TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

St. Bonifatius

's-Heerenberg, Gelderland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Klooster, kloosteronderdl
Function
Klooster
Category
onroerend gebouwd
Built
1908
Address
Emmerikseweg 17, 7041 AV 's-Heerenberg (Montferland 25) (and others)
Place
's-Heerenberg
Municipality
Montferland
Province
Gelderland
Country
Netherlands
Coordinates
51.87216, 6.24853
Part of complex
514888
Monument number
514889

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

2 historical maps cover this location, the earliest the 1899 map "Composite: 327. Cleve." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Omschrijving

Klooster van het type JEZUIETENKLOOSTER met H-vormig grondplan opgetrokken in roodbruine baksteen in kruisverband met rustica basement. De begane grond wordt afgesloten door een hardstenen waterlijst. Op de scheiding van de vensterassen lopen lisenen van kolossale orde over de bovenste twee bouwlagen, die overgaan in een rondboogfries onder een hardstenen daklijst. In de regelmatig verdeelde muuropeningen bevinden zich voornamelijk zesruits, achtruits vensters en negenruits rondboogvensters. De zesruits ramen bestaan uit twee tweeruits draairamen met een halfrond tweeruits valraam van elkaar gescheiden door een geprofileerd kalf. De achtruits ramen hebben in plaats van twee tweeruits draairamen, twee drieruits draairamen. De negenruits ramen bestaan uit een vast raam met verdeling (2x3) met een halfrond drieruits bovenlicht met onderverdeling in roeden. Op de belangrijke plaatsen bevinden zich glas-in-loodramen in de rondboog-, rozet- en roosvensters. De terug liggende vensteropeningen met getrapte dagkant en hardstenen onderdorpel worden aan de bovenzijde afgesloten door een rondboog. Bij de vensters op de begane grond wordt deze strek afgesloten met een liggende koppenlaag. De gevels eindigen in een mansardekap met dakvensters waarvan de leien dakbedekking deels vervangen is door bitumen en asfalt.

De symmetrisch opgezette VOORGEVEL (zuidgevel) is te verdelen in vijf ongelijke traveeën. De midden, uiterst linker- en rechtertravee eindigen in een topgevel met schouderstukken waartussen twee identieke traveeën, vijf vensterassen breed. Tegen de uiterste linker- en rechtertravee bevindt zich een aanbouw met absis. In de middentravee bevindt zich op de begane grond een uitbouw van een bouwlaag met plat dak.

Centraal in de uitbouw van de middentravee bevindt zich een rechthoekige, dubbele, houten deur met ijzerbeslag, een geprofileerd kalf, een halfrond bovenlicht met smeedijzeren sierwerk omsloten door een hardstenen bewerkte lijst. Aan weerszijden van de entree bevinden zich twee vensters, bestaande uit een tweeruits draairaam met halfrond bovenlicht afgesloten door een gekoppelde hardstenen onderdorpel. De assen zijn van elkaar gescheiden door lisenen aan de bovenzijde overgaand in een horizontaal rondboogfries. Boven het rondboogfries bevindt zich een uitspringende koppenlaag, een hardstenen waterlijst en een gesloten bakstenen borstwering waarop de naam 'Gouden Handen' is aangebracht in gele letters. In de linker- en rechtergevel van de uitbouw bevinden zich twee spaarvelden.

Op de eerste, tweede en derde verdieping is de travee begrensd door lisenen van kolossale orde die in de topgevel overgaan in een klimmend boogfries. Centraal op de eerste verdieping bevindt zich een negenruits rondboogvenster met aan weerszijden een zesruits rondboogvenster. Deze indeling herhaalt zich op de tweede en derde verdieping. In de geveltop bevinden zich twee tweeruits rondboogvensters met centraal een nis met het beeld van de heilige Bonifacius gevat in een hardstenen omlijsting.

De linkertravee bestaat uit vijf vensterassen met op elke verdieping vijf regelmatig verdeelde zesruits ramen. De travee eindigt in een mansardedak met vijf regelmatig verdeelde dakvensters. De linkertravee is identiek aan de rechtertravee.

De travee uiterst links bestaat uit een aanbouw geplaatst tegen een topgevel met hardstenen daklijst. De aanbouw met rechthoekig grondplan en een absis bestaande uit een kelder en drie bouwlagen wordt afgesloten door een schilddak. De topgevel eindigt in een klimmend boogfries waarboven een hardstenen daklijst met voluten aan de uiteinden. Centraal in de topgevel bevinden zich drie aaneengeschakelde rechthoekige vensters met hardstenen onder- en bovendorpels. Hieronder begint de nok van de aanbouw. Aan weerszijden van de nok bevindt zich een rechthoekig venster en een zesruits venster met halfrond bovenlicht afgeschuind door de helling van het dak. De absiszijde bestaat uit twee bouwlagen met op de begane grond drie glas-in-lood rosetvensters met smeedijzeren traliewerk. Op de eerste verdieping bevinden zich drie dichtgemetselde muuropeningen in de spaarvelden. In de rechterzijgevel bevinden zich op de begane grond vier regelmatig verdeelde zesruits vensters. Op de eerste verdieping bevinden zich vier regelmatig verdeelde gekoppelde glas-in-lood rondboogvensters. Onder de daklijst bevindt zich een bakstenen siermetselwerk bestaande uit een koppenrij, bloktandlijst en muizetandlijst. De rechterzijgevel van de aanbouw is identiek aan de linkerzijgevel van de aanbouw.

De travee uiterst rechts heeft een aanbouw van het type kruiskapel met vieringtoren, absis en zijkapellen. De transeptgevel eindigt in een topgevel met klimmend boogfries. In de geveltop bevindt zich een raampartij waaronder respectievelijk een roosvenster, een zuilengalerij en twee gekoppelde vensters. De gevel wordt aan weerszijden begrensd door steunberen. In de gevels van de zijkapel links van de absis bevindt zich op de begane grond een roosvenster met op de eerste verdieping een rondboogvenster, met steunberen op de hoeken. In de gevels van de rechthoekige rechterzijkapel bevinden zich rondboogvensters en rosetvensters.

De LINKERZIJGEVEL (noordgevel) bestaat uit vijftien vensterassen met in iedere as een kelderraampje in het rustica basement. Eén vensteras eindigt in een topgevel met aangekapt zadeldak. In deze as bevindt zich op iedere verdieping een samengesteld venster, bestaande uit een achtruits middenvenster, met drieruits zijvensters. De drie assen links en vijf assen rechts van deze as zijn identiek met regelmatig verdeelde achtruits ramen op iedere verdieping. Aansluitend volgen twee identieke assen met regelmatig verdeelde negenruits ramen. De rechthoekige samengesteld dakvensters in deze as wijken af. Deze bestaan uit een zesruits middenvenster aan weerszijden geflankeerd door een drieruits venster. Boven de dakvensters bevinden zich twee halfronde tweeruits dakvensters in de helling van de mansardekap. Uiterst rechts bevindt zich de zijgevel van de aanbouw.

De symmetrisch opgezette ACHTERGEVEL (oostgevel) is te verdelen in drie ongelijke traveeën met aan de buitenzijde twee zijarmen, haaks op de achtergevel. Centraal in de gevel eindigen drie vensterassen in een gebroken topgevel. In de vensterassen bevinden zich negen regelmatig verdeelde zesruits rondboogvensters met in de geveltop een ronde wijzerplaat met hardstenen omlijsting. Op de begane grond bevindt zich een uitbouw vergelijkbaar met de uitbouw in de voorgevel, zij het in een meer sobere vorm. Centraal in de gevel van de uitbouw met gesloten borstwering bevindt zich een centrale deur aan weerszijden geflankeerd door een zesruits venster. Links en rechts van de middenpartij bevinden zich vijf vensterassen met vijf regelmatig verdeelde negenruits ramen op de begane grond en tien zesruits ramen regelmatig verdeeld over de eerste en tweede verdieping. De uiterst linker vensteras verspringt ten opzichte van de andere assen en wordt afgesloten door vijf smalle gekoppelde drieruits ramen met een afwijkend dakvenster. De beide armen zijn identiek met uitzondering van het vierkante bouwvolume op de kop van de linkerarm. De rechterarm heeft op de kop een centrale vensteras met in de eerste drie bouwlagen een negenruits raam met een samengesteld twaalfruits dakraam. Deze as wordt an weerszijden geflankeerd door een blind spaarveld. De zeven vensterassen van linker- en rechterzijgevel van de rechterarm zijn identiek met uitzondering van de centrale vensteras. Aan de binnenplaatszijde bevindt zich in de middenas drie negenruits ramen boven elkaar.

De linkerarm is identiek met uitzondering van het vierkante bouwvolume opgebouwd uit drie bouwlagen met plat dak. De zijgevels van dit bouwvolume zonder lisenen en rondboogfries, bestaan uit drie vensterassen. In deze assen bevinden zich negen regelmatig verdeelde zesruits ramen. De kopgevel wijkt af op de begane grond en in de middenas waar in plaats van zesruits ramen negenruits ramen geplaats zijn. Eén zesruits rondboogvenster is bij wijze van experiment vervangen door een kunststof venster. Centraal op de tweede verdieping bevindt zich een balkon met smeedijzeren balustrade.

Het INTERIEUR is, ondanks de verbouwing omstreeks 1960, goed bewaard gebleven. Alle ramen (met uitzondering van één kunststof kozijn) zijn oorspronkelijk, evenals de deuren in het ex- en interieur. In de gang en trappartij met kleurrijke oorspronkelijke tegelvloer, bevinden zich zwart marmeren zuilen met entasis en gebeeldhouwde zandstenen kapitelen. De trap heeft een smeedijzeren leuning met houten railing. In de aanbouw met absis bevindt zich een originele balkenlaag met schildering. In het gebouw zijn verder nog aanwezig toiletruimten op de eerste verdieping en een theaterzaal op de zolderverdieping. In de kelder bevindt zich de voormalige bakkerij. In enkele zalen bevinden zich lambrizeringen en houten parketvloeren.

Waardering

JEZUIETENKLOOSTER van de architect KEUCHEN gebouwd in 1909.

- Van architectuurhistorisch belang als voorbeeld van een neoromaans klooster van de architect Keuchen met een redelijk gaaf bewaard ex- en interieur.

- Van stedenbouwkundige waarde als onderdeel van een complex gelegen aan de grens met Duitsland, bestaande uit het klooster, een kruisweg en een heilig hartbeeld.

- Van cultuurhistorische waarde als representatief voorbeeld van een Duitse kloosterorde, die het klooster als gevolg van het Kulturkampf plaatst buiten Duits grondgebied. Tijden de oorlogswinter heeft een belangrijke rol gespeeld als noodhospitaal van het Rode Kruis.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Description

Convent of the type JESUIT CONVENT with H-shaped ground plan constructed in reddish-brown brick in stretcher bond with rusticated basement. The ground floor is finished with a sandstone drip moulding. On the division of the window axes pilasters of colossal order run over the upper two storeys, which transition into a semicircular arch frieze under a sandstone cornice. In the regularly distributed wall openings are mainly six-pane, eight-pane windows and nine-pane semicircular arch windows. The six-pane frames consist of two two-pane casement windows with a semicircular two-pane sash window separated from each other by a moulded mullion. The eight-pane windows have, instead of two two-pane casement windows, two three-pane casement windows. The nine-pane windows consist of a fixed frame with division (2x3) with a semicircular three-pane fanlight with subdivision into glazing bars. At the important places are leaded glass windows in the semicircular arch, rose and wheel windows. The recessed window openings with stepped reveals and sandstone sills are closed at the top by a semicircular arch. For the windows on the ground floor this band is closed with a projecting course of headers. The gables end in a mansard roof with roof windows, the slate roof covering of which is partly replaced by bitumen and asphalt.

The symmetrically arranged FRONT FACADE (south facade) can be divided into five unequal bays. The centre, far left and far right bays end in a stepped gable with shoulders between which are two identical bays, five window axes wide. Against the far left and far right bays is an extension with apse. In the centre bay on the ground floor is an outbuilding of one storey with flat roof.

Centrally in the outbuilding of the centre bay is a rectangular, double, wooden door with iron fittings, a moulded mullion, a semicircular fanlight with wrought iron ornamental work enclosed by a sandstone moulded frame. On either side of the entrance are two windows, consisting of a two-pane casement window with semicircular fanlight closed by a coupled sandstone sill. The axes are separated from each other by pilasters at the top transitioning into a horizontal semicircular arch frieze. Above the semicircular arch frieze is a projecting course of headers, a sandstone drip moulding and a closed brick parapet on which the name 'Gouden Handen' is applied in yellow letters. In the left and right gables of the outbuilding are two spare fields.

On the first, second and third storeys the bay is bounded by pilasters of colossal order which transition in the stepped gable into a climbing arch frieze. Centrally on the first storey is a nine-pane semicircular arch window with on either side a six-pane semicircular arch window. This arrangement repeats itself on the second and third storeys. In the gable top are two two-pane semicircular arch windows with centrally a niche with the image of Saint Boniface set in a sandstone frame.

The left bay consists of five window axes with on each storey five regularly distributed six-pane windows. The bay ends in a mansard roof with five regularly distributed roof windows. The left bay is identical to the right bay.

The far left bay consists of an extension placed against a stepped gable with sandstone cornice. The extension with rectangular ground plan and an apse consisting of a basement and three storeys is finished by a hipped roof. The stepped gable ends in a climbing arch frieze above which a sandstone cornice with volutes at the ends. Centrally in the stepped gable are three connected rectangular windows with sandstone sills and lintels. Below this begins the ridge of the extension. On either side of the ridge is a rectangular window and a six-pane window with semicircular fanlight cut at an angle by the slope of the roof. The apse side consists of two storeys with on the ground floor three leaded glass rose windows with wrought iron grilles. On the first storey are three bricked-up wall openings in the spare fields. In the right side gable are on the ground floor four regularly distributed six-pane windows. On the first storey are four regularly distributed coupled leaded glass semicircular arch windows. Below the cornice is decorative brick work consisting of a course of headers, a dentil course and a brick-tooth course. The right side gable of the extension is identical to the left side gable of the extension.

The far right bay has an extension of the type transept chapel with crossing tower, apse and side chapels. The transept gable ends in a stepped gable with climbing arch frieze. In the gable top is a window arrangement below which respectively a wheel window, a columned gallery and two coupled windows. The gable is bounded on either side by buttresses. In the gables of the side chapel to the left of the apse is on the ground floor a wheel window with on the first storey a semicircular arch window, with buttresses on the corners. In the gables of the rectangular right side chapel are semicircular arch windows and rose windows.

The LEFT SIDE GABLE (north gable) consists of fifteen window axes with in each axis a basement window in the rusticated basement. One window axis ends in a stepped gable with attached gabled roof. In this axis is on each storey a composite window, consisting of an eight-pane middle window, with three-pane side windows. The three axes to the left and five axes to the right of this axis are identical with regularly distributed eight-pane windows on each storey. Adjacent follow two identical axes with regularly distributed nine-pane windows. The rectangular composite roof windows in this axis are different. These consist of a six-pane middle window on either side flanked by a three-pane window. Above the roof windows are two semicircular two-pane roof windows in the slope of the mansard roof. At the far right is the side gable of the extension.

The symmetrically arranged REAR FACADE (east facade) can be divided into three unequal bays with on the exterior two side arms, perpendicular to the rear facade. Centrally in the gable three window axes end in a broken stepped gable. In the window axes are nine regularly distributed six-pane semicircular arch windows with in the gable top a round clock face with sandstone frame. On the ground floor is an outbuilding comparable to the outbuilding in the front facade, albeit in a more sober form. Centrally in the gable of the outbuilding with closed parapet is a central door on either side flanked by a six-pane window. To the left and right of the centre section are five window axes with five regularly distributed nine-pane windows on the ground floor and ten six-pane windows regularly distributed over the first and second storeys. The far left window axis offsets relative to the other axes and is closed by five narrow coupled three-pane windows with a different roof window. Both arms are identical with the exception of the square building volume on the end of the left arm. The right arm has on the end a central window axis with in the first three storeys a nine-pane window with a composite twelve-pane roof window. This axis is on either side flanked by a blind spare field. The seven window axes of left and right side gables of the right arm are identical with the exception of the central window axis. On the courtyard side is in the centre axis three nine-pane windows stacked vertically.

The left arm is identical with the exception of the square building volume constructed from three storeys with flat roof. The side gables of this building volume without pilasters and semicircular arch frieze, consist of three window axes. In these axes are nine regularly distributed six-pane windows. The end gable differs on the ground floor and in the centre axis where instead of six-pane windows nine-pane windows are placed. One six-pane semicircular arch window has been replaced by way of experiment with a plastic window. Centrally on the second storey is a balcony with wrought iron balustrade.

The INTERIOR has, despite the renovation around 1960, been well preserved. All windows (with the exception of one plastic frame) are original, as are the doors in the exterior and interior. In the corridor and stairwell with colourful original tile floor, are black marble columns with entasis and carved sandstone capitals. The staircase has a wrought iron railing with wooden rail. In the extension with apse is an original beam structure with painting. In the building are further present toilet rooms on the first storey and a theatre hall on the attic storey. In the basement is the former bakery. In some rooms are wooden wall panelling and wooden parquet floors.

Valuation

JESUIT CONVENT designed by the architect KEUCHEN built in 1909.

- Of architectural historical importance as an example of a Neo-Romanesque convent by architect Keuchen with a reasonably well-preserved exterior and interior.

- Of urban design value as part of a complex located on the border with Germany, consisting of the convent, a Way of the Cross and a Sacred Heart statue.

- Of cultural-historical value as a representative example of a German monastic order, which placed the convent outside German territory as a result of the Kulturkampf. During the war winter it played an important role as an emergency hospital of the Red Cross.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map