Rijksmonumentenregister · Netherlands
Pastorie(F), Warfhuisterweg 4
Wehe-den Hoorn, Groningen, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kerkelijke dienstwoning
- Function
- Pastorie(F)
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1926
- Address
- Warfhuisterweg 4, 9964 AX Wehe-den Hoorn (Het Hogeland 20)
- Place
- Wehe-den Hoorn
- Municipality
- Het Hogeland
- Province
- Groningen
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 53.35785, 6.42694
- Part of complex
- 509430
- Monument number
- 509432
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
University Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
2 historical maps cover this location, the earliest the 1914 map "Bevordering van den aanleg van een locaalspoorweg van Winsum naar Zoutkamp en machtiging tot het aangaan van een overeenkomst betreffende de exploitatie van den locaalspoorweg Sauwerd-Roodeschool en den aanleg en de exploitatie van de locaalspoorwegen Winsum-Zoutkamp en Roodeschool-Delfzijl/Appingedam" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
Inleiding
PASTORIE behorende bij Rooms-Katholieke Sint Bonifatiuskerk in Wehe-den Hoorn die getuige inscriptie in vensters van trappenhuis in 1926 gebouwd is naar een ontwerp van architect Jos. Th. J. Cuypers uit Roermond die ook de kerk ontwierp. Jos.Th.J. Cuypers werd vermoedelijk geassisteerd door zijn broer P. Cuypers jr. De stijl vertoont kenmerken van de regionale Amsterdamse School-stijl. De pastorie staat ten zuiden van de kerk en wordt er door middel van een gebogen gang mee verbonden.
Omschrijving
Twee bouwlagen hoge PASTORIE op rechthoekige plattegrond met aanbouw en verbindingsgang opgetrokken in een gesinterde rode baksteen in kruisverband; trasraam van donker gesinterde baksteen; onder rechthoekige goot drie gevelbanden van donker gesinterde steen. Vensters zijn overwegend verticaal en samengesteld en worden beëindigd door een rollaag. Pand wordt gedekt door een licht naar binnen geknikt schilddak van geglazuurde blauwe verbeterde Hollandse pannen met brede overstek; op beide hoeknokken een piron; op zuidoost- en noordwesthoek een gemetselde schoorsteen; in westelijk, noordelijk en zuidelijk dakschild een rechthoekige dakkapel.
Entree bevindt zich in westelijke gevel (voorzijde). In portiek beëindigd door een afgeplatte keperboog een houten voordeur met houtsnijwerk en klein venster; bovenlicht en zijlichten met roedenverdeling en gekleurd glas-in-lood; vloer van portiek van rode en donkerbruinrode tegels; bakstenen stoep van drie treden, waarvan onderste is verlengd; aan weerszijden van stoep lage bakstenen muur met afgeronde hoeken. Ten zuiden van entree een rechthoekige erker met vermoedelijk nieuwe kozijnen; ten noorden van entree een driedelig en een tweedelig venster. Onder beide vensters een keldervenster dat door glasplaat wordt afgedekt. Op eerste verdieping een driedelig en drie tweedelige zesruits vensters. Zuidgevel heeft op westelijke hoek in beide bouwlagen een tweedelig venster, waarvan die eerste verdieping roedenverdeling heeft; op oostelijke hoek in beide bouwlagen twee tweedelige vensters, waarvan die op eerste verdieping roedenverdeling hebben. Op eerste verdieping tussen vensterpartijen een klein horizontaal drieruits venster. Aan achterzijde, oostgevel, een grote serre geheel opgemetseld van baksteen en met plat dak; onder rechthoekige goot twee gevelbanden van donker gesinterde steen; in noord- en zuidgevel een groot horizontaal venster met roedenverdeling en in bovenlichten gekleurd glas-in-lood; in oostgevel dubbele deuren met glas, kleine bovenlichten en grote zijvensters met gekleurd glas-in-lood in bovenlichten; voor dubbele serredeur drie treden hoge bakstenen stoep met aan weerszijden lage bakstenen muur met afgeronde hoeken. Naar dak van serre aan zuidzijde een houten trap. Ten noorden van serre een vierdelig venster met roedenverdeling in bovenlichten. Boven serre een balkondeur met glas met aan weerszijden zesruits venster; ten noorden van balkondeur een tweedelig zesruits venster. In midden van noordgevel een lage aanbouw. Op beide hoeken op de begane grond een klein verticaal venster. Op de eerste verdieping in het midden boven elkaar twee vensters met gekleurd glas-in-lood ter hoogte van het trappenhuis; ten oosten hiervan een tweedelig zesruits venster.
Aan noordgevel van pastorie een bouwlaag hoge aanbouw met zadeldak met ten oosten daarvan de verbindingsgang tussen pastorie en kerk. Aanbouw heeft aan voorzijde, westgevel, twee kleine verticale vensters. Aan noordzijde een horizontaal driedelig venster en in topgevel een klein verticaal venster met daarboven siermetselwerk. Verbindingsgang is een bouwlaag hoog, geheel opgemetseld van gesinterde rode baksteen met trasraam van donker gesinterde steen en wordt gedekt door plat dak met rechthoekige goot. Gang maakt vanaf pastorie halverwege een knik in noordoostelijke richting. Aan voorzijde, westzijde is gevel ter hoogte van deze knik verdikt; aan weerszijden van verdikking twee horizontale vierruits vensters; nabij aanbouw van pastorie een opgeklampte deur met drie treden hoge bakstenen stoep die aan noordzijde een lage bakstenen muur met afgeronde hoek heeft. Aan achterkant, oostgevel, van verbindingsgang zit ter hoogte van knik een zelfde deur; ten noorden ervan twee horizontale vierruits vensters. Ten zuiden van deur is gang verbreed. Halverwege verbreding bevindt zich aan buitenmuur een gemetselde schoorsteen met aan weerszijden twee horizontale vierruits vensters. Tussen schoorsteen en pastorie een dubbele deur met glas en een lage stoep; ten zuiden ervan twee kleine vierruits vensters.
Het INTERIEUR van pastorie is wat de indeling betreft nog geheel in oorspronkelijke staat. In het interieur zijn onder meer van belang: in de hal de tegelvloer, gepleisterde wanden met lambrizering van geglazuurde bruine vierkante tegels en originele deuren met strakke omlijsting; naar tochtportaal dubbele deuren met gedecoreerd glas. Houten tweedelige bordestrap naar eerste verdieping; trappaal en hekwerk gedecoreerd met houtsnijwerk in de stijl van de Art Deco; in trappenhuis twee vensters met gekleurd glas-in-lood met opschrift "AD 1926". In een van de kamers een originele vaste buffetkast in Art Deco-stijl; een geheel betegelde bruin-zwarte schoorsteenmantel in de stijl van de Art Deco. Verbindingsgang heeft betegelde vloer en gepleisterde wanden met lambrizering; in gepleisterd plafond originele kleine lampen in de stijl van de Art Deco.
Waardering
Pastorie bij RK-kerk met aanbouw en verbindingsgang van algemeen cultuur- en architectuurhistorisch belang:
- als voorbeeld van een pastorie uit 1926 in de provincie Groningen
- als goede representant van het oeuvre van architect Jos. Th. J. Cuypers
- vanwege de hoge mate van gaafheid van het exterieur en delen van het interieur
- vanwege de functionele en ruimtelijke-visuele relatie met de andere onderdelen van het complex
- vanwege de beeldbepalende ligging naast de kerk
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
Introduction
PARSONAGE belonging to the Roman Catholic Sint Bonifatiuskerk in Wehe-den Hoorn which according to an inscription in the windows of the stairwell was built in 1926 to a design by architect Jos. Th. J. Cuypers from Roermond who also designed the church. Jos.Th.J. Cuypers was presumably assisted by his brother P. Cuypers jr. The style shows characteristics of the regional Amsterdam School style. The parsonage stands to the south of the church and is connected to it by means of a curved passage.
Description
Two-storey PARSONAGE on rectangular ground plan with an outbuilding and connecting passage built in sintered red brickwork in running bond; stone courses of dark sintered brickwork; beneath a rectangular gutter three bands of dark sintered stone. Windows are predominantly vertical and composite and are terminated by a rolled course. Building is covered by a hipped roof, slightly cambered inward, of glazed blue improved Dutch tiles with broad eaves; on both roof-ridge corners a finial; on the southeast and northwest corner a brick chimney; in the western, northern and southern roof section a rectangular roof dormer.
Entrance is located in the western facade (front). In the porch terminated by a flattened herringbone arch a wooden front door with carved woodwork and small window; fanlight and sidelights with glazing bars and coloured leadlight; porch floor of red and dark reddish-brown tiles; brick stoep of three steps, the lowest of which is extended; on both sides of the stoep a low brick wall with rounded corners. To the south of the entrance a rectangular bay window with presumably new window frames; to the north of the entrance a three-part and a two-part window. Below both windows a basement window covered by a glass plate. On the first floor a three-part and three two-part six-pane windows. South facade has on the western corner in both storeys a two-part window, of which the first-floor one has glazing bars; on the eastern corner in both storeys two two-part windows, of which those on the first floor have glazing bars. On the first floor between the window groups a small horizontal three-pane window. On the rear, east facade, a large conservatory entirely built of brickwork with flat roof; beneath a rectangular gutter two bands of dark sintered stone; in the north and south facades a large horizontal window with glazing bars and in the fanlights coloured leadlight; in the east facade double glazed doors, small fanlights and large sidelights with coloured leadlight in the fanlights; in front of the double conservatory doors a brick stoep three steps high with on both sides a low brick wall with rounded corners. To the south side of the conservatory a wooden staircase to the roof. To the north of the conservatory a four-part window with glazing bars in the fanlights. Above the conservatory a balcony door with glazing with on both sides a six-pane window; to the north of the balcony door a two-part six-pane window. In the centre of the north facade a one-storey outbuilding. On both corners on the ground floor a small vertical window. On the first floor in the centre above each other two windows with coloured leadlight at the height of the stairwell; to the east of these a two-part six-pane window.
On the north facade of the parsonage a one-storey outbuilding with a gabled roof with to the east of it the connecting passage between the parsonage and the church. Outbuilding has on the front, west facade, two small vertical windows. On the north side a horizontal three-part window and in the gable a small vertical window with decorative brickwork above it. The connecting passage is one storey high, entirely built of sintered red brickwork with stone courses of dark sintered brickwork and is covered by a flat roof with a rectangular gutter. The passage makes a bend from the parsonage halfway in a northeast direction. On the front, west side the facade is thickened at the height of this bend; on both sides of the thickening two horizontal four-pane windows; near the outbuilding of the parsonage an attached door with a brick stoep three steps high which on the north side has a low brick wall with rounded corner. On the rear, east facade, of the connecting passage there is the same door at the height of the bend; to the north of it two horizontal four-pane windows. To the south of the door the passage is widened. Halfway through the widening there is on the exterior wall a brick chimney with on both sides two horizontal four-pane windows. Between the chimney and the parsonage a double glazed door and a low stoep; to the south of it two small four-pane windows.
The INTERIOR of the parsonage is, as far as the layout is concerned, still entirely in its original state. In the interior are among other things of importance: in the hall the tiled floor, plastered walls with wainscoting of glazed brown square tiles and original doors with austere moulding; to the draught vestibule double doors with decorated glass. Wooden two-part staircase to the first floor; stair rail and balustrade decorated with carved woodwork in the Art Deco style; in the stairwell two windows with coloured leadlight with the inscription "AD 1926". In one of the rooms an original fitted sideboard in Art Deco style; an entirely tiled brown-black fireplace in the Art Deco style. The connecting passage has a tiled floor and plastered walls with wainscoting; in the plastered ceiling original small lamps in the Art Deco style.
Valuation
Parsonage with Roman Catholic church with outbuilding and connecting passage of general cultural and architectural historical importance:
- as an example of a parsonage from 1926 in the province of Groningen
- as a good representative of the oeuvre of architect Jos. Th. J. Cuypers
- because of the high degree of integrity of the exterior and parts of the interior
- because of the functional and spatial-visual relationship with the other components of the complex
- because of the visually dominant location next to the church
Nearby in the register
- St. BonifatiuskerkKerk en kerkonderdeelunder 1 mi
- St. LudgerusOnderwijs en wetenschapunder 1 mi
- Begraafplaatshek, Warfhuisterweg bij 10 ABegraafplaats en -onderdelenunder 1 mi
- Rouwkapel(F), Warfhuisterweg 10 AKapelunder 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.