Rijksmonumentenregister · Netherlands
Gemeentehuis, Lindeplein 2 B
Brunssum, Limburg, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Bestuursgebouw en onderdl
- Function
- Gemeentehuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1919
- Address
- Lindeplein 2 B, 6444 AT Brunssum (and others)
- Place
- Brunssum
- Province
- Limburg
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 50.94454, 5.97042
- Monument number
- 518600
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
4 historical maps cover this location, the earliest the 1898 map "Composite: 428. Aachen." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
RAADHUIS, 1919. Gebouwd in opdracht van het gemeentebestuur van Brunssum in een door de 19de-eeuwse bouwtraditie beïnvloede stijl, naar een ontwerp van architect J. Bemelmans te Meerssen. J. Heijnen te Heerlerheide was aannemer. Het raadhuis is beeldbepalend gesitueerd op het punt waar de Lindestraat, Raadhuisstraat, Kerkstraat en Ir. Op de Kampstraat samenkomen op het Lindeplein.
In 1921 werd het raadhuis aan de achtergevelzijde uitgebreid met een volume van twee bouwlagen plus souterrainverdieping onder een plat dak. In 1952 en 1974 zijn inpandig wijzigingen gerealiseerd. De buitengevels van het raadhuis zijn, in tegenstelling tot de oorspronkelijke situatie, wit gesausd. De gevelornamenten zijn behandeld met flextonvlies en geel gesausd. De geglazuurde waterlijst tussen de bouwlagen is in de voorgevel weggekapt. De dakkapellen op het voordakvlak zijn verbreed.
UITGESLOTEN van bescherming is de brandtrap aan de achtergevel van de in 1921 gerealiseerde aanbouw.
Omschrijving
Het raadhuis telt wat betreft het in 1919 gerealiseerde bouwvolume een souterrainverdieping, drie bouwlagen en een zolderverdieping op een in hoofdvorm rechthoekige PLATTEGROND. Risalieten aan de op het zuiden gelegen voorgevel, de westelijke en de oostelijke zijgevel. Aan de noordgevel een zich versmallende aanbouw met souterrainverdieping en twee bouwlagen onder PLAT op een T-vormige plattegrond. Dit platte dak is voorzien van bakgoten annex overstek.
Het hoofdvolume wordt gedekt door een WOLFDAK, waarvan de noklijn zich in lengterichting ten opzichte van de straatweg bevindt. Het dak wordt gedekt door Tuile du Nord-pannen. Op de nok een vierzijdige lantaarn met leien op de spits, uurwerken en een windvaan. Deze windvaan is overeenkomstig het origineel vernieuwd. De lantaarn heeft onder de uurwerken aan vier zijden raamkozijnen met kleine roedeverdeling. De zijgevelrisalieten hebben een op de wolfeinden ingestoken schildkap. Nokpionnen. Bakgoten op consoles. De dakkapellen op het voordakvlak zijn aan weerszijden verbreed met één venster en hebben een ingestoken kap met leien en zinken pionnen.
Het raadhuis heeft een plint van Kunrader steen, waarop in halfsteens verband gemetselde bakstenen gevels met gesneden voegen zijn opgetrokken. Hardstenen bordestrappen en balustraden. De hoofdposten van deze balustraden en het voorgevelbalkon dragen koperen lampen. Decoratieve gevelelementen in natuursteen en stucwerk. De rondboogvormige houten T-vensters hebben thans tweevoudig verticaal ingedeelde bovenlichten, ter vervanging van de oorspronkelijke drievoudige verticale bovenlichtindeling. Diverse vensters hebben niet-authentiek glas-in-lood. De rondboogvormige houten T-vensters in gevels van de uit 1921 daterende aanbouw zijn iets breder. Ronde strekbogen.
De VOORGEVEL aan de zuidzijde is symmetrisch ingedeeld, telt vijf vensterassen en is gespiegeld ten opzichte van de risalerende middenas. Deze middenas heeft in de eerste laag een dubbele rondboogvormige entreedeur, bereikbaar via een zich aan de onderzijde verbredende hardstenen trap op een basement van Kunrader steen. In dit basement rechthoekige souterrainvensters. De entreedeur is geplaatst in een portiek met rondboogopeningen tussen kolommen die een balkon met opengewerkte balustrade dragen. Een dubbele houten deur met rondboogvormig bovenlicht, voorzien van een tweevoudige verticale indeling, geeft toegang tot dit balkon. Ook dit bovenlicht was oorspronkelijk voorzien van een drievoudige verticale indeling. De risalerende middenas loopt uit in een tuitgevel met afdekking en vaasornament. In deze tuitgevel een rondboogvormig houten T-venster met tweevoudig verticaal ingedeeld bovenlicht. De twee vensterassen aan weerszijden van de risalerende middenas hebben in elke bouwlaag een soortgelijk T-venster.
De indeling van de voorgevel wordt geaccentueerd door met kapitelen bekroonde, geblokte hoeklisenen en architraaflijsten; gebogen vensterlijsten. De waterlijst tussen de eerste en de tweede bouwlaag is verwijderd.
De oostelijke ZIJGEVEL aan de Kerkstraatzijde wordt gedomineerd door een gevelhoog trappenhuisrisaliet. Dit risaliet heeft met kapitelen bekroonde geblokte hoekrisalieten, die als het ware een architraaflijst dragen. De aan weerszijden terugliggende geveldelen hebben trapsgewijs oplopende vleilagen. De indeling van deze zijgevel is onregelmatig. Het linker gevelveld heeft in de plint twee rondboogvormige houten T-vensters met tweevoudig verticaal ingedeelde bovenlichten, ter hoogte van de zolderverdieping een rondboogvormig houten T-venster. Het trappenhuisrisaliet heeft in de plint een rondboogvormige houten deur; in de eerste laag twee gekoppelde rondboogvensters met bovenlicht; in de tweede laag een rondboogvormig dubbel houten kruiskozijn met verticale bovenlichtindeling; ter hoogte van de zolderverdieping twee gekoppelde rondboogvensters met bovenlicht alsmede een rond venster. Het rechter gevelveld heeft in de plint drie rondboogvormige houten T-vensters met tweevoudig verticaal ingedeelde bovenlichten; in de eerste en de tweede laag twee rondboogvormige houten T-vensters met tweevoudig verticaal ingedeeld bovenlicht.
De oostelijke ZIJGEVEL van de uitbouw heeft in het uitgebouwde deel, zowel in de plint als in de eerste en tweede laag, twee rondboogvormige houten T-vensters met tweevoudig verticaal ingedeelde bovenlichten. In het terugliggende geveldeel ter hoogte van de tweede bouwlaag één dergelijk venster.
De indeling van de westelijke ZIJGEVEL aan de Raadhuisstraatzijde komt wat betreft de indeling in hoge mate overeen met de indeling van de oostelijke ZIJGEVEL. De plint is vanwege de in oostelijke richting aflopende helling van het perceel minder zichtbaar en heeft veelal kleinere, slechts ten dele zichtbare souterrainvensters met traliewerk. Het risaliet in de zijgevel van het hoofdvolume heeft in de tweede laag een rondboogvormige dubbel houten kruiskozijn, ter hoogte van de zolderverdieping een reeks van drie rondboogvormige houten vensters. In het terugliggende westelijke zijgeveldeel van de uitbouw zijn ter hoogte van de eerste laag drie kleine rondboogvensters geplaatst.
De ACHTERGEVEL aan de noordzijde heeft in beide bouwlagen een centraal geplaatst, rondboogvormig dubbel houten kruiskozijn. In de eerste laag aan weerszijden een rondboogvormig houten T-venster.
In het INTERIEUR, waarvan de indeling grotendeels herkenbaar is gebleven, zijn onder meer van belang: de begane grondvloer van Zuidduitse Sollenhofner leisteen; de trappenhuisvensters met authentiek glas-in-lood; de geglazuurde tegellambriseringen met profiellijsten; de gestucte cassetteplafonds; de paneeldeuren in lijsten (overige deuren deels vernieuwd en deels nieuw opgedekt); de gestucte composietkapitelen met Ionisch motief en acanthusbladeren; het oorspronkelijk blank eiken trappenhuis, evenals de deurlijsten in 1974 donkerbruin geschilderd. Het aangebouwde volume uit 1921 heeft een plafond met kooflijsten. De souterrainverdieping heeft een gepleisterde bakstenen troggewelf met ijzeren I-profielen.
Waardering
Het raadhuis van Brunssum is van cultuurhistorische waarde en als zodanig van algemeen belang als bijzondere uitdrukking van een bestuurlijke ontwikkeling, met name als bouwkundige manifestatie van een (middel)-kleine gemeente uit het tweede decennium van de twintigste eeuw. De architectuurhistorische waarden worden bepaald door de bouwstijl, de betrokkenheid van architect J. Bemelmans te Meerssen, de esthetische kwaliteiten van diens ontwerp, het materiaalgebruik, de ornamentiek en de bijzondere samenhang tussen exterieur en interieur.
Het gebouw is vanwege de situering verbonden met de sterke bebouwingsontwikkeling van Brunssum sedert de Eerste Wereldoorlog en van groot belang voor het aanzien van Brunssum.
Het raadhuis is wat betreft ex- en interieur in redelijk tot hoge mate gaaf bewaard gebleven en is van groot belang voor de visuele gaafheid van de bebouwde omgeving. Bovendien beschikt het raadhuis in regionaal opzicht over een aanzienlijke architectuurhistorische zeldzaamheidswaarde.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
TOWN HALL, 1919. Built on the instructions of the municipal authority of Brunssum in a style influenced by 19th-century building tradition, to a design by architect J. Bemelmans of Meerssen. J. Heijnen of Heerlerheide was the contractor. The town hall is prominently sited at the point where the Lindestraat, Raadhuisstraat, Kerkstraat and Ir. Op de Kampstraat converge on the Lindeplein.
In 1921 the town hall was extended on the rear-facade side with a volume of two storeys plus basement storey under a flat roof. In 1952 and 1974 internal alterations were carried out. The outer facades of the town hall are, in contrast to the original situation, whitewashed. The facade ornaments are treated with flextonvlies and yellow-washed. The glazed drip moulding between the storeys is cut away in the front facade. The roof dormers on the front roof plane are widened.
EXCLUDED from protection is the fire escape on the rear facade of the extension realised in 1921.
Description
As regards the building volume realised in 1919, the town hall has a basement storey, three storeys and an attic storey on a fundamentally rectangular FLOOR PLAN. Risalites on the south-facing front facade, the western and the eastern side facade. On the north facade a tapering extension with basement storey and two storeys under a FLAT ROOF on a T-shaped floor plan. This flat roof is provided with gutters and eaves overhang.
The main volume is covered by a HALF-HIPPED ROOF, the ridge line of which runs lengthways in relation to the street. The roof is covered with Tuile du Nord tiles. On the ridge a four-sided lantern with slate on the apex, clocks and a weather vane. This weather vane has been renewed in accordance with the original. The lantern has window frames with small glazing bars on four sides below the clocks. The side-facade risalites have a hipped roof inserted at the half-hipped ends. Ridge cresting. Gutters on consoles. The roof dormers on the front roof plane are widened on both sides with one window and have an inserted roof with slate and zinc cresting.
The town hall has a plinth of Kunrader stone, on which brick facades with cut joints are built in half-brick bond. Hardstone border steps and balustrades. The main posts of these balustrades and the front-facade balcony bear copper lamps. Decorative facade elements in natural stone and stucco. The round-arched wooden T-windows now have twofold vertically divided fanlights, replacing the original threefold vertical fanlight division. Various windows have non-authentic leaded glass. The round-arched wooden T-windows in the facades of the extension dating from 1921 are slightly wider. Round relieving arches.
The FRONT FACADE on the south side is symmetrically arranged, has five window bays and is mirrored in relation to the risaliting central axis. This central axis has in the first storey a double round-arched entrance door, accessible via a hardstone stair widening at the base on a basement of Kunrader stone. In this basement rectangular basement windows. The entrance door is placed in a portico with round-arched openings between columns that carry a balcony with perforated balustrade. A double wooden door with round-arched fanlight, provided with a twofold vertical division, gives access to this balcony. This fanlight too was originally provided with a threefold vertical division. The risaliting central axis terminates in a spout gable with coping and vase ornament. In this spout gable a round-arched wooden T-window with twofold vertically divided fanlight. The two window bays on both sides of the risaliting central axis have in each storey a similar T-window.
The arrangement of the front facade is accentuated by fluted corner pilasters with capitals and architrave mouldings; curved window mouldings. The drip moulding between the first and second storey is removed.
The eastern SIDE FACADE on the Kerkstraat side is dominated by a full-height staircase risalite. This risalite has fluted corner risalites with capitals, which as it were carry an architrave moulding. The recessed facade sections on both sides have stepped rising courses. The arrangement of this side facade is irregular. The left facade section has in the plinth two round-arched wooden T-windows with twofold vertically divided fanlights, at the level of the attic storey a round-arched wooden T-window. The staircase risalite has in the plinth a round-arched wooden door; in the first storey two coupled round-arched windows with fanlight; in the second storey a round-arched double wooden cross window with vertical fanlight division; at the level of the attic storey two coupled round-arched windows with fanlight as well as a round window. The right facade section has in the plinth three round-arched wooden T-windows with twofold vertically divided fanlights; in the first and second storey two round-arched wooden T-windows with twofold vertically divided fanlight.
The eastern SIDE FACADE of the extension has in the extended section, both in the plinth and in the first and second storey, two round-arched wooden T-windows with twofold vertically divided fanlights. In the recessed facade section at the level of the second storey one such window.
The arrangement of the western SIDE FACADE on the Raadhuisstraat side corresponds to a high degree with the arrangement of the eastern SIDE FACADE. The plinth is less visible due to the slope of the plot running in an easterly direction and mostly has smaller, only partially visible basement windows with grillwork. The risalite in the side facade of the main volume has in the second storey a round-arched double wooden cross window, at the level of the attic storey a row of three round-arched wooden windows. In the recessed western side-facade section of the extension three small round-arched windows are placed at the level of the first storey.
The REAR FACADE on the north side has in both storeys a centrally placed, round-arched double wooden cross window. In the first storey on both sides a round-arched wooden T-window.
In the INTERIOR, of which the layout has remained largely recognizable, the following are notably important: the ground-floor flooring of South German Sollenhofner slate; the staircase windows with authentic leaded glass; the glazed tile wainscoting with moulding profiles; the stuccoed coffered ceilings; the panel doors in mouldings (other doors partly renewed and partly newly faced); the stuccoed composite capitals with Ionic motif and acanthus leaves; the original natural oak staircase, as well as the door mouldings dark-brown painted in 1974. The volume added in 1921 has a ceiling with cornice mouldings. The basement storey has a plastered brick trough vault with iron I-section profiles.
Valuation
The town hall of Brunssum is of cultural historical value and as such of general interest as a special expression of an administrative development, notably as an architectural manifestation of a (middle)-small municipality from the second decade of the twentieth century. The architectural historical values are determined by the building style, the involvement of architect J. Bemelmans of Meerssen, the aesthetic qualities of his design, the use of materials, the ornamentation and the special coherence between exterior and interior.
The building is by virtue of its siting linked to the strong building development of Brunssum since the First World War and of great importance for the appearance of Brunssum.
The town hall has as regards exterior and interior been preserved in a reasonable to high degree of integrity and is of great importance for the visual integrity of the built environment. Furthermore, the town hall has in a regional sense considerable architectural historical rarity value.
Nearby in the register
- Woonhuis, Lindestraat 136Woonhuisunder 1 mi
- Boerderij, Dorpstraat 10Boerderijunder 1 mi
- Boerderij, Dorpstraat 12Boerderijunder 1 mi
- Woonhuis, Kruisbergstraat 29Woonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.