Rijksmonumentenregister · Netherlands
Huize Elisabeth
Gouda, Zuid-Holland, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Woonhuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1920
- Address
- van Bergen IJzendoornpark 22, 2801 AC Gouda
- Place
- Gouda
- Province
- Zuid-Holland
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.01435, 4.70281
- Monument number
- 517617
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
TU Delft LibraryUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
2 historical maps cover this location, the earliest the 1860 map "01. Gouda (1860)" (TU Delft Library).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
Het Van Bergen IJzendoornpark, vernoemd naar burgemeester mr. A.A. van Bergen IJzendoorn (overleden 1895), is in 1901 aangelegd. In 1899 kocht koopman en grutter A.J. Vos een terrein met huis aan de rand van het park, op de kruising van de Piersonweg en de Winterdijk. Zijn zoon A.J.J. Vos, papierfabrikant, sloopte de bestaande gebouwen in 1919. Vervolgens liet hij in hetzelfde jaar de Haagse architect J. Duynstee een nieuw WOONHUIS in een aan de Amsterdamse School-stijl verwante stijl ontwerpen. De naam van het huis, die staat vermeld op een tableau op de noordwestgevel, luidt Huize Elisabeth. In de noordoostgevel bevindt zich een zandstenen stichtingssteen met de tekst:"Den 21en april 1920 werd deze steen gelegd door A.J.J. Vos jr oud 12 jaren".
Het huis heeft onder meer als dokterswoning en voor de opleiding van verpleegkundigen dienst gedaan. Vermoedelijk is aartsbisschop Simonis hier geboren. De beelden met de lachende leeuwen bij de entree zouden verwijzen naar de verhouding van de opdrachtgever met de toenmalige buren wonend in 'Villa Honk' op Van Beveringhlaan 38. De leeuwen lachen de buren uit, omdat de nieuwe villa hun uitzicht over water en park belemmert. Het terras aan de zuid-westzijde is over het water langs de Winterdijk gebouwd.
De oorspronkelijke lichtarmaturen in hal, salon en eetkamer behoren bij het huis en gaan over van eigenaar op eigenaar.
N.B. Alle vensters en serre/balkondeuren zijn voorzien van voorzetramen.
Omschrijving
Het huis is vanuit een nagenoeg rechthoekige plattegrond uit baksteen in kruisverband opgetrokken en bestaat uit een souterrain, twee bouwlagen en een kapverdieping onder een met rode Hollandse pannen gedekt schilddak; op ieder dakschild bevindt zich een met pannen gedekte dakkapel voorzien van meer-ruits draairamen. In het midden van de nok bevindt zich een gemetselde schoorsteen. Het dak heeft rondom een forse dakoverstek, dat voorzien is van een houten goot en gootlijst.
De naar de Piersonweg gekeerde, drie traveeën brede symmetrische voorgevel (noordoost) bevat in het midden de uitgebouwde entree, waarvan de fors uitkragende luifel boven het portiek is voorzien van een met pannen gedekt half schilddak en een houten lijst. Op het dak van de luifel zijn aan weerszijden zuiltjes gemetseld versierd met zandstenen sculpturen, die grijnzende leeuwen voorstellen. Voor de entree bevindt zich een gemetselde stoep met vijf treden, voorzien van een vloer met rode en turquoise tegel. Aan weerszijden van de stoep zijn muurtjes gemetseld met houten bloembakken. De blankgelakte voordeur is in Amsterdamse Schoolstijl gedetailleerd en voorzien van twee zeshoekige ruiten. De deur heeft twee zijlichten, die voorzien zijn van gekleurd glas-in-lood en een hardstenen onderdorpel en neuten. De zijlichten hebben dubbele, bakstenen lekdorpels. Er is een hardstenen brievenbus geplaatst. Boven de entree bevinden zich de vier glas-in-loodramen van het trappenhuis. Rond deze ramen is de gevel decoratief uitgemetseld. Aan weerszijden van de entree bevindt zich een rechtgesloten kruisvenster met vier-ruits bovenlicht en op de verdieping twee gekoppelde, rechtgesloten acht-ruits ramen. De twee keldervensters (links en rechts) hebben vier-ruits klapramen met diefijzers en koekoeken. Deze rechtgesloten vensters worden afgesloten met een dubbele, vertikale streklaag.
De symmetrische zuidwestgevel aan de Winterdijk is eveneens in drieën delen verdeeld. In het midden bevindt zich de serre met daarboven het balkon. De bakstenen gevels zijn bij de serre, het balkon en op de hoeken op decoratieve wijze uitgemetseld. In het midden bevindt zich de serre-uitbouw in de vorm van een halve achthoek. De serre bestaat volledig uit ramen met bovenlichten en in het midden dubbele openslaande terrasdeuren. Aan weerszijden van de serre bevinden zich eveneens dubbele, openslaande terrasdeuren met zijlichten en bovenlichten. De onderdorpels en neuten zijn alle uitgevoerd in hardsteen. De rollagen bestaan uit een staande strekken. Bij het balkon zijn drie vensters, met twee vaste ramen en één draairaam, gerealiseerd. Aan weerszijden zijn drie gekoppelde acht-ruits ramen aangebracht. Het terras grenzend aan de zuidwestgevel is - in decoratief metselverband - over het water heengebouwd. Rond het terras is een muur gemetseld, die met de gevels verbonden is, en voorzien is van 'torentjes' waarop koperen lantaarns zijn geplaatst.
De zuidoostgevel bestaat uit een rechter deel met een (neven)entree en een risalerende linker travee. De entree bestaat uit een gemetselde stoep met muurtjes en houten bloembakken, een deur en een houten luifel met plat dak. De deur heeft zes ruiten en zijlichten met gekleurd glas en een diefijzer. Boven de luifel bevinden zich vier twee-delige ramen, waarvan de lateien bestaan uit twee uitgemetselde lagen met verticale strekken. Op de verdieping zijn evenzo gedetailleerde ramen aangebracht met in het muurvlak ertussen decoratief metselwerk. In het risalerende deel - met stapsgewijs risalerende, decoratief gemetselde hoeken - bevinden zich op souterrain-niveau drie kelderramen en op de eerste en tweede laag drie ramen. Alle ramen hebben bakstenen lekdorpels. De dakkapel is uitgerust met twee zesruits-ramen. In het linkerdeel van de noordwestgevel zijn op souterrain-niveau drie klapramen met koekoeken en diefijzers, in de eerste laag een langgerekt glas-in-lood venster en op de verdieping een tableau met de naam van het huis aangebracht. In het risalerende rechterdeel bevindt zich een serre-uitbouw met plat dak, gekoppelde ramen, dubbele openslaande tuindeuren en bovenlichten. Op de verdieping zijn drie ramen met bakstenen lekdorpels gerealiseerd.
In het INTERIEUR is ondermeer van belang de ruimte-indeling die volledig symmetrisch zijn: van het souterrain, dat zich onder het gehele huis bevindt, de twee woonlagen (bel étage en verdieping) tot en met de zolderverdieping. De entree met vestibule en hal ligt centraal in het pand. Aan de zuidwestzijde ligt een serre. Aan weerszijden van de serre liggen achthoekige ruimten, namelijk de eetkamer en de salon. Aan weerszijden van de grote hal liggen respectievelijk de keuken en een studiekamer. Op de verdieping ligt de rondom de vide lopende overloop centraal. Boven de serre liggen respectievelijk de badkamer en het balkon. Aan weerszijden daarvan liggen forse slaapkamers. Ook aan de noordoostzijde liggen slaapkamers links en rechts van de hal. Een zorgvuldig gedetailleerde houten scheluwetrap leidt naar de zolderverdieping, alwaar zich diverse slaapkamers, ook voor dienstboden, bevinden.
In het gave interieur bevinden zich onder meer stucplafonds met strak geometrische profiellijsten, paneeldeuren met origineel hang- en sluitwerk en zesruiten en gekleurd glas-in-lood bovenlichten in Art Deco stijl. De vestibule is voorzien van marmeren lambrizering, neuten en onderdorpels en voorts houten betimmering. In de volledig betimmerde hal bevindt zich een alkoof met een gemetselde schouw in decoratief verband en aan weerszijden daarvan houten banken. De vloer in de hal bestaat uit tegels in een decoratief verband in grijs, zwart en rood. In de hal bevindt zich een open, zorgvuldig gedetailleerd, volledig betimmerd trappenhuis met een houten bordestrap. De detaillering van trapbeschot, balustrade en trappalen is in Art Deco-stijl uitgevoerd. De trap is voorzien van houten handlijsten in koperen grepen. Het plafond bestaat uit cassetten. In de eetkamer bevinden zich onder meer drie (vier-ruits) glas-in-lood ramen met bloem- en vruchtenmotieven. In de salon bevindt zich een houten betimmering en een erker-achtige uitbouw (in de vorm van een halve zeshoek). In de serre ligt de originele eikenhouten vloer. De wand tussen hal en serre bestaat uit een deur met zijlichten, voorzien van ruiten met gekleurd glas en boven het geheel bovenlichten, voorzien van gekleurd glas-in-lood. In de kamer op de noordhoek bevindt zich een schouw in Art Deco-stijl en een houten betimmering tot en met de deurhoogte. De toilet tussen salon en deze kamer bevindt zich grotendeels in originele staat met een granitovloer, tegellambrizering en een porceleinen fonteintje. De keuken is voorzien van een granitovloer, granieten onderdorpels en neuten en een houten omlijsting van de voormalige schouw.
In het souterrain bevindt zich onder meer een wijnkelder met originele wijnrekken.
Waardering
Het woonhuis met bijbehorend interieur aan het Van Bergen IJzendoornpark 22 is van algemeen belang vanwege de cultuur- en architectuurhistorische waarde.
- als representatief vroeg-20ste-eeuwse voorbeeld van een aan de Amsterdamse School verwante bouwstijl en -tijd en vanwege de karakteristieke detaillering en het materiaalgebruik.
- als voorbeeld uit het oeuvre van de Haagse architect J. Duynstee.
- vanwege de ligging in het Van Bergen IJzendoornpark en vanwege de functioneel-ruimtelijke relatie met de overige bebouwing in het park heeft de villa stedenbouwkundige- en ensemblewaarde.
- vanwege de nagenoeg gave hoofdvorm, detaillering en interieur. Bovendien is de vrije ligging in het park en aan de Winterdijk onaangetast.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The Van Bergen IJzendoornpark, named after alderman mr. A.A. van Bergen IJzendoorn (died 1895), was laid out in 1901. In 1899 merchant and grocer A.J. Vos purchased a plot of land with a house at the edge of the park, at the intersection of the Piersonweg and the Winterdijk. His son A.J.J. Vos, paper manufacturer, demolished the existing buildings in 1919. Subsequently, he had the The Hague architect J. Duynstee design a new RESIDENTIAL HOUSE in a style related to the Amsterdam School style in the same year. The name of the house, which is stated on a panel on the northwest facade, is Huize Elisabeth. In the northeast facade there is a sandstone foundation stone with the text: "On the 21st of April 1920 this stone was laid by A.J.J. Vos jr aged 12 years".
The house has served among other things as a doctor's residence and for the training of nurses. The archbishop Simonis was presumably born here. The figures with the laughing lions at the entrance would refer to the relationship of the client with the neighbours at the time living in 'Villa Honk' on Van Beveringhlaan 38. The lions laugh at the neighbours, because the new villa obstructs their view over water and park. The terrace on the southwest side was built over the water along the Winterdijk.
The original light fixtures in the hall, drawing room and dining room belong to the house and pass from owner to owner.
N.B. All windows and conservatory/balcony doors are fitted with storm windows.
Description
The house is constructed from brickwork in English bond from an almost rectangular floor plan and consists of a basement, two storeys and a roof storey under a hipped roof covered with red Dutch tiles; on each roof slope there is a roof dormer covered with tiles fitted with multi-pane casement windows. In the middle of the ridge there is a brick chimney. The roof has a substantial eave overhang all around, which is fitted with a wooden gutter and gutter moulding.
The symmetrical front facade facing the Piersonweg, three bays wide, contains in the middle the projecting entrance, above which the substantially projecting canopy above the porch is fitted with a half hipped roof covered with tiles and a wooden moulding. On the roof of the canopy small pillars are built on either side decorated with sandstone sculptures depicting grinning lions. In front of the entrance there is a brick stoop with five steps, fitted with a floor in red and turquoise tiles. On either side of the stoop are brick walls built with wooden flower boxes. The white-painted front door is detailed in Amsterdam School style and fitted with two hexagonal panes. The door has two sidelights, which are fitted with coloured leaded glass and a hardstone threshold and sprockets. The sidelights have double brick weathering courses. A hardstone letterbox has been installed. Above the entrance are the four leaded glass windows of the stairwell. Around these windows the facade is decorated with decorative brickwork. On either side of the entrance there is a right-closed cross window with four-pane fanlight and on the storey two coupled, right-closed eight-pane windows. The two basement windows (left and right) have four-pane tilt windows with theft bars and ventilating panes. These right-closed windows are closed off with a double vertical stretching course.
The symmetrical southwest facade on the Winterdijk is similarly divided into three parts. In the middle is the conservatory with the balcony above it. The brick facades are decorated with decorative brickwork at the conservatory, the balcony and at the corners. In the middle is the conservatory extension in the form of a semi-octagon. The conservatory consists entirely of windows with fanlights and in the middle double opening terrace doors. On either side of the conservatory there are also double opening terrace doors with sidelights and fanlights. The thresholds and sprockets are all executed in hardstone. The courses consist of standing stretchers. At the balcony three windows are realized, with two fixed panes and one casement window. On either side three coupled eight-pane windows are fitted. The terrace adjoining the southwest facade is built over the water - in decorative bond. Around the terrace is a wall built, which is connected to the facades, and fitted with 'small towers' on which copper lanterns are placed.
The southeast facade consists of a right part with a (side) entrance and a projecting left bay. The entrance consists of a brick stoop with walls and wooden flower boxes, a door and a wooden canopy with flat roof. The door has six panes and sidelights with coloured glass and a theft bar. Above the canopy are four two-part windows, of which the lintels consist of two built-up courses with vertical stretchers. On the storey windows are detailed in the same way with decorative brickwork in the wall plane between them. In the projecting part - with stepped, projecting, decoratively built corners - there are three basement windows at basement level and on the first and second storey three windows. All windows have brick weathering courses. The roof dormer is equipped with two six-pane windows. In the left part of the northwest facade there are three tilt windows with ventilating panes and theft bars at basement level, on the first storey an elongated leaded glass window and on the storey a panel with the name of the house. In the projecting right part there is a conservatory extension with flat roof, coupled windows, double opening garden doors and fanlights. On the storey three windows with brick weathering courses are realized.
In the INTERIOR, among other things the spatial arrangement which is completely symmetrical is important: from the basement, which is located under the entire house, the two living storeys (bel étage and storey) up to and including the attic storey. The entrance with vestibule and hall is located centrally in the building. On the southwest side is a conservatory. On either side of the conservatory are octagonal rooms, namely the dining room and the drawing room. On either side of the large hall are respectively the kitchen and a study. On the storey the landing surrounding the void is located centrally. Above the conservatory are respectively the bathroom and the balcony. On either side of them are substantial bedrooms. Bedrooms are also located on the northeast side on either side of the hall. A carefully detailed wooden staircase leads to the attic storey, where there are various bedrooms, including rooms for servants.
In the well-preserved interior there are among other things stucco ceilings with strict geometric mouldings, panelled doors with original hinges and latches and six-pane and coloured leaded glass fanlights in Art Deco style. The vestibule is fitted with marble wainscoting, sprockets and thresholds and also wooden boarding. In the fully boarded hall there is an alcove with a brick chimney in decorative bond and wooden benches on either side. The floor in the hall consists of tiles in a decorative bond in grey, black and red. In the hall is an open, carefully detailed, fully boarded stairwell with a wooden flight of stairs. The detailing of the stair treads, balustrade and newel posts is executed in Art Deco style. The staircase is fitted with wooden handrails in brass grips. The ceiling consists of coffered panels. In the dining room there are among other things three (four-pane) leaded glass windows with flower and fruit motifs. In the drawing room there is wooden boarding and a bay-like extension (in the form of a semi-hexagon). In the conservatory is the original oak floor. The wall between hall and conservatory consists of a door with sidelights, fitted with panes of coloured glass and above the whole fanlights, fitted with coloured leaded glass. In the room at the north corner there is a chimney in Art Deco style and wooden boarding up to and including door height. The toilet between drawing room and this room is largely in original condition with a granite floor, tile wainscoting and a porcelain washbasin. The kitchen is fitted with a granite floor, granite thresholds and sprockets and a wooden frame of the former chimney.
In the basement there is among other things a wine cellar with original wine racks.
Assessment
The residential house with associated interior at Van Bergen IJzendoornpark 22 is of general importance because of its cultural-historical and architectural value.
- as a representative early 20th-century example of a building style and period related to the Amsterdam School and because of its characteristic detailing and use of materials.
- as an example from the oeuvre of The Hague architect J. Duynstee.
- because of its location in the Van Bergen IJzendoornpark and because of the functional-spatial relationship with the other buildings in the park, the villa has urban planning and ensemble value.
- because of the well-preserved main form, detailing and interior. Moreover, the free setting in the park and on the Winterdijk is unaltered.
Nearby in the register
- Woonhuis, van Beverninghlaan 36Woonhuisunder 1 mi
- Schotbalkenloods, Nieuwe Gouwe O.Z. 1 bWaterkering en -doorlaatunder 1 mi
- Industrie, Kattensingel 2Industrieunder 1 mi
- Ir. De Kock van LeeuwensluisWaterkering en -doorlaatunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.