TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Seminarie Hageveld

Heemstede, Noord-Holland, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Onderwijs en wetenschap
Function
Opleidingscentrum
Category
onroerend gebouwd
Built
1922 - 1930
Address
Hageveld 2, 2102 LN Heemstede (and others)
Place
Heemstede
Province
Noord-Holland
Country
Netherlands
Coordinates
52.34832, 4.63192
Part of complex
508445
Monument number
508446

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

University Library, Vrije Universiteit Amsterdam

3 historical maps cover this location, the earliest the 1906 map "Rijnland" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

Inleiding

Het omvangrijke HOOFDGEBOUW werd ontworpen in een formele stijl die getuigt van een heroriëntatie op de Hollands-Classicistische architectuur uit de zeventiende eeuw.

Omschrijving

Hoofdgebouw van het voormalige seminarie Hageveld, geheel symmetrisch gebouwd op in een in hoofdvorm H-vormig grondplan met oost-westelijke hoofdrichting. In de oostelijke helft van de H bevindt zich op de middenas (O-W) een voormalige koepelkerk op ovaal grondplan die het hart vormt van het gebouw. De bebouwing bestaat over het algemeen uit souterrain, beletage, tweede verdieping en kapverdieping. De koepelkerk is in oorsprong een ongedeelde ruimte onder een hoge koepel. Het muurwerk is steeds opgetrokken in rode baksteen boven een uitgemetselde plint in grijze breuksteen. Risalerende middenpartijen, gebosseerde hoeken en pilasters alsmede delen van hoofdgestellen en vensteromlijstingen zijn uitgevoerd in zandsteen. De bekapping is een uit schild-, zadel- en tentdaken samengestelde kap met lei in Maasdekking. De noklijnen van de hoekpaviljoens en de risalerende middenpartij aan de westzijde liggen steeds hoger. De noklijnen hebben zowel een oost-westelijke als een noord-zuidelijke hoofdrichting. Het gebouw wordt gedomineerd door de ovale koepel met ovale lantaarn boven de voormalige kerk. Het muurwerk van alle onderdelen van het gebouw wordt aan de bovenzijde afgesloten door een kroonlijst. De vensters zijn alle van hout en hebben meerruits ramen met roedenverdeling. De steeds direct boven de kapvoet geplaatste dakkapellen zijn alle getoogd en voorzien van meerruits ramen met overwegend vierkante en rechthoekige roedenverdeling. Een ruitvormige roedenverdeling is toegepast bij enige vensters in de kopse zijden van de vleugels aan de achterzijde (O). De representatieve U-vormige voorzijde (W) heeft een centraal geplaatste hoofdingang in het terugliggende gedeelte. De hoofdingang, met bordes in natuursteen, bevindt zich in een hoger opgetrokken, rijk gedecoreerde middenrisaliet. Deze middenrisaliet heeft gebosseerde hoeken en een zware kroonlijst die in het midden wordt doorbroken door een topgevel met hooggeplaatst rond venster onder spiegelboog. Centraal in de middenrisaliet bevindt zich de in zandsteen uitgevoerde ingangspartij. De ingangspartij bevat een dubbele paneeldeur met getoogd bovenlicht onder een voor de verdieping geplaatst en op twee consoles rustend balkon met op de voorzijde het woord HAGEVELD. Het balkon wordt vanaf de verdieping betreden via een groot meerruits venster met stolpdeur. Dit venster is rondom gedecoreerd. Aan de bovenzijde bestaat deze decoratie uit een zandstenen gevelsculptuur waarin onder meer een bisschopsstaf en een mijter zijn verwerkt. Boven deze gevelsculptuur bevinden zich de in brons uitgevoerde Romeinse cijfers MCMXXIII (1923). Links van deze gevelsculptuur staat in bronzen letters PORTA en rechts hiervan COELI. Aan weerszijden van de middenrisaliet bevindt zich een smal venster met meerruits roedenverdeling. Het muurwerk aan weerszijden van de middenrisaliet is acht vensterassen breed. Onder de vensters van de parterre bevinden zich lage, met natuursteen omlijste souterrainvensters.

De beide naar voren springende armen van de voorzijde hebben een lengte van zes en een breedte van drie vensterassen. Ook hier zijn in de plint van het gebouw met natuursteen omlijste souterrain-vensters geplaatst. De hoeken van de kopse zijden van de naar voren springende vleugels zijn net als de eerder genoemde middenrisaliet gebosseerd. De kroonlijst van deze kopse zijden wordt in het midden doorbroken door een met zandsteen gedecoreerde geveltop met meerruits venster. De kopse zijde van de zuidelijke arm heeft in de geveltop een gesculptureerd Andreaskruis en daaronder de Romeinse cijfers MDCCCXVII (1817). De kopse zijde van de noordelijke arm heeft in de geveltop een gesculptureerd lam met staf en daaronder dezelfde Romeinse cijfers.

De achterzijde (O) bestaat uit twee naar voren komende vleugels die de koepelkerk flankeren. De vleugels hebben een lengte van 17 vensterassen en worden op de uiteinden door hogere en dwars geplaatste paviljoens ter breedte van twee en ter lengte van vier vensterrassen beëindigd. In de noklijnen van de twee schilddaken bevinden zich in het midden identieke dakruiters onder kleine spitse tentdaken. De paviljoens hebben naast de gebosseerde hoekpilasters elk een tweede pilaster die de buitenste vensterassen in een travee plaatsen. De regelmatige plaatsing van de vensters wordt ter hoogte van de parterre - deze paviljoens hebben geen souterrain en beletage - doorbroken door twee trapsgewijs oplopende verticale vensters. Deze vensters zijn gekoppeld. Op de tweede verdieping bevinden zich aan de lengtezijde de eerder genoemde ramen met ruitvormige roedenverdeling. Deze paviljoens worden sinds 1961 door de eerder genoemde reeks houten noodlokalen van één bouwlaag met elkaar verbonden. De vleugels verbinden de paviljoens met een noord-zuidgericht volume dat de "middenbalk" van het H-vormige grondplan vormt (zie alinea noordzijde en zuidzijde). Vanaf de beide vleugels omarmen ovaalvormige galerijen het aangrenzende sportveld aan de oostzijde van het gebouw. De galerijen hebben een achterwand in rode baksteen en een in houtwerk uitgevoerde overkapping waarvan de bovenzijde plat is en met mastiek gedekt. De overkapping heeft een afhangende rand van verticaal beschot met golvende onderzijde.

De beide zijkanten (N en Z) zijn in hoofdvorm identiek. Genoemd zijn reeds de oost-west gerichte vleugels die de op het oosten gelegen paviljoens met een centraal dwarsvolume ("middenbalk") verbinden. Dit centrale dwarsvolume heeft twee bouwlagen met kap. Het heeft aan beide zijden uitstekende vleugels die elk door een vierkant paviljoen ter breedte van vier vensterassen worden afgesloten. Deze paviljoens zijn hoger dan de vleugels en worden afgesloten door een tentdak. Tegen het noordelijke paviljoen staat nog een lager rechthoekig volume met de functie van kapel. Aan de noordzijde bevindt zich ten oosten van het centrale dwarsvolume een hoge ronde en vrijstaande schoorsteen in rode baksteen op breder uitgemetselde voet. Ten westen van het dwarsvolume verbinden korte oost-westvleugels dit dwarsvolume met het eerder genoemde U-vormige blok aan de voorzijde (W). Deze korte oost-westvleugels, met een lengte van tien vensterassen, worden beëindigd door rechthoekige hogere paviljoens die tevens de beide vleugels van de U-vormige voorzijde (W) vormen. Deze paviljoens hebben een lengte van vier vensterassen aan weerszijden van grote vijfzijdige erkers over de totale gevelhoogte.

De in de middenas (O-W) geplaatste voormalige koepelkerk met crypte, staat met de westzijde tegen het eerder genoemde dwarsvolume ("middenbalk") vanuit de parterre waarvan de kerk ook wordt betreden. De ovaalvormige hoofdmassa van het muurwerk wordt afgesloten door een zwaar omgaand hoofdgestel dat rust op pilasters die het muurwerk aan noord- en zuidzijde in zes traveeën verdelen. Tegen elk van deze traveeën staat een half uitgebouwde kapel (absis) op half-cirkelvormig grondplan onder half koepelgewelf. Boven de kapellen bevindt zich in elke travee een groot rechthoekig venster. Aan de oostzijde is het hoofdvolume vergroot met een lagere beuk met rondgang die absidiaal wordt beëindigd. De noklijn van de kap van deze beuk bevindt zich ter hoogte van de kroonlijst van het hoofdgestel van de hoofdmassa. Het muurwerk van de beuk wordt boven de rondgang ook door pilasters geleed. Tussen deze pilasters bevinden zich ronde vensters. De koepel wordt geleed door uitspringende ribben die corresponderen met de pilasters van het muurwerk. De constructie bestaat uit een binnen- en een buitenkoepel. In de dakvlakken van de koepel zijn ovaalvormige kapellen geplaatst. Deze kapellen verlichten de ruimte tussen de binnen- en buitenkoepel. De koepel wordt bekroond door een ovale lantaarn waarvan de wederom koepelvormige afsluiting rust op kleine rondomgaande zuilen. Het ovale interieur van de koepelkerk is behoudens de met de liturgie verband houdende zaken in structuur bewaard gebleven. De ruimte wordt echter sinds enige jaren horizontaal gedeeld door een houten vloer. De oorspronkelijke ongedeelde ruimte wordt geleed door twaalf korintische pilasters die een hoofdgestel dragen. In elk der kapitelen is de naam van een apostel aangebracht. De koepelvorm daarboven heeft een cassetteplafond dat op het hoogste punt overgaat in een religieuze plafondschildering. De ruimte werd in oorsprong alleen verlicht door de grote rechthoekige vensters. De na de plaatsing van de vloer ontstane parterre ontvangt thans daglicht door nieuw gemaakte vensters in de absiden. Ook in de overige delen van het gebouw is het interieur grotendeels bewaard gebleven. Delen zijn echter wel aan het oog ontrokken, zoals het gemetselde gewelf van de bibliotheek (voorzijde ZW) dat thans schuilgaat onder een systeemplafond.

Waardering

Vanuit architectuurhistorisch oogpunt is het hoofdgebouw van algemeen belang vanwege de kwaliteit van het ontwerp, de gaaf bewaard gebleven hoofdvorm en detailering alsmede de plaats die het inneemt binnen het oeuvre van de architect Jan Stuyt. Het object is voorts van stedebouwkundig belang vanwege het silhouet van de koepel in het bebouwingsbeeld van de gemeente Heemstede.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

Introduction

The extensive MAIN BUILDING was designed in a formal style that testifies to a reorientation towards seventeenth-century Hollandic-Classical architecture.

Description

Main building of the former Hageveld seminary, constructed entirely symmetrically on an H-shaped ground plan with east-west main orientation. In the eastern half of the H, on the central axis (E-W), is a former domed church on an oval ground plan which forms the heart of the building. The construction generally consists of basement, beletage, second storey and roof storey. The domed church is originally an undivided space beneath a high dome. The masonry is always executed in red brick above a base course in grey rubble stone. Projecting central sections, rusticated corners and pilasters as well as parts of main cornices and window mouldings are executed in sandstone. The roof covering consists of a combination of hipped, gabled and tent roofs with slate in Maas coverage. The ridge lines of the corner pavilions and the projecting central section on the west side are consistently higher. The ridge lines have both east-west and north-south main directions. The building is dominated by the oval dome with oval lantern above the former church. The masonry of all components of the building is finished at the top with a cornice. The windows are all timber and have multi-pane windows with glazing bars. The roof dormers, always placed directly above the eaves, are all arched and furnished with multi-pane windows predominantly with square and rectangular glazing bars. A diamond-shaped glazing bar pattern is employed in some windows in the end sides of the wings at the rear (E). The representative U-shaped front elevation (W) has a centrally located main entrance in the recessed section. The main entrance, with natural stone steps, is situated in a higher built, richly decorated central projection. This central projection has rusticated corners and a heavy cornice which is interrupted in the middle by a stepped gable with a high-placed circular window beneath a relieving arch. Central within the central projection is the entrance section executed in sandstone. The entrance section contains a double panel door with an arched fanlight beneath a balcony placed in front of the storey and resting on two consoles with the word HAGEVELD on the front. The balcony is accessed from the storey via a large multi-pane window with a sliding door. This window is decorated all around. At the top, this decoration consists of a sandstone sculptured façade element in which a bishop's crosier and a mitre are incorporated. Above this sculptured façade element are the Roman numerals MCMXXIII (1923) executed in bronze. To the left of this sculptured façade element stands PORTA in bronze letters and to the right thereof COELI. On either side of the central projection is a narrow window with multi-pane glazing bars. The masonry on either side of the central projection is eight window bays wide. Below the ground-floor windows are low basement windows framed with natural stone.

Both projecting arms of the front elevation have a length of six and a width of three window bays. Here too, basement windows framed with natural stone are placed in the building's plinth. The corners of the end sides of the projecting wings are rusticated just like the aforementioned central projection. The cornice of these end sides is interrupted in the middle by a façade gable decorated with sandstone with a multi-pane window. The end side of the southern arm has a sculptured St. Andrew's Cross in the gable and below it the Roman numerals MDCCCXVII (1817). The end side of the northern arm has a sculptured lamb with staff in the gable and below it the same Roman numerals.

The rear elevation (E) consists of two projecting wings flanking the domed church. The wings have a length of 17 window bays and are terminated at the ends by higher pavilions placed transversely with a width of two and a length of four window bays. In the ridge lines of the two hipped roofs are identical roof lights in the middle beneath small pointed tent roofs. The pavilions each have, in addition to the rusticated corner pilasters, a second pilaster that places the outermost window bays in a bay. The regular placement of windows is interrupted at the level of the ground floor—these pavilions have no basement and beletage—by two stepped-rising vertical windows. These windows are linked. On the second storey, on the length side, are the aforementioned windows with diamond-shaped glazing bars. These pavilions have been connected since 1961 by the aforementioned series of timber emergency rooms of one storey. The wings connect the pavilions with a north-south oriented volume that forms the "central bar" of the H-shaped ground plan (see paragraph north side and south side). From both wings, oval galleries embrace the adjacent sports field on the east side of the building. The galleries have a rear wall in red brick and a roof covering executed in timber, the top of which is flat and covered with mastic. The roof covering has a hanging edge of vertical boarding with undulating underside.

Both sides (N and S) are essentially identical. Already mentioned are the east-west oriented wings that connect the pavilions situated to the east with a central transverse volume ("central bar"). This central transverse volume has two storeys with roof. It has projecting wings on both sides, each terminated by a square pavilion with a width of four window bays. These pavilions are higher than the wings and are closed by a tent roof. Against the northern pavilion stands a lower rectangular volume functioning as a chapel. On the north side, to the east of the central transverse volume, stands a high round and freestanding chimney in red brick on a wider built-up base. To the west of the transverse volume, short east-west wings connect this transverse volume with the aforementioned U-shaped block at the front (W). These short east-west wings, with a length of ten window bays, are terminated by rectangular higher pavilions which also form both wings of the U-shaped front elevation (W). These pavilions have a length of four window bays on either side of large five-sided oriels over the full façade height.

The former domed church with crypt, placed on the central axis (E-W), stands with its west side against the aforementioned transverse volume ("central bar") from the ground floor from which the church is also accessed. The oval-shaped main mass of masonry is finished with a heavy surrounding main cornice resting on pilasters which divide the masonry on the north and south sides into six bays. Against each of these bays stands a semi-projecting chapel (apse) on a semi-circular ground plan beneath a half-vault. Above the chapels, in each bay, is a large rectangular window. On the east side, the main volume is enlarged with a lower aisle with ambulatory which terminates in an apse. The ridge line of the roof of this aisle is at the level of the cornice of the main cornice of the main mass. The masonry of the aisle is also articulated by pilasters above the ambulatory. Between these pilasters are round windows. The dome is articulated by projecting ribs that correspond to the pilasters of the masonry. The construction consists of an inner and an outer dome. In the roof planes of the dome are oval chapels placed. These chapels illuminate the space between the inner and outer dome. The dome is crowned by an oval lantern whose dome-shaped closure in turn rests on small surrounding columns. The oval interior of the domed church has been preserved in structure save for matters relating to the liturgy. However, the space has been horizontally divided for some years by a timber floor. The original undivided space is articulated by twelve Corinthian pilasters carrying a main cornice. In each of the capitals is inscribed the name of an apostle. The dome shape above has a coffered ceiling which at its highest point transitions into a religious ceiling painting. The space was originally lit only by the large rectangular windows. The ground floor resulting from the placement of the floor now receives daylight through newly made windows in the apses. In other parts of the building too, the interior has been largely preserved. However, some parts are concealed from view, such as the brickwork vault of the library (front SW) which is now hidden beneath a suspended ceiling.

Valuation

From an architectural history viewpoint, the main building is of general importance because of the quality of the design, the well-preserved main form and detailing as well as the place it occupies within the oeuvre of architect Jan Stuyt. The object is furthermore of urban design importance because of the silhouette of the dome in the townscape of the municipality of Heemstede.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map