Rijksmonumentenregister · Netherlands
Woonhuis, de Gast 34
Zuidhorn, Groningen, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Woonhuis
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1914
- Address
- de Gast 34, 9801 AE Zuidhorn (Westerkwartier 20)
- Place
- Zuidhorn
- Municipality
- Westerkwartier
- Province
- Groningen
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 53.24971, 6.40281
- Monument number
- 516328
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
3 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 4 Groningen, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
VILLA met aangebouwde BIJKEUKEN ontworpen in 1914 door architect A.Th. van Elmpt uit Groningen. De opdrachtgeefsters waren de gezusters A.J. en J.C. Boelens uit Den Horn. De woning, die is opgetrokken in een Overgangsstijl met Art Nouveau elementen, heeft in de loop der tijd nauwelijks wijzigingen ondergaan. Alleen zijn de gevels later waarschijnlijk deels geverfd. In het interieur zijn nog een groot aantal originele onderdelen aanwezig. In 1974 is er een vrijstaande garage bijgebouwd, die buiten de bescherming valt.
Het pand is markant gelegen aan het als beschermd gezicht voorgedragen gebied De Gast, op een vrij ruime kavel grond. De voortuin wordt van de openbare weg gescheiden door een ijzeren HEK, toentertijd gesmeed door smid Birza uit Zuidhorn. Het hek bestaat uit een vast hekwerk met twee beweegbare delen samengevat onder een gebogen regel, bestaande uit sober regel- en stijlwerk en decoratieve hoofdstijlen met driehoeksvormige beëindiging.
Omschrijving
VILLA met aangebouwde BIJKEUKEN, opgetrokken in deels gepleisterd en deels geverfde baksteen op een trasraam van rode klinkers. Op de overgang pleisterwerk naar schilderwerk een (later?) geverfde gevelband van muizetand. Het samengestelde dak, gedekt met een rood geglazuurde verbeterde Hollandse pan, heeft een overstekende goot op klossen, vier gepleisterde schoorstenen en twee pirons van keramiek. De gevels worden geleed door staande vensters met natuurstenen onderdorpels. De hoofdentree bevindt zich in de noordgevel en bestaat uit een gelakte paneeldeur met deurlicht van geslepen glas en roedenverdeling, onder een bovenlicht met roedenverdeling in een uitgebouwde portiek met plat dak en goot op klossen. De portiek heeft aan drie zijden een geverfde gemetselde rondboog en een natuurstenen stoep (twee treden) met een bordes met tegelvloer van rode, gele en zwarte tegels met als afsluiting een rastervormig hekje van geverfde baksteen met hardstenen leuning. Boven de entree een doorgetrokken geveldeel onder een steekkapje met strakke windveren, waarin een drielichtvenster met bovenlichten met roedenverdeling en rollaag. Links van de entree een schuifvenster met in het bovenlicht roeden en groen glas onder een houten kroonlijstje met klossen. Rechts van de entree een dubbel openslaand venster met twee bovenlichten onder één strek, en een dubbel vierruits keldervenster met diefijzers en koekoek met ijzeren rooster.
De voorgevel (oost) heeft een driedelig venster met in de bovenlichten roedenverdeling en groen glas, onder een met zink beslagen latei, en een zijrisaliet. Het zijrisaliet onder een steekkap met strakke windveren met houten klaverblad als piron, heeft een houten beschot met een klein ruitvormig venster met roedenverdeling en groen glas. In het risaliet een driezijdige erker met vijf ramen met roedenverdeling en groen glas in de bovenlichten; boven de erker een loggia met twee houten pilaren op twee gepleisterde pijlers met houten hekje ertussen; aan weerszijden van de pijlers een schuin dakje met leien. In de gevel van de loggia openslaande deuren en twee zesruits vensters met groen glas.
De zuidgevel heeft een aangekapte serre met deels een plat dak; aan de oostzijde van de serre een venster met rondboogvormig bovenlicht met groen glas, en bovenin een houten beschot met een klein ruitvormig motief; aan de zuidzijde een groot venster tussen twee zijlichten, alle drie met bovenlicht met roedenverdeling en groen glas, samengevat onder een segmentboog; aan de westzijde een deur met deurlicht onder een halfrond bovenlicht met roedenverdeling en groen glas, en een natuurstenen stoep met bordes van rode en gele tegels en een zijmuurtje met hardstenen dekplaat. In het dakvlak boven de serre een houten dakkapel met halfrond venster met roedenverdeling en groen glas, onder een steekkapje met strakke windveren. Verder in de zuidgevel twee openslaande vensters en een H-venster, alle met bovenlicht met roedenverdeling en groen glas; in de topgevel met houten beschot een dubbel venster met twee bovenlichten met roedenverdeling die samen een segmentboog vormen.
In de achtergevel (west) openslaande deuren met deurlichten onder een (later dichtgezet) bovenlicht naar een veranda met bordes van gele en rode tegels, een gemetselde stoep, drie rastervormige hekjes van geverfde baksteen met hardstenen leuning, twee houten pilaren op gemetselde pijlers met hardstenen dekplaat en aan de zuidzijde een gemetselde rondboog. Verder in de achtergevel een geveldeel onder een steekkap met strakke windveren, waarin een klein venster met vierruits bovenlicht, een klein venster met bovenlicht, een (gekleurd) glas-in-lood venster, alledrie met strek, en een driedelig gekleurd glas-in-lood venster samengevat onder een segmentboog.
Links aan de achtergevel een aangebouwde BIJKEUKEN onder een plat dak, met aan de westzijde een houten deur met kijkgat met smeedwerk en gemetselde stoep, tussen twee zesruits zijlichten, samengevat onder één strek (luifel is niet origineel); erboven een driedelig venster. Aan de noordzijde van de bijkeuken een dubbel zesruitsvenster onder een strek.
In het INTERIEUR zijn onder meer van belang: in de vestibule en hal de tegellambrizering in wit en donkergroen met houten lijstwerk; de tochtdeur met deurlicht van geslepen glas en boven- en zijlichten van gekleurd glas-in-lood; de tegelvloer in groen en gemeleerd grijs; de met Art Nouveau motieven gesjabloneerde plafonds; de wand met sjablonen waaronder een pauw; de houten bordestrap met vier decoratieve houtenen trappalen, en leuning bestaande uit sober gedecoreerde houten stijlen met houten handlijst; de decoratieve paneeldeuren met architraaf. In woonkamer en salon de houten suitedeuren tussen zijkasten; de zwarte marmeren schouwen met gekleurde accenten en schacht met houten ombouw met spiegel; het in vieren gedeelde plafond beschilderd met sjablonen. In de serre de dubbele houten schuifdeuren met deurlichten van geslepen glas. In de slaapkamer (achterkamer) het met sjablonen beschilderde plafond. In de keuken en de w.c. de tegellambrizering in wit met decoratieve bovenrand. In de kelder de tegelvloer in rood en wit; de houten opbergkasten. De zolder met beschoten kap en bijzondere kapconstructie.
Waardering
Villa met aangebouwde bijkeuken en hek van algemeen belang vanwege cultuur- en architectuurhistorisch waarde
- als voorbeeld van een villa uit 1914 in Overgangsstijl
- vanwege de opvallende detaillering
- vanwege de redelijke mate van gaafheid van het in- en het exterieur
- vanwege de fraaie interieuronderdelen met Art Nouveau elementen
- als goede representant van het oeuvre van architect A.Th. van Elmpt uit Groningen
- vanwege de markante ligging aan het als beschermd gezicht voorgedragen gebied De Gast.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
VILLA with attached SCULLERY designed in 1914 by architect A.Th. van Elmpt from Groningen. The clients were the sisters A.J. and J.C. Boelens from Den Horn. The dwelling, which is built in a Transitional style with Art Nouveau elements, has undergone hardly any alterations over time. Only the façades have probably been partially painted later. The interior still contains a large number of original components. In 1974 a detached garage was added, which is outside the protected area.
The property is strikingly situated in the area De Gast, proposed as a protected townscape, on a relatively spacious plot of land. The front garden is separated from the public road by an iron GATE, at the time forged by blacksmith Birza from Zuidhorn. The gate consists of a fixed section with two moveable parts unified under a curved rail, composed of austere rails and posts and decorative main posts with triangular terminations.
Description
VILLA with attached SCULLERY, built in partly rendered and partly painted brick on a bedding of red clinker bricks. On the transition from plasterwork to paintwork a (later?) painted façade band of dog-tooth pattern. The composite roof, covered with red glazed improved Dutch tiles, has an overhanging gutter on brackets, four rendered chimneys and two ceramic roof finials. The façades are articulated by vertical windows with natural stone sills. The main entrance is located in the north façade and consists of a varnished panel door with fanlight of cut glass with glazing bars, under a fanlight with glazing bars in a projecting porch with flat roof and gutter on brackets. The porch has on three sides a painted masonry round arch and a natural stone step (two treads) with a landing with tile flooring of red, yellow and black tiles with as closure a grid-like fence of painted brick with stone coping. Above the entrance a continuous façade section under a gabled canopy with taut wind braces, containing a three-light window with fanlights with glazing bars and roller sash. To the left of the entrance a sash window with in the fanlight glazing bars and green glass under a wooden cornice with brackets. To the right of the entrance a double casement window with two fanlights under a single transom, and a double four-pane cellar window with burglar bars and cuckoo shutter with iron grille.
The front façade (east) has a three-part window with in the fanlights glazing bars and green glass, under a zinc-lined lintel, and a side risalit. The side risalit under a gabled canopy with taut wind braces with wooden trefoil as roof finial, has wooden boarding with a small diamond-shaped window with glazing bars and green glass. In the risalit a three-sided bay with five windows with glazing bars and green glass in the fanlights; above the bay a loggia with two wooden posts on two rendered pillars with wooden fence between; on either side of the pillars a sloped roof with slates. In the loggia façade casement doors and two six-pane windows with green glass.
The south façade has an attached conservatory with partly a flat roof; at the east side of the conservatory a window with round-arched fanlight with green glass, and above wooden boarding with a small diamond-shaped motif; at the south side a large window between two side lights, all three with fanlight with glazing bars and green glass, unified under a segment arch; at the west side a door with fanlight under a semi-circular fanlight with glazing bars and green glass, and a natural stone step with landing of red and yellow tiles and a side wall with stone coping. In the roof plane above the conservatory a wooden roof dormer with semi-circular window with glazing bars and green glass, under a gabled canopy with taut wind braces. Further in the south façade two casement windows and an H-window, all with fanlight with glazing bars and green glass; in the gable with wooden boarding a double window with two fanlights with glazing bars that together form a segment arch.
In the rear façade (west) casement doors with fanlights under a (later blocked) fanlight to a veranda with landing of yellow and red tiles, a masonry step, three grid-like fences of painted brick with stone coping, two wooden posts on masonry pillars with stone coping and on the south side a masonry round arch. Further in the rear façade a façade section under a gabled canopy with taut wind braces, containing a small window with four-pane fanlight, a small window with fanlight, a (coloured) stained glass window, all three with transom, and a three-part coloured stained glass window unified under a segment arch.
To the left of the rear façade an attached SCULLERY under a flat roof, with on the west side a wooden door with spyhole with ironwork and masonry step, between two six-pane side lights, unified under a single transom (canopy is not original); above it a three-part window. On the north side of the scullery a double six-pane window under a transom.
In the INTERIOR among others of importance: in the vestibule and hall the tile wainscoting in white and dark green with wooden trim; the draught door with fanlight of cut glass and upper and side lights of stained glass; the tile flooring in green and mottled grey; the ceilings stencilled with Art Nouveau motifs; the wall with stencils including a peacock; the wooden staircase with four decorative wooden baluster posts, and handrail consisting of austere decorated wooden posts with wooden handrail; the decorative panel doors with architrave. In living room and parlour the wooden suite doors between side cupboards; the black marble fireplaces with coloured accents and chimney with wooden casing with mirror; the ceiling divided into four sections painted with stencils. In the conservatory the double wooden sliding doors with fanlights of cut glass. In the bedroom (back room) the ceiling painted with stencils. In the kitchen and the w.c. the tile wainscoting in white with decorative upper border. In the cellar the tile flooring in red and white; the wooden storage cupboards. The attic with boarded roof and distinctive roof truss structure.
Valuation
Villa with attached scullery and gate of general importance for reasons of cultural and architectural historical value
- as an example of a villa from 1914 in Transitional style
- for its striking detailing
- for the reasonable degree of integrity of both interior and exterior
- for its fine interior components with Art Nouveau elements
- as a good representative of the oeuvre of architect A.Th. van Elmpt from Groningen
- for its striking location in the area De Gast, proposed as a protected townscape.
Nearby in the register
- Woonhuis, de Gast 36Woonhuisunder 1 mi
- Kerk, de Gast 38Kerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- Woonhuis, de Gast 24Woonhuisunder 1 mi
- Woonhuis, de Gast 44Woonhuisunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.