TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Dennenhoek

Bloemendaal, Noord-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1899
Address
Parkweg 1, 2061 BM Bloemendaal
Place
Bloemendaal
Province
Noord-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.40178, 4.60702
Monument number
511152

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1867 map "No. VI. Deutschland, Niederlande, Belgien, Schweiz. (Germany, Netherlands, Belgium, Switzerland)." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

VILLA "Dennenhoek", in l899 in een combinatie van chaletstijl en Engelse landhuisstijl gebouwd in opdracht van J.H.A.A. Kalff naar ontwerp van architect Karel Muller in het villapark Duin en Daal. De villa kan beschouwd worden als het oudste bewaard gebleven pand in Duin en Daal. (De eerste villa in dit park, in 1896 ontworpen door J.W. Hanrath, is in 1969 gesloopt.)Het pand is beeldbepalend gesitueerd op een geaccidenteerd terrein op de hoek van de Parkweg en de Midden Duin en Daalseweg, omgeven door een grote tuin. N.B. Het bijbehorende koetshuis aan de oostzijde is bewaard gebleven, maar wordt niet afzonderlijk beschermd omdat de detaillering in de loop der jaren diverse malen is gewijzigd. In 1958 is de villa gesplitst in twee woningen door architect J.A. van Asdonk, evenwel op zo een zorgvuldige wijze dat de monumentale waarde van het pand niet is geschaad. De vanaf 1963 toegevoegde onderdelen vallen buiten de bescherming.

Omschrijving

Villa Dennenhoek is opgetrokken uit ongepleisterde paarsrode baksteen in staand verband met speklagen en cordonlijsten in natuursteen, onder meer ter afsluiting van de licht naar vorenspringende plint.

Het pand is gebouwd op onregelmatige plattegrond, waarin naar Engels voorbeeld alle vertrekken - elk met een andere functie - zijn gegroepeerd rondom een grote, centraal gelegen hal. De vertrekken zijn daarbij afhankelijk van de functie wel of niet op de zon georiënteerd.

De villa bestaat uit twee bouwlagen onder een samenstelsel van in elkaar geschoven schild- en zadeldaken, bedekt met zwarte kruispannen.

De verschillende, in elkaar geschoven bouwvolumen zijn voorzien van diverse deur- en vensteropeningen, geplaatst in een onregelmatig patroon. Voor het merendeel betreft het kruisvormige kozijnen en dubbele, openslaande deuren met vier-, zes- en negenruitsbovenlicht, waarvan een aantal tevens is voorzien van luiken.

Alle gevels worden gekenmerkt door een gedeelte ter rechterzijde afgedekt door een zadeldak - aan de noordzijde met wolfseind - voorzien van windveren, vakwerk in de geveltop en aan de oostzijde tevens van een makelaar.

De west- en zuidgevel hebben links van dit gedeelte een veranda op de begane grond (in de westgevel later dichtgezet) en daarboven op de verdieping een balkon, overdekt door de kap die geknikt ver naar beneden is doorgetrokken en rust op houten schoren.

Veranda en balkon aan de zuidzijde hebben daarbij een meer open karakter gekregen. Op beide openen twee openslaande, dubbele deuren. Rechts hiervan, in het gedeelte onder zadeldak, bevinden zich zowel op de begane grond, als op de verdieping een kruiskozijn - waarvan de bovenste nog de oorspronkelijke luiken bezit - en twee kleine ramen te midden van het vakwerk in de geveltop. Dit bouwvolume heeft in de oostgevel twee schuiframen boven elkaar, waarvan het onderste in l960 door een deur vervangen is, toen bij dat gedeelte van het huis een terras werd aangelegd. Rechts van bovengenoemd bouwvolume springt de zuidgevel terug en heeft op de begane grond een segmentvormig afgesloten raam en op de verdieping een houten balkon, rustend op houten schoren en overdekt door de doorgetrokken kap. Onder de daklijst is verticaal beschot aangebracht, door middel van twee schoren verbonden met de balustrade van het balkon. Op dit balkon openen twee deuren.

De oostzijde bevat drie verspringende bouwvolumen, respectievelijk van de oorspronkelijke salon, hal en dienstvleugel.

Het middendeel bevat tevens de oorspronkelijke hoofdingang (sinds de splitsing in 1958 de ingang van Parkweg 1). Deze ingang bestaat uit een vierkant uitgebouwd portaal met een moderne deur aan de oostzijde en een modern raam in de zuidgevel. Voor de voordeur bevindt zich een stoep met originele tegels en rechts van de deur is een bank aangebracht. Het portaal wordt afgedekt door een tentdak, bedekt met zwarte kruispannen, dat aan de oostzijde als luifel boven de ingang is doorgetrokken, rustend op twee houten kolommen op neuten. De zuidgevel van het portaal is voorzien van houten beschot dat aan de bovenzijde wordt afgesloten door een windveer; de luifel aan de oostzijde eindigt in een goot waaronder het beschot van de zuidzijde als een smalle houten lijst is voortgezet.

Links van en recht boven het ingangportaal bevindt zich een kruisvormig venster. Onder het linker venster is een gevelsteen aangebracht met daarop de tekst: "eerste steen gelegd door Romelia Kalff 30 mei 1899".

Het rechter naar voren springende deel heeft op de begane grond twee gelijkvormige vensters en op de verdieping één; en te midden van het vakwerk in de geveltop twee zesruitsramen. Tevens heeft dit bouwvolume aan de zuidzijde nog een venster op de verdieping.

Tegen de noordgevel bevindt zich links een naar voren springend gedeelte van één bouwlaag onder zadeldak, waarin oorspronkelijk de bijkeuken was ondergebracht. De noordgevel van zowel de uitbouw als van het middengedeelte van het hoofdhuis is voorzien van diverse onregelmatig geplaatste vensters, onder meer een grote raampartij met glas-in-lood ter verlichting van het daarachter gelegen trappenhuis.

Het rechter licht naar voren springende deel van de noordgevel heeft twee ramen op de begane grond en rechts daarvan een deur, aangebracht tijdens de woningsplitsing in l958 ter vervanging van een veranda-raam; vervolgens één raam op de verdieping en twee in de geveltop. Het wolfseinde recht hierboven wordt bekroond door een piron.

De westgevel aan de zijde van de Midden Duin en Daalseweg had oorspronkelijk linksonder een veranda met twee boogopeningen, in het midden samenkomend op een natuurstenen kolom. Tijdens de woningsplitsing zijn de boogopeningen dichtgemaakt en is de ruimte tot keuken ingericht. Boven de veranda bevindt zich een houten balkon, waarop zowel aan de west- als aan de noordzijde een deur opent. Het dakschild is boven dit balkon geknikt doorgetrokken. Onder de daklijst bevindt zich verticaal houten latwerk dat door middel van drie houten schoren met de balustrade van het balkon verbonden is.

Het rechter deel van de westgevel heeft op de begane grond een deur met luifel, die de hoofdingang vormt van Midden Duin en Daalseweg 33. Deze deur is bij de woningsplitsing aangebracht ter vervanging van het venster van het boudoir. Rechts van de deur bevinden zich een erker en een segmentvormig afgesloten raam; op de verdieping twee vensters met luiken en twee negenruitsramen in de geveltop.

In de dakvlakken aan de zuid-, west- en oostzijde is een dakkapel aangebracht onder zadeldak met windveren en makelaar. De dakvlakken worden op verschillende plaatsen door hoog opgaande schoorstenen doorsneden. Op de oostelijke hoek van het schilddak, recht boven de hal, bevindt zich een klokkentoren.

Waardering

Villa Dennenhoek uit 1899 is van algemeen belang wegens architectuur- en cultuurhistorische waarde en typologische waarde als representatief voorbeeld van een villa in Engelse landhuisstijl met elementen van de chaletstijl; vanwege de gaaf bewaard gebleven hoofdvorm, detaillering en het toegepaste materiaal; en als element uit het oeuvre van architect Karel Muller.

De villa is de oudste bewaard geblevene en heeft ensemblewaarde als beeldbepalend onderdeel in één van de oudste villaparken van Noord-Holland, Duin en Daal, een villapark waarvan tevens structuur en aanleg grotendeels gaaf bewaard gebleven zijn.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

VILLA "Dennenhoek", built in 1899 in a combination of chalet style and English country house style commissioned by J.H.A.A. Kalff after a design by architect Karel Muller in the villa park Duin en Daal. The villa can be considered the oldest preserved building in Duin en Daal. (The first villa in this park, designed in 1896 by J.W. Hanrath, was demolished in 1969.) The building is situated prominently on undulating terrain at the corner of Parkweg and Midden Duin en Daalseweg, surrounded by a large garden. N.B. The associated coach house on the east side has been preserved, but is not separately protected because the detailing has been modified several times over the years. In 1958 the villa was divided into two dwellings by architect J.A. van Asdonk, carried out in such a careful manner that the monumental value of the building was not compromised. Components added from 1963 onwards fall outside the protection.

Description

Villa Dennenhoek is built of unplastered purplish-red brick in running bond with stone bands and cornices, among other things to finish the slightly projecting plinth.

The building is constructed on an irregular plan, in which following English tradition all rooms - each with a different function - are grouped around a large, centrally located hall. The rooms are oriented towards the sun depending on their function.

The villa consists of two storeys under a system of interlocking hipped and gabled roofs, covered with black pantiles.

The various interlocking building volumes are provided with various door and window openings, arranged in an irregular pattern. For the most part these are cross windows and double, hinged doors with four-, six- and nine-pane fanlights, some of which are also provided with shutters.

All facades are characterized by a section on the right side covered by a gabled roof - on the north side with half-hipped roof - provided with wind braces, half-timbering in the gable top and on the east side also with a decorative corbel.

The west and south facades have on the left of this section a veranda on the ground floor (later enclosed in the west facade) and above it on the upper floor a balcony, covered by the roof which is bent sharply downwards and rests on wooden corbels.

The veranda and balcony on the south side are more open in character. Two hinged, double doors open onto both. To the right of this, in the section under the gabled roof, are a cross window on both the ground floor and the upper floor - the upper one still has the original shutters - and two small windows amid the half-timbering in the gable top. This building volume has two sash windows one above the other in the east facade, the lower one of which was replaced by a door in 1960 when a terrace was laid out at that part of the house. To the right of the aforementioned building volume the south facade steps back and has a segmental window on the ground floor and a wooden balcony on the upper floor, resting on wooden corbels and covered by the extended roof. Below the roof line vertical boarding has been installed, connected by means of two corbels to the balustrade of the balcony. Two doors open onto this balcony.

The east side contains three staggered building volumes, respectively from the original drawing room, hall and service wing.

The central section also contains the original main entrance (since the division in 1958 the entrance of Parkweg 1). This entrance consists of a square projecting porch with a modern door on the east side and a modern window in the south facade. In front of the front door is a step with original tiles and to the right of the door a bench has been placed. The porch is covered by a tent roof, covered with black pantiles, which is extended on the east side as a canopy over the entrance, resting on two wooden columns on brackets. The south facade of the porch is provided with wooden boarding which is finished at the top by a wind brace; the canopy on the east side ends in a gutter beneath which the boarding of the south side is continued as a narrow wooden moulding.

To the left of and directly above the entrance porch is a cross-shaped window. Below the left window a foundation stone has been installed with the text: "first stone laid by Romelia Kalff 30 May 1899".

The right projecting section has two similar windows on the ground floor and one on the upper floor; and amid the half-timbering in the gable top two six-pane windows. This building volume also has another window on the upper floor on the south side.

Against the north facade on the left is a projecting section of one storey under a gabled roof, which originally housed the scullery. The north facade of both the extension and the central section of the main house is provided with various irregularly placed windows, including a large window section with leaded glass to light the stairwell behind it.

The right slightly projecting section of the north facade has two windows on the ground floor and to the right of them a door, installed during the housing division in 1958 to replace a veranda window; then one window on the upper floor and two in the gable top. The half-hipped roof directly above it is crowned by a finial.

The west facade on the side of Midden Duin en Daalseweg originally had a veranda on the lower left with two arched openings, meeting in the middle on a natural stone column. During the housing division the arched openings were closed and the space converted into a kitchen. Above the veranda is a wooden balcony, onto which a door opens on both the west and north sides. The roof panel is bent downwards above this balcony. Below the roof line vertical wooden lattice work is installed, connected by means of three wooden corbels to the balcony balustrade.

The right section of the west facade has a door with a canopy on the ground floor, which forms the main entrance of Midden Duin en Daalseweg 33. This door was installed during the housing division to replace the boudoir window. To the right of the door is an oriel window and a segmental window; on the upper floor two windows with shutters and two nine-pane windows in the gable top.

In the roof slopes on the south, west and east sides a dormer window has been installed under a gabled roof with wind braces and a decorative corbel. The roof slopes are crossed by tall chimneys at various places. On the eastern corner of the hipped roof, directly above the hall, is a small bell tower.

Valuation

Villa Dennenhoek from 1899 is of general importance for its architectural and cultural-historical value and typological value as a representative example of a villa in English country house style with elements of chalet style; because of its well-preserved main form, detailing and the materials used; and as an element in the oeuvre of architect Karel Muller.

The villa is the oldest preserved building and has ensemble value as a visually dominant component in one of the oldest villa parks in North Holland, Duin en Daal, a villa park whose structure and layout have largely been well preserved.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map