TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Nutsbedrijf, Molenstreek 312

Veendam, Groningen, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Industrie
Function
Nutsbedrijf
Category
onroerend gebouwd
Built
1900 - 1901
Address
Molenstreek 312, 9641 KX Veendam (and others)
Place
Veendam
Province
Groningen
Country
Netherlands
Coordinates
53.10182, 6.88351
Monument number
515425

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

4 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Composite: 203. Bunde. (Germany)" (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

ELEKTRICITEITSCENTRALE met KANTOOR, BERGRUIMTE, MACHINEHAL, WERKPLAATS, SCHAKELHUIS en TRANSFORMATORHUIS, gebouwd in 1900-1901 in een Overgangsstijl met Chaletstijl elementen. Het bedrijf werd geëxploiteerd door de Eerste Nederlandsche Electriciteits Maatschappij (ENEM). Toen het bedrijf niet rendeerde, namen de gemeenten Veendam en Wildervank samen met een groep particulieren het bedrijf in 1905 over, onder de naam NV Electriciteits Maatschappij Veenkoloniën (EMV). In1969 werd het overgenomen door het Electriciteitsbedrijf Groningen en Drenthe (EGD). Sinds een aantal jaren is het pand in gebruik als verzamelpand voor kleine bedrijven. In 1948 wordt het magazijn op de verdieping, boven het kantoor, veranderd in een dienstwoning. In 1957 is het pand aan de noordwestzijde uitgebreid met een kantoorruimte (een bouwlaag hoog), op de plek waar voorheen een schoorsteen stond. In 1970 is de indeling van de plattegrond deels gewijzigd en kwam aan de noordwestgevel van het kantoor een extra entree. In 1995 is deze extra entree voorzien van een nieuwe trapopgang naar de bovenwoning en kregen de diverse ruimten een andere functie. Ondanks wijzigingen is het complex als geheel nauwelijks aangetast.

Het complex is markant gelegen aan de Molenstreek die het Oosterdiep verbindt met het A.G. Wildervanckkanaal, vlak aan de voormalige NOLS-spoorlijn. Voor de centrale een aantal monumentale kastanjebomen.

Omschrijving

ELEKTRICITEITSCENTRALE bestaande uit een hoofdgebouw met een aantal aangebouwde bijgebouwen. Het twee bouwlagen hoge HOOFDGEBOUW met kantoor en dienstwoning, is opgetrokken in een roodbruine baksteen op een iets uitspringend trasraam van roodbruine klinkers met een natuurstenen afdekplaat. Het metselwerk wordt verlevendigd door gevelbanden van groen- en geel geglazuurde baksteen. Het schilddak met steekkap, gedekt met een grijze kruispan, heeft een geprofileerde goot op klossen en eronder een fries van decoratief metselwerk. De gevels worden geleed door getoogde enkelvoudige of samengestelde vensters met natuurstenen onderdorpels, onder een segmentboog met natuurstenen aanzetstenen.

De voorgevel (noordoost) heeft op de begane grond een driestrooks venster met zijlicht onder een over het zijlicht doorgetrokken segmentboog met natuurstenen aanzetstenen; een vijfzijdige erker onder een aangekapt schilddakje met mastiek en goot op klossen, waarin een samengesteld kozijn met vijf ramen met bovenlichten. Op de verdieping twee vensters (oorspronkelijk openslaand) met getoogd tweeruits bovenlicht. Midden in het dakvlak een gemetselde dakkapel, die overgaat in het iets uitspringende gevelvlak met blind getoogd venster met segmentboog en natuurstenen aanzetstenen. De dakkapel heeft een overstekende steekkap (zadel) steunend op decoratieve houten consoles; windveren met decoratieve makelaar, decoratief houten beschot; een hijsbalk; getoogd zesruits venster onder een segmentboog met natuurstenen aanzetstenen; gevelband van siermetselwerk aan de beide zijkanten.

In de noordwestgevel op de begane grond een dubbel, getoogd H-venster met horizontale roeden, een driestrooksvenster en een (nieuwe) entreepartij (oorspronkelijk een zijlicht aan het driestrooksvenster); op de verdieping twee openslaande vensters met getoogd tweeruits bovenlicht en openslaande balkondeuren met getoogd tweeruits bovenlicht, een houten balkon op decoratieve consoles met hekje van hout en regels van buisstaal(niet origineel), een hijsbalk onder een zadeldakje. In de zuidwestgevel op de verdieping drie getoogde venster (oorspronkelijk openslaand) met tweeruits bovenlicht, en een deur.

In de zuidoostgevel op de begane grond een getoogd H-venster (oorspronkelijk zesruits) en op de verdieping een getoogd venster (oorspronkelijk openslaand) met tweeruits bovenlicht. Aan de zuidoostgevel een twee bouwlagen hoge uitbouw met plat dak, waarin aan de noordoostzijde de hoofdentree, bestaande uit een paneeldeur met deurlicht, onder een getoogd bovenlicht met segmentboog met natuurstenen aanzetstenen; op de verdieping een venster (oorspronkelijk openslaand) met getoogd tweeruits bovenlicht.

Links aan het hoofdgebouw een twee bouwlagen hoge BERGRUIMTE, opgetrokken in een roodbruine baksteen op een iets uitspringend trasraam van roodbruine klinkers, met natuurstenen dekplaat. Het gebouw heeft gevelbanden van groen- en geel geglazuurde baksteen; gemetselde lisenen met decoratief muizentandfries; een gebogen, met mastiek bekleed dak, met goot op klossen.

In de noordoostgevel op de begane grond vijf paar dubbele getoogde deuren, onder een segmentboog met natuurstenen aanzetstenen, waarvan er vier later zijn dichtgemetseld en een vervangen is door een hoge nieuwe schuurdeur; op de verdieping vijf getoogde zesruitsvensters (waarvan één later is ingekort tot vierruitsvenster) onder een segmentboog met natuurstenen aanzetstenen. In de noordwestgevel twee (vernieuwde) getoogde vensters. In de zuidoostgevel een klimmend fries van siermetselwerk; een paar getoogde, later dichtgemetselde dubbele deuren en een getoogd zesruitsvenster, beide met segmentboog en natuurstenen aanzetstenen. Aan de zuidoostgevel een aangebouwde WERKPLAATS opgetrokken in dezelfde materialen als het hoofdgebouw en de bergruimte. De werkplaats heeft een schilddak, gedekt met een grijze kruispan, een goot op klossen en twee zinken pirons. Aan de noordoostzijde een dubbele houten deur onder een getoogd, tweedelig tweeruits bovenlicht, en twee getoogde vensters met tweeruits bovenlicht. Aan de zuidoostzijde drie driestrooksvensters tussen gemetselde lisenen met decoratief muizentandfries. Aan de zuidwestgevel een uitgebouwd privaat onder een plat dak met goot op klossen, en aan de zuidwestzijde twee getoogde vensters en een deur (oorspronkelijk een venster?) onder een getoogd bovenlicht. Alle vensters en deuren hebben een segmentboog met natuurstenen aanzetstenen.

Aan de zuidwestgevel van de bergruimte is over de hele breedte een MACHINEHAL gebouwd, opgetrokken in dezelfde materialen als de andere gebouwen. Het zadeldak, gedekt met een grijze kruispan, heeft strakke windveren en een geprofileerde goot. De zuidoostgevel van het magazijn heeft lisenen en een opklimmend fries; in de gevel een paar openslaande deuren met deurlichten, onder een getoogd driedelig bovenlicht; dubbele paneeldeuren met deurlichten en een getoogd driedelig bovenlicht; in de topgevel een venster met rondboogvormig bovenlicht. In de zuidwestgevel vijf getoogde driestrooksvensters tussen gemetselde lisenen met muizentandfries. Alle vensters zijn voorzien van segmentboog met natuurstenen aanzetstenen.

Aan de achtergevel (noordwest) van de machinehal een aangebouwd SCHAKELHUIS met plat dak en gemetselde schoorsteen, dat aan de zuidwestzijde een aangebouwd transformatorhuis heeft. Aan de zuidwestzijde van het schakelhuis een getoogd H-venster en een getoogd vierruits keldervenster. In de noordwestgevel drie getoogde H-vensters, een vernieuwde deur met getoogd bovenlicht en een ijzeren brandtrap (niet origineel), een getoogde kelderdeur met tweeruits deurlicht en twee getoogde keldervensters. In de noordoostgevel drie getoogde H-vensters; alle vensters en deuren onder een segmentboog met natuurstenen aanzetstenen.

Het TRANSFORMATORHUIS met plat dak heeft aan de zuidoostzijde vernieuwde dubbele deuren onder een getoogd (later dichtgezet) bovenlicht met segmentboog en natuurstenen aanzetstenen; aan de zuidwestzijde drie later dichtgezette deuren (waarvan twee zijn dichtgemetseld).

In het INTERIEUR zijn onder meer van belang: in het kantoor het stucplafond met vierkant rozet; de gang met granito vloer, tegellambrizering met decoratieve tegelrand, afgezet met een geprofileerde lijst, en de paneeldeuren. In de machinehal de ijzeren dubbele Polonceau-spanten; de tegellambrizering in crème en geel, afgezet met een geprofileerde lijst; de gepleisterde pilasters met houten voetstuk waarin Art-Nouveau motieven zijn uitgesneden; de houten trap met aan weerszijden een decoratieve houten trappaal en een houten leuning met opengewerkt ijzeren Art-Nouveau hekwerk. In de bergruimte de gebogen houten spanten met houten dwarsverbindingen en ijzeren trekstangen.

Waardering

Elektriciteitscentrale bestaande uit verschillende, met elkaar verbonden onderdelen van algemeen belang vanwege cultuur- en architectuurhistorische waarde

- als voorbeeld van een elektriciteitscentrale uit 1900/1901 opgetrokken in een Overgangsarchitectuur met Chaletstijl elementen

- als zijnde het eerste voorbeeld van een elektriciteitscentrale in de provincie Groningen

- vanwege de redelijke mate van gaafheid van het exterieur

- vanwege de typologische zeldzaamheid in de provincie

- vanwege de markante ligging aan de Molenstreek naast de spoorlijn

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

ELECTRICITY GENERATING STATION with OFFICE, STORAGE ROOM, MACHINE HALL, WORKSHOP, SWITCHHOUSE and TRANSFORMER HOUSE, built in 1900-1901 in a Transitional style with Chalet style elements. The enterprise was operated by the Eerste Nederlandsche Electriciteits Maatschappij (ENEM). When the enterprise proved unprofitable, the municipalities of Veendam and Wildervank together with a group of private individuals took over the enterprise in 1905, under the name NV Electriciteits Maatschappij Veenkoloniën (EMV). In 1969 it was taken over by the Electriciteitsbedrijf Groningen en Drenthe (EGD). For a number of years the building has been in use as a collection building for small businesses. In 1948 the warehouse on the upper floor, above the office, was converted into a service dwelling. In 1957 the building was extended on the north-west side with an office space (one storey high), on the spot where a chimney previously stood. In 1970 the layout of the floor plan was partly altered and an additional entrance came to the north-west facade of the office. In 1995 this additional entrance was provided with a new staircase to the upper dwelling and the various rooms received a different function. Despite alterations, the complex as a whole has been scarcely affected.

The complex is markedly situated on the Molenstreek which connects the Oosterdiep with the A.G. Wildervanckkanaal, close to the former NOLS railway line. In front of the station a number of monumental chestnut trees.

Description

ELECTRICITY GENERATING STATION consisting of a main building with a number of attached outbuildings. The two-storey MAIN BUILDING with office and service dwelling, is built of reddish-brown brick on a slightly projecting stone base course of reddish-brown clinker brick with a natural stone coping. The brickwork is enlivened by facade bands of green and yellow glazed brick. The hipped roof with lead-and-mortar ridge, covered with grey pantiles, has a moulded gutter on corbels and beneath it a frieze of decorative brickwork. The facades are articulated by arched single or compound windows with natural stone sills, beneath a segmental arch with natural stone springers.

The front facade (north-east) has on the ground floor a three-light window with sidelights beneath a segmental arch drawn over the sidelight with natural stone springers; a five-sided bay window beneath an attached hipped roof with mastic and gutter on corbels, in which a compound frame with five windows with fanlights. On the upper floor two windows (originally opening) with arched two-light fanlight. In the middle of the roof plane a brick dormer, which merges into the slightly projecting facade plane with a blind arched window with segmental arch and natural stone springers. The dormer has an overhanging lead-and-mortar ridge (saddle) resting on decorative wooden consoles; wind braces with decorative brace, decorative wooden cladding; a hoist beam; arched six-light window beneath a segmental arch with natural stone springers; facade band of ornamental brickwork on both sides.

In the north-west facade on the ground floor a double, arched H-window with horizontal glazing bars, a three-light window and a (new) entrance arrangement (originally a sidelight to the three-light window); on the upper floor two opening windows with arched two-light fanlight and opening balcony doors with arched two-light fanlight, a wooden balcony on decorative consoles with wooden railing and bars of tubular steel (not original), a hoist beam beneath a gabled rooflet. In the south-west facade on the upper floor three arched windows (originally opening) with two-light fanlight, and a door.

In the south-east facade on the ground floor an arched H-window (originally six-light) and on the upper floor an arched window (originally opening) with two-light fanlight. To the south-east facade a two-storey extension with flat roof, in which on the north-east side the main entrance, consisting of a panelled door with door light, beneath an arched fanlight with segmental arch with natural stone springers; on the upper floor a window (originally opening) with arched two-light fanlight.

To the left of the main building a two-storey STORAGE ROOM, built of reddish-brown brick on a slightly projecting stone base course of reddish-brown clinker brick, with natural stone coping. The building has facade bands of green and yellow glazed brick; brick pilasters with decorative tooth-like frieze; a curved roof clad with mastic, with gutter on corbels.

In the north-east facade on the ground floor five pairs of double arched doors, beneath a segmental arch with natural stone springers, of which four were later filled in and one replaced by a tall new barn door; on the upper floor five arched six-light windows (of which one was later shortened to a four-light window) beneath a segmental arch with natural stone springers. In the north-west facade two (renewed) arched windows. In the south-east facade a climbing frieze of ornamental brickwork; a pair of arched, later filled-in double doors and an arched six-light window, both with segmental arch and natural stone springers. To the south-east facade an attached WORKSHOP built of the same materials as the main building and the storage room. The workshop has a hipped roof, covered with grey pantiles, a gutter on corbels and two zinc downpipes. On the north-east side a double wooden door beneath an arched, two-part two-light fanlight, and two arched windows with two-light fanlight. On the south-east side three three-light windows between brick pilasters with decorative tooth-like frieze. On the south-west facade an extended privy beneath a flat roof with gutter on corbels, and on the south-west side two arched windows and a door (originally a window?) beneath an arched fanlight. All windows and doors have a segmental arch with natural stone springers.

To the south-west facade of the storage room a MACHINE HALL has been built across the full width, built of the same materials as the other buildings. The gabled roof, covered with grey pantiles, has taut wind braces and a moulded gutter. The south-east facade of the warehouse has pilasters and a climbing frieze; in the facade a pair of opening doors with door lights, beneath an arched three-part fanlight; double panelled doors with door lights and an arched three-part fanlight; in the gable a window with semicircular fanlight. In the south-west facade five arched three-light windows between brick pilasters with tooth-like frieze. All windows are provided with segmental arch with natural stone springers.

To the rear facade (north-west) of the machine hall an attached SWITCHHOUSE with flat roof and brick chimney, which on the south-west side has an attached transformer house. On the south-west side of the switchhouse an arched H-window and an arched four-light cellar window. In the north-west facade three arched H-windows, a renewed door with arched fanlight and an iron fire escape (not original), an arched cellar door with two-light door light and two arched cellar windows. In the north-east facade three arched H-windows; all windows and doors beneath a segmental arch with natural stone springers.

The TRANSFORMER HOUSE with flat roof has on the south-east side renewed double doors beneath an arched (later filled-in) fanlight with segmental arch and natural stone springers; on the south-west side three later filled-in doors (of which two are filled with brickwork).

In the INTERIOR matters of importance include: in the office the stucco ceiling with square rosette; the corridor with granito floor, tile dado with decorative tile border, finished with a moulded border, and the panelled doors. In the machine hall the iron double Polonceau roof trusses; the tile dado in cream and yellow, finished with a moulded border; the plastered pilasters with wooden base in which Art Nouveau motifs are carved; the wooden staircase with on both sides a decorative wooden newel and a wooden handrail with open-worked iron Art Nouveau railing. In the storage room the curved wooden roof trusses with wooden cross-bracing and iron tie rods.

Valuation

Electricity generating station consisting of various interconnected components of general importance on account of cultural-historical and architectural-historical value

- as an example of an electricity generating station from 1900/1901 built in a Transitional style with Chalet style elements

- as being the first example of an electricity generating station in the province of Groningen

- on account of the reasonable degree of integrity of the exterior

- on account of the typological rarity in the province

- on account of the striking situation on the Molenstreek beside the railway line

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map