TreeAlive
‹ Rijksmonumentenregister, Netherlands

Rijksmonumentenregister · Netherlands

Weldam

Markelo, Overijssel, Netherlands

The record

Designation
National monument (rijksmonument)
Class
Kasteel, buitenplaats
Category
onroerend gebouwd
Address
Weldammerlaan 5, 7475 MJ Markelo (Hof van Twente 23)
Place
Markelo
Municipality
Hof van Twente
Province
Overijssel
Country
Netherlands
Coordinates
52.21733, 6.58271
Part of complex
480167
Monument number
480651

Slide toward Today to fade the historical sheet and see the modern map underneath.

David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries

5 historical maps cover this location, the earliest the 1636 map "Ditio Trans Isulana." (David Rumsey Map Collection, Stanford Libraries).

Get directions ↗

This monument in the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed's register ↗

The register's description

HOOFDGEBOUW (Huis Weldam). Twee verdiepingen hoog in rode baksteen opgetrokken onderkelderd en omgracht door een afgeknot met leien gedekt (Rijndekking) schilddak overkapt hoofdgebouw, dat door een dam met het voorplein verbonden is. Deze dam, die een vroegere toegangsbrug vervangt, is met hardsteen-platen gedekt. Het hoofdgebouw bestaat uit een 16de-eeuwse rechthoekig middenpaviljoen, dat aan de ingangs(zuid-)zijde in de 17de eeuw van twee vooruitspringende rechthoekige korte vleugels en met een natuurstenen hoofdgevel, versierd met pilasters in Ionische kolossaal-orde is voorzien. Aan het einde van de 19de eeuw, toen het huis ingrijpend werd gerestaureerd, werden respectievelijk aan de NW-zijde en NO-zijde van het middenpaviljoen geheel volgens smaakopvattingen van toen in historiserende trant een rechthoekige en achthoekige toren gebouwd, zoals dat bij vele andere huizen ook heeft plaatsgevonden.

Omstreeks 1644-1645 liet de toenmalige eigenaar Johan Ripperda het huis ingrijpend in classicistische stijl verbouwen. Toen werd ondermeer het huidige zandstenen classicistische middenfront aan de voor(zuid-)zijde aangebracht met de centrale in een aedicula gevatte ingangspartij en met guirlandes, festoenen en draperien in vakken op de vensterassen tussen de beganegrond en de eerste verdieping. In het fronton van de aedicula de initialen S.M.R. (Sophia Margaretha van Raesfelt, overleden in 1647), echtgenote van de bouwheer. Het middenfront is door met Ionische kapitelen bekroonde pilasters in drie traveeën geleed en wordt door een brede aan de vleugels en aan de zijgevels omgaande kroonlijst afgesloten. Aan weerszijden van de ingangspartij en op de verdieping per travee een zandstenen kruisvenster (de kruisvensters op de verdieping zijn origineel; de kruisvensters beganegronds zijn tijdens de restauratie in de laatste kwart van de 19de eeuw aangebracht). Op de as van de centrale travee een zandstenen dakkapel met 24-ruits schuifvenster (het schuifvenster, is, evenals de overige schuifvensters van de dakkapellen, aangebracht tijdens de restauratie uit de laatste kwart van de 19de eeuw) met tympaan-bekroning. In het fronton centraal in reliëf een hartmotief met afgewende knorren aan weerszijden. Op de as van de zij-traveeen een iets hoger gelegen kleine houten eveneens door een tympaan bekroonde dakkapel met 12-ruits schuifvenster.

De vier hoeken van het afgeknotte schilddak van het rechthoekige middenpaviljoen worden door vierkante zandstenen postamentvormige schoorstenen met vakken op de zijden en festoenen aan de voor- en buitenzijden van hun voetstukken bekroond.

Waarschijnlijk kwamen de vleugels en de classicistische voorgevel tesamen in een bouwcampagne tot stand. De vleugels en het middenpaviljoen omgeven een rechthoekig met hardsteen-platen gedekt terras, dat aan de voorzijde aan weerszijden van de toegangsdam door een 17de-eeuwse zandstenen balustrade wordt afgesloten. Aan het linker- en rechter uiteinde van de balustrade, tegen de vleugels, een zandstenen liggende sfinx uit ca. 1800. De vleugels zijn voorzien van door Ionische pilasters bekroonde zandstenen hoekblokken en worden halverwege door een zandstenen cordonlijst geleed, die aan de zijgevels van het middenpaviljoen omgaan. De vleugels zijn overkapt door een met leien gedekt in het schilddak overgaand schilddak, dat op het nokeinde door een monumentale zandstenen mortiervormige met acanthusbladeren versierde schoorsteen, met festoenen op het voetstuk, aan de voorzijde en zijkanten wordt bekroond. Tegen beide binnenzijden van de vleugels werd een klein rechthoekig uitbouwtje opgetrokken met een aan de voorzijde gesitueerd korfbogig toegangspoortje naar de kelderruimte. De sluitsteen van het westelijke poortje draagt het jaartal 1645. Hoger in deze muren van de vleugels, die bouwsporen van een getoogd venster vertonen, is een oorspronkelijk van de bouwhuizen afkomstige wapensteen geplaatst. Aan de oostzijde het wapen Ripperda met het opschrift: "Tempore Unicinis anno 1676" en aan de westzijde hetzelfde wapen met het onderschrift: "Tempore Uniconis 1681". Op de verdieping aan deze zijden een 18de- of 19de-eeuws schuifvenster met 9-ruitsindeling en erboven een door een tympaan bekroonde dakkapel met schuifvenster met 12-ruitsindeling (de dakkapel aan de oostzijde werd hier tijdens de restauratie in de laatste kwart van de 19de eeuw geplaatst). De voorgevel van de vleugels zijn gelijkvloers voorzien van ieder twee smalle enkelruits (oorspronkelijk meerruits-)vensters met zandstenen omlijsting. In de westgevel van de westelijke vleugel twee kraagstenen van een verdwenen gemak. Voorts aan de naar buiten gerichte zijden van de vleugels op kelderniveau twee kleine vier-ruitsvensters, beganegronds een 12-ruitsvenster en op de verdieping een 24-ruitsvenster. Evenals de overige vensters aan de zijden en achtergevel van het middenpaviljoen dateren deze vensters uit de 18de en uit de laatste kwart van de 19de eeuw.

In de zijgevels en de achtergevel van het middenpaviljoen zijn segmentbogen van de oorspronkelijke, later gewijzigde en gedeeltelijk dichtgemetselde vensters zichtbaar. De in voluten eindigende kraagstenen (midden 16de eeuw) aan de rechter gevel, die thans een balkon dragen, zijn naar alle waarschijnlijkheid overblijfselen van een arkel, overeenkomstig die aan de voorgevel van huis Twickel te Delden. De rechter gevel is in vier traveeen geleed met op kelder-niveau vier kleine vier-ruitsvensters met diefijzers, op de verdieping vier schuifvensters met 24-ruitsindelingen en beganegronds aan de linker zijde twee schuifvensters met 12- ruitsindelingen en rechts boven de genoemde kraagstenen een korboogvormige zandstenen omlijsting met terrasdeuren en meerruitsvensters van recente datum. Op de kap drie dakkapellen met 12-ruits schuifvensters en erboven op de middenas van de gevel een vier-ruits dakkapel, alle bekroond door een tympaan.

(vervolg hoofdgebouwomschrijving) De achtergevel van het middenpaviljoen vertoont een onregelmatige gevelindeling met vier kleine ongelijkvormige rechthoekige vensters en een deur op kelder-niveau, die naar een tegen de achtergevel aangebouwde kleine rechthoekige rode bakstenen kade leidt. Beganegronds vier gelijkvormige 12- ruitsvenster en uiterst rechts een kleiner zes-ruitsvenster (de zandstenen omlijsting van laatstgenoemd venster is 18de-eeuws of ouder). Op de eerste verdieping twee zes-ruitsvensters en op de kap drie 12-ruits dakkapellen met tympaan. Aan weerszijden van de achtergevel een driehoekig uitgebouwd trappenhuis, dat aan deze zijde de overgang vormt naar de twee in 1897 en 1899 gebouwde torens. Omstreeks 1879 werd het huis gerenoveerd. Deze renovatie plaats onder leiding van de Engelse architect Samuel Weatherly. In 1897 werd aan de NW-hoek van het middenpaviljoen naar ontwerp van deze de vierkante toren met klokvormige met leien gedekte torenhelm opgetrokken. Een bewaard gebleven ontwerp (Huisarchief Weldam) geeft aan, dat een zelfde toren aan de NO-zijde was geprojecteerd. In plaats hiervan werd in 1899, eveneens naar ontwerp van Weatherly, de huidige achthoekige toren gebouwd, waarschijnlijk om meer variatie in de architectuur van het huis te brengen. Deze toren wordt door een eveneens met leien gedekte achtzijdige met boogvormig ingezwenkte vlakken in een ui-vormige spits eindigende helm bekroond. Op kelder-niveau zijn de torens van kleine vierkante vier- en zes-ruitsvensters met diefijzers voorzien. Beganegronds en op de eerste en tweede verdieping zijn historisende schuifvensters met meerruits-geledingenaangebracht.

Centraal aan de linker gevel van het middenpaviljoen een uitgebouwd tot even onder de kroonlijst opgetrokken oorspronkelijk 16de- eeuws gemak, dat recentelijk van zijn in de 19de eeuw aangebrachte verhoging en torenkap is ontdaan. Aan de linker en rechter zijde van het gemak respectievelijk twee kleine vier-ruitsvensters en twee dubbele samengestelde vier-ruitsvensters, alle van diefijzers voorzien. Beganegronds links van het gemak een negen-ruits schuifvenster en rechts twee smalle twee-ruitsvensters (oorspronkelijk kloosterkozijnen). Op de eerste verdieping links van het gemak een, rechts twee 24- ruitsschuifvensters. Op de kap drie dakkapellen met 12-ruitsschuifvensters, die door een tympaan worden bekroond.

Inwendig is het huis in de loop der tijd sterk verbouwd en gewijzigd. De vlakke ribloze kruisgewelven en tongewelven van de kelderverdieping zijn waarschijnlijk in de 17de eeuw aangebracht. Gelijkvloers: in de bibliotheek een laat-gotische zandstenen schouw met twee vlakke wapenschilden. In de kamer in de westvleugel een laat 17de-eeuws stucplafond en tussen de beide vensters van de voorgevel een schoorsteen met ingebouwde ijzeren haard, waarop het jaartal 1687. Deze haard werd verworven bij de sloop van Kasteel Ijsselstein (1888). De door Weatherly geinstaleerde trap naar de verdieping heeft een rijk gestoken 17de-eeuwse eikehouten leuning.

English translation

The text above is the record as published by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, in Dutch. The English below is a machine translation made by TreeAlive, not by the Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; it has not been checked by a person. Where the two differ, the original is the record. Report a translation error: privacy@treealive.com

MAIN BUILDING (Huis Weldam). Two storeys high built in red brick, with a cellar and surrounded by a moat, covered by a hipped roof covered with slates (Rhine tiling) overroofing the main building, which is connected to the forecourt by a dam. This dam, which replaces a former drawbridge, is covered with hardstone plates. The main building consists of a 16th-century rectangular central pavilion, which on the entrance (south) side was provided in the 17th century with two projecting rectangular short wings and with a natural stone main facade, decorated with pilasters in Ionic colossal order. At the end of the 19th century, when the house was extensively restored, a rectangular and an octagonal tower were built respectively on the NW side and NE side of the central pavilion, entirely in the historicizing manner according to the aesthetic views of that time, as has also taken place at many other houses.

Around 1644-1645 the then owner Johan Ripperda had the house extensively remodelled in classical style. Then, among other things, the present sandstone classical middle front on the front (south) side was added with the central entrance section set in an aedicula and with garlands, festoons and draperies in panels on the window axes between the ground floor and the first storey. In the pediment of the aedicula the initials S.M.R. (Sophia Margaretha van Raesfelt, died in 1647), wife of the patron. The middle front is divided into three bays by pilasters crowned with Ionic capitals and is terminated by a broad cornice running around the wings and the side facades. On either side of the entrance section and on the storey per bay a sandstone cross window (the cross windows on the storey are original; the cross windows on the ground floor were added during the restoration in the last quarter of the 19th century). On the axis of the central bay a sandstone roof dormer with 24-pane sash window (the sash window, like the other sash windows of the roof dormers, was added during the restoration in the last quarter of the 19th century) with pediment crown. In the pediment centrally in relief a heart motif with turned knots on either side. On the axis of the side bays a slightly higher small wooden roof dormer likewise crowned by a pediment with 12-pane sash window.

The four corners of the truncated hipped roof of the rectangular central pavilion are crowned by square sandstone pedestal-shaped chimneys with panels on the sides and festoons on the front and outer sides of their bases.

The wings and the classical front facade probably came about in a single building campaign. The wings and the central pavilion surround a rectangular terrace covered with hardstone plates, which on the front side on either side of the access dam is terminated by a 17th-century sandstone balustrade. At the left and right end of the balustrade, against the wings, a sandstone recumbent sphinx from around 1800. The wings are provided with sandstone corner blocks crowned by Ionic pilasters and are divided midway by a sandstone string course, which runs around the side facades of the central pavilion. The wings are roofed by a hipped roof covered with slates merging into the hipped roof, which at the ridge end is crowned by a monumental sandstone mortar-shaped chimney decorated with acanthus leaves, with festoons on the base, on the front and sides. Against both inner sides of the wings a small rectangular extension was built with a segmental arched access gate to the cellar room situated on the front. The keystone of the western gate carries the date 1645. Higher in these walls of the wings, which show traces of an arched window, an originally removed coat-of-arms stone from the outbuildings has been placed. On the east side the coat of arms Ripperda with the inscription: "Tempore Unicinis anno 1676" and on the west side the same coat of arms with the inscription: "Tempore Uniconis 1681". On the storey on these sides an 18th- or 19th-century sash window with 9-pane arrangement and above it a roof dormer crowned by a pediment with sash window with 12-pane arrangement (the roof dormer on the east side was placed here during the restoration in the last quarter of the 19th century). The front facades of the wings are provided on the ground level each with two narrow single-pane (originally multi-pane) windows with sandstone surrounds. In the west facade of the western wing two corbels of a lost privy. Furthermore on the outward-facing sides of the wings at cellar level two small four-pane windows, on the ground floor a 12-pane window and on the storey a 24-pane window. Like the other windows on the sides and rear facade of the central pavilion these windows date from the 18th century and from the last quarter of the 19th century.

In the side facades and the rear facade of the central pavilion segmental arches of the original, later altered and partly bricked-up windows are visible. The corbels ending in volutes (mid-16th century) on the right facade, which now carry a balcony, are in all probability remnants of an arch, similar to those on the front facade of Huis Twickel at Delden. The right facade is divided into four bays with at cellar level four small four-pane windows with thieves' irons, on the storey four sash windows with 24-pane arrangements and on the ground floor on the left side two sash windows with 12-pane arrangements and on the right above the aforementioned corbels a segmental arched sandstone surround with terrace doors and multi-pane windows of recent date. On the roof three roof dormers with 12-pane sash windows and above on the middle axis of the facade a four-pane roof dormer, all crowned by a pediment.

(continuation of main building description) The rear facade of the central pavilion shows an irregular facade arrangement with four small dissimilar rectangular windows and a door at cellar level, which leads to a small rectangular red brick platform built against the rear facade. On the ground floor four similar 12-pane windows and at the far right a smaller six-pane window (the sandstone surround of the last-mentioned window is 18th-century or older). On the first storey two six-pane windows and on the roof three 12-pane roof dormers with pediment. On either side of the rear facade a triangular projecting staircase, which on this side forms the transition to the two towers built in 1897 and 1899. Around 1879 the house was renovated. This renovation took place under the direction of the English architect Samuel Weatherly. In 1897 a square tower with bell-shaped roof covered with slates was built at the NW corner of the central pavilion according to his design. A preserved design (Huisarchief Weldam) indicates that a similar tower was projected on the NE side. Instead of this, in 1899, also according to Weatherly's design, the present octagonal tower was built, probably to bring more variety to the architecture of the house. This tower is crowned by an eight-sided helm likewise covered with slates with arch-shaped inswung surfaces ending in an onion-shaped spire. At cellar level the towers are provided with small square four- and six-pane windows with thieves' irons. On the ground floor and on the first and second storey historicizing sash windows with multi-pane glazing bars have been added.

Centrally on the left facade of the central pavilion a privy originally from the 16th century built out to just below the cornice, which has recently been stripped of its extension added in the 19th century and tower cap. On the left and right side of the privy respectively two small four-pane windows and two double composite four-pane windows, all provided with thieves' irons. On the ground floor to the left of the privy a nine-pane sash window and to the right two narrow two-pane windows (originally cloister windows). On the first storey to the left of the privy one, to the right two 24-pane sash windows. On the roof three roof dormers with 12-pane sash windows, which are crowned by a pediment.

Internally the house has been extensively altered and modified over time. The flat rib-less cross vaults and barrel vaults of the cellar storey were probably added in the 17th century. Ground floor: in the library a late-Gothic sandstone fireplace with two flat coat-of-arms shields. In the room in the west wing a late 17th-century stucco ceiling and between the two windows of the front facade a fireplace with a built-in iron stove, on which the date 1687. This stove was acquired at the demolition of Castle Ijsselstein (1888). The staircase to the storey installed by Weatherly has a richly worked 17th-century oak handrail.

Nearby in the register

Other entries of the same register within about three miles of this one, by straight line.

Rijksmonumentenregister data: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, released under CC0 1.0. Record text is reproduced unchanged. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed · CC0 1.0
See your own family's places on a living map