Postel Hzn. (1887-1945) in the English country house style. The GARDEN of the villa was laid out in mixed style according to the design of L.A. Springer (1855-1940). The villa is situated on a plot of approximately 1.5 hectares in the countryside of Lochem on the far side of the Twentekanaal. The building is oriented with its ridge parallel to the street. In front of the house lies a semicircular driveway, which is accessible via two entrance gates of which only the square brick gate piers are still original.
Description
Freestanding COUNTRY HOUSE erected on a rectangular footprint over two storeys under a composite thatched hipped roof, with various annexes. On the rear side there is a single-storey annex. The brick facades are laid in half-bond. The sandstone plinth is finished with a brick course. At the level of the first-floor slab runs a band of yellow brick. Unless otherwise stated, the windows are fitted with wooden shutters. The roof has a broad overhang executed in wood. In the front roof slope there is a roof dormer under a catslide roof with two coupled six-light casement windows (3X2) and two-light side lights. The left roof slope has an arched roof dormer and the right roof slope likewise. On the rear roof slope there are two arched roof dormers and two roof dormers under a hipped roof with two coupled six-light casement windows (3X2). The ridge of the roof has red ridge tiles. The chimneys on the ridges have been stripped of their original tops with decorative brickwork.
The windows of the ground floor are all finished at the top by a two-brick course.
The FRONT FACADE has two broad side risalits under an added hipped roof. Wedged between these risalits a broad, segmental-arched entrance portico with above it a decoratively laid brick parapet closing off a covered balcony on the first floor. The entrance on the ground floor is formed by a door with a fanlight with at either side a six-light window (2X3) with four-light fanlight. The covered balcony on the first floor is accessible via a wooden stable door with side lights fitted with jalousies. In front of the entrance on the ground floor there is a broad terrace provided on both sides with a parapet. The terrace has a stair with semicircular steps at the front.
Both side risalits have an oriel window erected on a curved base encompassing two storeys. The oriels have on the ground floor four coupled single-light windows with single-light fanlight and jalousies at either side. The original glazing bars have disappeared here. Between the portico and the oriel there is on both sides a tall window with fanlight. The left window still possesses the original glazing bars (2X3) (2X2). The first floor has four coupled six-light casement windows with jalousies at either side.
The LEFT SIDE FACADE has centrally an asymmetrically executed middle risalit terminating in a Flemish gable under an added hipped roof. At the location of this risalit is the stairwell. The risalit has on the ground floor centrally a wooden door with a brick stair of four steps with a parapet at either side. To the right of the door there is a square window. The first floor has two six-light windows (2X3), fitted with leaded glass and in the Flemish gable there are two twelve-light windows (2X6) likewise fitted with leaded glass. Between the windows of the ground floor, first floor and Flemish gable, the facade has a panel with vertically laid brick. On the left in the facade there is between the ground floor and the first floor a square four-light sash window.
To the right of the middle risalit the facade has on the ground floor a two-light stable window with three-light fanlight (3X1) with shutters at either side finished at the top by a two-brick course. The first floor has a twelve-light stable window (4X3) with shutters at either side. The facade to the left of the middle risalit has on the ground floor two coupled four-light casement windows with two-light fanlight. The first floor has a tall six-light window with shutters at either side.
The REAR FACADE has on the ground floor two-light stable doors with three-light fanlight with the middle pane narrower. The first floor has coupled three-light casement windows with jalousies at either side. On the ground floor there is from left to right a two-light stable window with three-light fanlight with the middle pane narrower. This window is followed by two doors (as described), a tall single-light window with single-light fanlight and jalousie, a door (as described) and a single-light window with single-light fanlight and jalousie. The first floor has on the left a loggia which is closed off by a wooden balustrade. The first floor has four windows as described.
To the right at the rear facade there is a single-storey annex under a thatched hipped roof with owl board at both ends of the ridge. The roof has an overhang and the ridge is covered with red ridge tiles.
The front facade of this annex has from left to right two wooden doors with three-light fanlight (3X1), followed by a tall two-light window (1X2), a projecting section under a continuous catslide roof (at which location the chauffeur's room is situated) and three coupled four-light casement windows with two-light fanlight. The projecting section has in the front facade two coupled six-light casement windows and in both side facades an elongated, tall, octagonal window.
The side facade of the annex is a blank facade. The rear facade has centrally three coupled, horizontal three-light windows (3X1) with at either side a horizontal three-light window.
The RIGHT SIDE FACADE has on the right on the ground floor a tall single-light window with single-light fanlight and a jalousie and a two-light stable window with three-light fanlight. On the first floor there is a six-light window (2X3). The facade has on the left a 1½-storey annex. The rear facade is blank. The side facade has centrally a wooden six-light stable door with fanlight and a step of three treads. The door is fitted with jalousies. On either side of the door there are twelve-light stable windows with fanlight and a jalousie on the exterior. The fanlights of these facades contain ten-light windows (5X10) with the middle pane executed narrower. Above the door there is a roof dormer with hipped roof, which cuts through the roof edge and is partly incorporated into the facade and partly into the roof slope. The roof dormer has two coupled six-light casement windows. In the front facade of this annex there is a six-light sliding door fitted with jalousies.
In the INTERIOR the original layout has been preserved. Moreover, many original interior elements are still present. The spacious central hall with wooden beam ceiling, a floor with pink and blue tiles and panelling with blue glazed tiles, is divided in two by three rounded-arch passages. To the left of the hall there is a room with marble chimney, stucco ceiling and parquet floor and the stairwell with multicoloured leaded glass windows and a two-flight stair with carved wooden newel and handrail. On the right is the hunting room with stucco ceiling and parquet floor, which is furnished throughout with wooden panelling from floor to ceiling. Incorporated in this are various hunting scene prints and a marble chimney with mirror. Behind the hall is the dining room with wooden beam ceiling, marble chimney and two fixed cabinets in Renaissance style. The four chimneys in the living area are of pink, grey and white veined marble; the stucco ceilings have geometric patterns; throughout the house panel doors in moulded surrounds have been preserved. The kitchen has a floor of red and yellow tiles, fixed cabinets and a chimney. The tiles in the scullery have the same colour scheme but are laid diagonally. In the attic the drying racks are still present.
The GARDEN is lined at the edges with an ornamental woodland planted with rare tree species and rhododendrons. In the middle there is a lawn surrounded by winding flower borders with coloured annuals and biennials. Some tree species are: sciadopytus parvifloris, cryptomeria, Japanese maple, cedar of Lebanon, catalpa, tree of heaven, pterocarya, swamp cypress, pimpinella nut, honey locust, sophora, snowdrop tree, tulip tree. To the right of the ornamental garden there is an orchard with among others medlar trees.
The semicircular driveway at the front is accessible via two entrance gates of which only the GATE PIERS are still original. The square brick gate piers are fitted with decorative brickwork and a natural stone cap plate with the inscriptions HUIZE and BEUKENSTEIN.
Valuation
HUIZE BEUKENSTEIN, COUNTRY HOUSE with GATE PIERS from 1917 by architect G.J. Postel Hzn. (1887-1945) and GARDEN according to the design of L.A. Springer.
- Of architectural-historical value as a fine and intact example in exterior and interior of a country house in English country house style with aesthetic qualities in the design such as good proportions, distinctive detailing and a richly appointed interior.
- Of garden-historical value as a fine example of a private garden in mixed style.
- Of urban-planning value owing to the distinctive location on the Ampsenseweg.
Nearby in the register
- Woonhuis, Laan Ampsen 17Woonhuisunder 1 mi
- Zonnewijzer, Laan Ampsen bij 8 ATuin, park en plantsoenunder 1 mi
- Woonhuis, Bouwdijk 1Woonhuisunder 1 mi
- Huis AmpsenKasteel, buitenplaatsunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.