TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Woonhuis, Grotestraat 3

Bedum, Groningen, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Woonhuis
Category
onroerend gebouwd
Built
1894
Address
Grotestraat 3, 9781 HA Bedum (Het Hogeland 20)
Place
Bedum
Municipality
Het Hogeland
Province
Groningen
Country
Netherlands
Coordinates
53.30098, 6.60156
Monument number
510688

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1904 map "Bl. 4 Groningen, 1904" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

RENTENIERSWONING met aangebouwd ACHTERHUIS en SCHUUR in 1894 gebouwd in opdracht van landbouwer K. Haverkamp. Het pand is opgetrokken in een Eclectische stijl met Neo-Renaissance elementen. De woning die ook als burgemeesterswoning in gebruik is geweest kreeg in die tijd (1955) een nieuwe stoep met bordes voor de hoofdentree. Het rijk gedecoreerde pand is fraai gelegen op de hoek van de Grotestraat vlakbij het gemeentehuis en schuin tegenover hotel "het Gemeentehuis".

Omschrijving

De rentenierswoning met achterhuis en schuur zijn opgetrokken in een roodbruine baksteen op een plint van natuursteen. De RENTENIERSWONING en het ACHTERHUIS hebben een afgeknot schilddak, gedekt met een zwart geglazuurde Lucas IJsbrandspan en twee schoorstenen. In de kroonlijst siervlakjes met metselmozaïek tussen twee houten consoles. De noord- en westgevel zijn gedecoreerd met sierankers en natuurstenen gevelbanden met rustica op de hoeken. In de dakvlakken van beide gevels zes kleine houten dakkapellen met hoekpilasters en driehoekig fronton. De daklijst bovenaan het dak heeft een tandlijst en saterkopjes op de hoeken.

De vensters in de noord- en westgevel hebben een bovenlicht onder een segmentboog met sluit- en aanzetstenen van natuursteen en een boogtrommel met metselmozaïek van gele en rode steen. Onder de vensters rechthoekige natuurstenen vlakken gedecoreerd met Neo-Renaissance motieven.

De hoofdentree bevindt zich in het middenrisaliet van de voorgevel (noord) en bestaat uit een dubbele paneeldeur met twee glasruiten met smeedwerk ervoor, en een bovenlicht met gietijzeren levensboom onder een identieke segmentboog als bij de vensters; sluitsteen in de vorm van een mannenkopje. De deur wordt geflankeerd door twee gemetselde pilasters met elk een houten console met leeuwekop, die een balkon ondersteunen. De voet van de pilasters wordt gemarkeerd door een natuurstenen vlak met Neo-Renaissance motief. Een bakstenen stoep (1955) met aan weerszijden vier hardstenen treden en bovenop een hardstenen bordes, verleent de toegang. Een ijzeren hekwerk met decoratieve spijlen sluit het geheel af. Het balkon met houten balustrade met kolonetten en hoekpijlers met vazen erop verlevendigt de gemetselde dakkapel boven het risaliet. Het fronton van de dakkapel heeft in het tympaan het bouwjaar (1894) en bovenop drie tempeltjes, waarvan het middelste een smeedijzeren ornament met windwijzer draagt. De dakkapel heeft een kroonlijst op klossen met een fries van siermozaïek en twee gekoppelde rondboogvensters onder twee segmentbogen.

Tussen de beide vensters in de westgevel van de woning bevindt zich ter hoogte van de tussendorpels een blind venster gevuld met siermozaïek onder een rondboog met sluit- en aanzetstenen en een trommel met metselmozaïek. De westgevel van het achterhuis heeft een samengesteld venster met een dubbel keldervenster eronder omsloten door een ijzeren hekje. In het zijrisaliet van de westgevel is de deur vervangen door een venster. De oostgevel heeft slechts één venster (niet origineel) van glas-in-lood onder een rollaag.

De zuidgevel wordt voor een groot deel in beslag genomen door een houten veranda met plat dak dat aan de open zijde wordt ondersteund door vier houten pilaren met decoratieve korbelen op een gemetseld muurtje. Een gietijzeren stoep met twee treden verleent de toegang tot de met decoratieve cementtegels belegde verandavloer. Op de veranda komen uit: een dubbele paneeldeur met ijzeren deurpanelen en twee openslaande vensters, alledrie met bovenlicht met geschilderd glas-in-lood onder een hanekam. In het dakvalk boven de veranda bevindt zich een gemetselde dakkapel met driehoekig fronton, kroonlijst en dubbele openslaande vensters met bovenlicht. Voor de dakkapel een houten balkon (niet origineel).

Aan de zuidwestzijde van het pand is een SCHUUR aangebouwd in rood-bruine baksteen onder een afgeknot schilddak met kroonlijst en gedekt met een zwarte Lucas IJsbrandspan. De noordzijde van de schuur heeft een tuitgevel met sierankers en natuurstenen gevelband, bekroond door een natuurstenen fronton. In de tuitgevel een vensterpartij bestaande uit twee vensters onder één segmentboog met sluit- en aanzetstenen van natuursteen en een trommel met metselmozaïek, die worden omlijst door natuur- en baksteendecoraties. In de top van de gevel een rond venster. De zuidgevel heeft een paneeldeur met tweeruits bovenlicht en een dubbel zesruits venster, alle onder een strek. In het dakvlak bevindt zich een gemetselde dakkapel met driehoekig fronton met hijsbalk en openslaande paneeldeuren. De schuur is aan deze zijde uitgebreid met een gedeelte onder een plat dak, met daarin een deur met bovenlicht, een zesruits venster, een klein vensters en een roosvenster.

In het INTERIEUR zijn onder meer van belang: de hal met paneeldeuren met Neo-Renaissance decoraties en gebroken driehoekig fronton, afgewisseld door blinde vlakken met gebroken gebogen fronton, de marmeren vloer en drempels, het gestucte plafond en de houten trap met trapleuning met fraai houtsnijwerk; de salon en woonkamer met rijk met stuc en goudverf gedecoreerde plafonds, de met Neo-Renaissance motieven uitgeruste suitedeuren met origineel hang- en sluitwerk en de marmeren schouw met een met bloemmotieven beschilderde schacht met gebroken fronton; in de tuinkamer het plafond met fruitdecoraties.

Waardering

Rentenierswoning van algemeen cultuur- en architectuurhistorisch belang

- als voorbeeld van een rijk gedecoreerde rentenierswoning uit het eind van de 19de eeuw

- vanwege de opvallende eclectische vormgeving, rijk aan Neo-Renaissance motieven

- vanwege het fraaie interieur, eveneens deels uitgevoerd met Neo-Renaissance motieven

- vanwege het bijzondere materiaalgebruik

- vanwege de hoge mate van gaafheid van het exterieur en delen van het interieur - vanwege de beeldbepalende ligging op een hoek, midden in het dorp vlakbij het gemeentehuis

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

RENTIER'S DWELLING with attached REAR HOUSE and BARN built in 1894 commissioned by farmer K. Haverkamp. The building is constructed in an Eclectic style with Neo-Renaissance elements. The dwelling, which also served as the mayor's residence during that period (1955), received a new stoep with portico for the main entrance at that time. The richly decorated building is beautifully situated at the corner of the Grotestraat close to the town hall and diagonally opposite the hotel "het Gemeentehuis".

Description

The rentier's dwelling with rear house and barn are constructed in reddish-brown brick on a plinth of natural stone. The RENTIER'S DWELLING and the REAR HOUSE have a truncated hipped roof, covered with black glazed Lucas IJsbrandspan tiles and two chimneys. In the cornice ornamental panels with mortar mosaic between two wooden consoles. The north and west facades are decorated with ornamental wall anchors and natural stone facade bands with rustication on the corners. In the roof planes of both facades six small wooden roof dormers with corner pilasters and triangular pediments. The roof cornice at the top of the roof has a dentil moulding and satyr heads on the corners.

The windows in the north and west facades have fanlights beneath a segmental arch with voussoirs and voussoirs of natural stone and an arch drum with mortar mosaic of yellow and red brick. Beneath the windows rectangular natural stone panels decorated with Neo-Renaissance motifs.

The main entrance is located in the central projection of the front facade (north) and consists of a double panelled door with two glass panes with wrought ironwork in front, and a fanlight with cast-iron tree of life beneath an identical segmental arch as the windows; keystone in the form of a male head. The door is flanked by two brick pilasters each with a wooden console with lion's head, which support a balcony. The base of the pilasters is marked by a natural stone panel with Neo-Renaissance motif. A brick stoep (1955) with four hardstone steps on either side and a hardstone portico on top, provides access. An iron railing with decorative spikes closes off the whole. The balcony with wooden balustrade with colonettes and corner pillars with vases on top enlivens the brick roof dormer above the projection. The pediment of the roof dormer has in the tympanum the construction year (1894) and on top three small temples, the central one bearing a wrought-iron ornament with weather vane. The roof dormer has a cornice on modillions with a frieze of ornamental mosaic and two coupled round-arched windows beneath two segmental arches.

Between the two windows in the west facade of the dwelling is located at the level of the intermediate mullions a blind window filled with ornamental mosaic beneath a round arch with voussoirs and voussoirs and an arch drum with mortar mosaic. The west facade of the rear house has a composite window with a double basement window beneath it enclosed by an iron railing. In the side projection of the west facade the door has been replaced by a window. The east facade has only one window (not original) of leaded glass beneath a relieving arch.

The south facade is largely occupied by a wooden veranda with flat roof supported on the open side by four wooden pillars with decorative corbels on a brick wall. A cast-iron stoep with two steps provides access to the veranda floor laid with decorative cement tiles. From the veranda exit: a double panelled door with iron door panels and two casement windows, all three with fanlights with painted leaded glass beneath a cockscomb moulding. In the roof plane above the veranda is a brick roof dormer with triangular pediment, cornice and double casement windows with fanlight. Before the roof dormer a wooden balcony (not original).

On the south-west side of the building a BARN is attached in reddish-brown brick beneath a truncated hipped roof with cornice and covered with black Lucas IJsbrandspan tiles. The north side of the barn has a spout gable with ornamental wall anchors and natural stone facade band, crowned by a natural stone pediment. In the spout gable a window group consisting of two windows beneath one segmental arch with voussoirs and voussoirs of natural stone and an arch drum with mortar mosaic, which are framed by natural stone and brick decorations. At the top of the facade a round window. The south facade has a panelled door with two-pane fanlight and a double six-pane window, all beneath a straight lintel. In the roof plane is a brick roof dormer with triangular pediment with hoist beam and casement panelled doors. The barn is extended on this side with a section beneath a flat roof, containing a door with fanlight, a six-pane window, a small window and a ventilation window.

In the INTERIOR are notably: the hall with panelled doors with Neo-Renaissance decorations and broken triangular pediment, alternated by blind panels with broken curved pediment, the marble floor and thresholds, the stuccoed ceiling and the wooden staircase with staircase railing with fine wood carving; the salon and living room with ceilings richly decorated with stucco and gold paint, the suite doors equipped with Neo-Renaissance motifs with original hinges and latches and the marble fireplace with a shaft decorated with floral motifs with broken pediment; in the garden room the ceiling with fruit decorations.

Valuation

Rentier's dwelling of general cultural and architectural-historical importance

- as an example of a richly decorated rentier's dwelling from the end of the 19th century

- because of the striking eclectic design, rich in Neo-Renaissance motifs

- because of the fine interior, likewise partly executed with Neo-Renaissance motifs

- because of the special use of materials

- because of the high degree of integrity of the exterior and parts of the interior - because of the striking corner location, in the middle of the village near the town hall

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map