Rijksmonumentenregister · Netherlands
Pastorie(K), Sluytermanwei 6
Jorwert, Fryslân, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Dienstwoning
- Function
- Pastorie(K)
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1871
- Address
- Sluytermanwei 6, 9023 AB Jorwert (Leeuwarden 21)
- Place
- Jorwert
- Municipality
- Leeuwarden
- Province
- Fryslân
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 53.14537, 5.71119
- Monument number
- 516341
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
4 historical maps cover this location, the earliest the 1868 map "Topografische atlas van het Koninkrijk der Nederlanden" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
De PASTORIE van de Nederlandse Hervormde Gemeente van Jorwerd, is gebouwd in eclectische trant in 1871 in opdracht van de kerkvoogdij, zoals blijkt uit een gevelsteen door de timmerlieden/aannemers W.J. van der Ploeg en P. Blanksma. Bij de bouw zijn interieuronderdelen uit de oude pastorie hergebruikt. Het pand is ontworpen door F. Swart architect, molenmaker en timmerman te Sneek. Het pand vertoont stilistische overeenkomst met de rentenierswoningen in Mantgum. In 1877 besteedde Swart te Jorwerd eveneens een bewaarschool en vier woningen aan. De pastorie is in 1910 (zolder) en 1927 (serre) verbouwd.
De woning ligt ten zuiden van de Hervormde kerk op een ruim perceel met tuin rondom. De woning ligt ruim teruggerooid van de openbare weg en is daarvan gescheiden door een lage tuinmuur met een TOEGANGSHEK. In de voortuin een forse beuk, vermoedelijk uit de bouwtijd. De achtertuin grenst aan de Jorwerder vaart.
Aan de pastorie zijn de poëtische herinneringen verbonden van J.J. Slauerhoff en de predikantsdochter Heleen Hille Ris Lambers.
Omschrijving
De pastorie heeft een nagenoeg vierkante plattegrond en bestaat uit één bouwlaag met een afgeknot schilddak; op de hoeken vier schoorstenen met versierde schoorsteenborden; op de dakschilden zwart geglazuurde Hollandse pannen, met uitzondering van het voorschild waarop gegolfde Friese pannen liggen. De gevels zijn gemetseld in bruine baksteen in staand verband met een knipvoeg. De voorgevel is verticaal geleed door een natuurstenen plint; gepaarde en onderling gekoppelde vensterbanken en wenkbrauwbogen, en een gepleisterde gevellijst, die is verlevendigd met lijstwerk. De gevel is horizontaal geleed door hoeklisenen en een middenrisaliet, dat doorloopt in een gemetselde dakkapel onder lichthellend zadeldak. Alleen de hoeklisenen hebben spiegelvlakken met een gepleisterde omlijsting.
De overige gevels, op trasraam met rollaag, zijn soberder uitgevoerd: de wenkbrouwen ontbreken en de gootlijst is vlak.
In de voorgevel tweemaal twee T-vensters met spiegellijstkozijnen aan weerszijden van het middenrisaliet. De lichtopeningen hebben een wenkbrauwboog met een kuif. Het gevelvlak van het middenrisaliet ligt verdiept. In de eerste bouwlaag een portiek met een tweetreeds hardstenen stoep; porte brisée met een middenstijl, kussenpanelen en sierrooster met leeuwenkoppen. In het getoogde bovenlicht zit gekleurd glas-in-lood. De zijwanden van de ondiepe portiek hebben een gepleisterd spiegelvlak.
Het middenrisaliet wordt horizontaal geleed door een houten balkon op keramische consoles met een gietijzeren balustrade. Het balkon aan de dakkapel heeft een keperboogvormige afsluiting en een porte-brisée met glaspanelen. De deuropening wordt aan de bovenzijde afgesloten door een wenkbrauwboog.
De zuidgevel wordt gedeeltelijk oversneden door een houten serre (ca. 1927) en drie zesruitsvensters met spiegellijstkozijnen onder anderhalfsteens streklaag. De rechthoekige serre onder zinken lessenaarsdak heeft een bakstenen onderbouw met rollaag waarop een houtskeletconstructie; de wandpanelen zijn aan de onderzijde gesloten; de glaspanelen hebben een roedenverdeling, de bovenlichten zijn zes- acht of twaalfruits met geel getint, gewolkt matglas.
De linker helft van de noordgevel is tamelijk gesloten; in dit gedeelte is de gevelsteen aangebracht met het opschrift: ANNO 1871 Gesticht onder het Bestuur van de H.H. Kerkvoogden A.J. SIERDSMA, Y.J. BOSMA, J.P. KALMA. Eerste steen gelegd den 30 mei door JAN ALBERT HINGST oudste zoon van Ds. A.A. Hingst Pred. alhier Architect F. SWART te Sneek Aannemers W.J V.D. PLOEG P. BLANKSMA Aannemers te Jorwerd. In de rechter helft van de gevel enkele kleinere ramen en twee zesruits vensters, waaronder provisiekelderramen met diefijzers en een deur met geëtst glas.
De achtergevel is asymmetrisch ingedeeld en heeft een deuropening, een blindnis en drie zesruits vensters met persiennes. Het INTERIEUR heeft een symmetrische indeling bestaande uit een centrale gang met aan weerszijden vertrekken en een dwarsgang. Tot de waardevolle elementen behoren onder meer de gang en delen van de voorkamers: in de gang onder andere een granitovloer versierd met geometrische motieven, een stucplafond en een gepleisterd poortje met kapitelen. De rechter voorkamer heeft onder meer een stucplafond, een zwarte natuurstenen schoorsteenmantel; de linker woonkamer heeft onder meer een gestucadoorde schoorsteenboezem en stucplafond. Alle kamers hebben de oorspronkelijke vouwblinden in de luikkasten.
In de voortuin een lage TUINMUUR met HEK. De tuinmuur is opgetrokken in gele baksteen, steens gemetseld en afgedekt met een ezelsrug. Het smeedijzeren hek heeft gietijzeren ornamenten (onder meer: punten en palmetten) en bestaat uit drie hogere, vaste delen ('posten'), waaraan drie lagere en draaibare, gebogen hekken. De toegang bestaat uit een inrijhek en een voetgangershek.
Waardering
De pastorie met tuinmuur en hekwerk uit 1871, naar ontwerp van F. Swart in eclectische trant is van algemeen cultuurhistorisch en architectuurhistorisch belang:
- vanwege de hoogwaardige esthetische kwaliteit van het ontwerp;
- vanwege het bijzondere materiaalgebruik en de ornamentiek;
- vanwege de redelijke mate van architectonische gaafheid van het exterieur;
- vanwege de betekenis van het object waar het gaat om de historisch-ruimtelijke relatie met de kerk en de situering in het dorp;
- in relatie tot de structurele en visuele gaafheid van de samenstellende onderdelen van het object;
- in relatie tot de structurele gaafheid van het dorp;
- vanwege de herinneringswaarde aan de dichter J.J. Slauerhoff.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
The MANSE of the Dutch Reformed Church of Jorwerd was built in eclectic style in 1871 on behalf of the church wardens, as evidenced by a foundation stone placed by the carpenters/contractors W.J. van der Ploeg and P. Blanksma. During construction, interior components from the old manse were reused. The building was designed by F. Swart, architect, miller and carpenter in Sneek. The building shows stylistic similarity with the houses of annuitants in Mantgum. In 1877 Swart also built a school for young children and four dwellings in Jorwerd. The manse was altered in 1910 (attic) and 1927 (conservatory).
The dwelling lies south of the Dutch Reformed Church on a spacious plot with gardens all around. The dwelling is set well back from the public road and is separated from it by a low garden wall with a GATEWAY. In the front garden a sturdy beech tree, presumably from the time of construction. The back garden borders on the Jorwerder vaart.
The manse is associated with the poetic memories of J.J. Slauerhoff and the minister's daughter Heleen Hille Ris Lambers.
Description
The manse has an almost square floor plan and consists of one storey with a truncated hipped roof; at the corners four chimneys with decorated chimney breasts; on the roof slopes black glazed Dutch tiles, with the exception of the front roof slope which is covered with curved Frisian tiles. The facades are built in brown brickwork in stretcher bond with a cut joint. The front facade is divided vertically by a natural stone plinth; paired and mutually linked window sills and eyebrows, and a plastered cornice embellished with moulding work. The facade is divided horizontally by quoins and a central risalit, which continues in a bricked roof dormer under gently sloping gabled roof. Only the quoins have mirror panels with a plastered border.
The remaining facades, on tuff with roll moulding, are executed more soberly: the eyebrows are absent and the gutter line is flat.
In the front facade twice two T-windows with mirror-frame frames on either side of the central risalit. The light openings have an eyebrow arch with a hood. The facade surface of the central risalit is set back. In the first storey a porch with a two-step hardstonesteps; porte brisée with a central post, panel cushions and decorative grille with lion heads. In the arched fanlight coloured glass-in-lead. The side walls of the shallow porch have a plastered mirror panel.
The central risalit is divided horizontally by a wooden balcony on ceramic consoles with a cast iron balustrade. The balcony at the roof dormer has a herringbone arch-shaped closure and a porte-brisée with glass panels. The door opening is closed at the top by an eyebrow arch.
The south facade is partially crossed by a wooden conservatory (c. 1927) and three six-pane windows with mirror-frame frames under one-and-a-half-brick course. The rectangular conservatory under zinc lean-to roof has a brick base with roll moulding on which a timber-frame structure; the wall panels are closed at the bottom; the glass panels have glazing bars, the fanlights are six-, eight- or twelve-pane with yellowish-tinted, clouded frosted glass.
The left half of the north facade is fairly closed; in this section the foundation stone is placed with the inscription: ANNO 1871 Founded under the Administration of the Messrs. Church Wardens A.J. SIERDSMA, Y.J. BOSMA, J.P. KALMA. First stone laid on 30 May by JAN ALBERT HINGST eldest son of Rev. A.A. Hingst Min. here Architect F. SWART in Sneek Contractors W.J V.D. PLOEG P. BLANKSMA Contractors in Jorwerd. In the right half of the facade several smaller windows and two six-pane windows, below which are provision cellar windows with theft bars and a door with etched glass.
The back facade is asymmetrically arranged and has a door opening, a blind recess and three six-pane windows with blinds. The INTERIOR has a symmetrical layout consisting of a central corridor with rooms on either side and a transverse corridor. The valuable elements include, among others, the corridor and parts of the front rooms: in the corridor, among other things, a granite floor decorated with geometric motifs, a stucco ceiling and a plastered doorway with capitals. The right front room has, among other things, a stucco ceiling, a black natural stone chimney breast; the left living room has, among other things, a stuccoed chimney throat and stucco ceiling. All rooms have the original folding shutters in the shutter boxes.
In the front garden a low GARDEN WALL with GATE. The garden wall is built in yellow brickwork, laid in stretcher bond and capped with a saddle coping. The wrought iron gate has cast iron ornaments (including: points and palmettes) and consists of three higher, fixed parts ('posts'), to which are attached three lower and movable, curved gates. The entrance consists of a carriage gate and a pedestrian gate.
Valuation
The manse with garden wall and gate fittings from 1871, designed by F. Swart in eclectic style is of general cultural-historical and architectural-historical importance:
- because of the high aesthetic quality of the design;
- because of the exceptional use of materials and ornament;
- because of the reasonable degree of architectural integrity of the exterior;
- because of the significance of the object with regard to the historical-spatial relationship with the church and its siting in the village;
- in relation to the structural and visual integrity of the constituent parts of the object;
- in relation to the structural integrity of the village;
- because of the commemorative value in connection with the poet J.J. Slauerhoff.
Nearby in the register
- Kerk, Sluytermanwei 4Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- Molen, ten N-O van Jorwerd Jorwert (Leeuwarden 21)Industrie- en poldermolenunder 1 mi
- Boerderij, It Westerhûs 1Boerderij1 mi
- Buma-begraafplaatsBegraafplaats en -onderdelen1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.