Rijksmonumentenregister · Netherlands
Queekhoven
Breukelen, Utrecht, Netherlands
The record
- Designation
- National monument (rijksmonument)
- Class
- Kasteel, buitenplaats
- Function
- Kasteel
- Category
- onroerend gebouwd
- Built
- 1700
- Address
- Zandpad 39, 3621 ND Breukelen (Stichtse Vecht 26)
- Place
- Breukelen
- Municipality
- Stichtse Vecht
- Province
- Utrecht
- Country
- Netherlands
- Coordinates
- 52.17515, 5.00425
- Part of complex
- 507039
- Monument number
- 507031
Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.
David Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesDavid Rumsey Map Collection, Stanford LibrariesUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit AmsterdamUniversity Library, Vrije Universiteit Amsterdam
5 historical maps cover this location, the earliest the 1677 map "Ultraiectini Dominii tabula / multo aliis auctior et correctior per Nic. Visscher ; R. de Hooghe fecit" (University Library, Vrije Universiteit Amsterdam).
This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗
The register's description
Omschrijving
HOOFDGEBOUW (huis Queekhoven).
Het blokvormige buitenhuis Queekhoven is een witgepleisterd gebouw in neo-classicistische stijl op vierkante grondslag onder een met grijze pannen gedekt afgeknot zadeldak. Aan de achterzijde (oost) van het gebouw een onderkelderde uitbouw, de koepelkamer, op zeszijdig grondvlak met driezijdige afsluiting, onder een plat dak. De gepleisterde voor- en zijgevels hebben verdiepte snijvoegen in blokvormig patroon. Rondom het hoofdgebouw loopt een geprofileerde kroonlijst met gootlijst, bovenlangs de dakschilden loopt een tweede gootlijst. Aan de zuidzijde van het hoofdgebouw een lage houten uitbouw onder een plat dak. Op de hoeken van het hoofdgebouw omgaande pilasters op natuurstenen plint met blokvormige decoratie. Op de vier hoeken van het afgeknotte dakdeel vier schoorstenen op vierkante grondslag met inspringende hoeken en verdiepte vlakken onder platte kappen.
De voorgevel van het huidige huis Queekhoven, dat na de verwoesting in 1672 door de Fransen het oorspronkelijke huis aan het einde van de 17de eeuw verving, heeft meerdere gedaantes gekend, de achtergevel daarentegen bleef ongewijzigd. De laat-17de-eeuwse voorgevel van Queekhoven was volgens een 'Philip Vingboonsschema' opgebouwd en werd in de 18de eeuw vervangen door een gemoderniseerde gevelpartij, zoals op een litho door P.J. Lutgers uit 1836 is te zien. In 1880 werd wederom een nieuwe gevel voor de oude geplaatst. Het is de huidige gevel in een stijl waarin neo-renaissance-elementen te herkennen zijn. Waarschijnlijk werden gedurende de verbouwingen van het huis de ramen in de loop der tijd wat verhoogd, lengte en diepte van het huis veranderden niet.
Aan de voorgevel van het huis is de kroonlijst voorzien van een tandlijst en blokvormige consoles, waartussen quirlande dragende festoenen. De voorgevel is geleed in vijf traveeën waarvan de middelste een risalerende werking heeft. Het wat naar voren komende risaliet, waarin de ingangspartij, heeft beganegronds een dubbele deur met in elk deurdeel een langwerpig venster en een 2-ruits bovenlicht bestaande uit twee halfovale ramen. Op de verdieping een 30-ruitsschuifvenster omgeven door een kozijn met in de bovendorpel uitspringende delen. Langs bel-etage en verdieping lopen pilasters met verdiepte vlakken en kapitelen. Het middenrisaliet wordt bekroond door een uitspringend, met leien gedekt, afgeknot zadeldak. Bovenop het zadeldak een smeedijzeren omheining met aan de voorzijde twee pinakel-achtige elementen. Aan de voorzijde van het zadeldak een kleine dakkapel met 1 5-ruitsschuifvenster en door een driehoekig fronton, gedragen door eenvoudige pilasters, afgesloten. Aan weerszijden van de middenrisaliet gelijke gevelvlakken: beganegronds twee 35-ruitsschuifvensters en op de verdieping twee 25-ruitsschuifvensters met onder de onderdorpels hardstenen platen en in de bovendorpels hebben uitspringende delen.
De rechterzijgevel (zuid) heeft op de verdieping links een dubbele deur met in elke vleugel een 10-ruitsvenster, waarvoor een balcon dat gesteund wordt door twee consoles en is voorzien van een balustrade met op de hoeken pijlers waartussen balusters. Onder het balkon een dichtgezet venster met in het pleisterwerk een ruitpatroon. Beganegronds rechts twee houten kruiskozijnen met in de vier vakken glas-in-lood waarvan de onderste vakken zijn voorzien van luiken. Op de verdieping hierboven twee 25-ruitsschuifvensters. Waarschijnlijk heeft deze gevel zijn huidige aanzien omstreeks 1917 gekregen toen C.W. Matthes het huis verbouwde en stijlkamers inrichtte. De linkerzijgevel (noord) heeft beganegronds twee 35-ruitsschuifvensters en op de verdieping twee 25-ruitsschuifvensters.
Aan de (thans) ongepleisterde achtergevel van het eigenlijke hoofdgebouw is de zeszijdige koepelkamer uitgebouwd. Deze onderkelderde uitbouw van rode baksteen is (thans) onbepleisterd en wordt door een plat dak met rondomgaande kroonlijst, met aan de achterzijde een getoogd middenstuk en bladmotieven, gedekt. In de zuidelijke zijgevel, boven de houten entree een rond glas-in-lood venster en op de bel-etage rechts een 40-ruitsschuifvenster. In de noordelijke zijgevel, op de bel-etage links een 40-ruitsschuifvenster en rechts op souterrainniveau een venster met diefijzers, op de bel-etage een 24-ruits uitzetvenster en een wc-raampje met diefijzer en op de verdieping een 12-ruitsschuifvenster en een wc-raampje. In de twee naar schuin geplaatste gevelvlakken op souterrainniveau een 8-ruitsschuifvenster en op de bel-etage een 40-ruitsschuifvenster. In de afsluitende achtergevel op souterrainniveau een 8-ruitsschuifvenster met op de bel-etage een dubbele deur met in beide vleugels een 10-ruitsvenster en voorzien van een 12-ruits bovenlicht, geheel omgeven door een geprofileerde lijst. Voor de deur een 19de-eeuws smeedijzeren bordes, gedragen en toegankelijk door twee kwartronde trappen.
Interieur- Aan de achterzijde van het huis is een relatief grote zeszijdige koepel- of tuinkamer in het midden van de gevel uitgebouwd. Een deur aan het einde van de middengang geeft toegang tot deze ruimte die één meter hoger ligt dan de andere kamers op de bel-etage. De kamer is tegelijkertijd met de bouw van het huis omstreeks 1680 ontstaan en is ongeveer een keer zo hoog als de andere ruimten op deze verdieping. De zuivere Lodewijk XIV-elementen van de buffetkast vormen aanleiding voor de datering van de zaal en het huis aan het einde van de 17de eeuw. Het aan de randen koepelvormige plafond van de zaal werd aan het einde van de 18de eeuw gedecoreerd met met stucwerk in classicistische stijl. Vijf hoge schuifvensters geven uitzicht op het park achter het huis. De koepelzaal vormt een combinatie van het type huis met een centraal gelegen achterzaal en het huis van het Vingboonstype met een brede middengang die van voor- naar achtergevel loopt. De brede middengang heeft een merkwaardige zoldering, bestaande uit vlakke kruisgewelven. Waarschijnlijk zijn dit schijngewelven geconstrueerd uit hout en stucwerk. Onder de koepelkamer ligt de nog vrijwel authentieke keuken. In de keuken een blauwe tegelversiering, de broodoven is na 1948 verdwenen. Rechts van de gang: de vroegere muziekkamer in Lodewijk XV-stijl met fraaie schoorsteenmantel met Venetiaanse spiegel. Het houtwerk heeft een donkere blauwgroene kleur en wordt opgesierd door vergulde biezen en ornamenten. De linker voorkamer in Lodewijk XVI-stijl is in okergeel uitgevoerd en en-suite gelegen met de damessalon. De eetkamer is ingericht in Hollandse renaissancestijl, wat vaker aan het einde van de 19de eeuw werd toegepast. De ramen van de eetkamer bestaan uit kruisvensters met glas-in-lood. De andere kruisvensters hebben een 18de-eeuwse kleine roedenverdeling.
English translation
The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com
Description
MAIN BUILDING (house Queekhoven).
The block-shaped country house Queekhoven is a whitewashed building in neo-classical style on a square ground plan under a hipped roof covered with grey tiles. On the rear side (east) of the building an undercellared extension, the cupola room, on a hexagonal ground plan with three-sided closure, under a flat roof. The plastered front and side facades have recessed cut joints in a block-shaped pattern. Around the main building runs a profiled cornice with gutter moulding, along the roof edges runs a second gutter moulding. On the south side of the main building a low wooden extension under a flat roof. On the corners of the main building surrounding pilasters on natural stone plinth with block-shaped decoration. On the four corners of the hipped roof section four chimneys on a square ground plan with recessed corners and recessed surfaces under flat caps.
The front facade of the present house Queekhoven, which after the destruction in 1672 by the French replaced the original house at the end of the 17th century, has had several forms, the rear facade by contrast remained unchanged. The late 17th-century front facade of Queekhoven was constructed according to a 'Philip Vingboons schema' and was replaced in the 18th century by a modernised facade section, as is visible in a lithograph by P.J. Lutgers from 1836. In 1880 a new facade was again placed in front of the old one. It is the present facade in a style in which neo-renaissance elements can be recognised. Probably during the alterations of the house the windows were gradually raised in the course of time, the length and depth of the house did not change.
On the front facade of the house the cornice is provided with a dentil moulding and block-shaped consoles, between which garlands bearing festoons. The front facade is articulated into five bays of which the central one has a projecting effect. The somewhat projecting risalit, in which the entrance section is located, has on the ground floor a double door with in each door panel an elongated window and a 2-pane fanlight consisting of two semi-oval windows. On the floor above a 30-pane sash window surrounded by a frame with projecting parts in the upper dorsal beam. Along the main floor and floor above run pilasters with recessed surfaces and capitals. The central risalit is crowned by a projecting, slate-covered, hipped roof. On top of the hipped roof a wrought-iron railing with on the front side two pinnacle-like elements. On the front of the hipped roof a small roof gable with 1 5-pane sash window and closed off by a triangular pediment, carried by simple pilasters. On either side of the central risalit equal facade surfaces: on the ground floor two 35-pane sash windows and on the floor above two 25-pane sash windows with under the lower dorsal beams hardstone plates and in the upper dorsal beams projecting parts.
The right side facade (south) has on the floor above on the left a double door with in each wing a 10-pane window, in front of which a balcony that is supported by two consoles and is provided with a balustrade with on the corners piers between which balusters. Under the balcony a blocked window with in the plasterwork a grid pattern. On the ground floor on the right two wooden cross windows with in the four panes leaded glass of which the lower panes are provided with shutters. On the floor above two 25-pane sash windows. Probably this facade acquired its present appearance around 1917 when C.W. Matthes altered the house and fitted out style rooms. The left side facade (north) has on the ground floor two 35-pane sash windows and on the floor above two 25-pane sash windows.
On the (now) unplastered rear facade of the actual main building the hexagonal cupola room is extended. This undercellared extension of red brick is (now) unplastered and is covered by a flat roof with surrounding cornice moulding, with on the rear side an arched centre section and leaf motifs. In the southern side facade, above the wooden entrance a round leaded glass window and on the main floor on the right a 40-pane sash window. In the northern side facade, on the main floor on the left a 40-pane sash window and on the right at basement level a window with theft bars, on the main floor a 24-pane opening window and a WC window with theft bar and on the floor above a 12-pane sash window and a WC window. In the two obliquely placed facade surfaces at basement level an 8-pane sash window and on the main floor a 40-pane sash window. In the closing rear facade at basement level an 8-pane sash window with on the main floor a double door with in both wings a 10-pane window and provided with a 12-pane fanlight, entirely surrounded by a profiled moulding. In front of the door a 19th-century wrought-iron platform, carried and accessed by two quarter-round stairs.
Interior - On the rear side of the house a relatively large hexagonal cupola or garden room is extended in the centre of the facade. A door at the end of the central corridor provides access to this space which is one metre higher than the other rooms on the main floor. The room was created at the same time as the construction of the house around 1680 and is approximately as high as the other spaces on this floor. The pure Louis XIV elements of the buffet cupboard provide grounds for dating the hall and the house to the end of the 17th century. The cupola-shaped ceiling of the hall was decorated at the end of the 18th century with stucco work in classical style. Five tall sash windows provide views of the park behind the house. The cupola hall forms a combination of the type of house with a centrally located rear room and the Vingboons type house with a broad central corridor running from front to rear facade. The broad central corridor has a remarkable ceiling, consisting of flat cross vaults. Probably these are false vaults constructed of wood and stucco. Under the cupola room lies the still largely authentic kitchen. In the kitchen blue tile decoration, the bread oven disappeared after 1948. To the right of the corridor: the former music room in Louis XV style with fine fireplace mantel with Venetian mirror. The woodwork has a dark blue-green colour and is decorated with gilded reeds and ornaments. The left front room in Louis XVI style is executed in ochre-yellow and is en-suite with the ladies' salon. The dining room is fitted out in Dutch renaissance style, which was more often applied at the end of the 19th century. The windows of the dining room consist of cross windows with leaded glass. The other cross windows have an 18th-century small glazing bar division.
Nearby in the register
- Tuin, park en plantsoen, Zandpad bij 39Tuin, park en plantsoenunder 1 mi
- Tuin, park en plantsoen, Zandpad bij 39Tuin, park en plantsoenunder 1 mi
- Dienstwoning, Zandpad 40Dienstwoningunder 1 mi
- Bouwhuis, Zandpad 40 ABijgebouwen kastelen enz.under 1 mi
Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.